11
Zoë had haar mobiel op trilalarm gezet en de wekker op halfzes. Ze wilde om zes uur in Fenella’s keuken zijn om het glazuursel te maken en met het glazuren te beginnen. Ze had de hoop opgegeven dat iemand van de andere kandidaten haar zou komen helpen. Ze kon het beter zelf doen dan vertrouwen op de anderen, dan wist ze tenminste dat het ook gebeurde.
Bovendien wilde ze proberen Cher zoveel mogelijk te ontlopen. Ze had zich de dag ervoor als een hyena op Zoë gestort nadat ze een poosje aan de aandacht van de anderen was ontsnapt. Het grootste deel van de tijd was ze heen en weer gevlogen tussen haar werkplek in de tent en de keuken van het huis, maar toen ze zich even had teruggetrokken in de afgelegen, ommuurde tuin was ze Gideon tegen het lijf gelopen en hadden ze staan zoenen. Het had een heerlijk decadent en onbezonnen gevoel gegeven. Gelukkig keek geen van de ramen van het huis uit op dat deel van de tuin. Toen Fenella haar had aangeraden voorzichtig te zijn, had ze geprobeerd Zoë te overtuigen van iets wat ze zelf al had besloten. Ze moest haar kansen in de wedstrijd niet riskeren voor een man, en zeker niet voor een man als Gideon. Hij mocht dan sexy zijn, aardig zelfs, maar hij zou zich nooit settelen met een meisje zoals zij. Dat wilde ze zelf trouwens ook niet. Ze moest haar aandacht op de wedstrijd en haar carrière richten, en deze fantastische kans niet laten ruïneren door haar op hol geslagen hormonen (meer was het waarschijnlijk niet).
Vandaar dat ze die nacht in haar eigen, smalle eenpersoonsbed had geslapen, hoewel ze niets liever zou hebben gedaan dan naar de bruidssuite sluipen om nog een passionele nacht met Gideon door te brengen. De herinneringen aan hun liefdesspel hadden haar Chers zachte, doorlopende gesnurk aan de andere kant van de kamer doen vergeten, waardoor de spanning van de dag van haar af was gegleden en ze in een diepe slaap was gevallen. Dat ze de volgende ochtend bijna huppelde toen ze naar het huis liep, had uiteraard niets van doen met het vooruitzicht dat ze misschien een glimp van Gideon kon opvangen bij het ontbijt. Het leek wel of hij haar een of ander heerlijk gas had laten opsnuiven dat haar hart deed bruisen en zingen en haar voeten aanspoorde te dansen in plaats van te lopen.
Somerby baadde in een prachtig ochtendlicht toen ze even later de binnenplaats overstak. Het zag er heel romantisch uit, zoals over alles een romantische gloed leek te liggen. Ze begroette de honden en liet ze naar buiten, en begaf zich vervolgens naar de bijkeuken, waar de cupcakes onder katoenen doeken op haar stonden te wachten. Ze tilde een doek op, bang dat de cakejes te bruin of gebarsten zouden zijn, maar tot haar opluchting waren ze allemaal gelijkmatig gerezen en hoefden ze niet te worden afgetopt of opnieuw te worden gebakken. Fenella en Sarah moesten er met de stopwatch in hun hand bij hebben gestaan.
De boter, die ze uit voorzorg niet in de koelkast had gelegd, was redelijk zacht en al snel draaide Fenella’s keukenmachine de suiker en de boter tot een crème, waar Zoë slechts nog een paar druppels vanille-essence aan toevoegde.
Sarah had helaas geen wegwerpspuitzakken op de kop weten te tikken maar Zoë werkte dapper door.
Allereerst begon ze aan het crèmekleurige glazuur, dat slechts een tikje geel nodig had om de natuurlijke crèmekleur iets donkerder te maken. Vervolgens maakte ze het donkerrode glazuur, van ongeveer dezelfde kleur als de donkerrode rozenblaadjes. Tot slot maakte ze een grote worst van het crèmekleurige glazuur en een veel kleinere worst van het donkerrode glazuur, die ze op huishoudfolie legde. Door het met elkaar te mengen zou het crèmekleurige glazuur een karmozijnrode gloed krijgen die, zo hoopte Zoë, de mooiste cupcakes zou opleveren.
