·36·

Na vijfentwintig minuten rijden sloeg Cole een straat in waar oudere, goed onderhouden huizen stonden met brede veranda’s en fraaie gazons. Ze stopte op het pad van een huis met een gevelbekleding van grijze shingles, een wit staket en een kleurrijke tuin. Het leek meer New England dan West Virginia.

Puller stapte uit zijn auto, pakte zijn schone kleren uit de kofferbak en liep met haar naar de voordeur.

‘Mooi huis. Hoe lang woon je hier al?’

‘Ik ben hier opgegroeid.’

‘Het huis van je ouders?’

‘Ik heb het na hun dood gekocht.’

‘Zijn ze tegelijk gestorven?’

‘Ja.’

Blijkbaar had ze geen zin om daar informatie over te verstrekken.

Puller zei: ‘Het ziet eruit alsof het op de rotsige kust van New England zou moeten staan.’

‘Dat weet ik. Daarom houd ik er zoveel van.’

‘Ben je een meisje van de zee?’

‘Misschien wil ik dat graag zijn.’

Hij keek naar de andere huizen in de buurt. ‘Dat van jou springt er nogal uit. Hoe komt dat?’

‘Mijn vader is bij de marine geweest. Toen hij jong was, is hij de hele wereld over gereisd. Hij hield van het water. Hij heeft dit huis zelf gebouwd.’

Puller raakte een zware steunpaal van de veranda aan. ‘Een handige man. Waarom is hij hier teruggekomen, als hij een man van de zee was?’

‘Hij komt uit West Virginia. Hij kwam thuis. Ik moet een paar telefoontjes plegen. Jij mag de badkamer boven nemen. Daar vind je handdoeken en alles wat je verder nodig hebt.’

‘Dank je.’

Hij vond de badkamer, zette de douche aan, trok zijn kleren uit en ging onder de waterstraal staan. Vijf minuten later was hij droog en aangekleed en kwam hij de badkamer uit. Hij kwam Cole tegen, die in een lange badjas door de gang liep.

‘Allemachtig, ben je al klaar?’ zei ze, naar hem opkijkend. Op haar blote voeten was ze meer dan een kop kleiner dan hij.

‘Als duizend kerels ook nog onder de douche willen, mag je niet treuzelen. En het zit er nu bij me ingebakken.’

‘Ik ben niet zo snel als jij,’ zei ze, ‘maar ik doe er niet lang over.’

‘Wil je deze badkamer gebruiken, nu ik hier klaar ben?’

‘Nee, ik heb al mijn spullen beneden liggen.’

‘Maar is je slaapkamer niet hierboven?’

‘Je hoeft niet te weten waar mijn slaapkamer is, Puller,’ snauwde ze.

Hij deed een stap bij haar vandaan en keek over haar schouder. ‘Oké. Mag ik een glas water pakken? Je krijgt dorst van die ontploffende bommen.’

‘Er staan flessen water in de koelkast in de keuken.’

‘Kraanwater is ook prima, hoor.’

‘Niet dat uit onze kraan. Je moet flessenwater drinken.’

Beneden ging hij naar de keuken, terwijl zij naar de badkamer ging. Hij hoorde het water stromen en stelde zich voor dat ze onder de douche stapte. En toen zette hij die gedachte helemaal uit zijn hoofd. Zaken, in elk geval zijn zaken, waren nooit goed te combineren met iets anders.

De keuken zag eruit als de kombuis van een schip: functioneel, de ruimte goed benut, alles precies op zijn plaats. De marinevader had dat thema blijkbaar in het hele huis ingevoerd.

Beide ouders waren tegelijk gestorven. Dat moet een ongeluk zijn geweest, dacht hij. Maar blijkbaar wilde Cole er niet over praten. Daarbij waren het zijn zaken niet.

Hij trok de koelkast open en haalde er een fles mineraalwater uit. Terwijl hij dronk, keek hij naar de achtertuin. Het gras was gemaaid; de bloemen hadden water gekregen. Er was een kleine natuurstenen fontein met sijpelend water. Meer naar achteren zag hij een witte schommelbank, een vuurput en een grill onder een houten prieel dat behangen was met purperen ranken.

