Hoofdstuk 9

De vlucht terug naar Houston was beter dan haar vlucht naar New York was geweest. Toen had ze tussen twee rugbyspelers ingeklemd gezeten. Ze had niet kunnen bewegen en zich miserabel gevoeld. Nu reisde ze met Rafael businessclass en had ze voldoende ruimte om zich heerlijk uit te strekken. Toen ze geland waren, voelde ze zich dan ook uitgerust en klaar voor de autorit.

Terwijl ze stonden te wachten op hun bagage, stelde Rafael voor een taxi te nemen naar het eiland, maar ze protesteerde. ‘Mijn auto staat hier op het vliegveld. Ik zie geen enkele reden om die niet te nemen.’

‘Laat mij het nou maar regelen, dan reizen we een stuk comfortabeler.’

‘Wat moet ik dan zonder auto? We zullen die hard nodig hebben op het eiland. Het is klein, maar niet alles ligt op loopafstand.’

‘Oké dan,’ gaf hij ten slotte toe. ‘We nemen jouw auto.’

Rollend met haar ogen beet ze op haar lip om een opmerking over verwende mannen binnen te houden. Ze haalde een karretje, waarna hij hun bagage opstapelde.

‘Waar is die stomme parkeergarage?’ vroeg hij toen hij een paar meter het karretje had voortgeduwd. ‘In Galveston?’

‘Het is een eindje lopen,’ moest ze toegeven. ‘Maar het is allemaal overdekt, en we nemen zo de lift naar de bovenste etage.’

‘Waarom heb je je auto geparkeerd op het dak?’

‘Geen idee. Ik bleef maar rondjes rijden, en plotseling stond ik op het dak. Het maakt toch niets uit?’

Vol ongeloof schudde hij zijn hoofd.

Op het dak aangekomen, haalde Bryony haar sleutels tevoorschijn en opende op afstand haar auto.

‘Wat is… Is dat jouw auto?’ vroeg hij onthutst.

‘Ja. Is er iets mis mee?’

‘Je denkt toch niet dat ik in dat autootje pas, laat staan met al onze bagage?’

‘Doe niet zo chagrijnig.’ Ze hield zich in. ‘Het lukt best. Ik heb een bagagerek. Ik heb vast ook nog wel een elastisch koord in de achterbak liggen voor noodgevallen,’ grapte ze.

‘Wie heeft er in vredesnaam een elastisch koord bij zich?’

‘Je weet nooit waar het handig voor is,’ antwoordde ze lachend. Ze vulde de achterbak met tassen en stapelde de koffers vervolgens op het dak. ‘Zie je wel,’ zei ze triomfantelijk. Ze ging zitten en sloot het portier. ‘We hadden dat koord niet eens nodig.’

‘Jammer dat we de passagiersstoel niet naar achteren hebben geduwd voordat we de bagage gingen inladen,’ zei hij droog. Zijn benen waren onnatuurlijk opgevouwen, en zijn knieën drukten tegen het dashboard.

‘Sorry,’ mompelde ze. ‘Ik had er niet bij stilgestaan. Ik heb nooit iemand in mijn auto gehad met zulke lange benen.’

‘Hoe denk je de baby te gaan vervoeren?’

Bryony reed de auto achteruit en ging vervolgens op weg naar de uitgang. ‘In een kinderzitje natuurlijk.’

‘Waar moet dat zitje dan komen? Zelfs al past het erin, dan nog overleeft geen van jullie beiden het als je een ongeluk krijgt. Iemand kan zomaar over je heen rijden in dit autootje, zonder het in de gaten te hebben.’

‘Dit is alles wat ik heb, Rafael. Ik kan er weinig aan doen. Laten we het over iets anders hebben.’

‘Hoever is het rijden?’

‘Een uur tot Galveston. Daar nemen we de ferry naar Moon Island. De boottocht duurt een halfuur, dus we moeten er binnen twee uur zijn, als we tenminste geen opstoppingen krijgen.’

Dat laatste had ze beter niet kunnen zeggen, want een halfuur later stonden ze vast in de file. Bryony vloekte binnensmonds, vooral omdat Rafael onrustig heen en weer wiebelde op zijn stoel en bereid leek te gaan lopen. Het was niet onwaarschijnlijk dat het sneller zou gaan, want het verkeer schoot geen centimeter op.

‘Ik weet wat je gaat zeggen,’ zei ze toen hij zijn hoofd in haar richting draaide. ‘We hadden mijn auto op het vliegveld moeten laten staan. Ja, ik weet het, maar geloof me, files maken deel uit van het leven in Houston.’

Om zijn mondhoeken verscheen een glimlach. ‘Ik wilde eigenlijk zeggen dat ik blij ben dat ik op het vliegveld nog even naar de wc ben geweest.’

‘Wees blij dat je niet zwanger bent.’

‘Wil je dat ik rij?’ vroeg hij ineens bezorgd.

‘Nee hoor, het lukt je nooit te rijden met je knieën tegen je kin gedrukt. Nou, waar zullen we het eens over hebben om de tijd te doden?’

