Hoofdstuk 1

 

 

 

Maddison Carter duwde de melkglazen deur open, leunde tegen de deurpost en hield een vel papier omhoog. ‘Telefoonnotities,’ kondigde ze aan.

Kit Buchanan schoof zijn bureaustoel iets naar achteren en knipperde even met zijn ogen. Hij zag er misschien wat slaperig en ongeïnteresseerd uit, maar na vier weken wist Maddison wel beter. ‘Je had ze ook gewoon kunnen mailen,’ merkte hij op, met een plagerige glans in zijn blauwe ogen. Deze discussie hadden ze al vaker gevoerd. Ze gebruikte pen en papier om haar notities te maken, nou én? Dat deed ze liever dan op een laptop of tablet.

‘Zodat je ze kunt negeren? Ik dacht het niet.’

Kit zuchtte, zoals hij elke dag om deze tijd deed. ‘Misschien vind ik het wel prettig om berichten te negeren.’ Hij keek vrolijk naar haar, maar ze weigerde terug te lachen.

‘Dan kun je beter een antwoordservice nemen. Of een antwoordapparaat. Of je kunt af en toe je mobiel opnemen, dan hoef ik…’ Ze keek even naar de lijst. ‘…niet twintig keer tegen je vriendinnen te zeggen dat je in vergadering zit.’

Hij trok een wenkbrauw op. ‘Twintig keer? Ze zijn wel gretig.’

Nou ja, ze had misschien iets overdreven, maar één gesprek met de zeer beleefde, hooghartige Camilla was genoeg en van drie keer zou ieder normaal persoon gek worden. Maddison negeerde zijn onderbreking en begon langzaam voor te lezen. ‘Oké, je moeder heeft gebeld, of je haar vandaag terug wilt bellen om te bevestigen dat je naar de bruiloft gaat. Je kunt er niet onderuit en als jij het niet doet, doet zij het voor je. Je zus heeft gebeld. Haar woorden waren: “Als ik alleen naar die verdomde bruiloft moet, krijgt hij er ongenadig van langs. En geloof maar dat ik het meen.”’

Maddison zweeg even en herlas de woorden nog een keer. Ze mocht Bridget wel, met haar zachte stem en haar harde woorden.

‘En Camilla heeft drie keer gebeld, of je je mobiel wilt opnemen. Hoe moet ze zich voorbereiden op een bruiloft over een paar weken, als je niet eens wilt bevestigen dat je haar meeneemt, jij onverschillige huf–’ Ze keek op en glimlachte even. ‘De rest heb ik niet goed verstaan.’

‘Daar geloof ik niks van,’ zei hij zachtjes. De glimlach om zijn mond was er nog, maar de glans was uit zijn ogen verdwenen. ‘Iedereen is er wel heel erg druk mee om ervoor te zorgen dat ik naar die bruiloft ga.’

‘Als je gewoon een bevestiging stuurt, houden ze wel op met bellen.’ Het kon Maddison niets schelen of hij nu wel of niet naar die verdraaide bruiloft ging. Ze wilde gewoon van die telefoontjes af.

‘Dat doe ik, zodra ik een besluit heb genomen.’

‘Besluit heb genomen?’

‘Of ik ga of niet.’

Maddison zuchtte overdreven. ‘Geweldig. Mag ik je één ding vragen? Verlos Camilla uit haar lijden.’ Het mens behandelde Maddison wel alsof ze een dienstbode was, en ze klonk als zo’n verwaand type uit een Hugh Grant-film, met haar Britse accent, maar ze begon steeds wanhopiger te klinken. Maddison zou zelf nooit smeken om de aandacht van een man, maar ze wist hoe het voelde als de vonk langzaam uitdoofde. Als er steeds minder mailtjes en sms’jes kwamen, als elk gesprek direct naar voicemail ging.

Kit staarde haar met half dichtgeknepen ogen aan. ‘Ik wist niet dat advies over mijn privéleven ook bij je functieomschrijving hoorde.’

Maddison haalde diep adem, dwong zichzelf om kalm te blijven. ‘Ik ook niet, maar toch moet ik acht uur per dag telefoontjes van je vriendin afhandelen.’

‘Ex-vriendin.’

‘Ze… Wat?’

Hij ving haar blik, zijn blauwe ogen leken nu staalgrijs. ‘Ex-vriendin. Ze wil gewoon mee naar de bruiloft. Ze denkt dat het nog wat kan worden tussen ons, als ze mijn ouders ontmoet.’

‘Oké. Mijn fout. Maar Camilla heeft kennelijk niet door dat het uit is. Misschien moet je haar dat duidelijk maken. En je moet echt je moeder bellen.’

