2
Chantal parkeerde haar auto recht voor de twee-onder-een-kap van de familie Kronenberg. Voordat ze het portier opende, wierp ze er even een blik op. Het was een schitterend huis. Strakke bouwstijl, diepe voor- en achtertuin, oprit met garage. Verder ‘was het van alle gemakken voorzien’, zoals Heleen Kronenberg tijdens een korte rondleiding opmerkte. Dat was twee jaar geleden. Sindsdien kwamen Dennis en Max er regelmatig over de vloer. Hun klasgenootje Rogier Kronenberg was enig kind en een beetje mensenschuw. Buiten schooltijd verbleef hij het liefst in zijn vertrouwde omgeving. Hij beschouwde de tweeling als zijn beste en tevens enige vrienden, had Heleen haar tijdens het koffiedrinken ooit toevertrouwd. Eigenlijk had ze toen niet geweten hoe ze moest reageren. Voor Dennis en Max was Rogier gewoon een vriendje. Een speelkameraad met wie ze net zo omgingen als met andere kinderen.
Ze liep naar de deur en belde aan. Enkele seconden later deed Heleen Kronenberg open. ‘Hallo, Chantal.’ Ze keek demonstratief op haar gouden horloge. ‘Jeetje, is het alweer zo laat?’
‘De tijd vliegt tegenwoordig, meid,’ antwoordde Chantal en ze stapte naar binnen.
Heleen sloot de deur. In plaats van haar gast voor te gaan, leunde ze met haar rug tegen het robuuste eikenhout. ‘Zes uur, en ik heb nog niets aan het eten gedaan,’ zei ze zuchtend. ‘Pieter kan elk moment thuiskomen.’ Met de vingers van haar linkerhand friemelde ze aan haar blouse. Ze staarde langs Chantal heen. De blik in haar ogen was zowel afwezig als leeg. ‘Stom, hè?’ giechelde ze. ‘Ik heb er gewoon niet aan gedacht. Ben ook zó druk bezig de hele dag.’
Chantal haalde haar schouders op en giechelde wat met haar mee. Dit was typisch Heleen Kronenberg, wist ze. Een reuzevriendelijke meid, maar een beetje een warhoofd. Wellicht was leeghoofd een meer waarheidsgetrouwe term. Maar ze wilde haar niet zo typeren, daarvoor was ze gewoonweg een te aardig mens.
‘Koffie?’ Uit de manier waarop Heleen dit vroeg, kon ze opmaken dat de avondmaaltijd reeds tot een gepasseerd station behoorde. Ook dit was kenmerkend voor Heleen. Ze was de hele dag met van alles en nog wat bezig zonder echt concreet te zijn. Voor een betaalde baan had ze geen tijd. Druk, druk, druk. Te veel werk in en om het huis, meldde ze regelmatig. Wat dat werk precies inhield, was Chantal nooit duidelijk geworden. Driemaal per week maakte een interieurverzorgster het huis schoon en elke zaterdagmorgen onderhield een tuinman het groen.
Het was nu Chantals beurt om op haar horloge te kijken. ‘Nee, bedankt. Als we zo thuiskomen zet ik meteen het eten op. Anders wordt het zo laat voor die jongens, weet je wel. Morgen gewoon weer school.’
Hoewel Heleen begrijpend knikte, leek zij met haar gedachten ergens anders. Chantal zag dat Heleen haar aankeek zonder haar daadwerkelijk te zien. Haar blik was leeg en afwezig. En dat was vreemd, wist ze. Heleen mocht zich dan apart gedragen, het was wel degelijk een goedlachse en levenslustige vrouw. Precies datgene wat deze keer in haar oogopslag ontbrak.
‘Ach ja, het avondeten,’ zei Heleen op een voor haar ongewoon bescheiden toon. Ze fronste haar wenkbrauwen, waarmee ze suggereerde hier zwaar over na te denken. Ze haalde diep adem en hield deze een paar seconden vast. Daarna blies ze langzaam uit. Ondertussen knikte ze een paar maal. ‘Dat wordt dus weer de catering bellen!’ zei ze op een onverwacht luchtige toon. Haar gezicht klaarde plotseling op. Chantal zag de scherpte het afwezige in haar blik verdrijven. Om haar mondhoeken speelde als vanouds die onverschillige glimlach van een vrouw die haar eigen beschermde leventje leidde en het zo allemaal wel prima vond. De oude Heleen was er weer. ‘Telefoon, telefoon, telefoon.’ Terwijl ze dit zei, tastten haar handen de zakken van haar broek af. ‘Rotmobieltje. Nergens te vinden als je het nodig hebt.’
