Hoofdstuk 19
Heden
Laura zat nog steeds op de grond, met haar rug tegen de smerige gevel. De bomen die boven de muur uitstaken bewogen ritmisch heen en weer, de wolken waren nu donkerder en het briesje was een stevige wind geworden. Droge bladeren wervelden rond en streken langs het asfalt van de lege parkeerplaats. De metalige stem van Marcus uit de kleine luidspreker was het enige wat haar bij de les hield.
‘Laura, ben je er nog?’
‘Ja. Er is hier bijna geen bereik. Ik zit te trillen, Marcus.’
‘Rustig maar. Als McKay geboeid is en zich niets herinnert… dan hoef je je geen zorgen te maken. Maar als dat het geval is, waarom heeft hij jullie daar dan heen gebracht?’
‘Geen idee. Er toch nog iets wat ik niet helemaal begrijp, je zegt dat er in het dossier sprake is van een kroongetuige met de naam Wendell.’
‘Inderdaad, maar dat is geen bestaande persoon. Hij was verzonnen door de politie, die het gerucht in de wereld bracht dat ze een hoofdverdachte hadden. Dat is zinvol wanneer de moordenaar een angstige student is, geneigd om een fout te maken. Zodra ik de naam in het dossier zag, begreep ik alles.’
‘Ik zie het nog niet zo.’
‘Laura, luister alsjeblieft naar me. McKay heeft die docent vermoord omdat hij een verhouding had met zijn vriendin. Wendell was de enige die hem kon ontmaskeren en daarom moest hij dood, zoals in de cycli, snap je?’
‘Ik probeer na te denken.’
‘Bob en ik zijn onderweg, Laura. Je moet me de exacte coördinaten sturen. Bob heeft contact met de FBI en er is een team op weg. Ik begrijp dat het niet makkelijk is om helder te denken daar, maar vertrouw op mij. Denk aan wat ik je daarnet heb gezegd. McKay en Blaine zijn broers. Blaine had een waterdicht alibi toen zijn vriendin werd vermoord. Maar McKay? Hij kan haar heel goed vermoord hebben. We weten niets over de relatie tussen beide broers.’
Laura moest nog wennen aan het idee dat Ted en Blaine broers waren. Hoe paste dat stukje in de puzzel?
‘Marcus, ik ga ophangen. Ze zullen denken dat er iets mis is als ik niet gauw terugga. Ik stuur je de coördinaten in een sms.’
‘Dat is goed. Wees heel voorzichtig, Laura. Als McKay die docent heeft vermoord en vermoedelijk ook de vriendin van zijn broer, dan ligt er dus heel veel tijd tussen de ene dood en de andere. Bob denkt dat het er meer kunnen zijn.’
Ze gaf geen antwoord.
‘Ik zeg dat omdat je me moet beloven dat je voorzichtig zult zijn.’
‘Dat zal ik doen. Dag.’
Laura verbrak de verbinding en bleef overrompeld en geschokt met de telefoon tegen haar oor zitten. Langzaam begon het tot haar door te dringen en werd ze door angst overmand. Opeens vond ze de fabriek er dreigend uitzien. Ze kende Lee Stillwell nauwelijks, de bewaker werkte niet eens in haar paviljoen, maar de behoefte aan bescherming, er niet alleen voor te staan, was zo sterk dat ze alleen maar naar binnen wilde om bij hem in de buurt te zijn.
Ze zette de gps van haar telefoon aan en stuurde Marcus de coördinaten.
Het kunnen er meer zijn.
Ze ging de fabriek weer in en liep in gedachten alles na wat ze van de zaak wist. Ze was nog steeds geschokt over wat Marcus in het telefoongesprek had verteld, maar begon verder te kijken en te begrijpen welke onzichtbare draden Ted al die tijd hadden bewogen. De hamvraag was hoeveel Ted er op dit moment zelf van wist. Laura liep door het gedeelte met kantoren en hield op dezelfde plek stil waar Ted dat even tevoren had gedaan, en keek naar dezelfde deur. Waarom zat er een hangslot op een binnendeur? In een opwelling rende ze eropaf en probeerde alle grote sleutels tot ze de goede had waarmee ze het hangslot open kreeg. Ze trof een gemeubileerde en rommelige werkkamer aan. Ze probeerde het lichtknopje, tevergeefs. Daarop zette ze de zaklamp van haar mobiele telefoon aan en keek het vertrek rond. Er stonden een houten bureau, een gammele stoel en een aantal archiefkasten. Ondanks het vuil en de algehele gebrekkige staat was het duidelijk dat de werkkamer vaak was bezocht. Laura liep naar het bureau en opende een van de lades. In tegenstelling tot wat ze verwachtte, gaf hij onmiddellijk mee. Er zat een aantal kartonnen dossiermappen in die ze niet durfde aan te raken. Ze deed een andere la open, aan de linkerkant, en zag nog meer mappen. Ze wist wat erin zat… ze wist het zeker.
Ze haalde de eerste map uit de la en sloeg hem open. Ze bladerde met één hand door een paar pagina’s terwijl ze met haar andere hand de telefoon vasthield. Ze vergiste zich niet. Voor zich zag ze krantenknipsels over de moord op een vrouw die Elizabeth Garth heette.
Doorgesneden keel.
Ze kon het niet laten en las in een paar artikelen over de zaak.
Vervolgens bladerde ze in de andere mappen, ongeveer tien in totaal. Allemaal vrouwen.
Het kunnen er meer zijn.