Hoofdstuk 9

 

 

 

‘Carmen?’

‘Ja, Katie? Wat is er?’ Ze herkende de uitdrukking op het gezicht van haar zus; er ging een mededeling volgen, wat meestal betekende dat ze geld nodig had. Het was een woensdagmiddag in juni, enkele weken na het incident met de kat in de boom en Kate die in een junkenpand terecht was gekomen.

‘Ik heb zitten denken…’

‘Pas maar op,’ grapte Carmen, ‘straks krijg je nog een idee.’

‘Ja, nou, ik heb inderdaad een idee.’ Ze haalde diep adem. ‘Ik wil terug naar school.’

‘Zouden ze je daar nog willen hebben?’ Carmen wist niet of plagen de juiste strategie was, maar het was vast beter dan haar zus meteen onderwerpen aan een kruisverhoor.

‘Ik heb maar één vak niet gehaald. En ik wil toch niet terug naar MCC.’

Maplegrove Community College was dichtbij en niet duur. Kate had zich er destijds aangemeld omdat veel van haar vriendinnen er ook heen gingen. Ze had echter weinig gepresteerd, ondanks haar lichtgewicht vakkenpakket. Na een paar maanden was ze al gestopt.

‘Ik wil me aanmelden bij NYU of Rutgers. Voor de herfst zal dat wel niet meer lukken, maar misschien kan ik in de lente instromen. En anders wordt het volgend jaar. Ik wil van tevoren met de decaan op mijn oude school gaan praten. Zij had goede ideeën over mijn beroepskeuze, maar ik luisterde niet… Ik wil een opleiding doen waar ik me kan voorbereiden op een studie geneeskunde. Ik wil namelijk dokter worden.’

‘Dat is wel een beetje onverwachts,’ zei Carmen eerlijk.

Kate haalde haar schouders op. ‘Voor jou misschien.’

‘Kate, alsjeblieft.’ Verontwaardigd keek Carmen haar zus aan, die gelukkig het fatsoen had om beschaamd terug te kijken.

‘Nou ja, ik denk hier al een paar maanden over. Ik weet dat ik het heb verknald op MCC. Maar herinner je je die dag nog dat ik de weg naar huis niet kon vinden en dat ik naar de dokter moest om erachter te komen of ik met die jongen naar bed was geweest?’

‘Ben je naar dokter Lopez geweest?’ Lara Lopez was al jaren hun huisarts. Op de een of andere manier stelde het Carmen gerust dat Kate niet naar een vreemde arts was gegaan met haar probleem. Bovendien was dokter Lopez een prima rolmodel als Kate echt dokter wilde worden.

‘Ja, ik moest het gewoon weten,’ vervolgde Kate. ‘Stel je voor dat ik zwanger was. Of besmet met HIV.’

‘Je hebt me niets verteld.’

Kate schokschouderde. Haar houding verklapte dat ze het te gênant had gevonden om op te biechten. ‘Dokter Lopez zei dat er geen sporen waren van gemeenschap. Ze was fantastisch.’

‘Dat is ze zeker. En geen gemeenschap, dat is goed nieuws. Dat is toch wat je wilde horen?’

‘Wat ik wil, is dat je niet als een bok op de haverkist zit bij ieder detail van mijn leven! Ik maak niet met opzet een rommeltje van mijn leven, meer hoef je niet te weten. Krijg ik nu weer een preek over mijn studieplannen?’

‘Nee, nee,’ beloofde Carmen haastig. ‘Maar besef je dat een goede school veel geld kost?’

‘Ik sluit wel een studentenlening af.’

‘Wat ik probeer te zeggen, is dat Cormack en ik je graag financieel willen helpen, maar dan willen we wel zeker weten dat het je ernst is.’

‘Ik ben serieus. Niet dat ik verwacht dat ik door de studie heen zal vlinderen en de komende jaren het zonnetje in huis zal zijn. Nu moet jij zeggen. “Nee, als dat eens waar kon zijn”, Carmen.’

Carmen lachte. ‘Bedankt dat jij het alvast zegt. Mag ik wel zeggen dat ik hier heel blij mee ben, Katie? Je bent zo’n slimme meid. Cormack en ik zullen je helpen waar we kunnen.’ Ze was zo opgelucht dat ze haar zus de maan zou willen beloven. Aangezien ze de maan niet kon weggeven, begon ze na te denken over bezuinigingen zodat ze Kates studie konden bekostigen.