Het was allemaal erg vredig en rustgevend, heel anders dan het soort huis waarvan hij zou hebben gedacht dat Cole er zou wonen. Hij wist niet waarom. Eigenlijk kende hij de vrouw niet.

Hij stapte de veranda op en dronk nog wat meer van zijn water.

Hij sloot zijn ogen en dacht weer aan de struikeldraad. Die had hij niet gezien. Hij zag hem pas toen Cole er bijna tegenop was gelopen. En toen was haar scheen erlangs gestreken, en dat was net genoeg geweest. Eigenlijk hadden ze dood moeten zijn. Er was een korte vertraging geweest tussen het aanraken van de draad en de ontploffing. Puller wist waarom.

De constructie van de bommenlegger was niet helemaal goed geweest. Of misschien had hij gewoon gedacht dat je zou vallen als je over die draad struikelde. Enkele seconden van verwarring. Je krabbelde overeind. Boem, je hoofd was weg.

In dat opzicht had Puller zijn eigen leven en dat van Cole gered. Maar het was niet goed genoeg geweest. Lang niet goed genoeg.

Ik ben niet meer wat ik was.

Ik ben lang niet meer wat ik was.

Als je niet meer in een oorlogsgebied bent, worden je zintuigen afgestompt. Je wordt een stapje langzamer.

Hij had geweten dat er een dag zou komen waarop dat het geval zou zijn. Maar hij had niet geweten hoe kwetsbaar hij zich dan zou voelen. Eigenlijk was er maar één oplossing: teruggaan naar het Midden-Oosten en proberen daar in leven te blijven.

En eigenlijk wil ik dat niet. Niet nadat ik er zes keer heen ben gestuurd, en met geweren en bommen ben aangevallen en vaker bijna ben doodgegaan dan ik me kan herinneren.

Maakt dat me een lafaard?

Een paar minuten later zat hij op de schommelbank toen ze naar buiten kwam. Ze had eerst een broek, een blouse en schoenen met platte zolen gedragen, maar nu droeg ze een lichtblauwe zomerjurk met een geschulpt decolleté en witte sandalen met hakken van een paar centimeter hoog. Hij vond de jurk mooier dan de broek.

Ze kwam naast hem op de schommelbank zitten en trok haar rok over haar benen toen ze die over elkaar sloeg. Haar haar was nog vochtig en ze rook naar jasmijn en seringen. Ze leunde achterover en deed haar ogen dicht.

‘Moeten we niet gaan?’ vroeg Puller.

‘Ik heb Jean gebeld en gezegd dat we een beetje later kwamen.’ Ze wreef over haar slapen.

‘Heb je haar verteld waarom?’

Ze keek hem aan. ‘Nee. Dat leek me niet nodig.’

‘Ik heb op het postkantoor naar dat aangetekende pakje geïnformeerd.’

Ze keek hem aan. ‘Hoe heb je dat gedaan?’

‘Ik heb gewoon wat vragen gesteld.’

‘Wilde je niet op mij wachten?’

‘Snelheid is soms van cruciaal belang. En het postkantoor staat maar drie minuten bij het motel vandaan.’

Hij glimlachte en ze grijnsde terug. ‘Nou, wat heb je ontdekt?’ vroeg ze.

‘Het kwam van een firma die bodemmonsters test.’

‘Waarom zouden de Reynolds’ bodemmonsters laten testen?’

‘Ik wou dat ik het wist.’

‘En als de hond dat pakje niet heeft opgegeten, moet degene die Larry Wellman heeft vermoord zijn teruggekomen om het op te halen. Maar nogmaals: hoe konden ze weten dat het daar was?’

