Hopelijk heb je intussen begrepen dat ik geen al te hoge hoed opheb van zelfverklaarde paragnosten, die zonder enig serieus bewijs volhouden dat ze over een zesde zintuig beschikken. (En hopelijk ben jij, misschien zelfs met dank aan dit boek, dezelfde mening toegedaan.) Of behoor je nog steeds tot de believers die geloven (of is het hopen?) dat de menselijke geest tot meer in staat is dan wat we op basis van onze ervaring en ratio zouden vermoeden?
Zo ja, dan moet ik bij deze iets bekennen: je hebt gelijk! Zij het – wat had je gedacht? – slechts gedeeltelijk. De menselijke geest heeft inderdaad veel meer in zijn mars dan we beseffen! Met name van ons geheugen wordt maar een fractie van het volledige potentieel benut. Precies daar wil ik met dit derde en laatste deel verandering in brengen. Nee, beste believer, niet met behulp van paranormale gaven (op dat vlak had je dus ongelijk), maar met een gezonde portie breintraining.
Het is hoog tijd voor een techniek waar je ook in het dagelijkse leven, privé of professioneel, écht wat aan hebt. Of heb jij een baas die zit te wachten op een telekinetische bananensnijder?
Genoeg spielerei met lepels, pendels, kaarten of zwevende tafels! Het is hoog tijd voor een techniek waar je ook in het dagelijks leven, privé of professioneel, écht wat aan hebt. Of heb jij een baas die zit te wachten op een telekinetische bananensnijder?
Met de techniek die ik zo meteen uit de doeken ga doen, leren studenten vlot tientallen geschiedkundige data uit het hoofd. Kassières en magazijnmeesters memoriseren een-twee-drie honderden codes, verkopers schudden in een handomdraai lijstjes met verkoopargumenten uit hun mouw. En als jij – in de les of voor het werk – geregeld een spreekbeurt of een speech moet houden, dan ben ook jij gebaat bij wat volgt.
Behoor je niet tot een van die categorieën, dan ben je misschien benieuwd hoe je telefoonnummers of boodschappenlijstjes in je hoofd kunt prenten. Of dan kun je je gewoon verwonderen over de mogelijkheden van je hersenpan.
Wie geschrokken is van deze plotse ommezwaai en alleen hunkert naar hapklaar vertier, kan ik meteen geruststellen. De volgende stoomcursus vergt misschien wat doorzettingsvermogen, maar is ronduit fascinerend! En als beloning kom je ook nog te weten hoe je deze geheugentraining kunt verpakken als een bovennatuurlijke gave. Ik kan de mentalist in mij nu eenmaal moeilijk verloochenen.
‘Wie deelt door nul, is een sul’
Ken je het bovenstaande regeltje nog uit de wiskundeles? Ieder van ons heeft in het verleden één of meer van die geheugensteuntjes meegekregen om bepaalde leerstof makkelijker te onthouden. Sommige van die ezelsbruggetjes zijn visueel van aard. Zo weet je ongetwijfeld nog dat stalagmieten omhoogwijzen omdat (stalag)tieten nu eenmaal naar beneden hangen. Of pedagogisch iets meer verantwoord: om te weten of de maan nu in het eerste of het laatste kwartier is, volstaat het om langs de rechte kant van de halve maan een denkbeeldige streep te tekenen. Verschijnt er zo een p, dan bevindt de maan zich in het eerste kwartier (de p van premier - eerste). Verschijnt er een d, dan zijn we in het laatste kwartier (de d van dernier - laatste).
Moest je een lijstje uit het hoofd leren, dan werden weleens woorden gevormd met de eerste letters van de te onthouden woorden. Zo staat ROGGBIV voor rood-oranje-geel-groen-blauw-indigo-violet: de kleuren van de regenboog. Dat een roggbiv niet eens bestaat, hindert niet (al helpt het wellicht dat het woord lijkt op rosbief). In de woorden kofschip en fokschaap – afhankelijk van je leerkracht – vind je dan weer alle medeklinkers waarna een t komt in de verleden tijd en het voltooid deelwoord (hik – hikte – heb gehikt, enzovoort). En je hebt ongetwijfeld een eigen methode ontwikkeld om alle Duitse voorzetsels te onthouden waarna een datief volgt.
Een zekere David M. Roth (1875–1972), een Amerikaanse geheugenexpert, combineerde precies die beide technieken (visuele associatie en hulpwoorden) en ontwikkelde zo de ultieme geheugentraining. De volledige titel van zijn boek uit 1918 luidt: The Famous Roth Memory Course: A Simple And Scientific Method Of Improving The Memory And Increasing Mental Power5. Het boek is bijna een eeuw oud, maar nog altijd razend efficiënt.
