De dag van de waarheid

Zijn vijandigheid overstemt de stilte. In zijn handen ben ik een lappenpop; hij kan met mij doen wat hij wil. Ik heb niet de kracht om me te verzetten. Zijn ogen nemen me afkeurend op. Langzamerhand vernietigt Sertan mijn laatste overgebleven stukje zelfvertrouwen.

In bed voel ik me net een sekspop, ook al zie ik er niet zo opgeblazen uit. Sertan steekt zijn vingers in mij voordat hij me doorboort. Het doet pijn, verschrikkelijk pijn.

Hij doet geen moeite om me op te winden, maar duwt zijn ding simpelweg grof naar binnen en geniet van mijn gekrijs.

Als mijn man me slaat of vernedert, dreig ik soms dat ik wegloop, dat ik samen met de kinderen naar een blijf-van-mijn-lijfhuis ga. Hij lacht me alleen maar uit. Ik kan me die moeite besparen, zegt hij, want hij vindt me toch. Dat geloof ik ook wel, want als Sertan iets wil, dan krijgt hij het voor elkaar.

Ik heb behoefte aan veiligheid, niet aan schijn-veiligheid. Helaas kan ik me nergens verstoppen waar hij me niet zou kunnen vinden. Daarom is het beter als ik bij hem blijf en lief doe.

 

De dag van de waarheid. Anna ziet er gespannen uit, terwijl ze de rechtszaal binnenstapt. Sertan is er niet. Zijn advocate heeft hem aangeraden om niet naar de uitspraak te komen.

‘Sertan heeft me gisteren gebeld,’ zegt Anna. ‘We hadden een heel lang gesprek. Hij zei dat hij vandaag vrijkomt.’

‘Hoe weet hij dat zo zeker?’

Ik ben oprecht verbaasd dat Sertan zo diep in zijn onschuld gelooft ondanks enkele onweerlegbare feiten. Aan de andere kant: als je in staat bent om tientallen vrouwen te manipuleren, waarom niet jezelf en je eigen gedachten? Misschien zag Sertan niet eens dat de rechter aan zijn verklaring twijfelde, omdat hij zo verblind was door zijn eigen gelijk.

‘Hij zegt dat de rechters niets kunnen met die leugenachtige verklaringen van op geld beluste vrouwen. In zijn gedachten is hij al vrij. Hij vroeg zelfs of ik naar de gevangenis kon rijden om hem op te halen.’

‘Anna, je laat je toch niet weer voor zijn karretje spannen?’

‘Nee, ik heb gezegd dat ik vandaag een toets op school heb. En dat is ook zo.’

‘Je hoeft niet eens een reden op te geven. Je bent hem niets verschuldigd. Je bent zijn ex en je hoort hem niet op te halen.’

‘Weet je dat ik doodsbang ben?’ zegt Anna. ‘Toen Sertan me gisteren vroeg om hem op te komen halen, belde ik in paniek de politie. Ik vroeg of ze konden voorkomen dat hij straks op mijn stoep staat. Maar de politie kan niets doen.’

Mijn innerlijke rust is meteen verdampt als ik de paniek in Anna’s stem hoor. Gescheiden of niet, ze blijft in zijn macht.

‘Laten we de uitspraak afwachten,’ zeg ik zo rustig mogelijk. ‘Ik ga er vanuit dat hij niet wordt vrijgesproken.’

 

Deze keer zijn we de enigen op de publieke tribune. Op het laatste moment glipt de rechercheur van de politie naar binnen. Ik herinner me hem van de vorige keer, vooral door zijn opvallende snor.

De rechter leest het vonnis voor.

‘Voel hoe snel mijn hart klopt,’ fluistert Anna. ‘Dat kan niet waar zijn.’

Na een kwartier lopen we weer naar buiten.

‘Toen de rechter aan het woord was, had ik het idee dat mijn hart uit mijn borst zou springen,’ zegt Anna. ‘Ik dacht de hele tijd: laat het einde maar horen, want dit houd ik niet langer vol. En toen hij tot het einde kwam, dacht ik dat ik het niet goed had verstaan. Ik kan het nog niet bevatten.’

De advocate van Sertan komt naar ons toe.

‘Dit is zo bizar. Vijf jaar cel. Dit is te bizar voor woorden. Die rechters mochten Sertan al vanaf het begin niet. Hij is natuurlijk geen lieverdje, maar dit is geen reden om iemand te veroordelen,’ raast de advocate. ‘Hun enige argument is dat ze de slachtoffers geloven. Hoe kun je vrouwen die zulke tegenstrijdige verklaringen afleggen op hun woord geloven?’

Een verslaggever van de krant stapt op haar af.

‘U gaat zeker in hoger beroep?’ vraagt hij.

‘Zeker weten,’ antwoordt de advocate. ‘Dit vonnis houdt in hoger beroep geen stand. Ik hoef zijn onschuld niet te bewijzen. De rechters hebben juist harde bewijzen nodig dat hij schuldig is. En die bewijzen hebben ze niet. Het is van de gekke dat Sertan op alle punten van de aanklacht schuldig is bevonden. De rechters achten zelfs mishandeling bewezen, terwijl niemand die mishandeling kan bevestigen. Het is haar woord tegen het zijne. Verkrachting, vrijheidsberoving, vrouwenhandel: de rechters schuiven dat allemaal in de schoenen van Sertan, omdat hij toevallig geen koorknaap is, maar iemand met een strafblad. Hij werd zelfs veroordeeld voor vrouwenhandel van zijn huidige vriendin, terwijl ze niet eens aangifte tegen hem heeft gedaan. Dat kan natuurlijk niet. Ik denk dat het bij het Gerechtshof een feest wordt, want dit vonnis is volstrekt onrechtvaardig. Ik zie jullie bij het hoger beroep over enkele maanden,’ zegt de advocate en geeft ons een hand. ‘Sertan heeft niets meer te verliezen,’ voegt ze er aan toe.

