Hoofdstuk 4

 

 

 

‘Nou, dat viel allemaal wel mee, toch?’ vroeg ze drie minuten later met een brede glimlach om haar mond toen ze met hem mee liep naar de voordeur.

In de deuropening bleef hij staan. Een ongeduldig antwoord bevroor op zijn lippen, omdat er iets leek te knetteren tussen hen. Het was geen statische elektriciteit, maar zo voelde het wel. ‘Ik heb ook niet gezegd dat het moeilijk zou zijn, ik zei dat het… Ach, laat ook maar.’ Met zijn hand wuifde hij hun gesprek weg, omdat hij wist dat hij toch zou verliezen. ‘Ik geloof dat ik blij mag zijn dat je niet bij het openbaar ministerie werkt.’ Hij zag dat haar ogen zich vernauwden toen ze lachte. Als ze niet uitkeek, zou ze rimpeltjes krijgen, dacht hij.

‘Zo mag ik het horen, Jack. Je moet altijd positief blijven.’

Hij geloofde niet in optimisme. De laatste keer dat hij door een vlaag van optimisme was getroffen, had hij Patricia ten huwelijk gevraagd in de onrealistische hoop dat ze nog lang en gelukkig zouden leven. Waar hij daarna mee te maken had gekregen, waren ruzies en schijnbaar onoverbrugbare meningsverschillen tot er abrupt een einde was gekomen aan haar leven, en daarmee aan hun huwelijk. ‘Ik kijk alleen naar de feiten,’ bromde hij kortaf. Was dat medelijden in haar blik? En waarom staarde hij eigenlijk zo in haar smaragdgroene ogen?

‘Dromen helpen je om verder te komen, Jack. Hoop en dromen zijn een reden om ’s ochtends op te staan en je in te zetten voor de dag van morgen.’

Was hij ooit zo idealistisch geweest? Dat betwijfelde hij ten zeerste. Zo ja, dan was het te lang geleden om het zich te kunnen herinneren. ‘Hypotheekaflossingen en schoolgeld zijn een reden om op te staan en je in te zetten voor de dag van morgen.’

Met haar hoofd schuin keek ze hem recht in de ogen. In zijn ziel.

Toen ze met haar hand zijn hand aanraakte, voelde dat ongewoon intiem.

‘Geniet je in je leven dan nooit eens ergens van, Jack?’

Hij probeerde het gevoel dat door hem heen golfde van zich af te schudden, het gevoel dat zij teweeg leek te brengen. ‘Wil je daarmee zeggen dat ik niet geniet?’

Aan haar gezichtsuitdrukking te zien, leek ze zijn spottende opmerking serieus te nemen. ‘Wel als je van je werk houdt.’

‘Ik ben goed in wat ik doe.’ Er klonk geen trots door in zijn antwoord. Het was gewoon weer een feit. Toen ze haar hoofd schudde, dacht hij een vleug jasmijn te ruiken.

‘Dat zei ik niet. En dat vroeg ik ook niet.’ Haar ogen leken zijn gezicht af te speuren. ‘Houd je van je werk?’

‘Als alle stukjes op hun plaats vallen, voel ik… wel iets door me heen gaan, ja.’

‘Dat is niet hetzelfde als houden van, Jack,’ zei ze, waarna ze naar voren leunde en zijn kraag glad streek. ‘Houden van is ergens naar uitkijken. Ergens aan denken wanneer het niet hoeft, maar omdat je het wilt. Liefde is geven en nemen.’

Ze stond te dichtbij, dacht hij. Hij stond te dichtbij. Maar het zou nogal laf overkomen als hij een stap naar achter deed. Dus bleef hij staan en vroeg hij zich af waar dit naartoe ging. En waarom. ‘Voor een vrijgezel weet je veel van de liefde.’

‘Je hoeft geen ring te dragen om iets van de liefde te weten. Weet jij iets van de liefde?’

Dus daar ging dit heen. Ze probeerde hem zo ver te krijgen dat hij meer tijd thuis zou doorbrengen. Waar hij niks op tegen had, als kabouters zijn werk konden doen. ‘Als je vraagt of ik van mijn kinderen houd, dan is het antwoord ja. Maar ik wil niet dat ze iets missen in hun leven.’

Haar ogen lieten de zijne niet los toen ze opnieuw haar hoofd schudde. Hoe haalde ze het in haar hoofd om over hem te oordelen? De neiging om haar op haar plaats te zetten was sterk, bijna net zo sterk als de neiging om haar in zijn armen te trekken en te kussen.

‘Het eerste wat ze niet zouden moeten missen,’ zei ze zacht tegen hem, ‘ben jij.’