Want de titel liegt niet: dankzij een wetenschappelijke, maar onthutsend simpele methode wordt je geheugen beter en worden je hersenen een stuk sterker! Wie verder leest, zal straks in staat zijn om een lijst van tientallen woorden na één oogopslag (of na ze één keer te hebben gehoord) foutloos op te zeggen.
Geloof je me niet? Toch spreek ik uit ervaring. Zelf heb ik ooit spreekbeurten gegeven over de Memory Course van Roth. Ik trapte af door samen met mijn publiek een lijst van vijftig woorden op te stellen. Ik schreef de woorden op een bord, naast het overeenkomstige cijfer (1 tot 50 dus). Daarna draaide ik me om naar het publiek en somde ik de hele lijst op. Of mensen riepen me een cijfer toe en ik kon meteen het juiste woord geven. Hun monden vielen open van verbazing. Toen ik hun vertelde dat ze dat een halfuur later allemaal zouden kunnen, geloofden ze me al helemaal niet. Maar ik had meteen de aandacht – en vooral: ik hield woord!
Memory Course, de snelle versie
Uiteraard ga ik hier niet de integrale Memory Course herkauwen of samenvatten. Wie benieuwd is naar meer, kan Roths onsterfelijke boek nog steeds bestellen via het internet. Maar laten we er eindelijk aan beginnen.
Gouden regel: visualiseren en overdrijven
Overkomt het jou wel eens dat iemand een praatje met je maakt, maar dat je amper hoort wat hij zegt, omdat je alle moeite van de wereld hebt om op zijn naam te komen? Om dat te vermijden, heeft Roth een doodeenvoudige truc bedacht. Een van zijn Amerikaanse ‘volgelingen’ past die met succes toe op zijn lezingen over de Memory Course. De man verwelkomt alle gasten persoonlijk aan de deur en vraagt telkens hun naam. Nog voor hij zijn eigenlijke uiteenzetting begint, vraagt hij iedereen om rechtop te gaan staan. De gasten mogen pas gaan zitten als ze hun naam horen. En wat doet hij? Hij somt één voor één de namen van alle gasten op, van de persoon rechts vooraan tot de persoon links achteraan.
Hoe hij dat doet? Met visuele associatie. Bij elke naam stelt de man zich een beeld voor en dat past hij toe op het gezicht. Dat doe ik zelf ook en het blijkt een heel handig hulpmiddeltje. Zo ken ik iemand die Tore heet. Ik zie hem maar één keer in de vijf jaar, maar telkens als ik hem terugzie, schiet zijn naam me meteen te binnen. Toen ik zijn naam voor het eerst hoorde, verving ik in gedachten zijn neus door de toren van Pisa. En dat beeld verschijnt elke keer opnieuw, zodat ik meteen weet: Tore!
David M. Roth heeft het in zijn boek over The Mind’s Eye: het oog van de geest. Je geest haalt inderdaad veel sneller gegevens (namen, gebeurtenissen, data, enzovoort) op uit zijn archief als er een beeld aan vasthangt. Maar een visuele voorstelling op zich volstaat niet. Je moet ook je verbeelding laten spreken en dat beeld versterken, met de volgende drie hulpmiddelen: overdrijving, beweging en ongewone associaties.
Wat maakt een karikatuur zo grappig? Juist: de overdrijving. Tore heeft niet eens een lange neus! Maar door een normale gelaatstrek uit te vergroten en er een karikatuur van te maken, staan zijn gezicht en zijn naam in mijn geheugen gegrift.
Je hoeft je niet eens te baseren op een gelaatstrek, je kunt ook gewoon in het wilde weg een beeld oproepen. Als iemand bijvoorbeeld Verstraete of Van Straten heet, dan volstaat het om jezelf voor te stellen dat dwars over zijn gezicht een straat loopt. Totaal van de pot gerukt, er is geen enkele link met hoe die persoon eruitziet, maar zo’n ongewone – zelfs absurde – associatie werkt heel doeltreffend voor het geheugen.
Onze aandacht wordt bovendien veel sneller getrokken door beweging. Een kind is niet voor niets gefascineerd door draaiende wielen. En als je in de massa staat te turen, zal je aandacht meteen gaan naar zwaaiende handen. Dus als er ook nog eens auto’s rijden op het gezicht van meneer Verstraete, des te beter! Bewegende beelden blijven veel langer hangen dan statische.

Ik kan best begrijpen dat je wat kritisch staat tegenover zoveel ongebreidelde fantasie. Maar als het erop aankomt je geheugen te trainen, dan staat er geen limiet op overdrijven, bewegen en associëren! En neem het van mij aan: op den duur doe je het automatisch.
