59
Scott McNally kwam meestal ongeveer tegelijk met Nick op kantoor, om ongeveer halfacht. Normaal gesproken zaten zij en de andere vroege vogels aan hun bureau te werken en hun e-mail door te nemen. Ze praatten niet met elkaar en gebruikten de stille tijd om ongestoord hun werk te kunnen doen.
Maar vanmorgen maakte Nick een wandelingetje naar de andere kant van de verdieping en ging hij zachtjes naar Scotts cubicle toe. Telkens wanneer hij eraan dacht dat Scott over die vakantiereis in Arizona had gelogen en dat hij in werkelijkheid een geheime reis naar het vasteland van China had gemaakt, ging er een golf van woede door hem heen. Hij herinnerde zich ook wat hij van de mensen van Atlas McKenzie en Binnenlandse Veiligheid had gehoord – die vervloekte geruchten dat Stratton stilletjes bezig was ‘het bedrijf naar China te verhuizen’, wat dat ook precies mocht betekenen.
Het werd tijd om Scott het mes op de keel te zetten, om erachter te komen wat hij uitspookte.
‘Heb je nog interessante vakantie-ideeën?’ vroeg Nick abrupt. Scott keek geschrokken op. ‘Ik? Kom nou, bij een geweldige vakantie denk ik aan een StarTrek-congres.’ Hij zag Nick kijken en lachte nerveus. ‘Ik bedoel, nou, Eden houdt van Parrot Cay in de Turks en Caicos Eilanden.’
‘Nou, ik dacht meer aan een bestemming in het oosten. Bijvoorbeeld Shenzhen. Welk hotel neem je het liefst als je in Shenzhen bent, Scott?’
Scott kreeg een kleur. Hij sloeg zijn ogen neer – dat was bijna een reflex, zag Nick – en zei: ‘Ik wil overal wel heen voor een goed bord mu shu.’
‘Waarom, Scott?’
Scott gaf niet meteen antwoord.
‘We weten allebei dat Muldaur wil dat we de productie naar Azië verplaatsen,’ zei Nick. ‘Ben je dat voor hem aan het doen? Ben je achter mijn rug om op zoek naar Chinese fabrieken?’
Scott keek met een gekweld gezicht van zijn bureau op. ‘Hoor eens, Nick, op dit moment is Stratton net een klein hondje met diarree. Leuk om te zien, maar niemand wil er dicht bij in de buurt komen. Ik zou ons bedrijf geen goed doen als ik die mogelijkheden niet onderzocht.’
‘Mogelij kheden ? ’
‘Ik besef dat je dat verontrustend vind. Dat kan ik je niet kwalijk nemen. Maar op een dag kijk je naar de cijfers en zeg je: “Scott, wat zijn onze mogelijkheden?” En dan moet ik je kunnen vertellen wat ze zijn.’
‘Even voor alle duidelijkheid,’ zei Nick. ‘Je hebt een soort spionagereis naar China gemaakt om fabrieken te onderzoeken, en daarover heb je tegen mij gelogen?’
Scott deed zijn ogen dicht, knikte en drukte zijn lippen op elkaar. ‘Het spijt me,’ zei hij erg zachtjes. ‘Het was niet mijn idee. Todd stond erop. Hij vond dat het veel te gevoelig lag bij jou. Hij dacht dat je alles op alles zou zetten om toenaderingen tot China te blokkeren.’
‘Over wat voor “toenaderingen” heb je het? Ik wil het precies weten.’
‘Nick, ik vind het erg vervelend dat ik hier middenin zit.’
‘Ik vroeg je iets.’
‘Dat weet ik. En het is echt niet aan mij om je meer te vertellen dan ik al heb gedaan. Zullen we het er maar bij laten?’
Nick staarde hem aan. Scott deed niet eens meer alsof hij zich moest verdedigen. Nicks woede werd met de seconde heviger. Het scheelde niet veel of hij had zijn hand uitgestoken en Scott bij zijn magere nek gegrepen, hem opgetild en hem tegen de scheidingswand van zilverraster gegooid.
Nick draaide zich om. Hij wilde weggaan zonder nog een woord te zeggen.
‘O, en Nick?’
Nick draaide zich om en keek hem met een onbewogen gezicht aan.
‘Het Nan Hai moet je hebben.’
‘Hè?’
‘Het beste hotel in Shenzhen. Het Nan Hai Hotel. Geweldig uitzicht, geweldig restaurant – het zal je vast wel bevallen.’
Er kwam een stem uit Scotts intercom. ‘Scott? Met Marjorie.’
‘O, hallo, Marge. Op zoek naar Nick? Die is hier.’
‘Nick,’ zei Marge. ‘Telefoon voor je.’
Nick pakte Scotts hoorn op om privé met haar te spreken. ‘Is er een probleem?’
‘Het is iemand van de politie.’
‘Weer mijn inbraakalarm.’
‘Nee, het is… het is iets anders. Niets dringends, en er is niets met de kinderen aan de hand, maar het klinkt belangrijk.’
Toen Nick vlug wegliep, keek Scott hem nieuwsgierig na.