Hoofdstuk 21

In shocktoestand stapte Bryony de lift uit. Haar ledematen waren gevoelloos, haar handen ijskoud. Haar hersenen werkten nauwelijks meer, ze handelde op de automatische piloot. Rafaels wrede woorden echoden door haar hoofd.

‘Ik heb haar gebruikt. Ik heb haar verleid…’

Wankel op haar benen liep ze naar de uitgang, waar de portier haar aansprak. ‘Miss Morgan, wilt u hier even wachten?’

‘Waarom?’ vroeg ze afwezig.

‘Wacht u gewoon even.’

Hoofdschuddend liep ze door, maar de portier pakte haar bij de arm.

‘Raak me niet aan!’ riep ze kwaad. Ze stapte achteruit en botste tegen iemand op. Toen ze zich omdraaide, zag ze Ramon staan, de boom van een vent die als hoofd beveiliging voor Rafael werkte.

‘Miss Morgan, ik wist niet dat u zou komen. U had Mr. de Luca op de hoogte moeten stellen, dan had ik u van het vliegveld afgehaald. Bent u helemaal alleen hierheen gekomen?’

‘Ik ben alweer op weg naar het vliegveld,’ snauwde ze.

Ramon keek verbaasd. Plotseling dook Ryan op. ‘Dank je, Ramon, ik breng Miss Morgan wel waar ze naartoe moet.’

‘Ik weet waar ik naartoe moet,’ mompelde Bryony, die alweer op weg was naar de uitgang. Net toen ze buitenkwam, wist Ryan haar in te halen. De blik in zijn ogen was zo meelevend dat ze wilde huilen.

‘Laat me je een lift geven,’ zei hij op vriendelijke toon. Hij sprak haar niet langer aan met u, daar was de situatie kennelijk niet meer naar. ‘Het is koud, en je moet geen taxi nemen als je niet weet waar je naartoe wil. Je hebt waarschijnlijk niet eens een hotel geboekt, of wel?’

‘Ik was van plan bij Rafael te overnachten.’ De tranen welden op in haar ogen.

‘Kom, ga met mij mee naar huis. Het is niet ver. Ik heb een logeerkamer.’

‘Ik wil terug naar het vliegveld. Het heeft geen zin hier te blijven.’

Aarzelend nam Ryan haar bij de arm. ‘Oké, ik breng je naar het vliegveld, maar ik laat je niet alleen tot je in het vliegtuig zit. Je hebt vast nog niet eens gegeten, of wel?’

Ze was volledig verrast door zijn vriendelijkheid. ‘Waarom doet u dit, Mr. Beardsley?’ vroeg ze.

‘Noem me alsjeblieft Ryan.’ De uitdrukking op zijn gezicht kreeg opeens iets droevigs. ‘En om je vraag te beantwoorden: omdat ik weet hoe het voelt een ontdekking te doen over iemand om wie je geeft. Ik weet hoe het is om voorgelogen te worden.’

Bryony liet haar schouders zakken en haalde trillend een hand door haar haren. ‘Ik ga zo vreselijk huilen.’

‘Van mij mag je zoveel huilen als je wilt. Je hebt er alle reden toe, lijkt me.’ Hij gebaarde naar een auto in de verte.

‘Je mag nu wel weg, hoor,’ fluisterde ze toen hij haar enige tas op de transportband bij de incheckbalie zette.

‘Je hebt nog wat tijd. Laten we wat gaan eten. Je bent bleek en je trilt nog steeds.’

‘Ik denk niet dat ik daartoe in staat ben.’ Ze legde een hand op haar maag in een poging haar misselijkheid te verdrijven.

‘Dan drinken we wat. Wat sap. Ik zorg ervoor dat je op tijd bent voor je vlucht.’