Hij zei lange tijd niets en Maddison bleef naar de lijst staren, wetend dat ze te ver was gegaan. Normaal kon ze zich altijd beheersen, maar Kit Buchanan was gewoon zo… zo irritant.

Ze schrok op toen hij moest lachen. ‘Je doet me soms denken aan mijn klasselerares. Ik zal bellen, echt. Hoe ziet het eruit voor vanavond?’

Ze was blij dat hij op een ander onderwerp overging, ze hadden het al veel te lang over Kits privéleven gehad. Maddison raadpleegde haar lijst. ‘De cateraars zijn er al om alles klaar te zetten, net als het barpersoneel. Het verzendhuis heeft bevestigd dat er tweehonderd boeken klaarliggen voor de signeersessie. Ik heb nog vijf aanmeldingen ontvangen, die namen zijn toegevoegd aan de lijst. Er zijn nog drie afmeldingen binnengekomen; die heb ik beantwoord. Die mensen krijgen een exemplaar van het boek en de goody bag op hun kantooradres. O, en ik ben gisteravond na werktijd nog even binnengelopen bij de locatie voor een laatste controle. Alles is geregeld.’

‘Heel efficiënt, zoals gewoonlijk. Dank je, Maddison.’

Dat was fijn om te horen, maar er klonk een lach door achter zijn woorden. Kit leek haar nooit helemaal serieus te nemen, en dat was… ongemakkelijk. Ze wilde zijn respect verdienen, maar dat leek niet echt te lukken.

Ze keek eens naar haar baas. Hij leunde naar achteren in zijn stoel, wachtend op haar reactie. Hij probeerde haar vast van haar stuk te brengen. Nou, die lol gunde ze hem echt niet, hoewel het verleidelijk was.

Het hielp ook niet dat Kit nog relatief jong was. Knap, als je hield van warrig bruin haar waar nodig een schaar in moest, een donker stoppelbaardje en blauwe ogen. Als je hield van een kruising tussen een hipster, een professor en een buitentype. Niets voor Maddison. Zij had haar mannen graag goed gekapt, goed geschoren en goed gekleed.

Maar al had hij couture gedragen, dan nog zou Kit Buchanan haar type niet zijn. Bart was haar type: lang, sportief, goeie baan in de bankwereld, een trustfonds en een goede afkomst. En dan dat patriciërshuis. Afscheid nemen van het huis was nog moeilijker geweest dan afscheid nemen van Bart. Ze had achttien maanden geïnvesteerd in die relatie, zichzelf getransformeerd tot de perfecte partner. En nu was ze weer terug bij af.

Hoewel, hij had het een pauze genoemd. Maddison had zich, zwevend tussen hoop en twijfel, vastgegrepen aan deze strohalm. Een pauze was tenslotte niet hetzelfde als een breuk. En als Bart zag dat ze het hier in Londen zonder hem prima naar haar zin had, zou hij toch wel beseffen dat hij zich vergist had? Misschien was het wel goed dat er even wat afstand was.

Maar dan moest ze er wel echt van gaan genieten. Tot nu toe had ze in Londen niet meer gedaan dan werken, afhaalmaaltijden eten en dvd’s bekijken. Hope McKenzie had een enorme collectie. Maar kijken naar Sex and the City was niet hetzelfde als het zelf meemaken. Ze kon toch op z’n minst gaan flirten ín de City.

De stem van Kit bracht haar terug in de werkelijkheid. ‘Staat er nog meer op je lijst of hebben we alles voor vandaag netjes afgevinkt?’

Oké. Nu was het genoeg. Ze was nu al vier weken hier om haar wonden te likken, dolblij met de kans om zich te onttrekken aan de blikken van haar New Yorkse vriendenkring. Ze was zo zeker geweest van Bart, had zich te snel in haar kaarten laten kijken en het spel verloren. Maar nu moest ze zich herpakken, in ieder geval in haar werk. Misschien kreeg ze dan haar zelfvertrouwen – en haar vent – terug. Het kostte haar moeite om haar stem neutraal te houden. ‘Ik denk dat je je speech voor vanavond moet herschrijven.’

Kit bleef doodstil zitten, als een roofdier dat een prooi in het oog heeft. ‘O? Hoezo?’

‘Het is nogal zakelijk.’ Ze hield haar ogen op hem gericht, hoewel haar knieën trilden en ze het liefst op de vlucht was geslagen. ‘De vier weken dat ik hier ben, heb je je begraven in het werk. Je hebt amper gemerkt dat Hope weg was. Je bent er ’s morgens eerder dan ik, neemt nooit een lunchpauze en ik heb geen idee hoe laat je naar huis gaat. Maar die speech? Er zit absoluut geen passie in.’

