52
‘Wat ga jij doen? Ga je naar je agent?’ Sophie, die op maandagochtend bijna slippend de keuken binnenkwam, botste tegen Cleo op die net weg wilde lopen. Haar gezicht klaarde op. ‘Mooi, dan kan ik met je meerijden, want we moeten dezelfde kant uit.’
Toen ze op Camden High Street waren, vroeg Cleo: ‘Waar kan ik je afzetten?’ Ze wist net een slingerende fietser te ontwijken en stak als bedankje haar hand op naar de auto achter haar.
Op terloopse toon zei Sophie: ‘Bij Jefferson’s.’
Jefferson’s was het modellenbureau van Cleo, dat op Regent Street zat.
Cleo fronste. ‘Nee, ik bedoel, waar wil jij naartoe?’
‘Naar Jefferson’s.’
‘Nee, daar ga ik naartoe.’
Sophie straalde. ‘Ik zei toch dat we dezelfde kant uit gingen?’
Cleo trapte op de rem. Er werd druk getoeterd. De man in de auto vlak achter haar, die net nog behoorlijk onder de indruk was geweest van Cleo, veranderde meteen van gedachten. Die stomme wijven achter het stuur ook, dacht hij.
‘Hou je me voor de gek of zo?’ wilde ze weten.
Sophie bleef kalm. ‘Je zei zelf dat ik er als een model uitzag, eergisteren, toen je me al die vieze troep op mijn gezicht had gesmeerd.’
‘Ja, maar...’
‘En als model kun je heel makkelijk heel veel geld verdienen.’
‘Niet waar!’ brulde Cleo. Ze botste bijna tegen de auto voor haar. Met een boze blik op Sophie vervolgde ze: ‘Ten eerste is het niet gemakkelijk. Het is verdomd hard werken. En je kunt ook niet zomaar een modellenbureau binnenstappen en verwachten dat ze je willen. Je moet wel realistisch blijven, So-phie. Er zijn honderdduizenden meisjes die model willen worden...’
‘Doe niet zo negatief.’ Sophie haalde haar schouders op. ‘Ik heb geld nodig voor Oeganda. Papa en mama willen het me niet lenen, maar ze hebben allebei gezegd dat ze me niet kunnen tegenhouden als ik het geld zelf verdien. Ik snap best dat ze dat alleen maar zeggen omdat ze denken dat ik het toch nooit bij elkaar zal krijgen, maar...’
Cleo vond dat Sophie echt heel onrealistisch was. ‘Dan nog kun je niet zomaar zonder afspraak bij Jefferson’s naar binnen walsen,’ jammerde ze. ‘Wat denk je dat ze zullen zeggen: “O mijn god, daar heb je het gezicht van de eeuw? Ze moet alleen nog even naar de kapper, maar daarna kan ze meteen op de cover van Vogue.” Sophie, ik weet heus nog wel wat ik heb gezegd, maar zo werkt het gewoon niet!’
Sophie stak twee vingers op. ‘Ja, maar ik heb twee dingen die in mijn voordeel werken.’
‘Wat dan?’
‘Ik heb een afspraak met Janice Jefferson,’ vertelde ze stralend. ‘Ik heb vanochtend om negen uur gebeld en een afspraak gemaakt.’
‘En nummer twee?’
‘Jij bent mijn zus.’
‘O nee, je kunt mij echt niet als kruiwagen gebruiken! Dat is nepotisme.’
‘Nou en? Ik heb geld nodig.’ Onverstoorbaar voegde ze eraan toe: ‘Pas op, je reed bijna tegen die auto aan.’
‘Je kunt het geld wel van mij lenen,’ beloofde Cleo in het wilde weg.
‘Ik kan het zelf wel verdienen. Als we daar tenminste ooit levend aankomen.’
‘Toch is het nepotisme.’
‘Nou nepotist, ga dan maar eens je best voor me doen. Het is voor een goed doel.’
Cleo zat op de rand van Maisies bureau chagrijnig met haar benen te zwaaien. ‘Het is mijn eigen stomme schuld, had ik haar maar niet moeten opmaken. Als ze haar willen, slaan mijn ouders me dood. En waarom wil iemand van zestien eigenlijk per se naar Afrika? Waarom wil ze niet iets normaals doen met het geld, zoals twee weken Ibiza?’