Verhaaltjes verzinnen
Ik heb je echter niet beloofd om gezichten beter te leren onthouden. Je wilt natuurlijk weten hoe je zo snel mogelijk grote hoeveelheden gegevens in je brein kunt opslaan.
Als het om korte lijstjes gaat, kun je gewoon een beroep blijven doen op associatie, maar dan verpakt in een verhaaltje. Het komt er gewoon op aan om elk woord via een (bij voorkeur bewegend) beeld te linken aan het vorige woord. Zo kun je een heel verhaaltje bedenken, zij het meestal een volstrekt absurd verhaaltje.
Laten we eens experimenteren met een willekeurig lijstje banale woorden:
tafel – baksteen – plant – wandelstok – glas – brandblusapparaat.
1) tafel
2) baksteen
Leg een link tussen tafel en
baksteen. Bijvoorbeeld: een metselaar die een reusachtige
stenen tafel aan het bouwen is. Dat beeld is visueel, ongewoon (een
stenen tafel), overdreven (reusachtig) en bewegend (aan
het metselen, in tegenstelling tot het statische beeld van een
gemetselde tafel).
3) plant
Een plant (bijvoorbeeld klimop) die in
sneltempo over die stenen tafel woekert
4) wandelstok
Iemand probeert zich met die wandelstok een weg
te banen tussen de woekerende planten door
5) een glas
De man met de wandelstok besluit om even te
gaan zitten en een glas te drinken
6) brandblusapparaat
Door de zon en het glas vatten de planten vlam
en moet de man de brand blussen
Enzovoort, enzovoort.
Het verhaal slaat uiteraard nergens op. Maar lees het lijstje één keer met het verhaaltje erbij en dan het liefst nog hardop. Wedden dat je het je straks nog perfect herinnert?
Hoewel er geen maat staat op absurditeit en overdrijving, is het soms echt moeilijk om een coherent verhaal te creëren. Dat hoeft ook niet per se. Je kunt ook alleen met het vorige woord associëren. Doordat je het vorige woord weet, zul je vanzelf bij het volgende terechtkomen. En zo weer bij het volgende.
Als het erop aankomt je geheugen te trainen, dan staat er geen limiet op overdrijven, bewegen en associëren!
In plaats van een plant te laten woekeren rond die stenen tafel, kun je de plant bijvoorbeeld gewoon uit een bakstenen muur laten groeien. En de wandelstok kan ook van een meneer zijn die door een plantentuin wandelt.
Een verhaaltje verzinnen is vooral handig voor korte lijstjes en helpt bijvoorbeeld niet om data of catalogusnummers te memoriseren. Voor langere lijsten en cijfers heeft de Memory Course nog veel meer voor je in petto.
Cijfers en letters
De meest indrukwekkende techniek in de hele Memory Course is gebaseerd op een heel eenvoudig principe. Alles draait om de relatie tussen de cijfers van 0 tot 9 enerzijds en de medeklinkers van ons alfabet anderzijds. Als je de volgende lijst uit het hoofd kent, ben je echt klaar om de grenzen van je brein een heel eind te verleggen.

Het bovenstaande kadertje uit het hoofd leren, zou toch moeten lukken, niet? Al bestaan zelfs daar (visuele) hulpmiddeltjes voor. Sommige lijken misschien wat vergezocht, maar ze helpen je wel om je de lijst eeuwig te herinneren.

Als je die tien relaties tussen cijfers en letters onder de knie hebt, kun je al aan de slag met data, telefoonnummers en catalogusnummers. Je hoort wel eens: de beste manier om je de verjaardag van je vrouw te herinneren, is hem één keer te vergeten. Tenzij je natuurlijk een beroep doet op de inzichten van mijnheer Roth!
Stel: je partner verjaart op 13 december. Oftewel: 13-12. Vervang dan de cijfers door de overeenkomstige medeklinkers. In dit geval T M T N.
Voeg er ten slotte wat willekeurige klinkers tussen en probeer zo een woord te vormen. Bijvoorbeeld TOMATEN. Stel hem of haar nu voor met een reuzenverjaardagstaart in de armen, gemaakt van tomaten, en houd dat beeld even vast! Als jij je later de precieze datum niet meer herinnert, dan komt die vanzelf via de verjaardagstaart en de tomaten.
Heb je minder geluk en verjaart je partner op 22 juli? Dan moet je een woord vormen met N N S K. Dan kun je bijvoorbeeld gaan voor ANANASKOE of NONSOK. Twee onbestaande woorden, maar ze klinken niet slecht én je kunt je er wel iets bij voorstellen!