 

Nick stond op het dak om de dakgoten schoon te maken toen Terri kwam aanrijden. Het was woensdagmiddag, en ze kwam Ryan ophalen. Bij het zien van zijn met verf besmeurde werkkleding en het bouwmateriaal dat op de veranda stond, keek ze omhoog en riep: ‘Betekent dit dat je na al die maanden nog niet terug bent op je werk?’

‘Volgende week.’ Voorzichtig kroop hij achteruit naar de ladder en klom naar beneden. Al zijn opgespaarde verlofdagen waren nu op, en hij vond ze prima besteed.

‘Weet je baas dat je je tijd op deze manier invult in plaats van met werken aan je herstel?’

‘Dat doe ik nu ook.’ Hij voelde zich veel beter dan een paar weken geleden. Zijn nachtmerries over die vrouw met haar revolver waren verleden tijd, net als het nachtelijke tandenknarsen. Hij had al een paar keer gebeld met zijn partner Russ, en vorige week waren ze wat gaan drinken. Na een goed gesprek over sport hadden ze geconcludeerd dat het prima met hen ging.

‘Ik zie er niets van.’

‘Dan is het maar goed dat jij geen politiepsycholoog bent.’ Hij bereikte de onderste trede van de ladder en draaide zich naar haar om. ‘Je bent vroeg, Terri.’

‘Ja, ik was in de buurt.’

Hij geloofde er niets van. Waarschijnlijk wilde ze controleren of hij hun zoon niet de hele middag computerspelletjes liet doen, en wilde ze stiekem tellen hoeveel lege blikjes fris er in de prullenbak lagen. Hij slikte zijn ergernis echter in en zei: ‘Ryan zit binnen wat te eten, kom verder. Hij is de hele week al zo hongerig, volgens mij was hij vanmorgen weer twee centimeter langer dan gisteravond.’

Terri’s gezicht verzachtte. ‘O ja, ik weet er alles van. We gingen dit weekend kijken voor een pony, maar ik zag zo dat hij daar binnen een jaar te groot voor zou zijn.’ Geschrokken zweeg ze, en haar wangen werden vuurrood.

‘Dus jullie zijn naar pony’s aan het kijken?’

‘Er is nog niets beslist,’ antwoordde Terri vlug.

‘Jawel,’ zei hij scherp. ‘Ryan laat zijn naam veranderen en krijgt een eigen paard als beloning.’

‘Nee Nick, nee!’ riep Terri ontsteld.

Nick kende haar goed genoeg om te zien dat haar verontwaardiging oprecht was.’

‘Ik bedoelde dat daarover nog niets beslist is. Ryan weet nog niet wat hij wil, en wij willen niets forceren.’

‘Een pony voor zijn neus houden, noem je dat niks forceren?’

Terri beet op haar lip, haar wangen waren rood van schaamte. ‘Oké, zo zou je het kunnen zien. Maar dat was niet de bedoeling, Nick, echt niet. Jay wilde gewoon alvast wat research doen, voor het geval dat. Ryan neemt het heel serieus, weet je. Hij geeft heel veel om je. En wat ik ook mag vinden van je prioriteiten en ambities op andere vlakken, ik zie ook dat je ontzettend je best doet een goede vader te zijn. Ik begon niet over die pony om je bang te maken.’

In haar ogen zag hij dat ze het meende. En hij zag nog iets anders. Hij had gedacht dat de manipulaties en valse spelletjes het ergste waren in hun relatie, maar hij had het fout. Wat hij in haar ogen zag, was medelijden. Ze was er werkelijk van overtuigd dat hij een mislukking was en wilde hem geen rotgevoel bezorgen door hem de rijkdom en klasse van Jay Kruger in te wrijven. Het pijnlijkst vond hij nog wel de vriendelijkheid waarmee ze hem bejegende.

Misschien had ze wel gelijk, dacht hij. Misschien staken zijn eenvoudige normen en waarden schamel af bij wat de fantastische Jay hun zoon te bieden had, en de deuren die hij voor hem kon openen.