Ze was net bezig de gezamenlijke porties in een spuitzak te doen toen Rupert in een pyjamabroek en een Bart Simpson-t-shirt op blote voeten de keuken binnenkwam. Hij zag bleek.
Nadat hij zijn ogen had uitgewreven, viel zijn oog op de spuitzak in Zoë’s hand. Hij trok een scheef gezicht. ‘Is het daar niet een beetje te vroeg voor?’
‘Goedemorgen!’ groette Zoë opgewekt, maar ook wel een beetje om hem te plagen. Ze was al snel over haar teleurstelling heen dat het Gideon niet was. Sterker nog, ze was eigenlijk blij dat het Rupert was. Ze kon zich geen afleiding veroorloven.
‘Heb je weer hier geslapen, Assepoester? En heb je al thee gehad? Of koffie?’
‘Nee, nee en ja,’ zei Zoë lachend. ‘Ik wilde vroeg beginnen. Zodra de cupcakes geglazuurd zijn, kunnen ze versierd worden. Hopelijk willen een paar van de andere kandidaten me helpen.’ Cher zou waarschijnlijk alleen maar met wat glitters willen strooien, dus daar had ze niets aan. ‘Weet jij toevallig hoe laat Sarah komt?’
‘Ze kan hier elk moment zijn. Ze logeert bij een vriend van Hugo hier in de buurt. Als het hier niet zo’n troep zou zijn, had ze op Somerby kunnen logeren.’ Hij zette de ketel op het fornuis en wreef in zijn nek. ‘Fen voelt zich niet zo goed vandaag.’
‘O nee?’
‘Ze heeft nogal last van haar rug. Ik probeer haar nog even in bed te houden. Hopelijk voelt ze zich na een kop thee met gemberkoekjes weer wat beter.’
Toen Rupert weer naar boven ging, dronk Zoë snel haar thee op en ging verder met glazuren. Heel even vroeg ze zich af of ze tijd had om Gideon een kop thee op bed te brengen en dan weer dapper aan het werk te gaan.
Ze was net klaar toen ze weer gezelschap kreeg. Dit keer was het Sarah. Ze kwam met haar armen vol platte dozen door de achterdeur de keuken binnen. ‘Wauw!’ riep ze uit toen ze de rijen geglazuurde cupcakes op de tafel zag staan. Zoë had zelf al wat eetbare glitters toegevoegd. ‘Wauw!’ zei ze weer. ‘Nu moeten we ze alleen nog in de tent zien te krijgen. Ik heb de tule bij me. Hoe laat moet je verder met je canapés?’
‘Eigenlijk nu, maar ik wil dit eerst af hebben.’
Sarah trok een zorgelijk gezicht. ‘Ik voel me schuldig. Stel dat je er deze ronde uit gaat, dan is het mijn schuld!’
‘Doe niet zo raar. De kans dat ik win is klein, want er zijn betere kandidaten dan ik.’
‘Maar ook slechtere.’
‘Moeilijk te zeggen. Je krijgt het eten van de anderen niet zo vaak te proeven.’ Zoë zuchtte. ‘Maar ik zou wel graag doorgaan naar de volgende ronde.’
‘Ik ga er mijn uiterste best voor doen,’ zei Sarah. Ze klonk grimmig. ‘Het zou niet eerlijk zijn.’
‘Steun me maar niet te veel, anders krijgen de anderen argwaan.’
‘Argwaan? Hoe bedoel je?’
Zoë haalde haar schouders op. Ze besefte dat ze te veel had gezegd. Ze wilde niet dat Sarah het wist van Gideon en haar, tenzij ze er niet onderuit kon. ‘Ach, je weet wel, omdat ik jou uit de brand help.’
Sarah keek nog steeds verbaasd toen Fenella de keuken binnenkwam.
‘Hoi! Alles naar wens hier? O, wat een geweldige cupcakes! Mag ik er een?’
Zoë lachte. ‘Ik moest er een paar extra maken voor de jury, dus je kunt er wel een pakken. Als je tenminste zo vroeg op de ochtend al glazuur kunt verdragen. Ik zet even thee voor je. Rupert zei dat je last van je rug had.’