Als je de nullen weglaat, kun je bijvoorbeeld aan ANNEKE denken. Tenzij je iemand kent die zo heet, dan kan het verwarrend worden. Ook voor studenten geschiedenis kan deze techniek de redding betekenen.
1789 (Franse Revolutie)
DiK
FoP
1830 (oprichting België)
DoVe MuS
Het slaat allemaal nergens op, maar het bekt lekker en nestelt zich dus stukken makkelijker tussen twee oren dan een kale datum.
Is het woord ook nog eens (visueel) te linken aan de gebeurtenis
in kwestie, dan schiet je dubbel raak. Als je bijvoorbeeld wilt
onthouden wanneer Columbus Amerika ontdekte, dan kun je je TROEPEN
verbaasde indianen voorstellen op het strand. Of Columbus zelf, die
op de indianen afstapt met een ouderwets kostuum aan, maar mét een
moderne TROPENhelm op zijn hoofd. TRPN
1492.
Om hele telefoonnummers om te zetten in een bestaand woord, heb je al een grotere dosis geluk nodig. Zelfs al mag je de 0 in het begin weglaten (of de 04 in het geval van Belgische gsm-nummers), dan nog kom je meestal bij wartaal uit.
Bijvoorbeeld (en mag ik je met aandrang vragen om de onderstaande verzonnen telefoonnummers niet uit te proberen):
(04)85 34 75 30
FL MR KL MS
FiLMReKLaMeS (dat valt
mee!)
(0)56 72 49 11
LG KN RP TT
LeGe KaNaRie PaTaT
Met de 0 erbij kun je er SLAGKANARIE PATAT van maken. Of whatever. Als het maar goed klinkt en bepaalde beelden oproept. (zie p. 227)
Giliaanse horoscoop (zie p. 166)
Sommige van jouw verwachtingen zijn nogal onrealistisch.
Gedisciplineerd en volledige controle aan de buitenkant, maak je je zorgen en voel je je onzeker aan de binnenkant. Bij momenten heb je twijfels of je nu wel de juiste keuze gemaakt hebt, het juiste gedaan hebt.
Je houdt van een zekere variatie en veranderingen en wordt ontevreden wanneer je met regeltjes en beperkingen te maken krijgt.
Je hebt de neiging heel kritisch te zijn op jezelf.Je hebt grote, ongebruikte capaciteiten die je nog niet in jouw voordeel gebruikt.
Je hebt met schade en schande moeten ondervinden dat het niet verstandig is om je te snel aan anderen bloot te geven. Bij momenten ben je extrovert en sociaal, op andere momenten ben je dan weer introvert, beladen met twijfels en gereserveerd.
Je bent er trots op dat je een onafhankelijke denker bent en je aanvaardt geen stellingen zonder afdoende bewijs.
Je vindt het belangrijk dat andere mensen jou graag mogen en bewonderen.
Hoewel je enkele persoonlijke zwaktes kent, ben je over het algemeen wel in staat die ruimschoots te compenseren.
Giliaanse horoscoop (zie p. 166)
Hoewel je enkele persoonlijke zwaktes kent, ben je over het algemeen wel in staat die ruimschoots te compenseren.
Sommige van jouw verwachtingen zijn nogal onrealistisch.
Gedisciplineerd en volledige controle aan de buitenkant, maak je je zorgen en voel je je onzeker aan de binnenkant. Bij momenten heb je twijfels of je nu wel de juiste keuze gemaakt hebt, het juiste gedaan hebt.
Je vindt het belangrijk dat andere mensen jou graag mogen en bewonderen.
Je houdt van een zekere variatie en veranderingen en wordt ontevreden wanneer je met regeltjes en beperkingen te maken krijgt.
Je hebt met schade en schande moeten ondervinden dat het niet verstandig is om je te snel aan anderen bloot te geven. Bij momenten ben je extrovert en sociaal, op andere momenten ben je dan weer introvert, beladen met twijfels en gereserveerd.
Je hebt de neiging heel kritisch te zijn op jezelf. Je hebt grote, ongebruikte capaciteiten die je nog niet in jouw voordeel gebruikt.
Je bent er trots op dat je een onafhankelijke denker bent en je aanvaardt geen stellingen zonder afdoende bewijs.
Nogmaals, op papier lijkt dit alles misschien krankzinnig, maar het loont echt de moeite om die techniek te oefenen! Laten we meteen de daad bij het woord voegen. Schrijf je geboortedatum op, of nog beter: de verjaardag van iemand van wie het belangrijk is die niet te vergeten. Vertaal de cijfers in medeklinkers en maak er een woord van. Je zult versteld staan hoe lang dat woord blijft hangen en hoe snel – als het ware automatisch – je die verjaardag kunt oproepen. Op voorwaarde natuurlijk dat je de relaties tussen de cijfers van 0 tot 9 en de medeklinkers uit het hoofd kent.
