28
‘Eerlijk gezegd had ik na onze laatste sessie niet verwacht je nog te zullen zien.’
Dr. Dahl was zoals gewoonlijk goed gekleed, maar zag er verhitter uit dan anders, alsof hij net terug was van zijn dagelijkse work-out. Een ge-opende, halflege fles water stond op het tafeltje naast zijn stoel.
Jones ging verzitten. ‘Nou, eerlijk gezegd was ik er ook niet zo zeker van.’
Dr. Dahl keek hem met een open, verwachtingsvolle blik aan. Hij leek vol hoop. Een beetje zelfvoldaan misschien? Nee, dat niet. Maar er was iets in zijn gezichtsuitdrukking wat Jones niet aanstond.
‘Wat kom je dan doen?’ zei dr. Dahl.
Jones wilde beginnen over Maggie, over dat hij bang was voor wat het met hun huwelijk zou doen als hij zijn therapie staakte. Dit was gedeeltelijk de reden, maar niet de hele reden.
‘Ik besefte dat u gelijk hebt,’ zei hij, zij het met de grootst mogelijke tegenzin. Hij schraapte zijn keel. ‘Dat ik me verzet, bang ben om de volgende fase in mijn leven in gang te zetten.’
Zijn therapeut knikte goedkeurend, wat alleen maar het effect had dat Jones nog harder weg wilde lopen dat de vorige keer.
‘Waar was je bang voor, denk je?’
Je moest het de man nageven. Hij stootte gelijk door. Voor hem geen voorspel. De hoofdpijn kwam weer opzetten.
‘Nou, ik denk dat ik bang was dat er geen volgende fase is,’ zei Jones. ‘Dat ik de komende weet ik hoeveel jaar maar wat aan moet klooien, zinloze cursussen volgen en gras maaien en zo. Af en toe een reisje, een cruise. Ik was bang dat dat het was. Het enige wat me rest is de langzame, onvermijdelijke tocht naar het einde. Ik bedoel, ik gólf niet eens.’
‘Maar je bent nog jong. Veel ex-politiemensen stappen relatief jong op en vinden dan een andere baan.’
‘Ik denk dat ik me niet altijd even jong voel,’ zei Jones. ‘Hoe dan ook, er is de afgelopen dagen het een en ander gebeurd.’
Hij vertelde over de zaken waarmee hij bezig was, over Maggies idee een bureau te beginnen.
‘En vind je het prettig om dat werk weer te doen? Geeft het je bevrediging?’
‘Jazeker. Ik denk dat ik mijn werk in het begin van mijn carrière zag als een soort boetedoening,’ zei Jones. ‘Als een manier om alles wat ik fout had gedaan recht te zetten.’
‘En is dat veranderd?’ Dr. Dahl nam een slokje water.
‘Ja.’
‘Hoe zie je het nu dan?’
Jones dacht even na, maar niet lang. Het was verrassend helder voor hem. ‘Ik denk dat ik me doelloos voel als ik geen mensen kan helpen.’
Jones verwachtte half dat dr. Dahl hem zou prijzen om zijn altruïsme. Maar dr. Dahl zei niets en leek de woorden van Jones te overdenken. Toen zei hij: ‘Dat lijkt me prima, Jones. Zolang je het verlenen van hulp aan anderen maar niet gebruikt om weg te lopen voor persoonlijke zaken die aandacht behoeven. We weten allebei dat dat een beetje in je zit, eerst met je moeder, daarna in je beroep.’
Wat was dat toch met die lui? Consulteerden ze allemaal hetzelfde handboek of zo? Maggie had praktisch dezelfde woorden gebruikt. Jones antwoordde niet met woorden, maar imiteerde het bevestigende geluidje dat zijn therapeut vaak maakte.
‘Maar daar hebben we het de volgende keer wel over,’ zei dr. Dahl. ‘Onze tijd zit er namelijk op.’
Ook al zoiets wat Jones irritant vond van in therapie zijn. Als je tijd om was, kreeg je een schop onder je kont. Je begon je net prettig te voelen en te wennen aan het gevoel dat je iemand in vertrouwen kon nemen, en dan kon je gaan.
..
Terug in de auto zette hij zijn mobieltje weer aan. Hij verwachtte berichten, maar die waren er niet. Niets van Chuck over de botten die ze hadden gevonden en die nu werden onderzocht, niets over Michael Holt die blijkbaar een mijngang in was gevlucht en nog niet tevoorschijn was gekomen. Niets van de ouders van Paula Carr; hij had ze twee keer gebeld, maar kreeg telkens hun voicemail. Niets van zijn kredietregistratiemaat Jack over Paula Carr of over Coles moeder, Robin O’Conner.
Dat was iets wat de meeste mensen niet wisten, dat recherchewerk ook vaak stilstaan was, dat er eindeloos veel werd gewacht: op resultaten van dna-onderzoek of, zoals in dit geval, gebitsonderzoek; op contacten die zich door een stroom van verzoeken net als de jouwe moeten werken; op telefoontjes van mensen die niet met je wilden praten. Daarom dronken politiemensen zoveel ná en aten ze zoveel óp hun werk. Hoe moet je omgaan met de spanning, de urgentie bij zaken die je niet meer zelf in de hand hebt? Dan ga je iets te eten halen en schrok je het op in je auto.
