YouTube
Laatst stond ik tot mijn knieën in de Atlantische Oceaan en ik vroeg me af hoe Nancy Sinatra’s haar ook alweer zat in 1966. Ik vraag me zo vaak van alles af waar geen aanleiding voor is. Drinken olifanten door hun slurf of door hun mond, en zitten in het laatste geval hun slagtanden niet in de weg? Wat is er geworden van Loekie Knol? En van die handige sleutelhangers die gingen piepen als je floot, zodat je nooit je sleutel kwijt was? Hoe worden marshmallows gemaakt? Bestaan er nog mensen die encyclopedieën kopen? Vooral dat laatste is een intrigerende kwestie.
Terwijl ik daar in zee stond, trok ik mijn zaktelefoon tevoorschijn en klikte op het schermpje YouTube open. Binnen tien tellen zag en hoorde ik Nancy ‘These boots are made for walking’ zingen. Haar haar zat, zoals ik al vermoed had, precies als dat van Willeke Alberti. Maar er diende zich onmiddellijk een nieuwe vraag aan. Nancy droeg een ultrakorte minirok, met daaronder iets wat er uitzag als een zwarte panty. Maar bestond de panty al in 1966? Ook daarop had ik al snel een antwoord: ja, de panty stamt uit 1965.
Intussen stond ik nog steeds in het water en surfde ik verder op een stroom van vragen en antwoorden, tot mijn tenen er rimpelig van werden. Nee, ik denk niet dat er nog mensen zijn die encyclopedieën kopen. Waarom zouden ze? Ik herinner me dat er, toen ik klein was, een man aan de deur kwam die ons de Winkler Prins wou aansmeren, af te betalen in handige termijnen. ‘U wilt uw kinderen toch wel iets meegeven voor de toekomst, meneer Witteman?’ dreigde de verkoper, die op de brommer gekomen was, in regenponcho, en zes schepjes suiker in zijn koffie bliefde. Dolgraag wou ik dat mijn vader toehapte, want dan zou ik eindelijk alles te weten komen, van aalscholvers tot zwemmerseczeem. Maar mijn ouders dachten niet eens na over hun eigen toekomst, laat staan over de mijne. Om ze onder druk te zetten bleef ik gedurig vragen stellen. Hoe eet een walvis plankton? Waarom regent het? Ze moesten het antwoord schuldig blijven.
Tegenwoordig stellen mijn eigen kinderen dezelfde soort vragen. Maar ik hoef geen encyclopedie, want ik heb YouTube. Als mijn zoontje vraagt waar de melk vandaan komt, toon ik hem binnen enkele tellen een filmpje van een koe die gemolken wordt. Als mijn dochter wil leren breien, kan ze het zélf opzoeken op internet. Toen ik eens mijn eigen worst wou maken, keek ik de kunst af van een dikke man in Texas die een schort omknoopte waar een naakte meid op stond afgebeeld en die voortvarend een varken begon uit te benen, terwijl zijn broer, ernaast op de keukentafel gezeten, banjo speelde. En als we daar eenmaal zitten, gezellig met z’n allen voor de computer, dan komen we er niet meer weg. Ik laat mijn kinderen scènes uit de Stratemaker op zee show zien, en De fabeltjeskrant. Hoe koningin Beatrix eruitzag toen ze klein was, hoe een krokodil uit een ei komt, en dat er echt, echt, nooit mensen opgegeten kunnen zijn door een dinosaurus. En dan, als de avond valt, volgt het gemengd muzikaal programma. We beginnen met Elton John, die met miss Piggy een duet zingt, en zakken langzaam de stroom van vrije associatie af, via oude Motown-hits, Wim Sonneveld, Ramses Shaffy (Leeft die nog? Even kijken), kinderkoor De Leidse Sleuteltjes, ‘Kleine kokette Katinka’ – ik zal de akkoorden opzoeken voor huisgenoot P. We drinken nog wat, de kinderen krijgen popcorn – was ‘Popcorn’ niet de allereerste synthesizerhit ooit? Of was dat ‘Fingertips’ van Stevie Wonder? Wie maakt er nog een fles open? Jongens, wisten jullie dat David Bowie twee verschillende kleuren ogen heeft? En willen jullie nu eens zien wie het Songfestival won in 1969? Hoezo, naar bed? Nu al? Nou, vooruit. En morgenochtend, vóór we naar school gaan, kijken we eerst nog even naar Michael Jackson toen die nog een neger was. Oké?