‘Misschien wil Janice haar wel helemaal niet.’ Maisie pakte Cleo’s enkels beet. Het ritmische gebonk van de cowboylaarzen tegen het houten bureau werkte haar behoorlijk op de zenuwen. ‘Zo. Stilhouden. Dat is heel irritant.’
Cleo zat altijd met haar benen te zwaaien. Verbaasd zei ze: ‘Maar dat heb je nooit eerder gezegd.’
‘Ik ben assertief.’ Maisie keek haar beschaamd aan. ‘Daar volg ik tegenwoordig een cursus voor.’
‘Maar je bent een boekingsagent. Die horen assertief te zijn!’
‘Dat weet ik ook wel.’ Blozend vervolgde Maisie: ‘Zolang het om werk gaat, ben ik dat ook wel. Maar in het echte leven kost het me moeite.’
‘Ik wou dat Sophie wat minder assertief was,’ zei Cleo uit de grond van haar hart.
Maisie, die Cleo diep bewonderde, zei: ‘Ze lijkt op jou. Neem bijvoorbeeld hoe je die verschrikkelijke Damien Maxwell-Horne hebt aangepakt.’
Cleo dacht meteen aan de test waarbij ze er zelf was in geluisd. Wat kon Damien haar nou schelen, die stomme test had haar haar relatie met Joel Grant gekost.
Twintig minuten later ging de zware eikenhouten deur van Janice Jeffersons kantoor – het heilige der heiligen – eindelijk open. De moed zonk Cleo meteen in haar gehoorzaam stilgehouden laarzen, want Janice had haar magere arm om Sophies schouders geslagen, en Sophie leek erg tevreden met zichzelf.
‘Goed, we zullen haar een kans geven.’ Janice liet zich er altijd op voorstaan dat ze oog had voor toekomstig talent. Dat Sophie geen make-up droeg en een kapsel à la Dennis the Menace had, had haar totaal niet afgeschrikt. ‘Ik stuur haar vanmiddag nog naar Tony voor wat testfoto’s zodat we een portfolio kunnen aanleggen. Ik heb het al met Anna gehad over make-up en haar. Dit meisje heeft iets, dat voel ik gewoon!’ Janice’ vele armbanden rinkelden toen ze Sophie even geruststellend in haar schouder kneep. Ze richtte haar beroemde Jefferson-glimlach, die in de jaren zestig vele covers had gesierd, op Cleo en zei: ‘En bovendien is ze een Mandeville, dat kan alleen maar goed zijn voor de publiciteit. Volgens mij kunnen we gerust zeggen dat we hier een topper hebben.’
Sophie keek alsof ze wilde zeggen: zie je wel?
Cleo fluisterde zachtjes, zodat alleen Maisie het kon horen: ‘Je hoeft niet bang te zijn dat ik ooit nog tegen je bureau schop. In het vervolg zal ik mijn zusje daarvoor nemen.’
‘Moet je eens kijken. Wie is dat volgens jou?’
Imogen had nauwelijks de kans om haar natte haren uit te schudden – het regende pijpenstelen buiten – of Jack duwde haar al een opgekrulde fax in haar handen. Gehoorzaam keek ze naar de foto op het vel papier. ‘Eh... is het een oude foto van Cleo?’
Jack was in shock. ‘Nee, een nieuwe van Sophie.’
Imogen keek nog een keer. ‘Dat meen je niet!’ Maar bij nadere beschouwing was het inderdaad Sophie, met een nieuw ultrakort, ultragebleekt kapsel, zonder bril en zorgvuldig opgemaakt. Diep onder de indruk begon ze te lachen.
‘Weet je wat ze heeft gedaan? Ze is naar Jefferson’s gestapt en staat daar nu ingeschreven als model.’ Jack schudde zijn hoofd. Hoewel dit niet de carrière was die hij voor zijn geliefde jongste dochter, de slimste van al zijn kinderen, in gedachten had gehad, moest hij erkennen – weliswaar met tegenzin – dat ze lef had. ‘Ik bedoel... uitgerekend Sophie, die een beetje voor de camera ronddanst om haar brood te verdienen...’
Imogen, die zich erover verbaasde dat hij het niet snapte, zei: ‘Nou, ze hoeft in elk geval niet meer te gaan helpen in Oeganda. Op deze manier heeft ze binnen de kortste keren genoeg geld bij elkaar om daar zelf een weeshuis te laten bouwen.’
