7
Anna had gemengde gevoelens over het ophanden zijnde bezoek van haar zus en zwager. Aan de ene kant was ze dol op hen en was ze blij haar zus eindelijk weer eens te zien, aan de andere kant wilde ze dat haar huisje er op zijn best uitzag voor hen en dat was op het moment nog moeilijk te verwezenlijken. De vloer zag er nog steeds schitterend uit, maar het is niet makkelijk om de muur van de dichtgespijkerde kant er mooi uit te laten zien. Anna wilde het metsel- en pleisterwerk zelf doen. Hoewel ze er een haastklus van kon maken, leek het haar beter om het goed te doen voor als haar werk geïnspecteerd werd door de Honden- en Huizenpolitie, ofwel hhp. (Nu deze ver van elegante maar toepasselijke bijnaam zich in haar hoofd had genesteld kon ze zich maar met moeite herinneren dat Rob Hunter ook een andere naam had.)
‘Maar ze blijven toch niet slapen?’ vroeg Chloe toen ze Anna de kop koffie kwam brengen waar ze naar snakte. Het was de dag voor hun komst en Anna maakte zich druk.
‘Nee, ze zullen wel snel door willen naar Yorkshire, maar ze krijgen wel lunch van me.’
‘Wat dan? Een salade?’
‘Het is te koud voor salade. Soep, dacht ik.’
‘Je gaat soep maken met een elektrisch keteltje? Dat wordt dus cup-a-soup?’
Anna snapte wat ze bedoelde. ‘Ik was van plan zo’n campinggasstel te kopen. Ik heb toch iets nodig om op te koken, maar ik ben er nog niet aan toe gekomen. Laura zal niet erg onder de indruk zijn als ik haar vertel dat ik vooral in jouw huis kook.’
‘Wel als ze weet dat je dat doet terwijl je oppast en ik daardoor even lekker de deur uit kan. Waarom neem je ze niet mee naar de pub?’
‘Dat zou kunnen,’ zei Anna. ‘Maar we kunnen vanwege Caroline niet zo lang wegblijven.’
‘Caroline redt zich toch wel?’
‘Meestal wel, maar toen ik laatst langer dan normaal weg was geweest met jou had ze op de grond geplast. En ik weet dat ze niet echt hoefde want ik had haar nog uitgelaten voordat ik wegging. Het moet psychisch zijn geweest.’
‘Ah. En je wilt natuurlijk niet met je zus uit de pub thuiskomen en een enorme plas op de vloer vinden.’
‘Nee.’
Chloe dacht even na. ‘Ik weet het. Ik kom langs en laat haar even uit als jullie naar de pub zijn.’
‘Chloe, dat zou geweldig zijn. Wil je dat echt doen?’
‘Natuurlijk.’
‘Je bent een engel!’
Chloe was ook een engel toen ze Anna de volgende ochtend vlak voordat de visite kwam twee enorme bossen narcissen bracht, mét vazen om ze in te zetten. Toen Anna na een berichtje van Laura en Will dat ze eraan kwamen aan het eind van het pad haar bezoek stond op te wachten, wist ze dat haar huis er prachtig uitzag.
Laura sprong al uit het busje voor het goed en wel stilstond. Ze omhelsde Anna, die al net zo blij was om haar te zien. Ze knuffelden en lachten en kletsten door elkaar heen. Will keek met zijn gebruikelijke geduld toe.
‘Waar moeten deze planken heen?’ vroeg hij uiteindelijk.
‘O, sorry Will!’ Anna omhelsde hem. ‘Laten we ze uitladen. Maar ik moet je wel waarschuwen: Caroline, mijn hond, is bang voor mannen. Je moet heel zacht praten. Of beter nog, ik breng haar wel even naar de tuin zolang we met de planken bezig zijn.’
‘Ik kan niet wachten om Caroline te zien,’ zei Laura.