 

Anna ziet lijkbleek. ‘Ik hoopte dat Sertan veroordeeld werd om in te zien dat hij fouten heeft gemaakt, maar ik had nooit verwacht dat hij de volle vijf jaar gevangenisstraf zou krijgen. Dat ze zijn auto en al zijn geld zouden afpakken en dat ze hem tot een schadevergoeding van dertigduizend euro zouden veroordelen. Ik denk dat als Sertan vijf jaar blijft zitten, hij als een bijzonder verbitterd en gevaarlijk mens uit de gevangenis komt. Vijf jaar detentie is gigantisch lang, vooral als je bedenkt dat hij zichzelf onschuldig vindt.’

Anna zwijgt en kijkt me aan. ‘Weet je wat gek is? Ik werd vanochtend vroeg door een Russische vriendin gebeld. Ik was lichtelijk verbaasd, want ze belt me anders nooit zo vroeg. Ze maakte zich zorgen, want ze had een nare droom. Daarin zag ze Sertan met lang haar en hij zag er ook heel onverzorgd uit.’

‘Als hij echt vijf jaar moet blijven zitten, dan kan die droom best een voorspellende waarde hebben.’

‘Ja, wat vreemd dat ze me belde om me over die droom te vertellen. Ik was het helemaal vergeten en opeens denk ik eraan. Ik heb zelf niets gedroomd, maar ik geloof wel dat sommige dromen je iets duidelijk proberen te maken.’

Een rimpel van bezorgdheid schiet tussen haar wenkbrauwen. ‘Goh, wat erg, vijf jaar cel. Ik denk dat dit vonnis voor zijn Hongaarse vriendin ook als een donderslag bij heldere hemel komt. Sertan had haar wijsgemaakt dat hij vandaag vrijkomt en ze heeft zelfs de komende dagen vrij genomen om dat samen met hem te vieren.’

‘Hoe komt ze te weten dat Sertan veroordeeld is?’

‘Ik heb haar beloofd om haar zo snel mogelijk na de uitspraak te bellen,’ antwoordt Anna.

‘Bel haar dan.’

Anna pakt haar mobieltje en toetst het nummer in. Het gesprek duurt niet lang.

‘Ze wist niet hoe ze moest reageren,’ zegt Anna. ‘Ze heeft volgens mij tijd nodig om het te verwerken.’

‘Dat zal best als Sertan haar de hele tijd verzekert dat hij onschuldig is. Ze is niet eens naar de rechtszitting geweest om te horen wat er allemaal is gezegd.’

‘Hou op. Dat heb je haar uitgebreid verteld. Sertan is daar nog steeds pissig over.’

Anna kijkt op haar horloge. ‘Ik moet gaan. Anders mis ik de toets op school.’

‘Oké, succes.’

‘Ik hoop dat ik me kan concentreren,’ zegt ze. ‘Ik wil er niet aan denken hoe dit allemaal afloopt.’

 

De politierechercheur komt naar me toe als Anna vertrokken is: ‘Bent u nog steeds van plan om een boek over deze rechtszaak te schrijven?’

‘Ja, ik denk het wel,’ antwoord ik ietwat ontwijkend.

‘Advocaten benadrukken het graag als slachtoffers van loverboys al eerder in de prostitutie hebben gewerkt,’ zegt hij. ‘Zo van: hij heeft haar niet gedwongen, want ze deed het al vrijwillig. Maar volgens de wet maakt dat helemaal niets uit. Zelfs als het de droom van een arme Oost-Europese vrouw is om in Nederland als prostituee te werken, is het strafbaar om dat voor haar te regelen.’

‘Houdt u zich allang met mensenhandel bezig?’

‘Lang genoeg. Het zijn moeilijke en frustrerende zaken. In Nederland wordt er jaarlijks bijna één miljard euro in de seksbranche omgezet en een groot gedeelte van het geld komt van gedwongen prostitutie. Veel mensen weten het niet, maar de wereldwijde handel in vrouwenvlees levert tien miljard dollar per jaar op, meer dan wapens en drugs. Wij staan als politie vaak machteloos toe te kijken hoe jonge vrouwen uitgebuit worden, omdat we niet genoeg harde bewijzen kunnen verzamelen. De meisjes zijn zo bang dat ze niet durven te getuigen.’

‘Waarom durven ze dat niet?’

‘Ze zijn vaak bang dat hun familie wat overkomt.’

‘Gebeurt dat wel?’

‘Soms. Het hangt van de loverboy af. Ik hoop dat uw vriendin geluk heeft en met rust gelaten wordt. Ik kan u trouwens een pas verschenen rapport over de vrouwenhandel opsturen.’

‘Graag.’

 

Een paar dagen later belt Sertan zijn ex-vrouw op om te vertellen hoe teleurgesteld hij is over de uitspraak van de rechter. Op de dag van de zitting had hij al zijn spullen ingepakt, omdat hij dacht dat hij vrij zou komen en opeens kreeg hij vijf jaar celstraf.