Pinmans

Op een van de guurste hoekjes van het toch al overdreven winderige Den Haag stond ik in de rij voor de geldautomaat. Het was verschrikkelijk koud. Nu ben ik zelf altijd in krap vier seconden klaar met geld trekken, maar alle anderen nemen er de tijd voor alsof ze in een schuimbad zitten.

Vooraan stond een dame op leeftijd, die voor haar categorie het exemplarische gedrag vertoonde. Eerst wachten ze tot ze aan de beurt zijn, dan pas beginnen ze op hun gemak de portemonnee te zoeken in jaszak, boodschappenmand, ha daar is ie, o nee, kijk mij nou, dat zijn mijn wanten, hihi, ach natuurlijk, hij zit gewoon in mijn tas! Nou, daar gaat ie dan. Hee, hij doet het niet. O, dat is mijn bonuskaart. Ja, al dat blauw lijkt ook zo op elkaar... Vervolgens maken ze zich breed als een broedse kip zodat niemand meekijkt, lezen bij het indrukken van de pincode onbewust hardop de cijfers mee, en frommelen de aldus verkregen tien euro omslachtig in het portemonneetje.

De volgende. Een vijftiger die het moeilijk heeft. Nog niet zo lang geleden had alleen zijn bankpasje een pincode, en dat viel nog wel te onthouden met ezelsbruggetjes, Bonifatius te Dokkum vermoord of de verjaardag van oom Geert. Maar nu zijn antwoordapparaat, autoradio, mobieltje en de website van Wehkamp ook een code hebben, wordt het hem te veel. Ondanks uitdrukkelijk verbod van hogerhand heeft hij daarom toch de pincode in zijn agenda geschreven: namelijk bij de telefoonnummers, onder de naam Kees Pinmans. Die moet dus met handschoenen aan in een gierende storm tevoorschijn gebladerd worden, waar ook weer enige tijd overheen gaat.

Probleem 3: de zaterdagvader. Hij heeft twee kleuters bij zich, die om narigheid te voorkomen allebei een precies gelijke bijdrage aan het procedé van geld trekken moeten leveren. Om beurten wordt een kind opgetild en een plakvingertje moeizaam op een toets geduwd, helaas meestal de verkeerde. Aansluitend ontstaat bovendien alsnog handgemeen om wie de biljetten uit het schuifje mag pakken. In zware gevallen moet de hele operatie herhaald worden. Bij drie of meer kinderen neemt de scène nachtmerrieachtige proporties aan.

Dan heb je de tienermeisjes, die met zijn vijven komen, in de meestal ijdele hoop dat een van hen nog wat geld op de rekening heeft. In een dissonante wolk van ringtones probeert de een na de ander achtereenvolgens vijftig, twintig en tien euro te trekken, waarna ze verwoed sms’end afdruipen.

De problematiek van de volgende in de rij was moeilijk te doorgronden. Maar goed, ook die heb je erbij: mensen die gewoon, voor ze aan de slag gaan eerst even binnensmonds tot honderd tellen. Trouwens, nu was ik weliswaar half bevroren, maar toch echt bijna aan de beurt. Vóór mij was alleen nog een zeer oude meneer, broos en beverig maar onberispelijk gekleed, compleet met astrakanmuts, witte zijden sjaal en rotan wandelstok. Hij keek peinzend naar de geldautomaat, alsof hij zich probeerde te herinneren waar hij die eerder ontmoet had. Zijn andere bril moest er aan te pas komen, die hij na eindeloos in zijn kleding rondtasten tevoorschijn kreeg uit een krokodillenleren koker. Met nieuwe moed hervatte hij het turen op de toetsjes. Ik was onderhand verstijfd van de kou, maar door vertedering mild gestemd jegens de oude. Wat zo’n man allemaal had meegemaakt! Twee wereldoorlogen, hongerwinter, in het verzet gezeten, wie weet, in Indië... Zijn vrouw natuurlijk al lang dood, en nu moest hij op zijn oude dag de hectiek van het moderne leven zien bij te benen. Kom, dacht ik, ik zal hem eens tonen dat in de hedendaagse maatschappij nog niet alle normen en waarden verloren zijn. ‘Meneer,’ zei ik, ‘kan ik u misschien ergens mee helpen?’ De oude draaide zich om, en schreeuwde in het platste Haags dat ik ooit gehoord heb: ‘Krijg nou godverdomme de tyfustering! Moet je me pincode soms weten? Vuile kankerhoer, pleurt jij even als de sodemieter een heel eind op?!’

Pekingeend bij nacht
x97890295756831.xhtml
x97890295756832.xhtml
x97890295756833.xhtml
x97890295756834.xhtml
x97890295756835.xhtml
x97890295756836.xhtml
x97890295756837.xhtml
x97890295756838.xhtml
x97890295756839.xhtml
x978902957568310.xhtml
x978902957568311.xhtml
x978902957568312.xhtml
x978902957568313.xhtml
x978902957568314.xhtml
x978902957568315.xhtml
x978902957568316.xhtml
x978902957568317.xhtml
x978902957568318.xhtml
x978902957568319.xhtml
x978902957568320.xhtml
x978902957568321.xhtml
x978902957568322.xhtml
x978902957568323.xhtml
x978902957568324.xhtml
x978902957568325.xhtml
x978902957568326.xhtml
x978902957568327.xhtml
x978902957568328.xhtml
x978902957568329.xhtml
x978902957568330.xhtml
x978902957568331.xhtml
x978902957568332.xhtml
x978902957568333.xhtml
x978902957568334.xhtml
x978902957568335.xhtml
x978902957568336.xhtml
x978902957568337.xhtml
x978902957568338.xhtml
x978902957568339.xhtml
x978902957568340.xhtml
x978902957568341.xhtml
x978902957568342.xhtml
x978902957568343.xhtml
x978902957568344.xhtml
x978902957568345.xhtml
x978902957568346.xhtml
x978902957568347.xhtml
x978902957568348.xhtml
x978902957568349.xhtml
x978902957568350.xhtml
x978902957568351.xhtml
x978902957568352.xhtml
x978902957568353.xhtml
x978902957568354.xhtml
x978902957568355.xhtml
x978902957568356.xhtml
x978902957568357.xhtml
x978902957568358.xhtml
x978902957568359.xhtml
x978902957568360.xhtml
x978902957568361.xhtml
x978902957568362.xhtml
x978902957568363.xhtml
x978902957568364.xhtml
x978902957568365.xhtml
x978902957568366.xhtml
x978902957568367.xhtml
x978902957568368.xhtml
x978902957568369.xhtml
x978902957568370.xhtml
x978902957568371.xhtml
x978902957568372.xhtml
x978902957568373.xhtml
x978902957568374.xhtml
x978902957568375.xhtml
x978902957568376.xhtml
x978902957568377.xhtml
x978902957568378.xhtml
x978902957568379.xhtml
x978902957568380.xhtml
x978902957568381.xhtml