‘Nou, pak het uiteinde van deze plank vast en je wens zal in vervulling gaan,’ zei haar man.
Anna snelde over het pad om Caroline de tuin in te laten en legde haar uit dat er wat lawaai zou komen maar dat ze daarna weer naar binnen mocht. Er kwam ook een man, zei ze, maar die was heel aardig.
‘Je zult hem misschien niet net zo leuk vinden als de hhp, maar eigenlijk is hij aardiger.’
Caroline, die kennelijk elk woord had verstaan, keek Anna over haar schouder aan, hurkte en produceerde een plas ter grootte van Serpentine Lake.
‘O Anna! Het is adembenemend!’ gilde Laura toen ze de buitenkant van het huis zag. ‘Geen wonder dat je er verliefd op bent geworden!’
‘Ik ben niet verliefd... O, oké, wel dus, maar nu weet je waarom.’
‘Zeker weten! Laten we gauw naar binnen gaan. Deze plank weegt een ton.’
Anna deed de deur open. ‘Ga maar vast naar binnen en wacht daar maar. Dan help ik Will met het uitladen van de rest van de planken.’
‘Nee nee, ik kom ook helpen. O, dit wordt echt prachtig!’ Laura gluurde door het glazen raam van de huidige achterdeur. ‘Is dat Caroline? Ze is enorm zeg!’
‘Dat is een normaal formaat voor een windhond,’ wierp Anna tegen. ‘Je zult haar zo ontmoeten. Laten we eerst de spullen uitladen.’
‘En nu we toch bezig zijn,’ zei Will. ‘We hebben ook wat meubels meegenomen waarvan Laura dacht dat je ze wel kon gebruiken.’
Een halfuur later leek Anna’s huis wel een kleine uitdragerij.
‘Erg aardig van jullie,’ zei ze, onzeker of ze dankbaar of geërgerd moest zijn.
‘Het bed de ladder op krijgen zal nog moeilijk worden,’ moest Laura toegeven, ‘maar je hebt er wel een nodig.’
‘Dat klopt.’
‘En dat kleine gasstel is perfect.’
‘Ik was al van plan er een te kopen,’ gaf Anna toe.
‘Hoe kookte je dan?’ vroeg Laura nieuwsgierig.
‘Neem lekker plaats in die geweldige leunstoelen,’ riep Anna. ‘Dan haal ik Caroline. En daarna gaan we naar de pub.’
Caroline kwam binnen uit de achtertuin. ‘Will,’ vroeg Anna, ‘wil je haar dit koekje geven? Ik probeer haar meer op haar gemak te stellen bij mannen. Ze doet niks.’
Will bood haar het koekje aan. Nadat ze er even over had nagedacht, hapte Caroline het voorzichtig uit zijn hand.
‘Goed gedaan, schatje!’ zei Anna.
‘Dank je,’ lachte Will.
Anna wierp hem een quasivernietigende blik toe. Caroline droeg haar koekje naar de zojuist gearriveerde sofa en klom erop.
Er volgde een korte, veelzeggende stilte. ‘Anna! Je laat haar toch niet op de meubels?’
Anna nam haar zus bij de arm, zocht in haar zakken naar haar sleutel en escorteerde haar familie de deur uit, Caroline met het koekje op de bank achterlatend.
‘Dat handel ik later wel af,’ zei ze terwijl ze het pad afliepen. ‘Om eerlijk te zijn: als ik mijn been nog één keer aan de hoek van Carolines bed schaaf dan ga ik leren beenkappen dragen. Die sofa valt me tenminste niet aan.’
Een paar uur later kwamen Anna, Laura en Will terug van de pub en baanden zich een weg naar binnen. Wat volgens Laura en Will slechts een paar losse meubelstukken waren, had als een bezitterig monster alle vloerruimte van Anna’s huisje ingenomen. Caroline gebruikte de sofa als reddingssloep; tot nu toe had niemand het hart gehad haar eraf te gooien. Bovendien was er op de grond geen ruimte meer voor haar.