‘Ik heb me wel eens beter gevoeld, ja. Maar ik kan wel voor mezelf zorgen, hoor. Nóg wel.’
‘Laat mij maar theezetten,’ zei Sarah. ‘Ga jij nu maar zitten, Fenella. Je kunt je cupcake beter even aan tafel eten.’
‘Ze zien er zalig uit, maar ik denk toch niet dat ik er nu al een weg krijg.’ Fenella ging zitten. ‘Ik weet dat bruidstaarten van cupcakes heel populair zijn op het moment, maar we hebben er hier nog nooit een gehad.’
‘Het voordeel is dat ze makkelijk te serveren zijn. Soms wordt er een doosje bij geleverd, zodat mensen het restant mee terug naar huis kunnen nemen,’ zei Zoë.
‘Ik vraag me af hoe we ze bij de tent krijgen,’ zei Sarah. ‘We zullen hulp moeten inschakelen.’
‘Ik vertrouw mijn cupcakes niet aan de andere kandidaten toe,’ zei Zoë. ‘Ik zie Cher ervoor aan ze per ongeluk te laten vallen.’
‘Ik ook,’ zei Fenella. ‘Wat een tante.’
‘Wel een mooie tante,’ zei Sarah. ‘En ze weet hoe ze haar charmes in de strijd moet gooien.’
Anderhalf uur later deed Zoë een stap naar achteren en bekeek de cupcakes die ze samen met Sarah op dienbladen naar de tent had gebracht. De bruidstaart zag er precies zo uit als ze zich had voorgesteld. De bovenste laag leek als een tiara boven op de sluier te liggen, als een bosje rozen, en de tule, die op verschillende hoogten op zijn plaats werd gehouden door een groepje cupcakes, waaierde naar beneden toe breed uit. Tussen de cakejes lagen gedroogde donkerrode of verse lichtgele rozenblaadjes. Sarah nam foto’s met haar mobieltje.
‘Dit is toch de droom van elke bruid?’ zei Fenella.
‘Ik wed dat ze hem fantastisch zal vinden,’ zei Sarah. ‘De taart die ze had besteld was vrij saai. Alleen maar lichtgele en donkerrode glazuur. En deze is gratis.’
‘Je hebt jezelf overtroffen,’ zei Rupert, die deel van het team uitmaakte dat de cupcakes naar de tent had gebracht.
‘Ik ben blij dat je tevreden bent. Maar nu moet ik als de wiedeweerga verder met mijn canapés,’ zei Zoë. Ze gooide haar schort over een stoel en haastte zich naar de tent.
De jury draaide om de kandidaten heen als wolven om een ziek hertenjong. Toen ze alles hadden geproefd en becommentarieerd, werd iedereen bij elkaar geroepen. Gideon stond op om de uitslag bekend te maken.
Zoë werd nog zenuwachtiger. Het was niet gebruikelijk dat hij het woord voerde.
‘Ik moet jullie helaas meedelen dat we er nog niet uit zijn,’ zei Gideon, die voor zijn doen een gespannen indruk maakte. ‘Vandaar dat we pas na de bruiloft met de uitslag komen.’
‘Maar dat is toch een duidelijke zaak?’ zei Cher. ‘Zoë moet eruit. Haar canapés stellen niks voor.’
‘Allesbehalve,’ zei Fred. ‘Die met camembert en honing zijn zalig.’
‘Ik vind mijn supplì best geslaagd,’ deed Zoë een duit in het zakje.
‘Ze smaken goed,’ beaamde Anna Fortune, ‘maar je presentatie voldoet niet aan de eisen. Mensen zouden er geen anderhalve pond voor neertellen.’
‘Maar ze zijn gratis!’ zei Zoë.
‘Dit is een wedstrijd,’ bracht Anna Fortune haar vastberaden in herinnering.
‘Maar ook een bruiloft,’ zei Sarah al even vastberaden, ‘en zonder Zoë zouden we geen bruidstaart hebben gehad.’ Ze keek op haar horloge. ‘Maar ik moet weg. Als iedereen zijn canapés naar de tent wil brengen, zou dat heel fijn zijn. De warme hapjes kunnen over ongeveer anderhalf uur de oven in. De gasten arriveren rond een uur of één voor het eten.’
