Mommy and me
‘Het lichaam van een vrouw moet zich niet naar haar kleding voegen; kleding moet zich naar het lichaam van de vrouw voegen,’ sprak modeontwerper Givenchy indertijd. Hij had gelijk, maar veel Amerikaanse vrouwen nemen hem helaas wel erg letterlijk. Zeker, in New York zie je wel eens een enkele Carrie Bradshaw-kloon voorbij stuiteren op Manolo Blahniks, maar de gemiddelde Amerikaanse vrouw, vooral in de suburbs, loopt erbij als een kleuter in een op de groei gekocht hansopje.
Ik woon hier nu een jaar, en de meeste schoolpleinmoeders heb ik nog nooit in iets anders dan een uitgelubberd joggingpak met witte sportschoenen en een paardenstaart gezien. In de zomer knippen ze de pijpen van de broek af, en vervangen het jackje door een vele maten te groot t-shirt, met het foeilelijke logo van bijvoorbeeld een lokale mondhygiënekliniek erop. Want waar ik woon, heeft iedereen geld zat, wat ze grotendeels besteden aan hun tanden. Te pas en te onpas grijnzen ze dat veel te grote en veel te witte gebit tevoorschijn. Ik word daar vaak verlegen van en sla mijn hand verhullend voor die vergeelde Europese stompjes, zodra er in bekakt Amerikaans gezelschap wat te lachen valt. Dat is gelukkig niet zo heel vaak.
Het is een verademing als je een paar honderd kilometer de provincie in rijdt. Daar kleden ze zich óók zakkig (ruimschoots gebleekt spijkergoed, en ook de beruchte gebleekte Brillo-permanent met acht centimeter uitgroei is nog alomtegenwoordig), maar dáár missen ze over het algemeen tenminste een paar tanden. Ook schieten ze er met dubbelloops buksen op eekhoorns om er nadien ragout van te koken, geven hun kinderen gemakshalve allemaal dezelfde voornaam en drinken zelfgestookte moonshine uit halfvergane plastic colaflessen, waardoor het geheel althans een samenhangender aanblik biedt.
Dáár had ik natuurlijk moeten gaan wonen, maar nu is het te laat, en sta ik dagelijks mokkend mijn kinderen op te wachten tussen die rij in hun suv ingeblikte grijze muizen. Trouwens, ik moet niet overdrijven: soms tutten ze zich wel degelijk op, bijvoorbeeld als ze een dinner party geven (fel-oranje kaasmacaroni uit een doos en een bak ijsbergsla, geflankeerd door vijftien verschillende flessen light-dressing in uiteenlopende kleuren: dit is het land van de onbeperkte mogelijkheden, tenslotte). Bij zo’n feestelijke gelegenheid verschijnt het gezin gekleed volgens het beruchte Mommy and me-principe: het dochtertje des huizes draagt bijvoorbeeld een hooggesloten zeegroene overgooier met daaronder een wit bepofmouwd bloesje en kniekousen met ruches. Nou, vooruit, best schattig voor een vijfjarige. Je schrikt pas écht als haar moeder verschijnt in exact hetzelfde ensemble, maar dan vele, vaak zéér vele maten groter. Er zijn speciale winkels en verzendhuizen voor, waar je desgewenst ‘matching’ Schots geruite mantelpakjes kunt krijgen, faux angora beertjestruien, en ‘Daddy and me’-hawaïpyjama’s. Ik zag ook al gezinnen waarin ze de gimmick doorvoeren tot in hun huisdieren. Dan zie je rond Kerstmis zowel moeder, vader, kinderen als een deerlijk oververhitte labrador in identieke vestjes met geborduurde elanden rondsjokken.
Het kan nog erger. Laatst was ik in New York en werd door mijn tienjarige dochter de gigantische en stampvolle winkel American Girls binnen gesleept. Daar kun je uit honderden verschillende poppen een exemplaar uitkiezen dat op je lijkt, niet alleen in haar-, huids- en oogkleur, maar eventueel ook met bril, beugel of rolstoel. Op zich geen onsympathiek idee. Jammer genoeg zijn de poppenkleertjes daar tevens in grote en zeer grote maten te koop, voor de poppenbezitstertjes en hun moeders. Ook is er een poppenkapsalon, waar een rijtje afgesloofde, zuchtende en stellig onderbetaalde negerinnen op ongemakkelijke krukjes het haar van die poppen zit te vlechten, krullen en kammen, op aanwijzingen van de verwende, blanke eigenaresjes, die vervolgens in hetzelfde outfitje als zowel hun moeder als hun pop de high tea gebruiken in het zeer prijzige poppenrestaurant, waar die poppen van ook alweer bedroefde en zwarte serveersters een eigen klein stoeltje krijgen en een bordje mini-poppensandwiches.
Ik had daar natuurlijk weg moeten lopen zonder zo’n rotpop voor mijn dochter te kopen. Maar helaas.