“Wat kan er toch veel veranderen in een paar maanden tijd,” verzuchtte Agnes tegen Mette. Ze zaten samen aan een tafeltje in het café van het Stadstheater gezellig aan een glaasje wijn te nippen. “Wie had nu gedacht dat alles zo op zijn pootjes terecht zou komen?”
Ze boog zich iets dichter naar haar vriendin toe en bekende een beetje beschaamd: “Weet je dat ik in het begin zelfs dankbaar was dat Nick Lucy niet meer wilde zien? Ik kon me niet voorstellen dat ze gelukkig zou kunnen worden met een man die misschien zijn hele leven blind zou blijven. Over vooroordelen gesproken! Ik heb haar nog nooit zo óngelukkig gezien als in die maanden na zijn ziekenhuisopname. Daarbij vergeleken stelden die afschuwelijke jaren met Arjan helemaal niets voor.”
Mette knikte. “Ware liefde verloochent zich niet, dat is maar weer eens duidelijk gebleken.” Ze vertrok haar gezicht in een grimas. “Hopelijk komt het voor mij ook ooit nog eens zover, hoewel ik er niet meer echt in durf te geloven. Na je veertigste wordt het toch lastig. Zeker als je ook nog eens twee pubers uit een vorig huwelijk meebrengt.”
“Het leven begint pas na je veertigste,” zei Agnes streng. “Kijk maar naar Janey, Martine en mij. Onze mannen kwamen ook pas op een laat tijdstip in ons leven.”
“Dat is waar,” beaamde Mette. Ze haalde luchtig haar schouders op. “Ach, ik zit er ook niet echt mee, hoor. Ik ben best tevreden met mijn leventje. En natuurlijk helpt het succes van mijn webwinkeltje daar heel veel aan mee. Ik vind het heerlijk om met mode bezig te zijn. Misschien is dat wel míjn ware liefde en moet ik de mannen gewoon vergeten.”
“De liefde komt pas als je het het minst verwacht,” merkte Agnes wijsgerig op. Ze wierp een blik op haar horloge en zei geschrokken: “O, kijk nu toch, het is bijna tijd. We moeten echt naar binnen. Ruud en Nick zitten vast met smart op ons te wachten.”
Precies op dat moment klonk er uit de luidspreker boven hun hoofd een vriendelijke stem die de aanwezigen verzocht zich onmiddellijk naar de zaal te begeven omdat de voorstelling over vijf minuten zou aanvangen.
De twee vriendinnen dronken snel hun glas leeg en liepen haastig de grote theaterzaal in. In het midden was een dansvloer vrijgemaakt met daar omheen de tafeltjes voor de gasten, allemaal vrienden en bekenden van Lucy en Nick.
Speurend liepen de twee vriendinnen door de zaal op zoek naar het voor hen gereserveerde tafeltje.
“Daar vooraan,” wees Mette. “Ik zie Ruud al zwaaien.”
“O, o, we behoren vanavond tot de vips,” merkte Agnes zachtjes op toen ze zag met wie Nick en Ruud geanimeerd in gesprek waren. “Die grote grijze man is de burgemeester en de vrouw naast hem is volgens mij de wethouder van cultuur. O, kijk, Koen zit er ook. Voor de Culturele Raad natuurlijk. Zet je beste beentje maar voor, Mette. Iedereen kijkt naar ons.”
“Als ik dat vooraf had geweten, was ik ook in gala gekomen,” fluisterde Mette met een ondeugende blik op het diepe decolleté van de al wat oudere vrouwelijke wethouder. “Die van mij mogen dan een beetje hangen, ze zijn toch nog net even iets appetijtelijker dan die van haar.”
Agnes kon nog net haar gezicht in de plooi trekken voor Koen haastig zijn stoel achteruit schoof en opstond om hen te begroeten.