Dit begon erop te lijken, dacht Chantal. Op jaarbasis raakte Heleen een stuk of tien mobiele telefoons kwijt. Altijd in huis. Weken nadat haar man een nieuwe voor haar had gekocht, kwam het oude mobieltje weer tevoorschijn. Blijkbaar vond men dit in huize Kronenberg de normaalste zaak van de wereld, aangezien Heleen hier nooit moeilijk over deed. Ook Pieter maakte er geen punt van. Hooguit een dag nadat ze haar zoveelste mobieltje was verloren, kwam hij met een nieuwe aanzetten. Chantal had ooit opgevangen dat Pieter bekendstond als een keiharde strafpleiter. Eenmaal thuis was hij echter de liefde zelve, die zijn vrouw en zoon adoreerde. Als was in de handen van Heleen.
Ze liep Heleen achterna de woonkamer in.
‘Nummer, nummer, nummer.’ Modetijdschriften werden resoluut van de salontafel geveegd. Van rondslingerende bijouterie maakte ze achteloos een hoopje. ‘Zeker weten dat Pieter de telefoonklapper op een andere plek heeft gelegd,’ zei ze meer tegen zichzelf dan tegen haar gaste. ‘Die man kan soms zó slordig zijn.’
Chantal maakte met beide handen een afwerend gebaar. Ze had geen tijd en zin om hier verder betrokken in te raken. Zowel het mobieltje als de telefoonklapper kwam heus weer boven water. De vraag was slechts wanneer dit zou gebeuren. Ze keek naar Heleen, die zocht als iemand die zich bij voorbaat bij een verlies had neergelegd. Haar vriendin keek wat in de rondte en schoof met allerlei losse spulletjes.
Met ‘Wat heb je in de vriezer liggen?’ onderbrak ze de zinloze speurtocht.
Heleen keek haar enkele tellen wezenloos aan. Alsof zij zojuist had gehoord dat Prada was overgenomen door Gucci. Hierna brak er een glimlach op haar gezicht door. ‘O, Chantal. Wat een slimme zet!’ Ze begon te stralen. ‘De vriezer. Hoe kom je er op. Ja natuurlijk, daar zit wat in. Hoewel... het is alweer een tijdje geleden dat ik gekeken heb.’ Haar mondhoeken zakten langzaam naar beneden. ‘Nou ja... we zien wel. Anders moet Pieter straks maar wat gaan halen. Iets van de Argentijn, of zo.’
Chantal zette de auto in de eerste versnelling en trok op. Met een rustig gangetje reed ze de woonwijk uit. Toen het huis van de familie Kronenberg een slordige honderd meter achter hen lag, stelde ze de onvermijdelijke vraag. ‘En? Was het leuk?’
In haar achteruitkijkspiegel zag ze Max gehaast ja knikken. Precies wat zij al verwachtte.
‘Heel leuk, mam,’ zei Dennis. Hij raffelde de woorden af. Er was duidelijk belangrijk nieuws. Ze popelden om het haar te vertellen, zag en voelde Chantal.
Het afscheid van Rogier en zijn moeder was iets te soepel verlopen. Snelle handdrukken voor Heleen Kronenberg werden gevolgd door een gezamenlijk ‘doei’ in de richting van Rogier. Daarna was de tweeling zij aan zij naar de auto gelopen. Gehoorzaam en voorbeeldig gedrag dat geheel met de standaardprocedure botste. Het was namelijk eerder regel dan uitzondering dat er werd getreuzeld met het afscheid nemen of gezeurd om het verblijf wat te rekken. Aangezien Max en Dennis zich vandaag als engeltjes gedroegen, kon het niet lang uitblijven voordat de aap uit de mouw kwam.
‘Mam, wij hebben iets belangrijks te vertellen,’ opende Max op een verwachtingsvolle toon.
Omdat ze moeite had om haar glimlach te onderdrukken, veinsde ze opperste concentratie tijdens het beoordelen van de verkeerssituaties. ‘Kom maar op met dat belangrijke nieuws,’ zei ze zo neutraal mogelijk.
‘Wij weten eindelijk zeker wat we voor onze verjaardag willen.’ Een blik in de spiegel vertelde haar dat het gezicht van Dennis glunderde. Tevens straalde er een jongensachtige vastberadenheid van uit. Nadat de afgelopen weken het halve magazijn van Bart Smit op hun verlanglijstje was gezet, kon dit weleens serieus zijn, ging het door Chantal heen.