Zoals je al hebt begrepen in de loop van dit boek, ben ik zelf de eerste die wonderbaarlijke dingen ter discussie stelt. Maar de reden waarom ik zoveel waarde hecht aan de Memory Course, is juist omdat ik overtuigd ben van het praktische nut ervan. En omdat ik het zo ongelooflijk jammer vind dat de Course zo onbekend en onbemind is. Ik heb het me al vaak beklaagd dat ik de techniek niet kende toen ik nog studeerde.
Cijfers en hulpwoorden
We blijven onze grenzen verleggen en belanden bij de langere woordenlijsten. Daarvoor blijven we ons baseren op de cijfers van 0 tot 9 en de medeklinkers. Alleen creëren we nu een tussenstap. De relatie cijfer-letter wordt een relatie cijfer-woord. En dat woord bestaat uit niets meer dan de medeklinker in kwestie en wat waardeloze klinkers. Zo krijg je voor de getallen 1 tot 10 de volgende lijst van hulpwoorden:
|
1 |
hoeD |
|
2 |
Noë |
|
3 |
haM |
|
4 |
ooR |
|
5 |
uiL |
|
6 |
ooG |
|
7 |
Koe |
|
8 |
hoeF |
|
9 |
aaP |
|
10 |
DaS |
Het zal je niet verbazen dat het veel makkelijker is om cijfers (visueel) te linken aan een woord dan aan een geïsoleerde medeklinker. Als je de relatie cijfer-letter van daarnet jezelf al goed had ingeprent, dan zal het je amper moeite kosten om deze nieuwe relaties vliegensvlug uit het hoofd te leren. Zodra dat een feit is, kun je die nieuwe relatie cijfer-hulpwoord maximaal benutten.
Om een woordenlijst in de juiste volgorde te memoriseren, volstaat het nu om elk woord van die lijst eerst te associëren met het overeenkomstige hulpwoord, in plaats van met het cijfer. Als je de lijst daarna wilt opzeggen, volstaat het om te vertrekken van het hulpwoord om vanzelf bij het woord in kwestie uit te komen. Met andere woorden: het hulpwoord is een soort tussenstap tussen het cijfer en het woord dat je moet memoriseren.
Laten we terugkeren naar onze willekeurige lijst van daarnet. Kun je nu – out of the blue – de zes woorden nog opsommen? Probeer maar eens. En? Heb ik mijn punt bewezen of niet?
Nu maken we die lijst iets langer en verzinnen we bij elk woord een associatie met het overeenkomstige hulpwoord.
1) tafel
een tafel met een immense hoed erop
(overdrijving!)
2) baksteen
Noë bouwt een ark van steen (hij
is aan het bouwen: beweging, actie!)
3) plant
je geeft water aan een grote kamerplant waar
hammen aan groeien (absurd!)
4) wandelstok
hangt aan iemands oor
5) glas
een uil is zich lazarus aan het drinken
en kijkt met één oog door de bodem van het lege glas
6) brandblusapparaat
je oog staat in brand en iemand spuit
recht in je oog
7) microfoon
een koe neemt een interview met je af en
gebruikt een van de tepels van haar uier als microfoon
8) boek
een smid slaat boeken in plaats van
hoeven aan de poten van een paard
9) gsm
apen in maatpak overtuigen de klanten in
je lokale gsmwinkel
10) schoen
je probeert je schoenen dicht te knopen met een
das in plaats van met een veter
Opnieuw: de associaties slaan nergens op, maar ze zijn visueel sterk, overdreven en, als het kan, bewegend. Het staat je natuurlijk vrij om het even welke associatie te verzinnen, misschien een die je beter kunt betrekken op jouw eigen dagelijkse leven. Het komt er vooral op aan dat je – terwijl je de lijst opstelt! – bij elk woord een leuke link legt met het hulpwoord en dat je jezelf die link heel even visueel voorstelt. Als ik je over een kwartier vraag om de bovenstaande lijst opnieuw op te sommen, dan zal dat tot je eigen verbazing opvallend makkelijk lukken. Misschien nog niet supersnel, daarvoor heb je nog niet genoeg geoefend. Maar als je de relaties cijfer-hulpwoord door en door kent, dan is het maar een kwestie van tijd voordat je goochelt met lijstjes.
Als je de cijfer-hulpwoord-relaties snel kunt oproepen, kun je bijvoorbeeld ook meteen zeggen op welke positie een woord staat. Als ik je nu bijvoorbeeld zou vragen op welke plaats het woord microfoon staat, dan komt meteen het beeld van de interviewende koe in je op. En koe staat voor 7.