“Agnes, Mette! Fijn dat jullie er zijn. Ik begon al te vrezen dat de mannen vanavond in de meerderheid zouden blijven.” Hij gebaarde naar de burgemeester, die eveneens was opgestaan om de dames te begroeten. “Ik weet niet of jullie elkaar al kennen, maar dit is Hans Vierhuizen, onze burgemeester, en Connie Gazenbroek, wethouder van cultuur.”
Over en weer werden een aantal beleefdheden en glimlachjes uitgewisseld. Mette schoof tussen Ruud en Nick in, terwijl Agnes op de lege stoel naast Koen ging zitten.
“Alles goed met je?” informeerde ze fluisterend. Ze had hem na de breuk met Lucy nauwelijks gesproken.
“Prima, dank je,” fluisterde Koen, die meteen begreep waar ze op doelde, glimlachend terug. “Ik ben de schok al een poosje te boven, hoor. Blijkbaar zat het toch minder diep dan ik dacht. Natuurlijk deed het pijn toen ze uit Ierland terugkwam en me vertelde dat ze met Nick verder wilde. Niemand vindt het leuk om de bons te krijgen. Hoewel ik eigenlijk wel iets dergelijks verwachtte toen ze zo halsoverkop naar Leenane vertrok. Er zat tussen ons allang het een en ander scheef, dat weet jij net zo goed als ik. Mijn schuld, denk ik. Lucy wilde vanaf het begin af aan alleen maar vriendschap. Ik was degene die meer wilde dan dat. Misschien heb ik onbewust zelfs wel een beetje misbruik gemaakt van het feit dat ze in die maanden na het ongeluk zichzelf niet was. Het streelde waarschijnlijk mijn ego dat ze in mijn armen vertroosting zocht.”
Hij haalde berustend zijn schouders op. “We waren duidelijk niet voor elkaar bestemd. Wat niet wegneemt dat we het samen desondanks best gezellig hebben gehad. En, héél belangrijk, gelukkig nog steeds hebben,” voegde hij er grijnzend achteraan. “Ik ben ontzettend blij dat we het goed hebben kunnen uitpraten en vriendjes zijn gebleven. Als je regelmatig met elkaar moet samenwerken is het toch fijn als je elkaar recht in de ogen kunt kijken.”
Agnes knikte. Natuurlijk had ze dat allemaal allang van Lucy gehoord, maar het was prettig om het nu ook van Koen zelf te horen.
“Ik hoop echt dat je…” begon ze. Ze kreeg echter de kans niet om haar zin af te maken, want op dat moment werd het zaallicht gedempt en ging er op het toneel een spot aan.
Langzaam stierf het geroezemoes weg.
Agnes wachtte gespannen af. Ze wist dat achter die nog gesloten gordijnen een zenuwachtige Lucy stond. Lucy die na haar terugkeer uit Ierland meteen was begonnen aan de organisatie van deze voor haar - en Nick - zo belangrijke avond.
Ze had van alle kanten hulp gekregen. Van Leo, van Koen en vooral van de bandleden.
Het was een wonder dat Nick er niets van had gemerkt. Hij had slechts drie weken nodig gehad om zijn verblijf in Ierland af te ronden en Lucy achterna te reizen. Het grootste deel van die tijd had hij besteed aan het kopen van een kleine cottage, net buiten Leenane, die nu verbouwd werd tot een comfortabele vakantiewoning waar hij en Lucy in de toekomst regelmatig een paar weken wilden verblijven.
Lucy had haar baan bij het Stadstheater opgezegd. Ze was vastbesloten haar intrek te nemen in Nicks boerderij en hoewel Leo het heel erg vond om zijn assistente kwijt te raken, had hij haar via zijn relaties een nieuwe baan bezorgd als pr-medewerkster bij het Groninger Museum. Over twee weken zou ze daar beginnen en officieel was dit haar afscheidsavond, Leo’s cadeau om haar te bedanken voor de jaren dat ze samen met hem het ‘gezicht’ van het theater was geweest.