Nu werd het echt tijd om te gaan. ‘We zijn weer terug bij af.’

Zijn harde toon had niet het gewenste effect op haar.

‘Omdat alle wegen naar papa leiden.’

Schouderophalend draaide hij zich om.

‘Wacht!’

‘Is er nog iemand tegen wie ik gedag moet zeggen?’ vroeg hij sarcastisch. Ze begon nu echt vat op hem te krijgen. Voor hij iets deed waar hij spijt van zou krijgen, moest hij afstand tussen hen scheppen. Tot zijn verbazing liep ze snel naar de woonkamer.

‘Nee,’ riep ze over haar schouder, ‘maar je vergeet wel iets.’ Het volgende moment stond ze alweer voor zijn neus met zijn koffertje in haar handen. Met een geamuseerde glimlach op haar gezicht stak ze het naar voren. ‘Hier, misschien heb je dit nodig.’

Hij pakte het handvat en trok het koffertje met een snelle beweging naar zich toe, Zooey daarbij meetrekkend. Plots was alle ruimte tussen hen verdwenen.

En het werd steeds warmer in de hal.

Haar hartslag versnelde toen ze naar hem opkeek. Iets in haar dreigde te smelten. Zoals altijd wanneer ze niet aan hem dacht als de vader van Emily en Jackie of haar baas, maar als een knappe vent die haar de adem benam als ze niet op haar hoede was. ‘Je kunt niet naar je kantoor zonder koffertje,’ zei ze zo nonchalant mogelijk, wat niet eenvoudig was met een droge mond.

Verdorie, het was weer gebeurd, foeterde Jack boos op zichzelf. Zomaar, vanuit het niets, voelde hij zich enorm tot haar aangetrokken, zoals al een paar keer eerder was gebeurd. En elke keer leek er een stukje van zijn vastberadenheid af te brokkelen.

Hij had geen idee waarom het hem zo plots overviel. Op andere momenten zag hij haar puur als de nanny van zijn kinderen. Als een vrouw die alles moeiteloos voor elkaar kreeg, en van wie zijn kinderen helemaal weg waren.

Het enige wat hij wist, was dat zo af en toe elke vezel in zijn lichaam zich plotseling erg bewust werd van haar als de vrouw die ze ook was… Een zeer aantrekkelijke vrouw.

‘Nee, dat lijkt me niet,’ mompelde hij. ‘Dank je.’

‘Graag gedaan.’

Brommend draaide hij zich om en liep naar de veiligheid van de garage. Alhoewel hij niet achterom keek, wist hij dat ze hem nakeek. Hij voelde zich net een puber bij haar. Verdorie, wat was er met hem aan de hand! Hij zou niet zo op haar moeten reageren. Maar het gebeurde wel, en niet voor het eerst.

Dit wordt een probleem, peinsde hij, terwijl hij in zijn BMW stapte. Hij mocht zich niet laten leiden door zijn gevoelens. Voor het eerst sinds het overlijden van Patricia leken zijn kinderen gelukkig te zijn. Als hij toegaf aan die opwelling van verlangen – verdorie, het was verlangen geweest, gaf hij geërgerd toe – en het liep verkeerd, wat moest hij dan? Hij had geen idee hoe je een succesvolle relatie moest opbouwen. Hij had geen voorbeeld gehad, en Patricia had hem er als eerste op gewezen dat hij enig natuurlijk talent ontbeerde.

Als het fout zou lopen tussen hem en Zooey, was hij de perfecte nanny kwijt. Dan was hij weer terug bij af.

Nee, wat er ook in hem omging, hij zou maar moeten leren ermee om te gaan. Dat was in ieder geval eenvoudiger dan weer een hele serie nanny’s interviewen, besloot hij, terwijl hij Danbury Way uit reed.

Ineens drong het besef tot hem door. Mijn hemel, hij had haar daarnet bijna gekust!

Wat was er met hem aan de hand?

Seks, dat was er met hem aan de hand. Seks, of liever gezegd, het gebrek aan seks.

Sinds Patricia was verongelukt, had hij geen seks meer gehad. Met haar had hij trouwens ook al heel lang geen seks meer gehad. Behalve die ene keer, waarna Jackie was geboren.

Geen wonder dat hij zo gespannen was. Hij was ook maar gewoon een man, met hormonen die door zijn lijf raasden.

Heel even leek zijn auto bijna tot stilstand te komen. Ineens wist hij wat hij nodig had: een afspraakje. Hij moest tijd doorbrengen met een andere vrouw die zijn gedachten zou afleiden van Zooey.

Kijkend in zijn achteruitkijkspiegeltje zag hij Rebecca Peters voor haar huis staan. En zij zag hem ook toen ze zich omdraaide. In ieder geval zijn auto.