‘Goed.’ Will nam heel mannelijk de leiding, wat half irritant en half fijn was. ‘We kunnen wel wat spierkracht gebruiken.’
Anna dacht even na. ‘Mike is thuis, Chloe’s echtgenoot. Ik kan hem vragen.’
‘Er zal meer dan twee man voor nodig zijn om dat tweepersoonsbed de ladder op te krijgen,’ zei Will. ‘Al kan hij wel uit elkaar.’
‘Mike kan vast nog wel een buurman regelen,’ zei Laura. ‘Kom op, laten we naar Chloe gaan. Ik wil haar trap wel eens zien.’
‘Ze heeft het waarschijnlijk razend druk,’ zei Anna, die haar vriendin haar luie zaterdag gunde. ‘Het is weekend, de jongens zijn thuis en...’
‘Doe niet zo raar! Ze is een goede vriendin van je.’
Anna klopte voorzichtig op Chloe’s deur. Chloe had de wens geuit om Laura te ontmoeten, maar ze had ook duidelijk gemaakt dat ze niet wilde dat ze zonder waarschuwing langskwam.
‘Hoi Chloe.’ Anna sprak zacht en verontschuldigend. ‘Ik weet dat je geen tijd hebt voor bezoek, maar ik vroeg me af of ik Mike misschien even kan lenen om Will te helpen met wat meubels? Er moet een tweepersoonsbed mijn ladder op.’
Anna stond standvastig voor de kier in de deur die Chloe geopend had zodat Laura niet zou zien dat het huis niet netjes was.
‘We zijn aan het verven,’ zei Chloe snel, ‘maar kom maar binnen als je je niet aan de rommel stoort.’
‘Nee joh, natuurlijk niet,’ zei Laura, die Anna achterna het huis in ging. ‘Ik heb zelf zoons. Twee maar,’ voegde ze er onder de indruk aan toe toen ze Bruno, Tom en Harry aan de keukentafel zag zitten met plastic schorten voor en kwasten in hun handen. Ze waren gipsen beeldjes aan het beschilderen. Er stonden verscheidene groepjes dwergen somber op hun Sneeuwwitje te wachten. Maar dat was een meisje en dus hadden de jongens haar niet interessant genoeg gevonden om te maken.
‘Mike heeft vast wel zin om meubels te sjouwen,’ zei Chloe, vergenoegd dat Laura haar op zo’n creatief moment trof, en als zo’n goede moeder. ‘Hij wordt een beetje rusteloos; normaal is hij nooit zo lang thuis.’ Ze riep naar boven: ‘Mike! Sterke man gevraagd!’
Mike denderde naar beneden. Hij deed Anna altijd denken aan een pop die de verkeerde maat voor het poppenhuis had; hij was veel te groot. Maar hij was ook heel aardig en hij stemde dan ook meteen in om te helpen.
‘We hebben denk ik nog een extra man nodig,’ zei Laura, die glimlachend haar ogen naar hem opsloeg.
Anna bedacht dat Laura over hun moeders befaamde talent om anderen voor haar karretje te spannen beschikte. Dat, óf ze schuwde het gebruik van vrouwelijke listen niet, zoals Anna deed.
‘Ik vraag Bill wel van twee huizen verderop. Dat is een grote kerel,’ zei Mike, blij dat hij kon helpen. ‘Ik ga even kijken of hij al uit bed is.’
‘Het is drie uur ’s middags!’ zei Chloe.
‘Ja, maar hij slaapt graag uit.’
Anna en Laura gingen Mike niet achterna. Chloe zette water op, Anna hielp met schilderen en Laura bekeek de trap. Toen Laura aan het stuk tafel was gaan zitten dat niet vol stond met Disney-figuurtjes haalde Chloe de koektrommel tevoorschijn.