‘Koop die pony maar voor hem,’ zei hij tegen Terri terwijl ze achter hem aan naar binnen liep, waar Ryan net zijn naschoolse snack op had: een appel en een boterham met pindakaas. ‘Hij wil het graag. En Ryan Kruger klinkt net zo goed als Ryan Davey. Ik zal hem niet tegenhouden.’

 

‘Mag ik je iets laten zien, Carmen?’ Cormack bleef halverwege de trap staan.

Het was vier uur ’s middags, en ze hadden een uur geleden een grote badkamerverbouwing afgerond. Het was te laat om vandaag nog aan hun volgende project te beginnen, dus ze waren lekker vroeg thuis. Cormack had zich teruggetrokken op het kamertje boven dat ze als kantoor gebruikten om de administratie te doen. Hij zag er bezorgd uit, vond Carmen. ‘Natuurlijk,’ zei ze rustig. Ze wilde eerst weten wat er aan de hand was voordat ze ook nerveus werd. Het ging toch goed met de zaak? Aarzelend liep ze naar boven.

Op de overloop bleef Cormack staan. ‘Hoe gaat het trouwens tussen jou en Nick?’

De vraag verraste Carmen. Zo persoonlijk waren hun gesprekken meestal niet, hoeveel ze ook om elkaar gaven. Eigenlijk had ze aan niemand verteld wat Nick precies voor haar betekende. Hun relatie was zo breekbaar, met al die wederzijdse familieperikelen. Wanneer twee drenkelingen zich aan elkaar vastklampten, konden ze elkaar ook onder trekken in plaats van elkaar boven water houden. Dat besefte ze maar al te goed.

Ze keek naar haar broer voordat ze antwoord gaf. Hij had een pen tussen zijn vingers die hij onrustig heen en weer bewoog. Ze schrok een beetje bij het zien van de harde trek op zijn knappe gezicht. Hopelijk zou ooit de juiste vrouw hem ontdooien en zijn innerlijke warmte en goede hart ontdekken, maar helaas had hij de afgelopen tien jaar nooit langer dan drie maanden dezelfde vriendin gehad. Hij had hier in de buurt meer harten gebroken dan Carmen kon tellen.

Wat voor antwoord wilde hij op zijn onverwachte vraag, vroeg ze zich af. De waarheid of de simpele versie? Ze koos de laatste. ‘Prima.’ Maar vroeg toen toch: ‘Hoezo?’

Zonder iets te zeggen ging Cormack het kantoor in en liet haar een brief van de bank zien. ‘Deze is vandaag gekomen. Nicks laatste cheque was niet gedekt.’

‘Niet gedekt? En dat was voor een derde van het totaal?’ Meestal factureerden ze in drie delen.

‘Twee derde. Toen Nick de tweede rekening kreeg, vroeg hij of hij die tegelijk met de laatste mocht voldoen. Jij had toen al een relatie met hem, en hij leek me een betrouwbare kerel. Bovendien zei hij dat het iets met doktersrekeningen te maken had na de schietpartij die de verzekering nog niet had vergoed.’

‘Twee derde!’ Ze rekende na om hoeveel geld het ging. Veel! En ze registreerde Cormacks formulering: iets met doktersrekeningen. Blijkbaar geloofde hij Nick niet.

‘Ja. Dat is een behoorlijk bedrag, Carmen.’

Ze wist dat ze het zich niet konden veroorloven hun schouders erover op te halen. Zeker niet nu ze hun hoofd erover braken hoe ze Kates opleiding moesten betalen.

‘Dus, eh… wat is er aan de hand?’ vroeg Cormack.

‘Hoe moet ik dat weten?’ zei ze verdedigend. ‘Oké, ik heb wat met hem, ik snap waarom je het aan mij vraagt, maar hij heeft mij niets verteld over geldproblemen.’

Cormack keek haar zwijgend aan.

Ze wist wat hij van haar wilde horen. ‘Goed, ik ga er wel even langs om te horen hoe het zit.’

‘Vind je het niet vervelend?’

‘Ik vind het nog vervelender als wij onze leveranciers niet kunnen betalen vanwege een ongedekte cheque.’ Dat was niet helemaal waar. Ze vond het allebei even naar.