Haar glimlach was onmiskenbaar.

En het was ook een teken, concludeerde hij. Maar dat kwam later. Eerst moest hij een zaak in elkaar zetten.

‘Ik heb buikpijn,’ klaagde Emily een halfuur later aan de keukentafel. ‘Mag ik vandaag thuisblijven?’ Ze staarde in haar kom ontbijtgranen.

Het was niet de eerste keer dat ze klaagde over buikpijn. Ze had vaker kwaaltjes aangevoerd als reden om niet naar school te hoeven gaan.

Nadat Zooey gecontroleerd had of Jackie nog stevig vastzat in zijn kinderstoel, schoof ze haar stoel dichter bij die van Emily en ging zitten. ‘Heb je vandaag soms een toets?’

Nog steeds in haar kom starend schudde ze haar hoofd. ‘Nee.’

Alhoewel ze wel een vermoeden had waarom Emily steeds met een kwaaltje kwam aanzetten, probeerde ze het nog een keer. ‘Moet je dan een boekverslag maken?’

‘Heb ik al gedaan,’ zei ze tegen de gouden balletjes in haar kom. ‘We moeten hem vrijdag inleveren van Miss Nelson.’

‘Word je door iemand op school gepest?’

Emily’s frons werd dieper en verdrietiger. Ze tilde haar lepel op en liet de melk weer terug in de kom stromen. ‘Nee,’ fluisterde ze na een hele poos.

Dat antwoord had te lang op zich laten wachten, peinsde ze. Kennelijk zat ze op het juiste spoor. ‘Weet je zeker dat je niet gepest wordt?’ vroeg ze nog een keer heel rustig. ‘Anders kun je het me gerust vertellen. Ik wil je graag helpen.’ Toen het meisje haar hoofd optilde, zag Zooey dat ze haar tranen inhield.

‘Ik word door niemand gepest, Zooey. Ze zien me niet eens staan! Ze zijn net als papa. Het lijkt wel alsof ik niet besta!’

Tjonge, dat was een hele mond vol. Maar gelukkig wist ze nu wat eraan scheelde. Emily voelde zich alleen, op alle fronten. Ze werd genegeerd door haar vader, en op school had niemand tijd voor een verlegen klein meisje. Tijd om in te grijpen. Ze sloeg een arm om Emily heen, die haar hoofd tegen haar schouder vlijde, en streek met haar vrije hand over haar zijdeachtige haren. ‘Natuurlijk zien ze je wel staan, liefje. Ik wed dat ze zich afvragen waarom je niet met hen praat.’

Met verschrikte ogen keek Emily op. ‘Met ze praten? Wat moet ik dan zeggen?’

‘Nou, hallo, om mee te beginnen.’ Even probeerde ze zich voor te stellen hoe het was om zeven jaar te zijn. ‘Als ze een spelletje spelen kun je vragen of je mee mag doen.’

‘Ik ken geen spelletjes,’ mompelde Emily. ‘Van de nanny’s die papa aannam, moesten we binnen blijven. Ze zeiden dat dat gemakkelijker was dan de regels van papa opvolgen.’

Ach, ja, de regels van papa. Dezelfde regels die zij aan haar laars lapte. Verder was het haar inderdaad opgevallen dat Emily niet graag buiten speelde. Het liefst zat ze voor de televisie met de bediening van een videospelletje in haar handen. Maar daar moest nu maar eens verandering in komen.

Ze dacht aan de kinderen die recht tegenover hen woonden. Twee jongens: Anthony van negen en Michael van vijf. En een meisje, Olivia van zeven, dezelfde leeftijd als Emily. Het waren de kinderen van Angela Schumacher, een alleenstaande moeder die werkzaam was als officemanager. Angela was echt een supermoeder. En toen haar jongere zus, Megan, onderdak nodig had, had ze haar ook nog eens in huis genomen.

Maar nu ging het Zooey even om Olivia. ‘Emily,’ begon ze langzaam, ‘zit je niet in dezelfde klas als Olivia?’

‘Ja.’ Emily keek haar vragend aan.

‘Vind je Olivia aardig?’

‘Iedereen vindt haar aardig.’ Een treurige toon klonk in haar woorden door.

‘Heb je genoeg gehad?’ vroeg ze met een knikje op de kom ontbijtgranen.

‘Ja.’ Het meisje duwde de kom naar het midden van de tafel. ‘Ik heb buikpijn.’

