DE DOOD EN LIESEL

Sinds die gebeurtenissen zijn er vele jaren verstreken, maar ik heb nog steeds genoeg werk te doen. Ik kan je één ding vertellen: de wereld is een fabriek. De zon zet haar in beweging, de mensen besturen haar. En ik ben er nog steeds. Ik draag hen weg.

Wat de rest van dit verhaal betreft, zal ik er verder geen doekjes om winden, want ik ben moe, ik ben heel erg moe en ik zal het zo eerlijk mogelijk vertellen.

EEN LAATSTE FEIT
Ik moet je helaas vertellen dat
de boekendief gisteren is overleden.

Liesel Meminger bereikte een bijzonder hoge leeftijd, ver weg van Molching en de tenondergang van de Himmelstraat.

Ze overleed in een buitenwijk van Sydney. Het huisnummer was vijfenveertig – net als de schuilkelder van de Fiedlers – en de hemel was van het prachtigste middagblauw. Net als die van haar papa, kwam ook haar ziel half overeind.

In de laatste beelden die zij aan zich voorbij zag gaan, zag zij haar drie kinderen, haar kleinkinderen, haar man en de lange lijst van levens die met de hare versmolten waren. Onder hen bevonden zich, als brandende lantaarns, Hans en Rosa Hubermann, haar broertje, en de jongen wiens haar voor eeuwig de kleur van citroenen zou behouden.

Maar er waren ook een paar andere beelden.

Ga met me mee, dan zal ik je een verhaal vertellen.

Ik zal je iets laten zien.