Puller dronk zijn water op en schroefde de dop weer op de fles. ‘Zoals ik al zei: misschien hebben ze het op dezelfde manier ontdekt als wij. Ze beseften dat de postbode de lijken had gevonden. Hoe kon dat, tenzij hij iets bij het huis kwam afgeven waarvoor hij een handtekening moest hebben? Dat moest de enige reden zijn waarom hij het huis was binnengegaan. Dus wat zat er in het pakje? Ze gingen terug om het uit te zoeken. Ze wisten niet wat het was, maar ze wilden geen risico nemen.’

‘Maar hoe wisten ze dat wij het niet hadden gevonden?’

Puller zei: ‘Misschien kregen ze informatie van binnenuit.’

‘Ik kan bijna niet geloven dat ik iemand in mijn politiekorps heb die de andere kant helpt.’

‘Ik zeg niet dat het zo is. Ik zeg alleen dat je er rekening mee moet houden.’

‘En de bommen?’

‘Die vat ik eigenlijk op als een goed teken.’

‘Je bedoelt dat iemand zich zorgen maakt over wat jij doet?’

‘Ja.’

‘Tenminste, áls het met de moorden te maken heeft. Je laat Dickie en zijn grote vriend nu even buiten beschouwing.’

‘Denk je dat die wraak zouden nemen door een bomaanslag op me te plegen?’

‘Nee. Waarschijnlijk heb je gelijk.’ Ze deed haar ogen weer dicht en leunde met haar hoofd tegen de rugleuning van de schommelbank. Ze wreef weer over haar slapen en trok een grimas.

‘Ik heb niet eens gevraagd of je je hebt bezeerd,’ zei hij zachtjes. ‘Ik dreunde nogal hard tegen je aan. Ben je ongedeerd? Geen hersenschudding of zo?’

‘Ik heb niets. Je hebt me een flinke opdonder gegeven, maar dat was beter dan het alternatief.’ Ze deed haar ogen open, streek met haar vingers over zijn onderarm en liet haar hand daar rusten. ‘En ik heb je nog niet bedankt.’

‘Het licht was zwak. Meestal zie je het zonlicht op zo’n draad glinsteren. Daarom werken de taliban en Al Qaida liever met drukplaten en andere mechanismen die onder de grond zitten.’

‘Ik zag hem helemaal niet.’ Ze boog zich naar hem toe en gaf hem een kus op zijn wang. ‘Bedankt voor het redden van mijn leven, Puller.’

Hij keek haar aan. Hij dacht dat hij een traan in haar rechteroog zag blinken, maar ze wendde zich af voordat hij daar zeker van kon zijn.

‘Graag gedaan.’

Ze trok haar hand van zijn arm weg en stond op.

‘Laten we maar gaan. Ik kan rijden. Jij kunt je auto hier achterlaten. We nemen mijn pick-up. Ik heb wel even genoeg van de politiewagen.’

Hij liet haar een eindje bij hem vandaan lopen, tot ze zich omdraaide. Met de ondergaande zon achter haar zag Sam Cole er stralend uit in haar jurk. Puller genoot even van de aanblik.

‘Kom je?’

Hij stond op.

‘Ik kom.’

 