 

Toen ze even later voor Nicks huis parkeerde, zag ze Terri’s auto staan. Fantastisch. Nu zou ze eerst nog een paar minuten mogen babbelen met zijn ex voordat ze zaken met hem kon bespreken die ze niet wílde bespreken.

Waarom stond Terri omhoog te kijken? Carmen zag al snel de reden. Nick stond op het dak. Ze stapte uit.

‘Kon je nou niet even wachten tot wij weg waren voor je het dak weer op ging?’ riep Terri. Ryan stond naast haar, zijn rugzak over zijn schouder.

‘Ik wil dit klaar hebben voor het donker wordt,’ riep Nick terug. ‘Niks persoonlijks, Terri.’ Nu zag hij Carmen en zwaaide.

Ze wuifde terug en voelde haar maag in opstand komen.

Ryan draaide zich naar haar om. ‘Hoi, Carmen!’

Ze kreeg de neiging zijn haar in de war te maken. Hij deed haar denken aan haar broer Joe, voor wie ze jarenlang een surrogaatmoeder was geweest. Maar met Terri in de buurt hield ze zich in en zei alleen: ‘Ha, kerel!’

‘Pap is op het dak!’

‘Ja, ik zie het. Wat doet hij daar?’

‘Hij maakt de goten schoon. En hij doet kunstjes,’ zei Ryan. Hij riep naar zijn vader: ‘Doe nog eens of je koorddanst, pap!’

‘Ryan liefje, nee,’ zei Terri kordaat. ‘Geen kunstjes meer, we moeten nu echt weg.’

‘Oké,’ zei Ryan teleurgesteld. Hij wilde net in de auto stappen, toen hij omkeek en er een brede grijns op zijn gezicht verscheen. ‘Kijk Carmen, hij doet het weer! Moet je zien hoe vlug!’

Nick liep over de nok van het dak, zijn armen gespreid, zijn stappen snel en zeker. Even wankelde hij, maar hij hervond zijn evenwicht, draaide zich om en boog. ‘Tada!’

‘Wow, pap!’ gilde Ryan voordat hij door Terri de auto in werd geduwd. Ze had haar lippen samengeknepen alsof ze deze truc al vaker had gezien dan haar lief was.

Carmen werd meegevoerd door haar herinneringen.

Het was een regenachtige avond en de negenjarige Joe moest worden opgehaald van honkbaltraining. Hun vader had, zoals gewoonlijk, te veel gedronken. Cormack had net een week zijn oefenrijbewijs en was niet ervaren genoeg om met dit weer te rijden. ‘Ik haal hem wel op de fiets,’ had Carmen gezegd. ‘Ik heb al andere ouders gebeld, maar niemand neemt op.’ Destijds had nog niemand een mobiel.

‘Dan moet je stiekem gaan,’ waarschuwde Cormack. ‘Als pa merkt dat Joe moet worden opgehaald, weet ik zeker dat hij zelf achter het stuur wil kruipen.’

Te laat. Hun vader had zich in een opwelling van verantwoordelijkheidsgevoel herinnerd dat zijn jongste zoon moest worden opgehaald en stond plotseling met de autosleutels in zijn hand bij de deur.

‘Pap,’ zei Cormack. ‘Carmen haalt hem wel op de fiets.’

Daar kwam niets van in. Het regende toch? Ook de lege bierblikjes en whiskyflessen die Cormack hem liet zien, konden hem niet overtuigen. Met hem ging het prima. Moest hij het even laten zien? Wankelend probeerde hij in een rechte lijn te lopen, zonder te merken dat hij van de ene kant naar de andere slingerde. Lachend vertrok hij, zwaaiend met zijn autosleutels.

Cormack en Carmen waren fysiek niet sterk genoeg om hem tegen te houden. Met hun hart bonkend in hun keel wachtten ze tot hun vader vijfentwintig minuten later als door een wonder veilig thuiskwam met kleine Joey. De rest van de avond moesten ze zijn dronken gelal aanhoren over hoe goed hij kon autorijden.

Carmen knipperde met haar ogen en was terug in het heden. Ze keek naar Nick, die grijnzend met zijn handen in zijn zij op het dak stond. De brief van de bank brandde in haar zak.

‘Ik kom naar beneden,’ zei hij.