Max verbrak de korte stilte. ‘Wij willen naar Alaska,’ zei hij op heldere toon.
‘Op zalm vissen,’ vulde Dennis aan. ‘Wilde zalm.’
Chantal beet op haar lip om niet in lachen uit te barsten.
‘Wat we vangen kun jij dan op de barbecue leggen,’ meldde Max.
Dennis knikte verwoed om de woorden van zijn broer kracht bij te zetten. Hij zag zichzelf blijkbaar al in het ruige landschap bi-vakkeren.
Chantal zette haar linkerrichtingaanwijzer aan. Met nauwkeurig in haar spiegels kijken en secuur rijgedrag won ze tijd. Op zalm vissen in Alaska. Hierbij vielen alle verlanglijstjes die de afgelopen weken de revue hadden gepasseerd in het niet. Op zalm vissen in Alaska. Wilde zalm. Hoe kwamen ze in ’s hemelsnaam aan die onzin? Het bestond toch niet dat een kind voor zijn tiende verjaardag zoiets absurds vroeg? Ze keek weer in haar achteruitkijkspiegel. De uitdrukking op beide gezichten was uiterst serieus. Alsof ze zojuist om een bal of een nieuwe fiets hadden gevraagd. ‘Ik kan me vergissen, hoor. Maar volgens mij is Alaska een behoorlijk afgelegen streek waar ook wilde dieren voorkomen.’ Ze liet bewust een korte stilte vallen. ‘Wat moeten we doen als er opeens een beer opduikt? Die houden namelijk ook van zalm.’ Ze knikte. Alsof ze diep over de zojuist geschetste situatie nadacht. ‘En geloof me, met een grizzlybeer willen jullie geen ruzie krijgen.’
Op de achterbank had de tweeling zich een denkgezicht aangemeten. Halfgesloten ogen, dunne lippen en afhangende mondhoeken. De radertjes in hun koppies draaiden op volle toeren. Chantal gaf hun echter geen kans om te reageren. Het was nu zaak om een paar antwoorden boven water te krijgen. Op een relaxte manier, anders gooide de tweeling zeker hun kont tegen de krib en was er de komende uren geen land met hen te bezeilen. ‘Het is wel een beetje vreemd om vissen op zalm in Alaska voor je verjaardag te vragen, toch? Ik zou er in elk geval nooit op zijn gekomen.’
‘Dat komt omdat jij een meisje bent, mam,’ antwoordde Max ad rem.
‘En zo is het maar net,’ bevestigde zijn broer wijselijk.
Hoewel Chantal het inwendig uitproestte, hield zij haar gezicht in de plooi. ‘Daar hebben jullie gelijk in, maar niemand kan mij wijsmaken dat dit zalmgedoe zomaar uit de lucht is komen vallen. Heeft Rogier het er soms over gehad?’
Uit ervaring wist ze dat haar jongens geheid in het lokaas zouden bijten. Ze gokte op Max. Hij was de oudste, al scheelde het slechts zeven minuten. Over het algemeen was hij iets feller en alerter dan Dennis, die meestal de kat uit de boom keek. Als deze fase eenmaal achter de rug was, kwam de jongste pas op stoom. Soms gingen alle remmen dan los en liep hij zichzelf voorbij. Het was dan aan hen om hun zoons enthousiasme te temperen.
Haar gelijk kondigde zich met overslaande stem aan. ‘Wij hebben een film gezien, mam. Echt helemaal te gek.’ Hij haalde adem om zijn geestdrift verder te ventileren. Dennis was hem echter voor.
‘Over vissen op wilde zalm in Alaska. Dat gaat met een vlieghengel, weet je. Zo’n ding waarmee je heel veel moet zwaaien. De rivieren daar zitten helemaal vol met wilde zalm.’ Hij hief zijn rechterhand en telde af. ‘Vijfponders, tienponders...’ Max nam soepel over.
‘Vijftienponders, twintigpo...’
‘Ja, ja, ik begrijp heus wel wat jullie bedoelen.’ Ze probeerde haar lichte irritatie te verbloemen door er ‘Een soort van zalmenland, dus’, aan toe te voegen.
‘Precies!’ antwoordde Max.
‘Alleen dan van water, mam,’ wist Dennis.
Nu kon Chantal haar lachen niet meer inhouden. Het land van water. Nadat haar mannetjes van nog geen tien jaar spraken over vissen op wilde zalm, vlieghengels en vijftienponders, was het land van water de druppel die haar in lachen uit had laten barsten. Wat een verhaal! Echt te gek voor woorden. Omdat de tweeling dit totaal anders zag, nam ze zich echter voor om niet direct al te hard te oordelen. ‘Ik zal het er vanavond met papa over hebben, oké?’
