Madagascar is óók Afrika

‘Smeer jíj dat brood nou even. Niet met pindakaas want dat mens van de overblijf is zwanger, en die gaat over haar nek als ze pindakaas ruikt. Doe maar Nutella. Nee, de schroefbekers zijn allemaal kwijt. Ja, dat moet je niet aan mij vragen. Gewoon, in een lege colafles. Fantafles dan, godallemachtig. Hè, hè. En dan nog een met leverworst, want die moet nou echt weleens op. Hoezo, de leverworst is bedorven? Waarom bederft hier altijd alles? Hier, d’r is nog komijnekaas. Dan pulken ze zelf de komijntjes er maar uit. Vanavond? D’r zijn nog vissticks over van woensdag. Even kijken, o nee, toch niet. Nou, dan maak je tosti’s. Van krentenbrood met komijnekaas, kan best. Weet je wat, zoek het dan zelf maar uit. Het nummer van de spareribs-express hangt op de ijskast.

En ze moeten geld mee voor de thee, voor het hele kwartaal. Nee, ik heb óók niks. Haal maar even uit zijn spaarpot. Jezus wat een kutweer. Nee, je hebt gelijk, dat mag mama niet zeggen. Lieverdje, wat is er nou? Mama doet de centjes morgen weer terug in je spaarpot, goed? Dat is niet gemeen, dat heet lénen. Hè gatver, wat is dát nou weer? Nee, een geplette kiwi, denk ik. Geen eten in je gymtas laten zitten, hoe vaak moet ik het nog zeggen! Nee! Niet tegen mijn rok!!! Nou, die gymschoenen kunnen we weggooien. Dan gym je maar een keertje op je blote voeten. Hoezo niet? Laat zien, doe je sokken eens uit? Getverdemme, hoe lang heb je dat al? Nou, dan gym je vandaag maar niet, gaan we morgenochtend gezellig even naar de dokter. Nee, dat doet geen pijn, ben je mal. Krijg je daarna wat lekkers. Jahaa, jullie ook.

Heb je je cornflakes op, we komen te laat, hoor. Pak je fiets nou. Nou, een béétje lek, maar het gaat nog wel. Welk Afrika-project? Je kunt toch niet beloven dat je bongo’s meeneemt als we geen bongo’s hébben? Weet je wat, neem je Madagascar-zebra maar mee. Madagascar is óók Afrika. Wel waar. Niet huilen lieverd, ik ga wel even met juf Ashanti praten. Die komt zelf ook uit Afrika. Nee, ze is geen neger, dat mag je niet zeggen. Ze is gewoon mooi bruin. Nooit neger zeggen tegen juf Ashanti, hoor! Beloof je dat? Ook niet tegen Stefano, nee. En zéker niet tegen Sheela, die is al helemáál geen neger. Neehee, ook geen Chinees. Trek je laarzen nou aan.

Welk verjaardagsfeestje? Hoe vaak heb ik je nou al gezegd dat je dat van tevoren moet zeggen! Ja, eigen schuld, hoor! Leg het zelf maar uit aan Florian, dat mama vanochtend niet zomaar even een cadeautje tevoorschijn kon toveren. Weet je wat, maak bij de overblijf maar een mooie tekening voor Florian. En wees een beetje lief voor Florian zijn moeder, want die heeft het niet makkelijk. Ja, grote mensen huilen ook weleens, dat is helemaal niet gek. Nou, als het daar echt helemáál niet leuk is, dan moet je aan Florians mama vragen of ze papa even opbelt. Dan belt papa naar Sandra, en dan komt Sandra je ophalen en die brengt je naar oma. Dat is leuk, hè? Nee, want ik moet straks naar Brussel en dat is een beetje ver weg. Daar wonen geen negers, nee. Een paar misschien, maar dat zijn dus geen negers, want dat is geen aardig woord. Hebben jullie je tas?

Wat is dat nou weer. Hoe vaak heb ik nou al gezegd dat je een brief van school meteen aan mij moet geven. Kijk nou, ik ben vandaag inval-luizenmoeder, staat hier. Ik kan vandaag helemaal geen inval-luizenmoeder zijn, want ik moet dus naar Brussel. Waar is papa? Al weg? Weet je wat, bel jij papa straks even op zijn mobieltje. Zeg maar tegen hem dat hij je band moet plakken, en dat hij een cadeautje koopt voor Florian. Dat hij lief moet zijn voor Florians moeder, maar ook weer niet ál te lief. En dat hij inval-luizenvader is vandaag. En dat hij een afspraak maakt met de dokter voor morgenochtend. En dat hij geld haalt, dat hij je gymtas wast, en nieuwe leverworst koopt, en schroefbekers, en gymschoenen en bongo’s. Ja hoor, dat kan papa best. Hij zei het gisteren nog: schoolgaande kinderen, je hebt er geen omkijken naar.’

Pekingeend bij nacht
x97890295756831.xhtml
x97890295756832.xhtml
x97890295756833.xhtml
x97890295756834.xhtml
x97890295756835.xhtml
x97890295756836.xhtml
x97890295756837.xhtml
x97890295756838.xhtml
x97890295756839.xhtml
x978902957568310.xhtml
x978902957568311.xhtml
x978902957568312.xhtml
x978902957568313.xhtml
x978902957568314.xhtml
x978902957568315.xhtml
x978902957568316.xhtml
x978902957568317.xhtml
x978902957568318.xhtml
x978902957568319.xhtml
x978902957568320.xhtml
x978902957568321.xhtml
x978902957568322.xhtml
x978902957568323.xhtml
x978902957568324.xhtml
x978902957568325.xhtml
x978902957568326.xhtml
x978902957568327.xhtml
x978902957568328.xhtml
x978902957568329.xhtml
x978902957568330.xhtml
x978902957568331.xhtml
x978902957568332.xhtml
x978902957568333.xhtml
x978902957568334.xhtml
x978902957568335.xhtml
x978902957568336.xhtml
x978902957568337.xhtml
x978902957568338.xhtml
x978902957568339.xhtml
x978902957568340.xhtml
x978902957568341.xhtml
x978902957568342.xhtml
x978902957568343.xhtml
x978902957568344.xhtml
x978902957568345.xhtml
x978902957568346.xhtml
x978902957568347.xhtml
x978902957568348.xhtml
x978902957568349.xhtml
x978902957568350.xhtml
x978902957568351.xhtml
x978902957568352.xhtml
x978902957568353.xhtml
x978902957568354.xhtml
x978902957568355.xhtml
x978902957568356.xhtml
x978902957568357.xhtml
x978902957568358.xhtml
x978902957568359.xhtml
x978902957568360.xhtml
x978902957568361.xhtml
x978902957568362.xhtml
x978902957568363.xhtml
x978902957568364.xhtml
x978902957568365.xhtml
x978902957568366.xhtml
x978902957568367.xhtml
x978902957568368.xhtml
x978902957568369.xhtml
x978902957568370.xhtml
x978902957568371.xhtml
x978902957568372.xhtml
x978902957568373.xhtml
x978902957568374.xhtml
x978902957568375.xhtml
x978902957568376.xhtml
x978902957568377.xhtml
x978902957568378.xhtml
x978902957568379.xhtml
x978902957568380.xhtml
x978902957568381.xhtml