Bloeiende haag
Soms komt het voor dat je een plant op de verkeerde plaats hebt gezet. Geen punt: graaf hem op en plant hem op de juiste plaats. En als die juiste plaats niet te vinden is dan schenk je hem aan vrienden, of je brengt hem in, als prijsje voor de plantenverloting van een tuinclub. Maar als je een haag hebt geplant die na verloop van tijd toch eigenlijk niet zo geweldig goed gekozen was, dan zijn de rapen gaar en hoe langer de haag, hoe gaarder de rapen. De meest gemaakte vergissing bij het planten van een haag is dat je de uiteindelijke breedte van de gekozen heester onderschat. De hoogte kun je zelf nog wel bepalen, maar de breedte van een haag is gebonden aan een minimummaat. Een haag van 2 meter hoog hoort aan de onderkant minstens 1 meter breed te zijn. Haagbeuk kan misschien iets smaller worden gehouden.
Een andere vergissing is het kiezen van haagheesters, die niet geschikt zijn voor de plaats waarop ze worden geplant. Veel tuinbezoekers die tijdens hun vakantie in Engeland onder de indruk gekomen zijn van de taxushagen die daar veelal als achtergrond van borders worden gebruikt, zullen er misschien naar verlangen om een dergelijke haag ook in hun eigen tuin te planten. Daar is niets tegen, maar bedenk wel dat een taxushaag niet overal wil groeien. In te natte grond gedijt taxus niet; kies daar maar liever voor een haag van moerascipres – kostbaar, maar altijd nog minder kostbaar dan een taxushaag die doodgaat en daarna door iets anders moet worden vervangen.
Een laatste vergissing bij het kiezen van een haag is een haag kiezen die te veel aandacht vraagt. Als een haag bedoeld is als rustige achtergrond voor een bloemenborder, dan moet die haag zelf niet te veel opvallen. Een haag van schreeuwerig bloeiende forsythia bijvoorbeeld, kan de aandacht afleiden van een subtiele kleurencombinatie waarvoor hij de achtergrond vormt, en ook die donkerrode berberis die vaak als haag wordt aangeplant maakt zo’n loodzware indruk dat sommige kleurencombinaties daarbij in het niet vallen. Ook glimmend blad, zoals het blad van hulst of laurierkers, heeft de neiging om veel aandacht naar zich toe te trekken en om af te leiden van al het moois dat het nu juist zou moeten accentueren. Mooie bloemenborders vragen om een rustige achtergrond.
Die stelling kun je ook omkeren: lelijke bloemenborders zijn gebaat bij een drukke achtergrond die de aandacht van uw missers afleidt.
De afwezigheid van een border vraagt om hagen die meer doen dan alleen maar een achtergrond vormen. In zo’n situatie zou je kunnen denken aan een bloeiende haag. De bekendste bloeiende haag is de meidoornhaag. Die heeft een landelijke uitstraling en is de favoriet van veel vogels – van broedvogels die er hun nest in bouwen en van trekvogels die de vruchtjes van de struiken strippen. Maar meidoorn heeft ook nadelen: om een meidoornhaag in bedwang te houden moet je hem minstens twee-, en liever nog driemaal per jaar snoeien en ieder takje dat je vergeet op te harken zorgt voor een lekke band van de kruiwagen waarmee je het snoeisel afvoert. Een andere kandidaat is de kerspruim of Myrobalan, Prunus cerasifera, met wolken van kleine witte bloemen in het voorjaar en eetbare pruimpjes in de nazomer. En met doornen als dolken. De mooiste bloeiende haag is die van het krentenboompje, met witte bloemtrossen in het voorjaar, die nog mooier uitkomen door het koperrood uitlopende blad, en met vlammende bladtinten in de herfst. Snoei een krentenboompjeshaag direct na de bloei in april.