Of omgekeerd: als ik je zou vragen welk woord op 4 staat, dan denk je meteen aan oor (In het begin zul je misschien nog denken: 4 is R en R is ooR. Maar na wat oefenen associeer je 4 meteen met oor). En als je denkt aan oor, dan denk je in dit geval meteen aan de wandelstok die eraan hangt. Je ziet het: het hulpwoord is een uiterst handige tussenstap om woorden te linken aan posities en omgekeerd. Ideaal dus om lijsten te memoriseren.
Een ander groot voordeel, in vergelijking met het traditionele memoriseren, is dat je niet alleen de woorden zelf, maar tegelijk ook de volgorde goed onthoudt. Doordat je telkens de link legt met een cijfer, is de kans veel kleiner dat je een woord overslaat. En net die troef is van onschatbare waarde als je bijvoorbeeld een speech of een spreekbeurt moet houden en je een aantal punten in een strikte volgorde moet behandelen. Of als je vertegenwoordiger bent, zoals in het onderstaande voorbeeld.
Stel, een vertegenwoordiger moet alle verkoopargumenten van een product in een welbepaalde volgorde aankaarten: economisch (prijskwaliteit), snel, goed geadverteerd, inwisselbaar, service en garantie. Om niet op een kaartje te hoeven spieken, bedenkt hij van tevoren een systeem en overloopt hij op het moment van de waarheid een lijstje dat in zijn hoofd zit.
Ik daag alle lezers, ook de niet-vertegenwoordigers, uit om het bovenstaande lijstje één keer goed te lezen en zich tegelijk de associaties visueel in te prenten. Doen, hoor! Want straks mag je nog eens proberen om de zes verkoopargumenten op te sommen.
Op naar de honderd!
De slimmeriken onder jullie hebben misschien al door dat de cijferhulpwoordrelaties van 1 tot 10 de deur openen naar nog veel langere lijsten. Als 1 en 0 samen 10 (DaS) vormen, dan kun je inderdaad alle cijfers met elkaar combineren tot een getal (en een nieuw hulpwoord). Bijvoorbeeld 32 = MaaN.
Zo heb ik uit het Engelstalige boek van Roth een lijst van honderd woorden naar het Nederlands vertaald. Of beter: proberen te vertalen. Ik heb een poging gedaan om telkens het meest voor de hand liggende woord te kiezen, op voorwaarde dat het een voldoende sterk beeld oproept. Daarom koos ik ook alleen zelfstandige naamwoorden, in het bijzonder personen of voorwerpen.
Eén keer, omdat ik geen geschikt Nederlands woord vond (28) heb ik gewoon het Engelse woord behouden (knife, waarbij de k natuurlijk niet wordt uitgesproken). Af en toe heeft een dubbele medeklinker de waarde van een enkele medeklinker. Mokka bijvoorbeeld verwijst niet naar 377, maar gewoon naar 37. In die gevallen heeft de uitspraak voorrang op de schrijfwijze. Je hoort namelijk maar één K.
Mijn lijst is echter geen dogma. Kun jij je bij een bepaald woord weinig voorstellen, of kun je een visueel sterker woord bedenken, dan mag je de lijst gerust personaliseren. In plaats van Noë kun je bijvoorbeeld voor haaN kiezen. Het belangrijkste is dat de lijst jou (en alleen jou) helpt om dingen beter te onthouden. (zie p. 235)
Op het eerste gezicht denk je misschien: Wat heb ik er nu aan om zo’n niets betekenende lijst van honderd woorden uit het hoofd te leren? Dat is toch puur tijdverlies? Maar daar heb je het dubbel mis.
Ten eerste hoef je de lijst amper te memoriseren. Als je de relaties van 0 tot 9 al onder de knie hebt, dan zul je ook zonder veel moeite de lange lijst van honderd woorden in je opnemen. Je zult jezelf erop betrappen dat je de link tussen cijfers en letters (en dus hulpwoorden) moeiteloos legt. Als je de lijst een aantal keer leest, roep je die nadien opvallend makkelijk op.
Ten tweede is die inspanning niet zinloos. De lijst betekent op zich misschien niets, maar als je de hulpwoorden uit het hoofd kent, dan kunnen zij als tussenstap dienen om elke (genummerde) lijst van twintig, veertig, vijftig of zelfs honderd woorden in één oogopslag in je brein op te slaan. Het enige wat je moet doen, is een opvallende, eventueel bewegende visuele associatie creëren tussen het ‘nieuwe’ woord en het overeenkomstige hulpwoord uit de lijst van 100.