Ze zag dat hij gespannen was. Wist hij soms waarom ze hier was? Zou de bank hem op de hoogte hebben gesteld? Was de stunt van daarnet bedoeld om indruk te maken? Dat was hem in elk geval niet gelukt bij Terri.

Soms heeft Terri gelijk als het over Nick gaat, schoot het door haar hoofd. Ze voelde zich weer als een drenkeling, met hart en ziel verbonden aan de man die haar onder water trok terwijl ze hem probeerde te redden.

‘Wat is er mis?’ vroeg hij toen hij beneden was.

‘Zie ik eruit alsof er iets mis is?’

‘Ja,’ zei hij. ‘En het is niks voor jou om net te doen alsof er niets is.’ Hij wilde met een liefkozing zijn harde woorden verzachten, maar ze ontweek zijn handen.

Terwijl ze tegenover elkaar stonden, was de behoefte om elkaar aan te raken bijna zichtbaar. Hij zag er moe uit, vond ze. Verslagen bijna. Die stunt op het dak had het uiterste van hem gevergd, waardoor ze weer aan haar wankelende vader moest denken. Wat is er met jou aan de hand, wilde ze schreeuwen. Maar ze was hier met een zakelijke missie. ‘Je cheque was niet gedekt,’ zei ze op de man af.

‘Ach nee! Dat kan niet kloppen!’ zei hij geschrokken.

Hij leek oprecht ontdaan. ‘Ik heb de brief van de bank bij me,’ zei ze verdedigend.

‘Ik zeg niet dat jij je vergist, Carmen, maar de bank wel. Dat weet ik zeker. Er moet genoeg op mijn rekening staan, daar heb ik voor gezorgd.’ Toen hij zag hoe kwaad en gespannen ze was, stak hij zijn hand uit. ‘We gaan dit meteen regelen,’ beloofde hij, haar koude hand in de zijne nemend.

‘Oké,’ zei ze stijfjes. Haar hele wezen wilde niets liever dan hem kussen. Ze leek wel gek.

‘Je reactie op zo’n simpel misverstand lijkt me een beetje buiten proportie,’ merkte hij op. ‘Tenzij je natuurlijk denkt dat het geen misverstand is.’

‘Nou ja,’ zei ze aarzelend, ‘je bent bezig geweest met aandelen via internet en een paar weken geleden vertelde je me dat je vijfhonderd dollar had verloren. En mijn vader zette altijd belachelijke bedragen in op paardenraces. De winst, die nooit kwam, zou alles moeten goedmaken. Zelfs mams overlijden.’

‘Denk je dat ik een gokprobleem heb? Het vertrouwen dat jij en Terri in mij hebben, is…’ Walgend schudde hij zijn hoofd.

‘Ik ben niet als Terri,’ protesteerde ze.

‘O nee?’

‘Maar ik wilde dat ik wel zo was. Zij heeft je losgelaten. Ik geloof niet dat ik dat kan.’

‘Verdorie Carmen,’ fluisterde hij.

Plotseling voelde ze zijn hongerige mond op die van haar. Haar lippen weken als vanzelf vaneen, en ze proefde zijn frisse smaak en voelde zijn harde lichaam tegen het hare. Er moest nog meer besproken worden, wist ze. Geschreeuwd. Vergeven. Ze had echter niet de wilskracht hem van zich af te duwen. In deze armen hoorde ze thuis, ook al zou ze er ongelukkig van worden.

‘Hoe komen we hieruit, Nick?’ vroeg ze tussen twee kussen door.

‘We gaan praten,’ zei hij, en hij kuste haar opnieuw zodat ze geen woord meer kon uitbrengen.

Geen van beiden wilde praten. Ze wilden de kleren van elkaars lijf rukken en samen op bed ploffen. Of op de bank. Het kleed. Waar dan ook.

Plotseling vond Carmen de woorden die een eind maakten aan de duizeligmakende opwinding. ‘Kate wil weer gaan studeren,’ hijgde ze. ‘We hebben daarvoor elke cent nodig die we bezitten, Nick. Ik heb tegen Cormack gezegd dat het vast een stom misverstand is met die rekening. Hij vroeg zich af of je misschien dacht, nu jij en ik –’

‘Die cheque was in orde,’ viel Nick haar kwaad in de rede. ‘Het valt me tegen dat jij meteen denkt dat ik in de financiële problemen zit.’

