59. Alles
-Gaat het weer een beetje, meneer Van der Gijp?
‘Tuurlijk wel, ouwe reus. Elke dag een stukje beter. Weet je wat erg heeft geholpen? Dat ik vorige week heb besloten om niet te veel meer terug te blikken. Ik wil vanaf nu alleen nog maar vooruit kijken. Ja, toch? De kerstdagen komen er zo weer aan, dan hang ik wat ballen in de boom en gaan we gewoon lekker door. Langzaam maar zeker word ik weer de oude. Ik heb dit weekeinde alweer lekker een paar wedstrijdjes zitten kijken.’
-Waarom zien we je dan nog niet terug op televisie?
‘Ik moet nog even wat zelfvertrouwen tanken. Nog een paar goede dagen meemaken en dan ben ik er weer klaar voor. En dan heb ik het nog snel gedaan hoor, als je weet waar ik vandaan kom.’
-Waar ben je nou het meest van geschrokken?
‘Dat je opeens René van der Gijp niet meer bent. Je bent het natuurlijk nog wel, maar het voelt alsof er iemand anders in je gevaren is. Niet lekker hoor. Bah.’
-En verder?
‘Dat het zo plotseling gaat. Je ligt op de bank met een krant, buiten loopt de postbode, binnen neem je een hap van je boterhammetje en pats: opeens ben je het helemaal kwijt.’
-Wat ben je kwijt?
‘Alles. Je houvast, je zelfvertrouwen. Alles.’