De twee bekkies achter haar betrokken. Max en Dennis zagen de bui al hangen.
Hun ouders namen altijd samen de beslissingen. De poging om hun moeder warm voor hun plan te maken leek mislukt.
Hoewel ze het volgens de huisregels speelde, voelde Chantal zich schuldig. Dit had alles te maken met de beteuterde koppies van haar kinderen. Ze vond het vreselijk om de teleurstelling van hun gezichten af te zien druipen. Ze voelde zich schuldig. Dat dit nergens op sloeg deed niet ter zake. Gevoelsmatig was zij de boeman. En zo zagen de kinderen het ook, wist ze. ‘Vertel nog eens iets over die dvd,’ zei ze op de vrolijkste toon die ze voorhanden had. Een plannetje had zich namelijk razendsnel in haar hoofd genesteld.
‘Het was geen dvd, mam,’ antwoordde Max verveeld. Hij wist dat de kans op deze visvakantie nihil was en wilde er eigenlijk niet meer over praten.
‘Het was een film van internet,’ zei Dennis op een donderwolktoon. ‘Rogier heeft hem van internet gedownload.’
Terwijl ze deed alsof ze naar links keek, zag Chantal in haar rechterooghoek hoe Max zijn broer bestraffend aankeek. Ze schonk er zogenaamd geen aandacht aan door direct oogcontact via de achteruitkijkspiegel te vermijden. Gespeeld verdiept in het verkeer zei ze simpel: ‘O.’
De blik die Max hierop naar zijn broertje zond sprak boekdelen. Opeens zat er een worm in haar maag. Het beest kronkelde als een bezetene. Misselijkheid kwam sterk opzetten. Ze haalde adem door haar neus en blies krachtig uit, in de hoop hiermee haar lichaam en geest weer in balans te brengen.
Het was niet bij een filmpje over zalmvissen in Alaska gebleven, wist ze vrijwel zeker. Wat ze verder hadden gezien, liet zich gemakkelijk raden. De blik in de ogen van Max was veelzeggend geweest. Ze moest zich beheersen om niet kwaad te worden, de auto te parkeren en uit machteloosheid tegen de tweeling te gaan schreeuwen.
‘Stel je niet zo aan, mens.’
‘Wat zei je, mam?’
‘Eh, niets, lieverd.’ Ze zocht naar woorden. ‘Oudere mensen praten soms tegen zichzelf,’ was het enige wat haar te binnen schoot.
‘Wat stom,’ vond Dennis.
Ze draaide de straat in waar ze woonden. De auto van Jeroen stond al voor de deur. Blij dat ze van onderwerp kon veranderen, wees ze naar de blauwe Renault. ‘Kijk, papa is thuis.’
Het bleef stil op de achterbank. De tweeling was dol op hun vader, maar dat kwam nu even niet uit. De teleurstelling over de vermeende visvakantie en de verspreking van Dennis lagen op dit moment zwaar op hun maag. Ze waren slim genoeg om zich te realiseren dat hun moeder hen doorhad, wist Chantal. En dat dit muisje eventueel een staartje kon hebben...
Ze parkeerde de auto en ontgrendelde de kindersloten. ‘Gaan jullie papa vast gedag zeggen. Ik kom eraan. Even wat papieren in het dashboardkastje leggen.’
De tweeling holde naar de voordeur. Een van hun favoriete spelletjes stond op het punt van beginnen: talloze malen kort op de deurbel drukken totdat hun vader met een quasi kwaad gezicht opendeed. Daarna sprongen ze in zijn armen en hadden ze gezamenlijk de grootste lol over het feit dat papa er voor de zoveelste keer in was getrapt.
Chantal zag het gebeuren en verwonderde zich over het feit dat kinderen zo gemakkelijk om konden schakelen. Ze hadden nu de grootste lol met hun vader en de visvakantie leek ineens iets uit een ver verleden. Daar stonden ze geeneens meer bij stil. Missie mislukt, jammer dan. Op naar het volgende project; gein schoppen met papa.
Even vroeg ze zich af of dit wellicht de beste manier van leven was. Pluk de dag, zorgeloosheid als grootste goed. Wat er morgen gebeurt zien we dan wel weer. Even snel als deze gedachte opkwam, wees ze haar echter af. Gedeeltelijk, want voor de kinderen zou het een ideale levenswijze kunnen zijn. Voor Jeroen en haarzelf deed het daarentegen geen opgeld. Daarvoor was hun verantwoordelijkheid naar de kinderen toe te groot. Een situatie waarvoor ze ruim tien jaar geleden bewust hadden gekozen.