Toen de jongens dat zagen keken ze verwachtingsvol naar Laura, in wie ze een autoritair persoon zagen ook al was ze in spijkerbroek en trui gekleed.
Chloe koos een koekje voor ieder van hen uit en gaf de trommel daarna aan Laura, die het kleinste koekje pakte dat er was. ‘Mijn lievelingskoekje! Ik vraag me af wat die van mij nu aan het doen zijn.’
Anna pakte een grotere. ‘Wat doen ze als ze bij hun oma zijn?’
‘Vooral koken.’
‘Ik vind koken leuk,’ zei het grootste jongetje. ‘Op school doen we het soms ook.’
‘Ja, maar jullie maken alleen zoete dingen,’ zei Chloe met een mond vol chocolade. ‘Wanneer leren ze nou eens een goed stuk vlees of lekkere pastasaus bereiden?’
‘Dat zullen wij ze moeten leren ben ik bang,’ zei Laura. ‘Volgens mij leren ze thuis nog het meest.’
Er klonk een luide dreun vanuit Anna’s huis. Ze huiverde toen ze aan haar pas gelakte vloerplanken dacht.
‘Nu zeggen ze stoute woorden,’ zei Tom wijs.
‘Dat vind ik leuk,’ zei Bruno. ‘Maar mama niet,’ voegde hij er snel aan toe.
‘Dat klopt helemaal!’ zei Chloe. ‘Geef je Anna dat beeldje van Caroline nog?’
‘Als hij klaar is. Ik heb haar staart nog niet gedaan. En het is niet echt Caroline.’
Anna bekeek het beeldje dat de lange hangoren en ietwat uitpuilende ogen van een King Charles-spaniël had. ‘Hij kijkt wel net zo lief.’
‘Vervloek je me nu omdat ik al die meubels bij je gedumpt heb?’ vroeg Laura. ‘Ik wist dat je niks had en in het busje leek het niet zoveel. Nu ziet het eruit alsof je een uitdragerij moet beginnen.’
‘Het zal minder vol zijn als het bed eenmaal naar boven is,’ zei Anna attent. ‘Als je het maar niet erg vindt dat ik de dingen waar ik geen ruimte voor heb weg doe.’
‘Natuurlijk vind ik dat niet erg! Ik voel me al stom dat ik het zo lang opgeslagen heb, maar je weet hoe het gaat, je leert zonder iets te leven en dan vraag je je af waarom je het eigenlijk nog bewaart.’
‘Je hebt mijn planken ook voor me opgeslagen,’ zei Anna dankbaar. ‘Die zou ik niet willen missen. Dat is puur goud voor mij.’
‘Er zijn genoeg vrouwen bij de crèche die niet zoveel meubels hebben,’ zei Chloe. ‘En ik weet zeker dat ze de spullen die je niet wilt van je over willen nemen. En sommige spullen had je wel nodig, Anna.’
‘Dat klopt,’ was Laura het met haar eens. De twee keken Anna samen ietwat verwijtend aan, alsof ze alle wereldse bezittingen had afgezworen en in een grot was gaan wonen.
‘Dat weet ik!’ Anna had het gevoel dat ze samenspanden. ‘En ik kijk een gegeven paard nooit in de bek. De meubels die ik kan gebruiken zijn welkom. Alleen minder welkom dan mijn planken,’ voegde ze er zachter aan toe.
‘Ik hoop maar dat je die trap kunt maken.’ Laura keek weer naar Chloe. ‘Dat is heel ingewikkeld.’
‘Dat komt wel goed,’ hield Anna vol. ‘Ik heb geluk dat ik er eentje na kan maken. Het zou veel moeilijker zijn om het helemaal zelf uit te zoeken.’
Tot Anna’s opluchting – haar twee surrogaatmoeders hadden haar nogal onder druk gezet – kwamen de mannen weer terug.
‘Nou,’ zei Bill. ‘Het bed is boven. Maar hoe je het redt met die ladder snap ik niet.’