‘Wil je dat we helpen met serveren?’ vroeg Muriel. ‘Ik heb een vriendin met een cateringbedrijf die ik regelmatig help. Ik vind het leuk om te doen.’
‘Ik ga eigenlijk liever even liggen,’ zei Cher. ‘En Zoë zal ook wel moe zijn. God weet waar ze de halve nacht heeft gezeten.’
‘Waar denk je? Ze heeft die cupcakes staan afmaken,’ zei Muriel. Ze wendde zich tot Zoë. ‘Ik heb net al stiekem naar binnen gegluurd en ze zagen er prachtig uit. Net een bruidssluier, met die cupcakes als rozen. Is het je eigen idee?’
Zoë glimlachte. ‘Ja, met een beetje hulp.’
‘Echt héél mooi,’ zei Muriel.
Becca, die altijd met zichzelf bezig was en niet vaak iets over andermans gerechten zei, mengde zich in het gesprek. ‘Het is inderdaad prachtig. Ik hoop niet dat je naar huis wordt gestuurd omdat je aan de taart moest werken.’
Zoë zuchtte. ‘Als dat zo is, dan is het zo. Ik win toch niet. Ik denk dat jij het verst komt, Becca.’
Becca bloosde. ‘Koken is het enige waar ik altijd goed in ben geweest.’
‘Zeg maar gerust érg goed,’ zei Muriel.
Zoë’s gevoelens waren één grote warboel. Het constante gevoel van verlangen naar Gideon, dat al haar andere emoties kleurde, leek te worden versterkt door de opwinding en zenuwen die samengingen met de wedstrijd. Maar het liefst van alles wilde ze dat de bruid de taart mooi vond.
Nog even en de bruiloftsgasten zouden arriveren voor de receptie.
Het gedeelte van de grote tent waarin de kandidaten hun hapjes bereidden, was afgeschermd, zodat de rij fornuizen waar de koks hun warme canapés konden afmaken onzichtbaar was voor de gasten.
Als je in de tent stond zou je nooit vermoeden dat er achter een van de wanden zes mensen canapés in en uit de oven schoven. Zoë, die erop vertrouwde dat haar mobielwekker zou aangeven wanneer de canapés klaar waren, stond te kijken naar de met bloemen versierde ruimte, waarin de bruidstaart het middelpunt vormde.
Iemand had er een spotje op gericht, zodat het bijna een kunstwerk leek. Zoë wist niet wiens idee dat was en of dat de gewoonte was bij bruidstaarten, maar ze vond het prachtig. Ze maakte er met haar mobiel een foto van, die ze later naar haar moeder zou sturen. Ze was apetrots. Hoe de wedstrijd ook zou verlopen, ze had in elk geval iets moois gecreëerd en dat wilde ze vastleggen.
‘Ziet er goed uit, hè?’ zei Fenella. ‘Volgens mij heeft Hugo – je weet wel, Sarahs echtgenoot – voor de verlichting gezorgd. Wat een magisch effect, die rozen en cupcakes in precies dezelfde kleur. Ik hoop dat je tevreden bent.’
Zoë knikte. Ze was zo overdonderd dat ze geen woord kon uitbrengen. Ze schraapte haar keel. ‘Ook al verlies ik omdat mijn canapés onder de maat zijn, ik ben toch blij dat ik het heb gedaan.’
Fenella kuste haar op haar wang.
Zodra de gasten binnendruppelden, was er geen tijd meer voor mijmeringen of gevoelens van trots. De kandidaten veranderden in bedienden, die zich met dienbladen warme hapjes onder het gezelschap mengden. Ze deden het vrijwillig, al was het alleen maar om te zien of hun hapjes in de smaak vielen. Becca kreeg op een gegeven moment van Sarah een standje omdat ze te lang bij een stel bleef staan dat haar Yorkshire puddinkjes met gebraden vlees proefde, maar verder stak iedereen goed de handen uit de mouwen.