‘En het valt mij tegen dat je je zo aanstelde op dat dak,’ flapte ze eruit.

Hij wendde zich af en mompelde: ‘Ik heb hier vandaag geen behoefte aan.’

‘En ik wel, dacht je? Zou dit mijn idee zijn van een gezellige middag: de nieuwe man in mijn leven vragen waarom hij niet betaalt voor eerlijke arbeid?’

‘Er stond genoeg op mijn rekening,’ hield hij vol.

‘Ik vind dit een verschrikkelijk gesprek,’ zei ze verhit. ‘Beschuldigingen over geld.’ En het zat haar dwars dat hij zo op haar vader leek. Dat hij dacht dat hij stoer was omdat hij over het dak kon lopen.

‘Denk je dat ik het wel leuk vind?’ zei hij lijzig.

‘En het had niet zo ver hoeven komen als jij…’ Ze zweeg. Als hij voorzichtiger was. Rekening hield met haar angsten.

‘Als?’ vroeg hij met een stem vol ingehouden woede.

Het beangstigde haar dat ze hem niet goed genoeg kende om te weten hoe ver ze kon gaan met haar beschuldiging. Maar wat ze ineens wel wist, was dat ze haar hart niet kon schenken aan een man die haar zo aan haar vader deed denken, hoe sterk de aantrekkingskracht ook was. Ze wilde geen leven vol angst leiden. Ze wilde niet de stukken van zijn leven moeten oprapen, zoals ze dat nu deed met het leven van Kate. Het was genoeg. ‘Laat maar,’ zei ze mat.

‘Wat?’

‘Het maakt niet uit hoe dat misverstand over die cheque is ontstaan of waarom jij je zo uitsloofde op het dak. Terwijl je daar volgens mij helemaal geen zin in had, want zodra Terri en Ryan weg waren, stortte je in. Nick, ik kan niet met je blijven omgaan. Ik wil het heel graag, maar we zullen elkaar alleen maar pijn doen.’

Hij slikte en knikte zwijgend.

‘Ik verwacht niet dat je het begrijpt, maar ik ben gewoon… moe of zo.’

‘Kate?’

‘Niet alleen Kate.’

‘Ryan.’

‘Ryan. Terri. De herinneringen aan mijn vader.’ Ze haalde diep adem. ‘We wisten allebei hoe moeilijk het zou worden, met al die mensen die erbij betrokken zijn. Ik weet dat ik zei dat ik het wel aankon. Babyratjes en helse schoonmoeders. Maar ik heb me vergist. Blijkbaar ben ik niet sterk genoeg. Zeg alsjeblieft iets, Nick.’

‘Wat kan ik zeggen? Wil je dat ik je overhaal?’

Een deel van haar hoopte dat hij dat zou doen. Dat hij haar zou overtuigen zoals daarnet, toen hij haar had gekust. Maar nu met waterdichte, ijzersterke argumenten, die zouden bewijzen dat er niets mis was met de cheque en dat hij een goede reden had om te koorddansen op het dak. Alles wat ze kon aangrijpen om te denken dat hij anders was dan haar vader, dat hun leven samen eenvoudig was en dat alle problemen al waren opgelost. Ze wist echter dat het niet zou gebeuren.

Hij wist het ook, zag ze aan zijn gezicht. Hij deed niet eens een poging. Er kwam geen woord over zijn lippen, en hij probeerde haar niet aan te raken. ‘Nee,’ zei ze. ‘Je hoeft niet te proberen me over te halen.’

‘Dat dacht ik al.’

‘Ik kan maar beter gaan.’

‘Ik bel Cormack zodra ik weet wat er aan de hand is met die cheque.’

‘Bedankt.’ Als verdoofd liep ze naar haar auto, stapte in, maakte de gordel vast en startte de motor. Toen ze in de achteruitkijkspiegel keek, verwachtte ze dat hij daar nog naar haar zou staan kijken. Hij was echter nergens te bekennen. Hij was naar binnen gegaan. Blijkbaar was zij de enige die de bijna pijnlijke band tussen hen nog voelde.