‘Ze gaat een trap bouwen,’ zei Laura.
‘Ze is heel goed in doe-het-zelven,’ zei Chloe.
‘Het maken van een trap valt niet echt onder doe-het-zelven, lieverd,’ zei Mike.
‘Je begrijpt wat ik bedoel.’ Chloe keek angstig naar Anna om te zien of ze haar niet had beledigd.
‘Nou, ik doe het wel zelf,’ zei Anna. Ze klonk opgewekter over het vooruitzicht dan ze zich voelde. ‘Zullen we gaan kijken hoe het eruitziet?’
De moed zonk Anna een beetje in de schoenen toen ze binnenliep en besefte dat ze haar kont amper kon keren.
Chloe was positiever. ‘O, wat een hoop mooie spullen, Anna,’ zei ze, ‘maar je doet niks weg voordat je met mij hebt overlegd of je het echt niet nodig hebt. Ik ken je minimalistische neigingen...’
‘We hebben de planken daar neergelegd,’ zei Mike trots. ‘Als een soort tafel. Het staat nog best leuk ook.’
Toen iedereen klaar was met het bewonderen van de meubels en de jongens alle drie onder begeleiding naar boven waren geweest om Anna’s nieuwe bed te zien (waar toevallig een dekbed en beddengoed bij hadden gezeten), kondigde Laura aan dat het tijd werd om naar huis te gaan.
‘Sorry dat we je in zo’n chaos achterlaten, maar we willen oma’s geduld niet te lang op de proef stellen, anders mag ik hier niet meer komen.’ Laura omhelsde Anna. ‘Het was zo leuk vandaag! En het wordt beeldig als je ermee klaar bent. Dan wíl je het niet meer verkopen.’
‘Ik moet jou toch terugbetalen, Lau. En het blijft klein,’ zei ze.
‘Wij redden ons toch ook!’ wierp Chloe tegen.
‘Maar we hebben geen ruimte voor een hond,’ zei Bruno. Hij keek naar Caroline, die door het raam naar binnen staarde alsof ze persoonlijk verantwoordelijk was voor alle ellende op de wereld.
‘Natuurlijk voelt het wat vol aan nu we er met z’n allen in staan,’ zei Will. ‘Als je de meubels eenmaal geordend hebt, heb je veel meer ruimte.’
‘We moeten eigenlijk blijven om te helpen...’ begon Laura.
‘Nee, nee! Ik red het wel in mijn eentje.’ Anna voelde zich ineens een beetje verlaten. ‘Jullie moeten terug naar je jongens. Maar kom snel weer een keer bij me langs.’
‘Kom op, gajes,’ zei Chloe. Ze verzamelde haar zoontjes en hoopte dat haar man zou volgen. ‘Dan kan Anna afscheid nemen van Laura en Will.’
Anna liep over het paadje naar Laura en Wills huurbusje. ‘Bedankt voor het brengen van mijn trap en al die prachtige meubels.’
‘Graag gedaan. Het was leuk hier, toch Will?’
Will knikte gemoedelijk.
‘Het was voor ons waarschijnlijk iets leuker dan voor jou,’ zei Anna. ‘Wij zaten aan de koffie en kletsten terwijl jij met zware meubels liep te sjouwen. Ontzettend bedankt, Will.’
‘Ik heb nog iets voor je in het busje.’ Laura opende de achterklep en rommelde in een stapel dekens waar de meubels in gewikkeld waren geweest. Ze trok er een zwarte tas onder vandaan die ze aan Anna gaf. ‘Mijn oude laptop. Je mag hem hebben. Ik kan niet voor altijd je mailtjes blijven uitprinten.’
‘Maar, Laura...’
‘Ik heb een nieuwe en ik wil hem niet verkopen als hij voor jou nog bruikbaar kan zijn.’
‘Dat kan ik toch niet...’