De Provocatie
titlepage.xhtml
de_provocatie-ebook_split_000.xhtml
de_provocatie-ebook_split_002.xhtml
de_provocatie-ebook_split_003.xhtml
de_provocatie-ebook_split_004.xhtml
de_provocatie-ebook_split_005.xhtml
de_provocatie-ebook_split_006.xhtml
de_provocatie-ebook_split_007.xhtml
de_provocatie-ebook_split_008.xhtml
de_provocatie-ebook_split_009.xhtml
de_provocatie-ebook_split_010.xhtml
de_provocatie-ebook_split_011.xhtml
de_provocatie-ebook_split_012.xhtml
de_provocatie-ebook_split_013.xhtml
de_provocatie-ebook_split_014.xhtml
de_provocatie-ebook_split_015.xhtml
de_provocatie-ebook_split_016.xhtml
de_provocatie-ebook_split_017.xhtml
de_provocatie-ebook_split_018.xhtml
de_provocatie-ebook_split_019.xhtml
de_provocatie-ebook_split_020.xhtml
de_provocatie-ebook_split_021.xhtml
de_provocatie-ebook_split_022.xhtml
de_provocatie-ebook_split_023.xhtml
de_provocatie-ebook_split_024.xhtml
de_provocatie-ebook_split_025.xhtml
de_provocatie-ebook_split_026.xhtml
de_provocatie-ebook_split_027.xhtml
de_provocatie-ebook_split_028.xhtml
de_provocatie-ebook_split_029.xhtml
de_provocatie-ebook_split_030.xhtml
de_provocatie-ebook_split_031.xhtml
de_provocatie-ebook_split_032.xhtml
de_provocatie-ebook_split_033.xhtml
de_provocatie-ebook_split_034.xhtml
de_provocatie-ebook_split_035.xhtml
de_provocatie-ebook_split_036.xhtml
de_provocatie-ebook_split_037.xhtml
de_provocatie-ebook_split_038.xhtml
de_provocatie-ebook_split_039.xhtml
de_provocatie-ebook_split_040.xhtml
de_provocatie-ebook_split_041.xhtml
de_provocatie-ebook_split_042.xhtml
de_provocatie-ebook_split_043.xhtml
de_provocatie-ebook_split_044.xhtml
de_provocatie-ebook_split_045.xhtml
de_provocatie-ebook_split_046.xhtml
de_provocatie-ebook_split_047.xhtml
de_provocatie-ebook_split_048.xhtml
de_provocatie-ebook_split_049.xhtml
de_provocatie-ebook_split_050.xhtml
de_provocatie-ebook_split_051.xhtml
de_provocatie-ebook_split_052.xhtml
de_provocatie-ebook_split_053.xhtml
de_provocatie-ebook_split_054.xhtml
de_provocatie-ebook_split_055.xhtml
de_provocatie-ebook_split_056.xhtml
de_provocatie-ebook_split_057.xhtml
de_provocatie-ebook_split_058.xhtml
de_provocatie-ebook_split_059.xhtml
de_provocatie-ebook_split_060.xhtml
de_provocatie-ebook_split_061.xhtml
de_provocatie-ebook_split_062.xhtml
de_provocatie-ebook_split_063.xhtml
de_provocatie-ebook_split_064.xhtml
de_provocatie-ebook_split_065.xhtml
de_provocatie-ebook_split_066.xhtml
de_provocatie-ebook_split_067.xhtml
de_provocatie-ebook_split_068.xhtml
de_provocatie-ebook_split_069.xhtml
de_provocatie-ebook_split_070.xhtml
de_provocatie-ebook_split_071.xhtml
de_provocatie-ebook_split_072.xhtml
de_provocatie-ebook_split_073.xhtml
de_provocatie-ebook_split_074.xhtml
de_provocatie-ebook_split_075.xhtml
de_provocatie-ebook_split_076.xhtml
de_provocatie-ebook_split_077.xhtml
de_provocatie-ebook_split_078.xhtml
de_provocatie-ebook_split_079.xhtml
de_provocatie-ebook_split_080.xhtml
de_provocatie-ebook_split_081.xhtml
de_provocatie-ebook_split_082.xhtml
de_provocatie-ebook_split_083.xhtml
de_provocatie-ebook_split_084.xhtml
de_provocatie-ebook_split_085.xhtml
de_provocatie-ebook_split_086.xhtml
de_provocatie-ebook_split_087.xhtml
de_provocatie-ebook_split_088.xhtml
de_provocatie-ebook_split_089.xhtml
de_provocatie-ebook_split_090.xhtml
de_provocatie-ebook_split_091.xhtml
de_provocatie-ebook_split_092.xhtml
de_provocatie-ebook_split_093.xhtml
de_provocatie-ebook_split_094.xhtml
de_provocatie-ebook_split_095.xhtml
de_provocatie-ebook_split_096.xhtml
de_provocatie-ebook_split_097.xhtml
de_provocatie-ebook_split_098.xhtml
de_provocatie-ebook_split_099.xhtml
de_provocatie-ebook_split_100.xhtml
de_provocatie-ebook_split_101.xhtml
de_provocatie-ebook_split_102.xhtml