Zuchtend stemde ze toe. Hij bracht haar naar een kleine bistro, liet haar plaatsnemen aan een tafeltje en bestelde een groot glas sinaasappelsap voor haar. Gedachteloos staarde ze naar het glas, en ze liet haar tranen de vrije loop. ‘Sorry,’ zei ze snotterend. ‘Je bent zo aardig geweest. Je verdient het niet dat ik bij je uithuil.’

‘Geeft niks, ik weet hoe je je voelt.’

‘Zoiets zei je al. Wie heeft jou te grazen genomen?’

‘De vrouw met wie ik zou trouwen.’

‘Oef, pijnlijk voor je. Rafael heeft in ieder geval nooit beloofd met me te trouwen. Wil je erover praten?’

Ryans perste zijn lippen opeen. ‘Ze ging met mijn broer naar bed een paar weken na onze verloving.’

‘Wat erg voor je. Het is gewoon vreselijk als mensen die je vertrouwt je bedriegen.’

‘Zeg dat wel.’ Een paar tellen bleef hij zwijgzaam voor zich uit staren. Opeens klonk hij opgewekt. ‘Laat ik wat te eten voor je bestellen. Kun je het nu wel binnenhouden, denk je?’

Zijn bezorgdheid vertederde haar. ‘Dank je, ik heb nog steeds geen honger. Maar je hebt gelijk, ik zou wat moeten eten.’

Onmiddellijk stond hij op, en even later kwam hij terug met een plateau vol heerlijke sandwiches. Pas toen ze haar eerste hap nam, realiseerde ze zich hoeveel honger ze eigenlijk had.

‘Wat ga je nu doen?’ vroeg hij vol sympathie.

‘Ik ga naar huis en krijg mijn baby. Ik ga proberen alles te vergeten. Ik heb mijn oma en de eilandbewoners om me heen, dus het zal allemaal wel goedkomen.’ Rafaels pijnlijke woorden bleven echter echoën in haar hoofd. Wat ze ook probeerde, ze raakte ze niet kwijt.

Ze was vernederd. Ze was kwaad. Ze was er kapot van. Tot twee keer toe had ze zich door hem laten manipuleren, was ze van hem gaan houden. De tweede keer was ze zelfs nog meer van hem gaan houden. Ze was bereid geweest zich aan hem over te geven, hem te geven waar hij zo naar verlangde. Opnieuw gleed een traan over haar wang.

‘Het spijt me voor je, Bryony. Je hebt dit niet verdiend,’ zei Ryan kalm. ‘Rafael is een vriend van me, maar hij is te ver gegaan. Het spijt me dat je het slachtoffer bent geworden van deze deal.’

‘Ik wilde het zo graag, al zei mijn verstand dat er iets niet klopte. Ik had nooit naar New York moeten komen om hem ermee te confronteren. Ik had moeten vertrouwen op mijn intuïtie. Hij heeft me gebruikt, ik wist het. Als ik gewoon thuis was gebleven, was ik er nu allang overheen geweest.’

‘Zou het echt?’

‘Misschien… Ik zou dan in ieder geval nu niet hier op het vliegveld zitten huilen.’

Ryan keek op zijn horloge. ‘We moeten gaan. Je vliegtuig vertrekt zo.’ Op dat moment ging zijn mobiel. Fronsend bekeek hij de oproep. Hij aarzelde even en drukte die toen weg. ‘Ben je zo ver?’

Ze knikte. ‘Dank je, Ryan. Ik waardeer het echt dat je zo aardig voor me bent.’

Samen liepen ze de lange gang door naar de gate. Eenmaal daar aangekomen, slaakte ze een diepe zucht. ‘Oké, nou ja… Dat was het dan.’

Ryan glimlachte en gaf haar tot haar grote verrassing een stevige knuffel. ‘Zorg goed voor jezelf en de baby,’ zei hij met schorre stem.

‘Dank je.’ Ze rechtte haar schouders en sloot aan in de rij passagiers. Over een paar uur zou ze weer thuis zijn.