‘Onzin!’ zei Laura op een toon die geen ruimte voor discussie liet. ‘Zo kun je mam mailen. Dat scheelt je uren aan de telefoon. En nu moeten we er echt vandoor.’ Ze drukte haar zusje stevig tegen zich aan. ‘Ik kom zo snel mogelijk weer langs.’
Anna voelde een mengeling van opluchting en eenzaamheid toen ze weer in haar huis was. Ze liet Caroline binnen, die onmiddellijk op de sofa sprong. Anna liet het met een zucht toe. Het was een keuze tussen discipline en opengereten enkels. De opengereten enkels wonnen en Caroline bleef in bezit van de bank. Het kampeerbed kon zolang opgeborgen worden tot de hhp langskwam.
Ze was net bezig de meubels op de een of andere manier te schikken en had een paar eetstoelen en een nachtkastje de ladder op gedragen, toen er op de deur werd geklopt.
Caroline schrok op, bang voor nog een invasie. Anna vroeg zich af wat haar zus vergeten kon zijn. Ze deed de deur open.
Het was de Honden- en Huizenpolitie. ‘O,’ zei ze, en voegde er een behoedzaam ‘hallo’ aan toe. Ze wist nog niet of hij de man was die zo behulpzaam was geweest bij Chloe thuis of het monster dat haar op de huid zat over haar huis. Een monster was hij waarschijnlijk niet, maar kon hij een vriend worden?
‘Ik kom die binnenkennel brengen.’ Hij glimlachte en het berouw dat van zijn gezicht was af te lezen vertelde haar dat het hem speet dat hij haar de wet moest voorschrijven over haar huis. ‘Mag ik binnenkomen?’
Anna deed haar best om terug te glimlachen en opende de deur. ‘Ik denk echt dat ik geen ruimte heb voor een binnenkennel.’
‘O, ik zie wat je bedoelt.’ Hij bleef even vanuit de deuropening staan kijken naar de meubels die alle vloerruimte innamen en grijnsde daarna vlug naar Anna, die wel terug moest lachen.
Caroline, die haar hoofd onder een kussen had verstopt, hoorde zijn stem en duwde zich een weg door de meubels heen naar hem toe, waarbij ze een leeslamp, een klein tafeltje en het keukenkrukje waar Chloe al een oogje op had omvergooide. Ze duwde haar gezicht in zijn buik en viel in katzwijm toen hij haar nek en oren aaide.
‘Nou, er is tenminste iemand blij om je te zien!’ zei Anna.
‘Ik ben blij met elk welkom dat ik kan krijgen,’ zei hij, waarna hij zijn volledige aandacht op Caroline richtte. ‘En hoe gaat het met jou, lieveling?’ bromde hij zacht. ‘Je ziet er goed uit moet ik zeggen.’
Even vroeg Anna zich af hoe het zou zijn als de juiste persoon, of in haar geval een fout figuur, op zo’n tedere manier tegen haar zou praten. Daarna schraapte ze haar keel.
‘Wil je thee of iets anders, eh...’ Dat was het probleem met bijnamen – je vergat iemands echte naam.
‘Rob. Rob Hunter. Ik wil het wel even voor je opschrijven om je te helpen onthouden,’ voegde hij er met een schuine blik aan toe.
Waarom bleef hij nou zo naar haar knipogen? Anna moest blozen. ‘Dat hoeft niet, ik weet het wel. Dus, wil je een kopje thee, Rob?’ Ze glimlachte nu fatsoenlijk naar hem om te bewijzen dat ze wel degelijk over sociale vaardigheden beschikte.
‘Ja, graag.’ Hij ging op de sofa zitten en Caroline kroop op zijn schoot. Hij schikte haar achterwerk zo dat alleen haar voorpoten en hoofd zijn ademhaling nog bemoeilijkten.
Anna maakte het pak koekjes open dat ze voor Laura en Wills bezoek had gekocht. ‘Je ziet wel dat ik echt geen ruimte heb voor een binnenkennel.’
