94
HET KANTOOR VAN DE PATHOLOOG, LOS ANGELES
Amy Chang had gehoopt dat ze vroeg naar huis kon – haar vrijdagavond kon eindigen met het koken van een lichte maaltijd en het drinken van een paar glazen frisse witte wijn, misschien zelfs haar voeten op de bank te leggen, wat zachte muziek te draaien en een week van koud vlees en steriel staal te vergeten.
Maar dat mag niet zo zijn. De Lijkwade van Turijn kluistert haar aan haar kantoorstoel. Door het telefoontje van Alexander Hasting-Smith en de rapporten die hij daarna heeft gemaild draait haar hoofd op volle toeren. Dus heeft ze besloten dat ze net zo goed kan proberen om het rapport af te maken dat ze Mitzi heeft beloofd. Amy surft ruim een uur op het internet, roept pagina’s op, zoekt op speciaal aan de Wade gewijde websites en duikt diep in religieuze discussiegroepen en blogs op sociale netwerken. Ze vindt ‘Wade-universiteiten’, meerdere Wadewinkels en tientallen verschillende video’s, niet alleen van de koolstofdatering van de Wade maar ook met 3D-beelden, microscopische analyses en digitale bewerkingen. De beelden gaan vergezeld van talloze strijdige meningen omtrent de authenticiteit van de Wade.
Rond zes uur knort haar buik een herinnering dat ze met de lunch alleen koffie en een zalmbagel heeft genomen. Ze leunt naar achteren, draait haar hoofd heen en weer om de spanning van het in elkaar gedoken zitten te verlichten en overziet de aantekeningen die ze heeft gemaakt.
GESCHIEDENIS
30 NA CHR: De dood van Christus. Er zijn geen directe onafhankelijke en onomstotelijke berichten dat er een wade met de beeltenis van Christus is ontdekt. Ook zijn er geen berichten dat hij werd opgeslagen, bewaakt of vervoerd naar een plaats om hem veilig te bewaren. Het lijkt vreemd dat iets zo belangrijks destijds niet wereldkundig werd gemaakt!
40 NA CHR: Berichten dat ene koning Abgar V van Edessa (het huidige Sanliurfa in Oost-Turkije) een doek zag (geen afmetingen vermeld) met een afdruk van het gezicht van Jezus. Leidde naar verluidt tot zijn bekering tot het christendom (er zijn ook latere berichten van een brief die Jezus naar Abgar had gestuurd, waarin hij hem beloofde om zijn land tegen buitenlandse indringers te beschermen).
50-500 NA CHR: Geen betrouwbare vermeldingen van het doek van Jezus. Dan duiken er plotseling weer verhalen over op.
544: Het Perzische leger wordt teruggeslagen bij de muren van Edessa. De bescherming van de stad wordt toegeschreven aan de brief en de wade van Jezus.
679: Edessa wordt getroffen door een aardbeving. De kathedraal waar het doek van Jezus naar verluidt werd bewaard, raakt beschadigd – naar men zegt verhuisde het doek naar Jeruzalem.
690: Overal in het Midden-Oosten beginnen iconische beelden van de bebaarde Jezus te verschijnen, identiek aan dat op het doek.
944: Naar verluidt reisde het doek van Jezus door het hele gebied van het huidige Turkije en kreeg het zijn eigen feestdag (16 augustus). Interessant is dat er geen berichten zijn van publieke vertoningen, alleen particuliere bezichtigingen. Naar verluidt werd het doek bewaard in de Kapel van Pharos in het keizerlijk paleis in Constantinopel.
1130: Berichten in West-Europa (ook van monniken in Normandië) over het doek van Jezus met een afdruk van het lichaam van Christus.
1146 Edessa veroverd door Turkse moslims – burgers massaal afgeslacht (tot zover de beschermende werking van het doek en de brief!)
1203: Volgens berichten toegeschreven aan de Franse kruisvaarder Robert de Clari zag deze in de Mariakerk in Constantinopel een doek waarin Christus gewikkeld was geweest.
1204: Franse kruisvaarders plunderen Constantinopel en kerken worden leeggeroofd. Robert de Clari ontkent dat de Fransen de Wade hebben meegenomen.
1287: Berichten dat een ridder genaamd Arnaut Sabbatier door de broeders werd meegenomen naar een geheime plaats waar hij de Wade van Christus te zien kreeg, toen hij in het Franse Roussillon werd opgenomen in de Tempeliersorde.
1307: Op vrijdag 13 oktober (naar verluidt is dit de reden waarom deze datum een ongeluksdag zou zijn) geeft koning Filips de Schone opdracht om alle tempelridders te arresteren op beschuldiging van ketterij omdat ze de beeltenis van Christus aanbidden. Velen, onder wie grootmeester Jacques de Molay, belanden op de brandstapel.
Amy besluit even te pauzeren. Ze gaat naar het toilet, zet vervolgens een kopje kruidenthee en neemt een van de Hersheyrepen uit de kleine koelkast in haar kantoor, die ze daar voor noodgevallen bewaart.
Terug achter haar computer tikt ze op de spatiebalk om de screensaver uit te schakelen. Er gebeurt niets. De machine is vastgelopen. Ze probeert de ESCAPE-toets en herstart dan met tegenzin de computer. Terwijl die opstart, nipt ze van de thee en eet ze een vierkant stukje melkchocolade.
Haar document is verdwenen. Ze zoekt in de map met de bestanden. Ze zoekt in dat schattige gaasprullenbakje onder aan de glimmende stalen balk van het dock. Niets. Ze is alles kwijt.
‘Nee, nee, néé. Dit kan niet.’ Amy probeert kalm te blijven. De Mac maakt om de paar minuten back-ups. Al haar werk moet nog ergens zijn.
Maar dat is het niet. Ze zoekt in elke voorstelbare opslagruimte, en dan nog een keer. Een uur later opent ze met een bang voorgevoel haar mailbox. Leeg. Een of ander virus is door de firewall gebroken en heeft alle documenten, beelden, bestanden en presentaties op de computer gewist.