‘En daar gaan we wat aan doen,’ beloofde Zooey. Ze liep naar Jackie en maakte het riempje van de kinderstoel los. Direct begon hij op en neer te wippen. Hij heeft te veel energie, peinsde Zooey. Toen ze hem uit zijn stoeltje tilde, begon hij met zijn beentjes te zwaaien. Maar, besloot ze, het was veiliger om hem vast te houden dan op de grond te zetten, dus drukte ze hem tegen haar heup. ‘Emily, pak je rugzak even,’ zei ze, terwijl ze zich naar haar toe draaide.

‘Nu?’ Het meisje liep naar de plek waar ze hem op weg naar de keuken had neergelegd.

‘Ja, nu.’ Zooey pakte haar handtas en liep naar de voordeur.

‘Maar we zijn te vroeg!’ riep Emily. Dit was niet wat ze wilde; ze wilde helemaal niet naar school!

‘We gaan ook nog niet naar school,’ vertelde Zooey. Nadat ze de voordeur op slot had gedaan, liep ze langs de auto die op de oprit stond. ‘We gaan eerst even naar het huis aan de overkant.’

Niet-begrijpend liep Emily achter haar nanny en haar broertje aan. ‘Waarom?’

‘We vragen aan de moeder van Olivia of ze het fijn vindt als Olivia met ons mee naar school rijdt.’

‘Olivia… In onze auto?’

‘Waarom niet?’ Voor de deur van de overburen bleef ze staan en keek Emily met een glimlach om de lippen aan. ‘Heeft ze soms pietjes?’

‘Wat zijn dat?’

Zooey schudde haar hoofd. Wat veranderde er toch veel. En zo snel. ‘Jongens zeggen vaak dat meisjes pietjes of luis hebben, zodat ze niet met hen hoeven te spelen.’

Fronsend keek Emily naar haar broertje. Die trok een gezicht naar haar, waarna hij lachte. ‘Jongens zijn stom,’ verkondigde Emily meteen.

‘Ik weet zeker dat je vader hoopt dat je er tot je dertigste nog zo over denkt,’ zei Zooey lachend. Nadat ze Jackie naar haar andere heup verschoven had, belde ze aan. Een minuut later ging de deur open. Ze had verwacht de moeder van Olivia te zien staan, maar het was Megan. Nog beter, dacht ze. Ze kon goed opschieten met de tante van Olivia.

‘O, hallo.’ Megan keek van Zooey naar Jackie en Emily. Ze leek lichtelijk verbaasd te zijn om hen zo vroeg al te zien. ‘Kom je voor Angela?’ vroeg ze, al over haar schouder naar achteren kijkend.

Voor ze haar zus kon roepen, antwoordde Zooey: ‘Nee, we komen eigenlijk voor Olivia.’

Megan keek naar het kleine meisje dat zich achter Zooey verschool en lachte naar haar. Verlegen dook Emily nog meer achter Zooey. ‘Mijn nichtje?’

‘Ja. We dachten dat omdat Olivia en Emily hier…’ Ze knikte naar het meisje dat probeerde op te gaan in haar eigen schaduw. ‘…op dezelfde school zitten…’

‘In dezelfde klas,’ fluisterde Emily. ‘Bij Miss Nelson, weet je nog wel?’

‘Sorry,’ antwoordde Zooey op dezelfde fluistertoon. ‘In dezelfde klas,’ zei ze toen weer met normale stem tegen Megan, ‘je zus het misschien handig zou vinden als Olivia vandaag met ons mee naar school rijdt.’

Megan leek wat verrast te zijn door het onverwachte aanbod. ‘Eh, natuurlijk. Ik zou niet weten waarom niet. Ik zal het haar even vragen. Kom binnen.’

Met Jackie nog in haar armen liep Zooey naar binnen. De zoom van Zooey’s jas vasthoudend liep Emily met hen mee.

Megan liep verder, terwijl ze het aanbod luid herhaalde voor Angela.

Het was een leuk huis, bemerkte Zooey terwijl ze rondkeek. Het voelde alleen een beetje leeg aan.

Even later verscheen zowel Megan als Angela. Tussen hen in liep Olivia, die moeite moest doen om hen bij te houden.

‘Dank je,’ zei Angela met een warme stem. ‘Je aanbod komt me heel erg goed uit.’ Ze bloosde licht. ‘Ik ben een beetje aan de late kant vanochtend.’

‘Wie niet?’ zei Zooey lachend. ‘Emily, ga maar vast met Olivia naar de auto. Ik kom er zo aan.’

Verlegen pakte Emily de hand van Olivia en liep met haar naar buiten. Zooey draaide zich weer naar Angela en legde de reden van haar aanbod in een paar woorden uit.

Deze ochtend markeerde het begin van het eind van Emily’s pijnlijke verlegenheid.