Even keek hij verward. ‘Maar je laat je meubels toch niet zo staan?’
‘Nee, natuurlijk niet. Ik heb ze vandaag pas gekregen. Van mijn zus, die is net weg. Maar ik denk evengoed niet...’
‘Ik wil je er wel even mee helpen als je wilt, dan zet ik daarna de kennel neer.’
Anna had al meer dan haar gewoonlijke dosis hulp gehad die dag en wist niet zeker of ze nog meer aankon. Zeker niet van deze man. ‘Als je even had gebeld om te zeggen dat je kwam...’
‘Sorry, je telefoonnummer ligt nog op kantoor.’
Ze gaf hem het pak koekjes. ‘En niet aan Caroline geven, ze kan heel goed zeuren.’
‘O, ik ben een man van staal. Bij mij maakt ze geen schijn van kans.’
Anna glimlachte beleefd maar ze vroeg zich wel af of er een verborgen boodschap in zat. Probeerde hij haar duidelijk te maken dat ze hem niet zou kunnen overhalen iets te doen wat niet volkomen volgens het boekje was? Hij was zo lastig te peilen!
‘Met melk en suiker?’ Anna hoopte vurig dat hij het met melk dronk, want ze had het er al in gedaan.
‘Alleen melk, alsjeblieft.’
Ze gaf hem een beker en baalde dat ze de mooiere mokken die ze voor Will en Laura had gebruikt niet meer had afgewassen. Op die van hem stond een vunzig stripje en er zat een barst in. Ze ging op de rand van een ladekast zitten en dronk thee die ze eigenlijk niet echt wilde. Als ik assertiever was, dacht ze, had ik gewoon uit kunnen leggen dat ik geen ruimte had en dan had ik hem weggestuurd. Nu zit hij op mijn sofa met mijn hond te knuffelen en weet ik niet wat ik met hem aan moet.
‘Waar is die binnenkennel?’ vroeg ze.
‘Nog in mijn auto, voor het geval je hem niet wilde.’ Hij had best een aantrekkelijke lach, maar Anna bedacht dat ze dat nooit aan Chloe moest vertellen. De trucjes die ze uit zou halen als ze dacht dat Anna Rob leuk vond zouden veel verder gaan dan koppelen. Bovendien vond ze hem niet écht leuk.
‘Ik ben bang dat ik hem niet wil. Echt, Caroline kan prima zonder zoals je ziet. En er is geen plaats meer voor.’
‘Ik help je met de meubels en daarna kun je zelf beslissen. Hij is echt handig,’ hield hij vol.
Anna overwoog of Caroline het fijn zou vinden zich ergens terug te kunnen trekken als de jongens langskwamen en het haar te druk werd.
Rob stond op. ‘Kom op. Laten we deze boel eens netjes neerzetten.’
Anna had er niet op gerekend dat er onaangekondigd een zooi meubels bij haar huis bezorgd zou worden. Ze had geen idee waar ze haar meubels – of zelfs maar één meubel – wilde hebben.
‘Ik wil er zoveel mogelijk van naar boven hebben. Alles waarvan ik weet dat ik het niet wil houden zet ik in de tuin. Chloe gaat me helpen om ervan af te komen.’
‘Goed. En deze?’ Rob wees naar een groot buffet waarvan de opstand was versierd met houtsnijwerk en ingelegde spiegels. ‘Hij is mooi, maar vrij groot en niet uit dezelfde periode als dit huis.’
Ondanks het feit dat hij zo zijn best deed bleef Anna hem zien als de Honden- en Huizenpolitie en raakte in paniek. ‘Hemel, ik hoef de méúbels toch niet bij het huis te zoeken?’ Ze was ontzet.
Hij lachte haar uit. Hoe durfde hij!
‘Natuurlijk niet! Hoe kom je erbij? Ik dacht alleen dat het je zou helpen beslissen wat je wilde houden en wat weg moest.’ Hij grinnikte door, duidelijk genietend van het misverstand.