Dat er ook nog een andere reden was, wisten slechts een paar ingewijden.
“Dames en heren, allereerst wil ik u allen hartelijk welkom heten op deze wel heel bijzondere avond in ons Stadstheater.”
Leo, gekleed in een glanzende zwarte smoking, had zijn plaats achter de microfoon in de spotlight ingenomen en keek met een brede glimlach de zaal in. “Zoals u op de uitnodigingskaart heeft kunnen lezen, zullen wij het vanaf morgen zonder mijn lieftallige assistente moeten doen. Haar hart ligt tegenwoordig in Groningen en hoewel wij - en vooral ik - haar node zullen missen, begrijpen we allemaal heel goed dat zij dat hart graag achterna wil.”
Zijn gezicht werd ernstig. “Ik wil even met u terug naar een jaar geleden. Op die avond stond er namelijk op het podium hier achter mij een countryband. Velen van u zullen zich die avond nog wel kunnen herinneren, ongetwijfeld ook door het ongeluk erna dat een grote schaduw wierp op iets wat een meer dan geslaagd festijn te noemen was. We hebben destijds allemaal in de kranten kunnen lezen dat de zanger van de band op weg naar huis tegen een stilstaande vrachtauto is gereden. Hij overleefde het gelukkig, maar eigenlijk was dat het laatste wat we van en over hem hoorden. Het leek of hij van de aardbodem was verdwenen.”
Leo wierp een vluchtige blik op Nick, die ongemakkelijk op zijn stoel heen en weer schoof. Hij zag Mette even geruststellend haar hand op zijn arm leggen en iets in zijn oor fluisteren.
“Voor degenen die het nog niet weten,” vervolgde hij glimlachend, “kan ik nu wel verklappen dat Cupido eerder die avond zijn pijlen al op de harten van de zanger en mijn assistente had afgeschoten. Het ongeluk bleek daar niets aan veranderd te hebben, hoewel het behoorlijk lang heeft geduurd voor de betrokkenen dat zelf in de gaten hadden.”
Hij laste een kleine pauze in en ging op peinzende toon verder: “Wat er in het afgelopen jaar tussen die twee heeft plaatsgevonden zou je eigenlijk wel een beetje kunnen vergelijken met het volksdansen dat hier op maandagochtend plaatsvindt. Kent u dat? Nee? Dan moet u beslist eens komen kijken. Persoonlijk vind ik het heel fascinerend om te zien. Stelt u zich voor: als de dans begint, houden twee danspartners elkaar vast, ze kijken elkaar diep in de ogen, dansen samen de eerste maten, en dan… dan ontwikkelt zich een ingewikkeld patroon waarin ze door de muziek uit elkaar worden gedreven en vaak ook nog eens van danspartner wisselen.” Zijn blik bleef even rusten op Koen, die met een onschuldige uitdrukking op zijn gezicht terugkeek.
“Soms blijft men bij die nieuwe partner en dansen ze samen verder,” vervolgde Leo met een knipoog. “En soms eindigt de dans aan de arm van de allereerste danspartner. En dat, dames en heren, is gelukkig het geval als we het hebben over de twee jonge mensen die hier vanavond het middelpunt zijn. Hún dans kunnen we met recht een ware liefdesdans noemen. Ik heb zelfs al horen fluisteren dat er een bruiloft op komst is, maar wanneer die plaatsvindt, is nog geheim.”
Een klaterend applaus klonk op en hij wachtte glimlachend tot het weer stil werd.
“U weet dat deze avond bedoeld is om onze Lucy eens flink in het zonnetje te zetten als dank voor de fantastische inzet die zij in de afgelopen jaren heeft getoond. Degenen die haar kennen, weten echter ook, dat zij het liefst achter de schermen werkt. Het voetlicht laat zij graag aan anderen over. Des te uitzonderlijker is het dan ook dat zij mij heeft verzocht om na mijn inleiding zelf voor het voetlicht te mogen komen. En als Lucy zoiets doet, moet zij daar wel een hele bijzondere reden voor hebben. Een reden die zij u zelf zal vertellen.”