‘Vertel me eens wat je doet. Ik bedoel, werk je? Je zei dat je je oma verzorgde, maar is dat een fulltime job?’

‘Nee,’ antwoordde ze met een glimlach. ‘Mamaw kan best voor zichzelf zorgen. Eigenlijk zorgen we voor elkaar, al is ze de laatste tijd wat ziekelijk. En voor de rest ben een manusje-van-alles. Op het eiland ben ik een soort van oproepkracht voor allerlei klussen.’

Nieuwsgierig keek hij haar aan.

‘Als je er een naampje op wilt plakken, ben ik een consultant. Mensen consulteren me over van alles en nog wat.’

‘Je maakt me nieuwsgierig. Wat is precies van alles en nog wat?’

‘Eén dag per week verzorg ik de correspondentie voor de burgemeester. Hij is een oudere man en niet gecharmeerd van computers en internet. Hij is meer van kranten, tijdschriften en naar het nieuws kijken op het lokale net in plaats van op CNN. Hij heeft niet eens kabel, moet je je voorstellen.’

‘En deze vent is gekozen?’

Bryony lachte. ‘Je zult zien dat ons eiland aardig tolerant is tegenover mensen van de oude stempel. Het is een beetje een achtergebleven gebied. Je kunt best internet of kabeltelevisie krijgen, maar een groot deel van de bewoners vindt het wel een uitdaging te leven zonder de nieuwste technologische snufjes.’

‘Ik huiver al bij het idee. Je gaat toch niet voor je lol in middeleeuwse toestanden leven?’

‘O, alsjeblieft zeg. Je vond het maar wat leuk toen ik je eindelijk wist los te weken van je telefoon en je laptop. Je hebt zelfs een week zonder geleefd. Een hele week!’

‘Dat moet een record zijn,’ mompelde hij.

‘O, kijk, het verkeer komt weer op gang.’ Ze zette haar autootje in de eerste versnelling en reed langzaam door. Vluchtig keek ze op haar horloge. Ze hadden een uur verspeeld. Het zou bijna donker zijn tegen de tijd dat ze op het eiland aankwamen.

Toch had het oponthoud niets afgedaan aan haar opwinding. Wellicht was het naïef van haar om hoop te koesteren, maar ze wilde zo graag haar tijd met Rafael op het eiland opnieuw beleven. Ze wilde dat hij zijn geheugen terugkreeg. Zo niet, dan zou niets meer als vanouds worden tussen hen.

‘Waar denk je aan?’ Hij legde een hand in haar nek en begon haar licht te masseren. Het was heel verleidelijk voor haar om haar ogen te sluiten en achterover te leunen, maar dan zouden ze een ongeluk krijgen en nooit meer van de weg af komen.

‘Ik ben zenuwachtig,’ bekende ze. Ze beet op haar lip, zich afvragend of ze niet beter haar mond kon houden. Ze was echter iemand die altijd volledig open was. Het zat niet in haar systeem om terug te deinzen voor de waarheid, hoe ongemakkelijk die ook was. Ze ging ervan uit dat als mensen meer over hun problemen zouden praten, ze niet zoveel problemen zouden hebben.

Rafael, de oude Rafael, had het nooit erg gevonden dat ze precies zei wat in haar opkwam.

‘Waarom ben je zenuwachtig?’

‘Over jou. Mij. Ons. Wat als het niet werkt? Wat als ik je kwijtraak?’

‘Je raakt me niet kwijt, of ik mijn geheugen nu terugkrijg of niet. We hebben een kind samen.’

‘Het klinkt alsof je geaccepteerd hebt dat het jouw kind is.’

‘Ik omarm de mogelijkheid. Tot de onmogelijkheid bewezen is, vind ik het prettiger te denken dat het mijn kind is.’

Haar hart kromp even ineen. ‘Dank je. Voorlopig is het voldoende dat je onze baby accepteert.’

‘En jou.’ Hij liet zijn hand van haar nek afglijden naar haar hand. ‘Het is duidelijk dat er iets tussen ons is. Als ik accepteer dat we samen een kind hebben gemaakt, moet ik ook accepteren dat we ooit geliefden waren, dat je iets voor me betekende.’

‘Ik hoop dat ik iets voor je beteken,’ fluisterde ze.

‘Hou je nog steeds van me?’ Zijn vraag klonk zowel nieuwsgierig als onzeker, alsof hij niet zeker wist of hij het antwoord wilde horen.

‘Dat is niet eerlijk,’ antwoordde ze nors. ‘Je verwacht een eerlijk antwoord, terwijl je denkt dat ik een volslagen vreemde ben.’

‘Je bent geen vreemde. Ik heb al toegegeven dat er iets tussen ons geweest moet zijn.’

‘Iets. Niet alles. Vraag het me nog maar eens als je je geheugen terughebt.’

‘Oké, ik zal het je dan nog eens vragen,’ antwoordde hij, waarna hij teder haar wang streelde.