‘Nou, je weet maar nooit...’ zei ze, en ze voelde zich ontzettend dom.
‘Je hebt volkomen gelijk. Sommige dingen die men van ons moet doen kunnen soms belachelijk lijken – of nee, zíjn belachelijk – maar zo ver gaan we nou ook weer niet.’
Ze besloot hem te vergeven dat hij om haar had gelachen. Achteraf gezien was het ook best grappig. ‘Oké,’ zei ze langzaam, niet wetend of ze hem wilde laten weten dat ze hem vergeven had, ‘dat dressoir mag weg, hoewel het wel veel spullen zou opslokken.’
‘Het zou jou nog opslokken als het honger had,’ zei Rob ernstig.
Anna onderdrukte een lach. ‘Nee hoor, ik weet toevallig dat het een vegetarisch dressoir is.’
‘Maar wie weet maakt het wel een uitzondering voor functionarissen van de monumentenzorg die mensen uitlachen.’
Anna knikte. ‘Misschien wel. Laten we hem maar snel buiten zetten.’
Ongeveer een uur later maakte Anna nog wat thee en haalde het nu geslonken pak koekjes tevoorschijn. Maar ze had ontzettende trek en een sprits zou niet genoeg zijn. Toen Rob terugkwam met de kennel, verbaasde ze zichzelf door te vragen: ‘Verderop zit een goeie Chinees. Lust je wat? Je hebt me zo goed geholpen, ik heb het gevoel dat ik iets terug moet doen.’
Hij keek haar aan met één opgetrokken wenkbrauw en een halve glimlach. ‘Hoe moet ik dat nu weer opvatten? Eerst dacht ik dat je voorstelde samen een hapje te eten, maar nu wil je dat het een soort betaling is?’
Even wilde Anna dat ze zijn gedachten kon lezen. Was hij echt beledigd? En waarom had ze het hem eigenlijk gevraagd? Waarschijnlijk omdat de gedachte aan alleen zijn, zelfs al was het met Caroline, op het moment niet was wat ze wilde. En ze had echt honger.
‘Ik bedoelde alleen maar dat je zo hard hebt gewerkt dat je wel een maaltijd verdient.’ Ze realiseerde zich dat ze een beetje verward klonk. Ze haalde diep adem en glimlachte, nu iets zekerder. ‘Ik wil je heus niet omkopen om me iets te laten doen wat tegen de monumentenwet indruist of zo. Ik zou niet durven!’
Deze keer glimlachte hij echt. ‘Nou, dat is heel aardig van je maar ik moet weer eens op huis aan. Ik heb ook nog eigen honden waar ik voor moet zorgen.’
‘O hemel, Caroline! Ik had haar al uren geleden eten moeten geven. Hoe laat geef je die van jou meestal te eten?’
‘Ik hou het flexibel, dan doen ze niet moeilijk als ik er een keer niet ben om ze te voeren. Gewoon ergens in de avond. Zal ik de kennel daar neerzetten?’ Hij wees naar de enige plek waar genoeg ruimte was en Anna knikte.
‘Dus dan kan je wel blijven eten?’ Anna glimlachte. Ze wilde dat ze een paar van haar moeders innemende maniertjes had opgepikt. Op momenten als deze zouden ze heel bruikbaar zijn geweest. Ze had van zijn gezelschap genoten en hoewel ze het niet echt toe wilde geven, leek een diner voor één, zo vlak nadat iedereen vertrokken was, haar heel naar.
‘Dat zou kunnen,’ antwoordde Rob.
‘Mooi. Oké, nou, hier is het menu. Kies jij maar wat uit, dan geef ik Caroline ondertussen te eten en dan ga ik het wel halen.’
‘Ik kan het ook doen,’ bood hij aan.
‘Nee.’ Anna was heel resoluut. ‘Ik ga.’