Zoë lag ver achter op de anderen maar besefte dat het geen probleem was dat niet alle hapjes tegelijk klaar waren. Maar toen de laatste bakplaat met warme supplì uit de oven was gehaald en de hapjes ciabatta met honing en camembert serveerklaar klaren, deed ze een schone schort om en liep met de canapés naar de gasten. De aanwezigen werden net tot stilte gemaand voor de speeches, dus ze bewoog zich snel tussen de mensen door, blij dat ze nog trek genoeg hadden om ervan te eten.
Toen ze even later in haar eentje achter in het gezelschap stond toe te kijken, drukte iemand een glas champagne in haar hand. Het was Gideon. ‘Hier, je verdient het.’
Zoë nam een slokje en genoot van de bubbels op haar tong. Onder het koken had ze uit een flesje water gedronken, maar dat was na verloop van tijd lauw geworden. De champagne was heerlijk en verfriste de smaakpapillen.
‘Straks ziet iemand ons!’ siste ze nerveus.
‘Nee hoor. Ze denken dat ik hier toevallig sta te luisteren.’ Hij legde zijn hand op haar heup en drukte zich tegen haar aan.
‘Niet doen!’ zei ze zenuwachtig, duizelig van verlangen.
‘Kom dan maar mee naar buiten en laat me je zoenen.’
‘Dat noem ik chantage,’ zei ze ademloos.
‘Nou en?’
Ze dronk haar glas champagne leeg en zette het op een tafeltje. De bruidsjonker schraapte zijn keel. Gezien de manier waarop hij naar de bruid keek, hoopte Zoë dat de bruid tegen een stootje kon. Het zag ernaar uit dat al haar jeugdzonden tot in de kleinste details uit de doeken zouden worden gedaan.
Gideon leidde haar naar een uitgang in de tent en samen liepen ze de frisse lucht in. Buiten stonden nog meer gasten; waarschijnlijk vonden ze het in de tent, waar de meizon vol op stond, te benauwd. Toen hij haar een hand toestak, negeerde ze die, bang dat iemand het zou zien, maar ze liep wel tussen twee gebouwen door met hem mee naar een plek waar een klimroos weelderig over een smaakvol verbouwde varkensstal groeide.
Toen hij zag dat ze verlegen werd, trok hij haar naar zich toe en mompelde iets in haar oor. Hij kuste haar mondhoek. ‘Je hebt het geweldig gedaan, Zoë. Je bruidstaart is sensationeel.’
‘Dank je,’ zei ze zacht, en ze leunde tegen hem aan. Toen kuste hij haar vol op haar mond.
Even durfde ze toe te geven aan het gelukzalige gevoel maar toen trok ze zich terug. ‘Gideon, dit is echt veel te riskant.’
Hij keek haar aan alsof hij wilde tegensputteren, maar zei toen: ‘Je hebt gelijk. Als we betrapt worden hebben we een probleem.’
Ze keek naar hem op, blij dat hij het begreep. Hij had haar kunnen overhalen verder te gaan met zoenen, en zelfs om samen ergens anders heen te gaan voor meer dan alleen zoenen, maar dat deed hij niet. Dat maakte dat ze hem nog aardiger vond. Hij misbruikte zijn macht over haar niet voor zijn eigen plezier. Tenzij hij niet wist wat ze voor hem voelde. Ze zuchtte en glimlachte flauw, blij dat haar gevoelens er niet al te dik bovenop lagen. ‘Ik kan beter teruggaan. Ze zullen zich wel afvragen waar ik blijf.’
‘Oké. Ik zie je later.’
‘Bedankt voor de champagne.’
‘Volgende keer wordt het een fles.’
Met een jubelend hart haastte Zoë zich terug naar haar oven. Het deerde haar zelfs niet dat er een bakplaat met aangebrande hapjes op haar wachtte. Ze wist nu dat Gideon haar leuk vond om wie ze was en niet alleen voor de seks, anders had hij haar niet laten gaan. Ze merkte dat ze glimlachte en dat ze niet meer kon stoppen.
De laatste gasten kuierden over het landgoed terwijl ze wachtten op de bussen die hen naar het diner zouden vervoeren, dat niet op Somerby zou plaatsvinden.