Je moet een lijst uit het hoofd leren waarin het woord komkommer op plaats 32 staat. Dan associeer je in je hoofd komkommer met maan. Je ziet bijvoorbeeld een kromme komkommer aan de hemel staan, zoals een wassende maan. Als iemand je daarna vraagt welk woord op positie 32 stond, dan kom je via maan meteen bij komkommer.
In feite herinner jij je dus niet dat komkommer op 32 staat, maar link je bijna onbewust het cijfer 32 aan maan en kom je via die korte tussenstap (en dankzij die visuele associatie) bij komkommer terecht. Als je de lijst van 100 nog niet goed beheerst, zal het je misschien moeite kosten om bij 32 meteen aan maan te denken. Dan zul je in je hoofd een extra tussenstap moeten creëren door 3 en 2 eerst te linken aan M en N. Dan kom je vanzelf bij het voor de hand liggende woord MaaN terecht. Maar gaandeweg zal die extra tussenstap verdwijnen.
Niet onbelangrijk: misschien denk je dat er verwarring kan ontstaan door dezelfde hulpwoorden te linken aan verschillende lijstjes. Maar de ervaring heeft geleerd dat die vrees ongegrond is. Je associeert de hulpwoorden telkens met andere woorden, dus het beeld dat je in je hoofd beitelt, is elke keer anders.
In het dagelijks leven zijn er natuurlijk weinig situaties waarin je gevraagd wordt om een volledige lijst van honderd woorden op te sommen. De methode kan je echter ook op een andere manier helpen. Je zult voortaan namelijk onmiddellijk weten over welk product mensen het hebben als ze praten over ‘het nummer 55’ (‘Het koffiezetapparaat, want ik stel me voor dat er geen koffie uit loopt, maar lolly’s!’). Of als je bijvoorbeeld bij IKEA werkt en iemand vraagt je in welke rij van het afhaalcentrum de televisiemeubels staan, dan kun je meteen antwoorden: 34. (Want ik stel me voor dat iemand het tvscherm aan diggelen slaat met een hamer.)
Het gaat er dus niet alleen om lange lijsten te memoriseren, maar ook om geïsoleerde woorden meteen te kunnen linken aan een getal en vice versa. Van een multitoepasbare snelcursus gesproken.
Slotpleidooi
Opnieuw: ik heb er alle begrip voor dat deze methode je op het eerste gezicht misschien wat omslachtig lijkt. Ik kan je echter garanderen dat je de lijst echt sneller uit het hoofd zult kennen dan je vooraf dacht. De lijst van 100 is immers niets meer dan een uitbreiding van de lijst van 10, gebaseerd op exact hetzelfde principe. Ja, je moet er (een beetje) tijd in investeren, maar die tijd win je nadien in veelvoud terug. Want de methode werkt niet alleen, de lijst blijft ook in je geheugen gegrift. Zolang je er maar af en toe eens een beroep op doet.
Of je er nu (geboorte)data of telefoonnummers mee in je hoofd prent, dan wel langere lijsten mee leert onthouden, nooit zul jij je nog voor het hoofd slaan omdat jij je – net toen het zo hard nodig was – het juiste cijfer of woord niet meer kon herinneren.
Om mijn pleidooi kracht bij te zetten, vraag ik je nog één keer om de lijst met tien banale woorden op te sommen, zoals ik daarnet had aangekondigd. En ken je de zes verkoopargumenten nog?
1 hoed
2 Noë
3 ham
4 oor
5 uil
6 oog
7 koe
8 hoef
9 aap
10 das
11 tiet
12 ton
13 dame
14 tour (de france)
15 hotel
16 douche
17 dak
18 duif
19 tap(kraan)
20 neus
21 noot
22 non
23 naam
24 nier
25 anaal
26 nougat
27 nek
28 knife
29 hennep
30 muis
31 mat
32 maan
33 mummie (of mama)
34 hamer
35 hommel
36 maag
37 mokka
38 mof
39 aambei
40 roos
41 roede
42 haren
43 raam
44 roeier
45 rail
46 rag (spinne-)
47 riek
48 raaf
49 raap
50 luis
51 lade
52 leeuwen
53 lijm
54 luier
55 lolly
56 lach
57 lijk
58 elf(je)
59 lip
60 jas
61 schat
62 schoen
63 schuim
64 schaar
65 goal
66 gaga
67 (een) gek
68 chef
69 schaap
70 kaas
71 kat
72 kano
73 kam
74 kar
75 kool
76 kuch
77 kok
78 koffie
79 kip
80 vaas
81 voet
82 oven
83 Fama (boter)
84 vuur
85 vijl
86 vijg
87 havik
89 vijf (vingers)
89 vip (very important person)
90 bus
91 boot
92 piano
93 bom
94 beer
95 bal
96 boog
97 beek
98 boef
99 pijp
100 toss
Zoals beloofd, geef ik je ook mee hoe je dankzij de Memory Course paranormaliteit (of toch minstens genialiteit) kunt voorwenden. Uiteraard vergt het enige moeite: je wordt verondersteld de lijst van 100 goed uit het hoofd te kennen. Ben je niet het type dat zich graag overmatig inspant, dan kun je jezelf natuurlijk beperken tot een vijftigtal woorden. Maar hoe dan ook: het helpt als je de techniek zelf al in de praktijk hebt gebruikt. Het volstaat namelijk niet de honderd hulpwoorden snel te kunnen oproepen, je moet ook geoefend zijn in het leggen van snelle associaties (tussen nieuwe woorden en hulpwoorden).