Ze zat te piekeren. Aan de ene kant zat het internetverhaal haar niet lekker, terwijl ze zich aan de andere kant afvroeg of ze hier nu wel ophef over moest maken. Als ze tot het laatste besloot, waar ze wel degelijk naar neigde, dan had dit ongetwijfeld consequenties. En juist daarop zat ze niet bepaald te wachten.
‘Twijfel toch niet zo, verdorie nog aan toe,’ vermande ze zichzelf. Die eeuwige onzekerheid was een crime waarvoor zij zichzelf regelmatig vervloekte.
Samen met Jeroen had ze de afspraak om tegen elkaar altijd open kaart te spelen. Naar de kinderen toe wilden zij als één blok opereren. Dat schiep duidelijkheid. Zo kon je vermijden dat de ene ouder tegen de andere werd uitgespeeld. Beslissingen die de kinderen aangingen, werden dan ook steevast gezamenlijk aan hen gemeld en uitgelegd. Een werkwijze die in de loop der jaren zijn vruchten had afgeworpen. Na verloop van tijd wist de tweeling dat papa en mama altijd eerst samen overlegden voordat er ergens over werd beslist. Natuurlijk probeerden de twee zo af en toe de spelregels te veranderen. Maar dat was logisch. Het bleven tenslotte kinderen.
Jeroen wenkte. Ze stak haar hand op en maakte duidelijk dat ze er aankwam. Ze sloot haar ogen en dwong zichzelf een beslissing te nemen. Oké, meid, de laatste ronde. Zet het duidelijk op een rijtje.
Het had er alle schijn van dat Rogier onbeperkt toegang tot internet had. Ieder logisch denkend mens kon ervan uitgaan dat zijn surfpraktijken hem dus bij sites brachten die niet geschikt waren voor kinderogen. De reactie van de tweeling vertelde haar wat dat betrof genoeg. Ze kende haar kinderen als geen ander en wist precies wanneer zij kattenkwaad hadden uitgehaald. Zelf waren ze ook in het bezit van een computer met internetaansluiting. Met enkele ingrepen waarvan ze niet het fijne wist, had Jeroen ervoor gezorgd dat de tweeling enkel toegang kreeg tot sites die verantwoord waren voor kinderen van hun leeftijd.
Deze middag waren ze in de speelkamer van Rogier beland in een virtuele wereld waarvan hun ouders niet wilden dat zij er rondsnuffelden. Dat dit een eenmalig bezoek betrof, stond bij haar vast. Dit kon ze namelijk niet toestaan en Jeroen evenmin. De grote vraag was echter hoe zij dit op moest lossen. Of moest ze in de wij-vorm denken? Dat laatste leek het meest voor de hand liggend. Het plannetje dat zich stiekem in haar hoofd had genesteld gaf een ander alternatief.
Stel nu dat zij zelf met Heleen ging praten? Vrouwen onder elkaar. Heleen kon soms zo wereldvreemd zijn, wellicht had zij er geen flauw idee van hoe verstrekkend internet kon zijn. Ja, met een kopje koffie erbij zouden zij er heus wel uitkomen. Haar man Pieter kon er dan voor zorgen dat Rogier beperkte toegang kreeg, wat inhield dat Max en Dennis gewoon bij hem konden spelen. Een glimlach brak op haar gezicht door. Goed gedaan!
Ze opende het portier en liep naar de voordeur. Bij elke stap nam de twijfel over haar beslissing toe. Hoe dit kwam was haar een raadsel. Het was simpelweg sterker dan alles wat ze zich zojuist had voorgenomen. Van leeuwin tot papieren tijger. Toen ze de huiskamer binnenkwam was haar voorgenomen plannetje gereduceerd tot nul. Het was een opzetje van niks, wist ze ineens.
‘Dag, schat,’ zei Jeroen. Hij liep naar haar toe en kuste haar teder op haar wang. ‘Hoe was je dag?’
Ze haalde haar schouders op. ‘Ging wel. Heel normaal, eigenlijk.’
Jeroen knikte bedenkelijk. Haar toon en lichaamstaal zeiden hem genoeg. De twaalf jaar samen waren wat dat betrof een goede leerschool geweest. ‘Gaat het?’
Chantal gaf hem een kus. ‘Niks bijzonders. Een akkefietje met de jongens. Na het eten hebben we het er wel over, oké?’