Hij zat nog steeds gefrustreerd naar zijn telefoon te kijken toen het begon te rinkelen, alsof hij het ding ertoe had gedwongen. Ricky had een beltoon voor Jones ingesteld die klonk als die van een ouderwetse telefoon. Het had iets geruststellends, dat belletje, als het geluid van een echt mechaniekje, ook al was het dat niet. De wereld was heel stil geworden, want de apparaten van nu maakten zachte en stemmige geluiden, of hadden een muziekje.
‘Oké,’ zei Kellerman. ‘Luister wat ik heb gevonden.’
‘Fantastisch,’ zei Jones, opgelucht dat er weer actie kwam.
‘Paula Carr heeft de afgelopen achtenveertig uur haar creditcard niet gebruikt en ook geen geld opgenomen.’ Kellerman kon even niet praten vanwege een droge hoest. Het klonk zo akelig dat Jones ervan huiverde.
‘Sorry,’ zei Kellerman. ‘Eén interessant punt. Ik heb wat zitten graven en heb een rekening gevonden op haar meisjesnaam, en haar man staat niet geregistreerd als mederekeninghouder. Vorige week is er een flink bedrag van afgehaald. Tienduizend dollar.’
Jones dacht even na; het paste wel. Ze had haar vlucht gepland. Ze had Coles moeder willen vinden voor ze met de kinderen wegging, daarom had ze hem gebeld. Er was iets gebeurd wat de zaken had versneld. Of misschien nog wel iets ergers.
‘Interessant,’ zei Jones.
‘Het lijkt erop alsof ze wilde verdwijnen.’
‘Dat kan.’
‘Nog iets opmerkelijks. Paula Carr heeft al jaren geen geld gepind. Het salaris dat ze bij een klein bedrijf verdiende, werd naar een gezamenlijke rekening overgemaakt. Maar die rekening had maar één bankpas en die was van haar man. Haar creditcardbetalingen betroffen uitsluitend uitgaven voor het gezin. Je weet wel, supermarkten en megastores, kinderkledingwinkels en online boekhandels. Nooit meer dan een paar honderd dollar.’
‘Haar man houdt haar dus aan het lijntje,’ zei Jones. ‘Houdt de hand op de knip.’
‘Kon ik mijn vrouw maar aan de lijn houden,’ zei Kellerman. Hij begon te lachen, maar zijn gelach ging weer over in die akelige hoest.
‘Gaat het wel?’
‘Ik heb een nare hoest,’ zei Kellerman. ‘Ik ga vrijdag naar de dokter.’
‘Het is vast niets,’ zei Jones. ‘Een allergie of zo.’ Maar deze hoest klonk niet best, reutelend, en hij kwam van heel diep.
Controle uitoefenen over je geld is een manier om controle te hebben over je relatie. Jones herinnerde zich dat Carr over Paula had gesproken als ‘mijn vrouw’, dat het huis brandschoon was geweest, dat er geen foto’s hadden gestaan en dat Paula zenuwachtig en verontschuldigend was geweest tijdens zijn bezoek. Hij begon te snappen hoe het zat. Kevin Carr was een controlefreak.
‘Als ik nog meer over haar vind, bel ik. Na een poosje worden mensen slordig of nonchalant. Denken ze dat niemand iets merkt. Of hebben ze geld nodig.’
‘Dat zou ik erg op prijs stellen.’
‘Die andere vrouw, Robin O’Conner,’ ging Kellerman verder. ‘Die heeft geen cent meer te makken. Ze is onlangs ontslagen. Ze heeft vijf creditcards, die ze tot aan de limiet heeft gebruikt en op haar rekening staat ongeveer vijfennegentig dollar en nog wat. Ze is uit haar appartement gezet met een huurachterstand van twee maanden.’
‘Wanneer heeft ze haar creditcard voor het laatst gebruikt?’
‘Gisteren heeft ze geprobeerd hem te gebruiken, in het Regal Motel in Chester. Het bedrag was twintig dollar en drieëntwintig cent en haar pas werd geweigerd.’
Chester was ongeveer een uur rijden van The Hollows en had hetzelfde arbeidersklasseverleden, maar het had zich niet op dezelfde manier ontwikkeld als The Hollows. Hij keek op zijn horloge. Hij kon er nog naartoe rijden om Robin O’Conner te zoeken, zoals Paula had gevraagd. Maar waarom zou hij? Ze was niet echt een klant. Hij was geen politieman. Hij was niet eens een privédetective. Zoals het er nu voorstond, kostte het hem alleen maar geld om zijn belofte aan Paula Carr na te komen: de rit en het etentje dat hij Kellerman verschuldigd was voor zijn inlichtingen – en zijn maat kon heel wat wegstouwen. Maggie zou het niet goedkeuren.
‘Wil je dat ik haar ook in de gaten hou?’ vroeg Kellerman.
‘Dat zou ik erg op prijs stellen.’
‘Ik stuur je wel een sms’je als een van de twee opduikt.’
Ze maakten een afspraak om volgende week ergens te gaan eten. Zodra het gesprek was afgelopen, zette Jones de auto in beweging. Het drong pas goed tot hem door dat hij op weg was naar Chester toen hij de snelweg op reed. Waarom ook niet? dacht hij. Het was het enige concrete spoor dat hij had naar een van de drie vermiste vrouwen. Wat moest hij anders? Naar huis gaan en over de toekomst nadenken, over zijn huwelijk, over hoe hard hij aan zichzelf moest werken? Dat ging hij dus echt niet doen. Echt niet. De gedachte alleen al benauwde hem.
Onderweg vroeg hij zich af wat hij moest doen om een vergunning te krijgen om als privédetective te gaan opereren. Hij vroeg zich ook af of hij weer een wapen moest gaan dragen.