Hij draaide zich half om en maakte een dramatisch showgebaar naar de roodfluwelen gordijnen achter zich. “Dames en heren, ik vraag uw welgemeende applaus voor: Lucy de Ruiter en Red Valley!”
“Krijg nou niks,” stamelde Nick verbijsterd toen het gordijn langzaam openging en hij zijn voormalige band met Lucy achter de zangmicrofoon op het toneel zag staan.
Ze had dezelfde indianenbloes en zwarte spijkerbroek aan waarin hij haar die allereerste keer had gezien. Haar blonde haar viel tot net op haar blote schouders. Zijn mond werd droog. Het leek of de geschiedenis zich herhaalde.
‘Haar blote schouders, gemaakt om kleine zoentjes op te drukken’, dacht hij, zich onmiddellijk de woorden herinnerend die haar verschijning destijds bij hem had opgeroepen. ‘Zachte vlinderlichte kusjes, die zich een weg zouden banen naar dat snelkloppende adertje in het kuiltje van haar keel…’
Hij slikte moeizaam en knipperde haastig het lastige waas voor zijn ogen weg.
Ook Lucy, op het toneel, knipperde even met haar ogen toen het felle licht van de spotlight op haar viel. Het was vreemd om aan deze kant van het licht te staan. Alleen de voorste tafeltjes vlakbij het podium waren zichtbaar. De rest van de zaal lag in het donker zodat ze geen enkel idee had hoeveel mensen er aanwezig waren.
Misschien maar goed ook, dacht ze toen ze haar knieën voelde knikken bij de gedachte aan wat ze zou gaan doen.
Trillend van de zenuwen wachtte ze tot het stil werd.
“D-dank u wel,” zei ze met een verlegen glimlachje, met opzet niet naar Nick kijkend. Als ze dat deed, zou ze ofwel gillend het toneel afrennen of meteen in tranen uitbarsten.
“Dank u wel,” herhaalde ze na nog een keer diep ademhalen. “Ik vind het fantastisch dat u vanavond allemaal hiernaartoe bent gekomen om mijn afscheid van het Stadstheater tot een onvergetelijk feest te maken. Leo zei het al: het is vandaag precies een jaar geleden dat Red Valley hier op het podium stond en zoals u ziet, staan ze er weer. In de oude bezetting. Op één na.”
Ze zweeg even en dwong zichzelf nu wel naar Nick te kijken.
“Het is geen toeval dat ik deze datum heb uitgekozen voor mijn afscheid,” ging ze dapper verder, haar ogen strak op hem gericht. “Ik hoop namelijk dat het feest van vanavond de herinnering aan de nare afloop van die avond zal uitwissen of in ieder geval een stuk minder pijnlijk zal maken. Niet alleen voor mezelf, maar ook voor Nick.”
Ze beet even op haar lip en vervolgde met een klein glimlachje: “Het was natuurlijk fantastisch geweest als híj hier vanavond op het podium had gestaan, maar dat was helaas niet mogelijk. U weet allemaal dat hij niet meer optreedt en ik ken hem inmiddels goed genoeg om te weten dat als hij eenmaal een besluit heeft genomen, hij daar niet meer op terugkomt. Ik heb zelden zo’n koppige man ontmoet. Het heeft me negen maanden gekost om hem een tweede kus te ontfutselen en u wilt niet weten wat ik daar allemaal voor heb moeten doen. Want wat híj nog niet weet, is dat ik net zo koppig kan zijn als hij.”