De kandidaten en de filmploeg hadden zich verzameld voor het oordeel van de jury. De tent, die er slechts enkele uren daarvoor nog prachtig had uitgezien, leek nu weer op een gewone tent. Nergens stonden tafels, stoelen of bloemen. In de verste hoek werd nog met meubels gesjouwd, zodat Sarah, die als hoofd van de jury het woord zou doen, haar stem moest verheffen.
‘De bruid en bruidegom zijn zeer te spreken over de manier waarop alles is verlopen,’ verklaarde ze. ‘Een pak van mijn hart, dat kan ik jullie wel vertellen. De bruidstaart ging hun stoutste dromen te boven,’ zei ze. Ze keek naar Zoë, die zich achter een met bloemstukken bedekte pilaar probeerde te verstoppen.
‘Maar de opdracht was niet cupcakes maken,’ zei Anna Fortune, ‘maar canapés.’
In de stilte die volgde veranderden de camera’s van hoek. Zoë’s hart sloeg over, hoe positief Sarah ook over haar taart was geweest.
Gideon mompelde iets in Anna’s oor. Zoë hoopte maar dat hij niet voor haar opkwam. Dat zou de aandacht op hen richten en Cher zou zich terecht kunnen beklagen dat Zoë een voorkeursbehandeling kreeg.
Zoë voelde een steek van wroeging. Ze was niet, of althans nauwelijks door Gideon voorgetrokken omdat ze iets met hem had, maar het bleef verkeerd wat ze had gedaan. Haar geweten stond op scherp.
Fred zwaaide vrolijk naar de camera. ‘De jury is verdeeld, zoals dat zo mooi heet,’ zei hij, en hij voegde zich in de discussie tussen Anna en Gideon. Sarah stond er met haar armen over elkaar net buiten. Ze maakte een ontevreden indruk. Onenigheid tussen de juryleden zou goede televisie opleveren, besefte Zoë, hoewel ze tegelijk in paniek besefte dat het er niet gunstig voor haar uitzag.
Sarah mengde zich in het gesprek en de discussie zette zich voort. ‘Hier zal wel in geknipt worden,’ zei Shadrach. ‘Veel te saai.’
Zoë, die het allesbehalve saai vond, wachtte gespannen af.
Uiteindelijk was de jury eruit. De camera’s werden opnieuw opgesteld en Sarah, die in het midden stond, herhaalde wat ze had gezegd en voegde eraan toe: ‘Hoewel sommige canapés er niet helemaal perfect uitzagen, smaakten ze heerlijk. Zoë, de jury was weg van je ciabatta met kaas, honing en walnoten, maar je rijstballetjes zagen er een beetje slordig uit.’
‘Dus zij gaat eruit?’ vroeg Cher, nogal ongepast.
In de stilte die volgde keken de juryleden elkaar aan. Zoë’s hart bonkte in haar keel. Nu het onvermijdelijk leek dat ze naar huis moest, besefte ze pas hoe graag ze wilde blijven.
‘We hebben besloten dat er deze keer niemand hoeft te vertrekken,’ verklaarde Fred ten slotte. ‘Jullie hebben het allemaal uitstekend gedaan, en Zoë, wier canapés het minst waren, althans qua uiterlijk, heeft een prachtige bruidstaart gemaakt.’
‘Anders was Zoë degene geweest die we hadden weggestuurd,’ zei Anna Fortune, die haar met een priemende denk-nu-niet-dat-je-overal-mee-wegkomt-blik aankeek.
‘Sorry dat ik het zeg, hoor,’ zei Cher. ‘Maar als Zoë’s hapjes niet aan de eisen voldeden, dan vind ik het niet eerlijk dat zij mag blijven terwijl wij zo ons best hebben gedaan om perfecte canapés te maken.’
Zoë keek heimelijk naar Gideon, wiens ogen dreigend begonnen te schitteren.
‘De jury heeft een besluit genomen, Cher,’ zei Anna Fortune. Misschien was ze het met Cher eens, maar Zoë zag aan haar blik dat ze zich niet door een kandidaat de wet voor liet schrijven.
‘En daarmee zijn we toegekomen aan onze volgende opdracht,’ zei Gideon. ‘Koken in een Londens toprestaurant. Een enorme uitdaging dus. Succes!’
Terwijl de kandidaten nog naar adem snakten, liep de jury de tent uit, op de voet gevolgd door de cameraploeg.