Ze moesten om acht uur de deur uit voor een feest in het Barbican. Jack, die zijn column thuis had geschreven, wist nog niet eens welk overhemd hij zou aantrekken. Toen Imogen om tien voor zeven met een blauwe badhanddoek om zich heen de badkamer uit kwam zetten, hoorde ze tot haar grote ergernis dat hij beneden zat te bellen. Hij probeerde Cass al twee uur te pakken te krijgen, en blijkbaar was het hem nu eindelijk gelukt.
Wat een gedoe, dacht ze voor de honderdste keer. Die bezorgdheid van hem was echt overdreven, vond ze. Ze pakte de zwarte jurk met bandjes uit haar kast, die ze voor Jacks veertigste verjaardag had aangehad.
Tegen de tijd dat hij ophing, was het tien voor acht.
‘Nou, je had gelijk.’
‘Natuurlijk had ik gelijk.’ Met opeengeklemde kaken gooide ze een wit overhemd naar hem toe. ‘En we komen te laat.’
‘Ze is pas zestien!’ Zonder enige aandacht aan haar te besteden, liet Jack zich op de rand van het bed zakken. ‘Waarom luistert ze niet naar ons? Gisteren nog hoorde ik op de redactie dat er in Rwanda twee vrijwilligers zijn doodgeschoten.’ Hij schudde zijn hoofd. ‘We doen het heus niet om haar te pesten. Het is daar gewoon levensgevaarlijk.’
Toen hij het overhemd eindelijk aanhad, gaf ze hem twee niet bij elkaar passende manchetknopen. Het viel Jack niet eens op; hij deed ze gewoon in.
Haar geduld was op. ‘Op mijn zestiende woonde ik in een kraakpand in Bayswater. Een meisje dat er ook woonde, werd verkracht door een of andere zwerver. Een van de jongens daar is doodgegaan aan een overdosis, wat we pas na een week ontdekten,’ schreeuwde ze. ‘Dus hou je kop over hoe gevaarlijk het in Oeganda is voor die kleine lieve Sophie van je, want vergeleken met Londen is Oeganda net zo gevaarlijk als een kopje thee drinken in de Ritz!’
Het feest was een regelrechte ramp geweest. Ze hadden nauwelijks een woord met elkaar gewisseld, en dat was nog steeds niet veranderd toen ze om twaalf uur ’s nachts thuis in bed lagen.
Imogen probeerde het halfhartig goed te maken. ‘Oké, het spijt me.’ Omdat ze echter zeker wist dat ze het bij het rechte eind had, klonk het weinig gemeend.
Jack was niet in de stemming om wie dan ook wat dan ook te vergeven. ‘Weet je wat ik niet begrijp? Dat jij zo graag kinderen wil, want de verantwoordelijkheid wil je kennelijk niet. Het draait niet alleen om sokjes en kruippakjes, hoor. Kinderen worden groot, maar je blijft altijd van ze houden.’
Klootzak. Ze draaide zich om naar haar eigen kant en keek naar de muur. Natuurlijk zou ze van haar eigen kinderen houden. Ze snapte alleen niet waarom ze zou moeten doen alsof ze van andermans kinderen hield, vooral niet als die kinderen in kwestie zich niets aan haar gelegen lieten liggen.
Lang nadat Imogens woede was weggeëbd, en ze in slaap was gevallen, lag Jack nog klaarwakker. Haar laatste woorden – de sarcastische opmerking dat hij, aangezien het pas halfeen was, misschien wel zin had om Cass even te bellen zodat hij het met haar kon hebben over Sophies nieuwe kapsel – hadden een kern van waarheid bevat. In elk geval had hij het met Cass over Sophie kunnen hebben. En misschien dat hij haar nog wel gebeld had ook, als Rory Cameron er niet was geweest.
Hij onderdrukte een zucht. Meer dan twintig jaar lang hadden Cass en hij hun beste gesprekken ’s nachts in bed gevoerd. Dat was iets wat hij meer miste dan hij ooit voor mogelijk had gehouden, maar voor Imogen was het bed alleen maar bedoeld voor seks en slapen.
Met een heel eenzaam gevoel ging hij op zijn zij liggen en deed zijn ogen dicht. Hij vroeg zich af of Cass en Rory veel in bed praatten.