Het is evident dat je met niemand van je toekomstige toeschouwers een woord rept over de breintraining. Je wacht gewoon een goed moment af, bijvoorbeeld in het café of thuis onder vrienden, om uit te pakken.
WERKWIJZE
1) Je kunt de stunt een mystieke wending geven.
Openingszin: ‘Jongens, ik weet dat ik
nooit in dat soort onzin heb geloofd, maar ik heb zopas ontdekt dat
ik over een telepathische gave beschik.’ Als hoongelach en spot
jouw deel zijn, dan is dat maar zo. Je kunt proberen vol te houden,
maar het kan geen kwaad om de hele stunt met een pseudoparanormaal
ironisch sausje te overgieten.
Stel
samen met je vrienden een lijst op van enkele tientallen woorden,
bij voorkeur zelfstandige naamwoorden. Je hoeft de woorden niet
zelf te noteren, het volstaat dat je de cijfers en de woorden hoort
(of ziet opgeschreven worden). Dat maakt het nog
indrukwekkender.
Dit is uiteraard het moment van de waarheid: je moet uiterst geconcentreerd blijven en bij elk woord maak je in je hoofd een associatie met het overeenkomstige hulpwoord.
Vraag een van je vrienden om een
willekeurig cijfer te noemen. Een andere vriend concentreert zich
op het overeenkomstige woord.
Zelfs al weet je binnen de seconde om
welk woord het gaat, dan is het in deze ‘telepathische versie’
misschien niet slecht om eerst te spelen dat je het niet meteen
weet. Zo zullen je toeschouwers ook niet vermoeden dat het om een
geheugenstunt gaat. Je kijkt de geconcentreerde vriend doordringend
aan, aarzelt even en stoot eventueel de beginletters uit. Maar
natuurlijk wacht je er niet te lang mee het juiste woord
uiteindelijk uit te spreken.
Daarna kun je ook omgekeerd te werk gaan. Eén vriend noemt een woord, een andere vriend concentreert zich op het overeenkomstige cijfer … dat jij als bij wonder kunt ‘lezen’ in zijn gedachten.
2) Laat het paranormale vallen en ga voor de pure geheugenstunt. Je kunt exact dezelfde methode hanteren als bij de telepathische versie. Maar je kunt ook op allerlei manieren bewijzen dat je over een ongelooflijk geheugen beschikt. Kies je daarvoor, dan is snelheid (nog) veel belangrijker! Mogelijke manieren:
je
somt meteen na de opstelling de hele lijst op, van voor naar achter
en omgekeerd;
je
somt alleen de woorden op die aan een even getal zijn gerelateerd,
of aan een oneven;
je
vraagt je vrienden om willekeurige cijfers op te sommen en je weet
meteen de juiste woorden. Of omgekeerd: je linkt cijfers aan de
woorden die op je worden afgevuurd.
Natuurlijk heb je in beide gevallen de lijst mee opgesteld, maar wees gerust. Niemand zal er rekening mee houden dat jij in staat bent om al die woorden na één opsomming al te onthouden, laat staan om ze op de juiste plaats te zetten. Zelfs het verzoek om na elk woord enkele seconden tijd te laten, wekt normaal gezien geen argwaan. Maar de kans is groot dat dat na enkele opvoeringen niet eens meer nodig is. Je kunt eventueel – bij wijze van inleiding – de lijst van 100 aan je vrienden geven en hun vragen om woorden of cijfers op jou af te vuren. Wellicht zullen de vrienden meteen opperen dat je de lijst gewoon gememoriseerd hebt, wat ook klopt. Maar daarna kun je een stap verder gaan. Dan zeg je: ‘Oké, we doen het eens met een nieuwe lijst.’
5 ROTH, David M., The Famous Roth Memory Course, The Sun Dial Press, New York, 1918, 288 pagina’s.