Gelach golfde naar haar toe en ze wachtte heel even voor ze verderging: “Het enige alternatief wat ik kon bedenken, was om zelf achter de microfoon te gaan staan. Dankzij mijn wekelijkse linedancelessen ken ik het repertoire van Red Valley inmiddels uit mijn hoofd en hoewel mijn stem het niet haalt bij die van Nick, hebben de bandleden mij verzekerd dat u geen oordopjes in hoeft te doen. Dus vanavond zal ík de zang voor mijn rekening nemen. Tenzij…” ze laste een kleine dramatische pauze in, “… tenzij ik hem natuurlijk met het volgende liedje over kan halen om vanavond toch het podium te beklimmen.”
Ze knikte even naar Bart, die langzaam op zijn gitaar begon te tokkelen.
“Muziek laat je allerlei dingen voelen. Het wekt emoties op, associaties, herinneringen. Maar muziek kan iemand ook hoop geven. En liefde. En dat laatste is wat ik Nick vanavond met mijn muzikale boodschap wil geven. Mijn liefde, in de hoop dat hij daarmee zíjn liefde voor de muziek terug zal krijgen.”
Het werd doodstil in de zaal. Alle ogen waren gericht op het slanke figuurtje in de spotlight.
Nick voelde zijn maag ineenkrimpen van spanning.
Wat was Lucy van plan? Wat bedoelde ze?
Lucy haalde nog een keer diep adem.
Toen, met haar blik strak gevestigd op het gespannen gezicht van Nick, begon ze met een onverwacht warme en zuivere stem te zingen.
When the rain is blowing in your face
And the whole world is on your case
I could offer you a warm embrace
To make you feel my love
When the evening shadows and the stars appear
And there is no one there to dry your tears
I could hold you for a million years
To make you feel my love…
Nicks lippen vormden geluidloos de woorden mee. Hoe vaak had hij dit liedje vroeger niet zelf gezongen? Tientallen, misschien wel honderden keren. Nooit eerder echter waren de woorden zo diep tot hem doorgedrongen als nu. Het zei alles wat hij voor Lucy voelde. Wat zij voor hem voelde.
I know you haven’t made your mind up yet
But I would never do you wrong
I’ve known it from the moment that we met
No doubt in my mind where you belong…
Bevend van emotie sloot hij zijn ogen. Ineens zag hij zichzelf weer in het ziekenhuisbed liggen, zag hij zichzelf hulpeloos door de kamer in de kliniek schuifelen. Hij herleefde de doffe wanhoop van de eerste maanden, hoorde de genadeloze stem van Sheelagh die hem dwong het bergpad langs Rose Cottage op te lopen.
En plotseling drong het tot hem door wat Lucy hem vanavond duidelijk wilde maken. Ze wilde hem laten inzien dat hij zijn wonden had gelikt, zijn lichaam had geheeld, maar de pijn in zijn hart bewust had weggeduwd.
Hij had zichzelf wijsgemaakt dat hij de muziek niet meer nodig had, maar dat was niet waar. Hij was báng geweest. Bang dat het alle verschrikkingen van de inktzwarte wereld waarin hij had verkeerd zou terugbrengen, zoals nu gebeurde. Bang dat hij iedere keer dat hij op een podium zou staan, zou terugdenken aan het ongeluk. En liever dan die angst onder ogen te zien, had hij de muziek uitgebannen.
Hij had de pijn niet willen voelen.
Maar nu… nu was er iemand die de pijn in zijn hart durfde aan te raken, die hem vertelde dat hij niet bang hoefde te zijn, omdat háár liefde die pijn - zíjn pijn - allang had weggenomen, lang voordat hij dat zelf had beseft.
I’d go hungry, I’d go black and blue
I’d go crawling down the avenue
There’s nothing that I wouldn’t do
To make you feel my love…
Hij wilde zich verbergen, wegrennen voor de golven van emotie die hem dreigden mee te slepen, zich terugtrekken in een hoekje om de pijn die hem inmiddels zo vertrouwd was geworden te koesteren. Lucy’s stem klonk in zijn hoofd, vulde zijn hart met een warmte die hij nooit eerder had ervaren. En ineens wist hij dat hij het kon. Dat hij de hand die ze naar hem uitstrekte, wilde grijpen en samen met haar de pijn, de ángst kon loslaten.
