165
GARDENA, LOS ANGELES
Dan Amis heeft nog steeds een zakdoek voor zijn mond als hij naar buiten gaat, weg uit de schaduwen en de stank van het oude houten huis. Hij neemt een lange, diepe teug van de vroege avondlucht en belt om te melden wat hij zojuist heeft gezien. ‘We hebben de patholoog-anatoom nodig, baas. Het stoffelijk overschot van een blanke vrouw, dat in de stijl van de Sluiper in de slaapkamer van het huis van Emma Varley ligt. Onze man is hier geweest.’
Carter heeft de telefoon op de speaker en luistert samen met Mitzi. Hij bedekt zijn hoofd met zijn handen. Weer een sterfgeval – weer een moord die hij niet heeft kunnen voorkomen. ‘Denk je dat zij het is?’
‘Ja. De ontbinding heeft er al een smeerboel van gemaakt, maar er is een foto van haar in de woonkamer – daar lijkt ze voldoende op.’
‘Oké. Blijf daar. Jij hebt daar ter plekke de leiding. Ik zal de technische recherche ook sturen.’
‘Begrepen.’
Carter belt het mobiele nummer van Amy Chang. Ze heeft alle vorige lijken van de Sluiper gedaan, dus wil hij haar hier ook bij hebben.
Ze neemt op nadat de telefoon een paar keer is overgegaan. ‘Dr. Chang.’
‘Hoi, dit is Tyler Carter. Sorry dat ik je zondagavond bederf, maar we hebben weer een Sluipermoord. Misschien hebben we de dader zelf ook.’
‘Ik zal mijn spullen pakken.’
‘Slachtoffer is een vrouw die Emma Varley heet. In de twintig. Gevonden in haar huis in Gardena. Ik zal Mitzi je het adres laten mailen. Amis is daar al – volgens hem is de ontbinding al ingezet.’
‘Zeg tegen Mitzi dat ze me niet moet mailen – mijn computer is vrijdagavond doorgebrand en het is lastig om in te loggen via de externe VPN-link. Sms me het adres maar.’
‘Dat doe ik zelf wel. Dank je.’ Hij legt de telefoon op zijn bureau neer, pakt zijn mobieltje, toetst het adres van de plaats delict in en drukt op verzenden. ‘Mitzi, kun jij zorgen dat Tom de technische recherche daarheen stuurt?’
‘Best. Kan ik iets met je delen?’
‘Kom maar op.’
‘Er zijn een paar dingen door mijn hoofd gegaan.’
‘Zoals?’
‘De inbraak bij Jenny Harrison en haar verdwenen telefoon.’
‘En wat denk jij?’
‘Dat de Sluiper misschien Kim Bass heeft vermoord en van plan was om Jenny ook te vermoorden. Jenny had alleen het geluk dat ze er die nacht niet was. Ze was uit, werd high en belandde uiteindelijk bij een vreemde vent in bed.’
‘Een moment van seksuele promiscuïteit waardoor haar leven voor één keer een gunstige wending nam?’
‘Misschien hebben zelfs de Harrisons van deze wereld wel eens mazzel.’
‘Een zoekteam gaat Kris versterken bij het huis van James. Ik zal hem naar de telefoon laten zoeken.’
Mitzi is de zaak nog steeds aan het overdenken. ‘Als James inderdaad bij Harrison thuis is geweest, heeft hij misschien vingerafdrukken en DNA achtergelaten. Er ligt zoveel aarde en hondenstront op het pad, dat je misschien zelfs schoenafdrukken zou kunnen vinden.’
‘Matthews zei al dat je legendarische rechtse hoek slechts een afleiding was voor een stel briljante hersenen.’
‘Matthews moet verdomme zijn mond houden en me meer betalen.’
‘Wat nog meer?’
‘Ik heb de bureaus in de buurt gebeld. Ze hebben nergens vastgelegd dat er iemand anders dan Harrison over Kim Bass heeft opgebeld. James had tegen Jenny gezegd dat hij de politie had gebeld, terwijl hij dat duidelijk niet heeft gedaan.’
‘Of ze hebben zijn nummer over het hoofd gezien in hun register. Over een uur hebben we alle bijzonderheden omtrent de gesprekken via zijn huis-, werk- en mobiele telefoon. Laat iemand bij de receptie die vergelijken met de nummers bij de diverse bureaus.’
‘Komt voor elkaar.’
‘Verder nog iets?’
‘Dat was het.’
‘Pleeg dan die telefoontjes en tref me beneden. Ik doe even navraag bij de dokter, en dan gaan we meneer James verhoren en kijken wat hij zoal te vertellen heeft.’
Mitzi werpt een blik op haar horloge. Ze is al meer dan twaalf uur aan het werk en heeft het gevoel dat de dag nooit zal stoppen. ‘Laten we hopen dat het begint met ‘‘Ik beken’’ en eindigt met zijn handtekening.’