Storms are raging on the rollin’ sea
And on the highway of regret
The winds of change are blowing wild and free
You ain’t seen nothing like me yet…
Langzaam stond hij op. Vastbesloten zette hij de paar stappen die hem van het podium, van Lúcy, scheidde. Hij wist haar ogen op zich gericht toen hij net zo soepel als vroeger in één grote sprong het toneel beklom.
In de zaal kon je een speld horen vallen. Iedereen keek ademloos toe hoe hij naar haar toeliep en naast haar ging staan. Achter hen speelde Kieran op zijn viool het muzikale intermezzo en alsof de wereld alleen uit hun tweeën bestond, keken Nick en Lucy elkaar aan.
Een eenzame vreugdetraan rolde langs haar wang naar beneden en met een intens teder gebaar stak hij zijn hand uit om hem weg te vegen. Toen pakte hij haar hand in de zijne, verstrengelde haar vingers stevig met die van hem en draaide zich om naar de microfoon. Gezamenlijk, hun stemmen enigszins schor van emotie, zongen ze het laatste couplet.
I could make you happy, make your dreams come true
There is nothing that I wouldn’t do
Go to the ends of the earth for you
To make you feel… my love.
Onder doodse stilte stierven de laatste noten van het lied weg.
Met nog steeds die lastige brok van ontroering in zijn keel boog Nick zich naar Lucy toe.
“Ik hou van je,” fluisterde hij hees tegen haar lippen. “Dank je. Dank je wel.”
Lucy voelde de tranen over haar wangen stromen, maar het kon haar niet schelen dat iedereen het zag. Aan het gesnuf uit de verder nog steeds stille zaal te horen was ze beslist niet de enige bij wie de waterlanders rijkelijk vloeiden.
Ondanks de tranen straalde haar gezicht toen ze terugfluisterde: “Betekent dit dat ik de rest van de avond jouw liedjes niet zelf ten gehore hoef te brengen?”
Ze vergat alleen dat de microfoon nog aanstond en iedereen haar kon horen.
Haar nuchtere opmerking was zo’n anticlimax na alle heftige emoties die door het lied waren opgeroepen, dat de hele zaal in een daverend gelach uitbarstte, gevolgd door een dwingend langzaam handengeklap om aan te geven dat iedereen het met Lucy eens was. Ze wilden Nick als vanouds achter de microfoon zien staan, wilden hém de liedjes waarmee Red Valley beroemd was geworden horen zingen.
Nick hief lachend zijn handen op. “Oké, oké, de boodschap is overgekomen. Maar ik waarschuw jullie: ik kan niet garant staan voor de kwaliteit. Waarschijnlijk ben ik de helft van de teksten vergeten en heb ik geen idee welk akkoord ik moet aanslaan.”
Ineens dook Kieran naast hen op.
“Daar hebben we al rekening meegehouden,” zei hij grijnzend. “Voor deze ene keer mag je gebruik maken van het grote songboek en de teksten van papier lezen. De akkoorden staan erboven, dus je hebt geen enkel excuus om die verroeste vingers van je niet te gebruiken. En daar, achter je, staat je gitaar al gestemd en wel klaar. Maar denk erom, bij het volgende optreden verwachten we natuurlijk wel van je dat je het weer gewoon uit je hoofd doet, dus ik vrees dat je het de komende weken heel druk krijgt met oefenen.”
Hij zette de muziekstandaard met het songboek erop voor Nick neer, duwde hem de gitaar in handen en zei warm: “Welkom terug, maat. We hebben je gemist!”
Toen schraapte hij zijn keel en voegde er lachend aan toe: “En nu hebben we voorlopig wel genoeg sentimenteel gedoe gehad. De mensen willen de vloer op om te dansen, dus doe dat boek open en speel, man!Let’s go country! Hiiihaaah!”