Kits blik liet haar niet los, zijn gezicht was volkomen uitdrukkingsloos. ‘Heb je het gelezen? Het boek?’

Of ze wat? ‘Ik… Natuurlijk.’

‘Zou jij het beter kunnen?’

Ze kromp ineen bij zijn koele woorden, maar keek hem toen recht aan. ‘Zou ik een introductiespeech kunnen schrijven waaruit blijkt dat ik de auteur waardeer, dat ik denk dat het boek de moeite waard is en dat de aanwezigen het moeten lezen? Ja, zeker weten.’

‘Mooi.’ Hij schoof zijn stoel weer aan en richtte zijn blik op het scherm. ‘Je hebt een uur. Laten we eens zien waar je mee komt.’

 

* * *

 

‘Geweldige speech.’

Kit onderdrukte een zucht bij het zoveelste compliment. Het wás een geweldige speech en hij had hem goed gepresenteerd met een mengeling van humor en oprechtheid. Maar hij had hem niet geschreven. Hij had wel hier en daar iets veranderd, maar hem niet zelf geschreven. Hij moest toegeven dat Maddison gelijk had gehad, in zijn eigen versie zat geen passie.

Kit wist maar al te goed hoe dat kwam. Drie jaar geleden was hij alle passie, levensvreugde en hoop verloren en het leek erop dat hij nu ook niet meer kon doen alsof.

Dat sloeg nergens op. Hij was geweldig in doen alsof – op het werk, met de o zo elegante Camilla en haar eventuele vervangsters, met zijn vrienden. Alleen zijn familie kon hij er niet van overtuigen dat hij nog dezelfde Kit was. Zeker niet nu er een bruiloft aan zat te komen, als een herinnering aan wat hij was kwijtgeraakt. Hij moest daar snel iets aan doen. Hij wist dat hij moest laten weten dat hij kwam. Hij kon er niet onderuit. Maar als hij een bevestiging stuurde, kwam het wel heel dichtbij. Goddank voor dit nieuwe project. Dat leidde zijn aandacht tenminste even af.

Hij ving een glimp op van Maddison, die zich sereen als altijd door de mensenmassa bewoog. Hij zag hoe ze iets in het oor fluisterde van iemand van de bediening, die meteen wegliep. Zoals gewoonlijk had Maddison alles onder controle. Net zoals ze op kantoor rondliep in haar standaard uniform van zwarte broek en perfect gestreken witte bloes, als een soort robot: efficiënt, kalm en – tot vandaag althans – zonder enige emotie.

En dat was jammer. Niemand met zulke mooie groene kattenogen, met zulke prachtige rossige lokken en zo’n lieve, brede mond zou zo saai moeten zijn.

Maar eerder vandaag was ze niet saai geweest. Ze had even haar masker afgezet, en vol vuur haar mening gegeven, hoewel ze haar best had gedaan om kalm te blijven.

En toen had ze die speech geschreven. In een uur. Ze had echt verborgen talenten. Maddison Carter was een raadsel en hij hield er wel van om een puzzel op te lossen.

Kit maakte zich los van de groep gasten, nam nog een complimentje in ontvangst, schudde wat handen en baande zich een weg door de mensenmassa. Hij wilde zichzelf ervan overtuigen dat iedereen het naar z’n zin had, dat er over het boek gepraat werd, dat de boekpresentatie een succes was. De locatie was goed gekozen, de oude art-deco-bioscoop sloot perfect aan bij de historische roman die zich in de Jazz Age afspeelde. De stoelen waren verwijderd om ruimte te maken en er speelde een jazzband op het oude podium. Aan een antiek bureau in een hoek van de zaal zat de dankbare auteur haar boeken te signeren. Er stond een lange rij. Kit had er alles aan gedaan, nu moest het boek zichzelf gaan bewijzen.

Hij zag Maddison weer voorbijkomen, met in haar ene hand nog steeds die verdomde lijst en in de andere een paar lege glazen. Hij bleef even staan kijken hoe ze de lege glazen neerzette, ervoor zorgde dat drie gasten een nieuw drankje kregen, twee eenzame zielen aan elkaar voorstelde, intussen een oogje op de bediening houdend en ervoor zorgend dat de rij wachtenden bleef doorschuiven.

Hoe deed ze dat toch? Ze leek volkomen kalm, nog steeds in zwart-wit gekleed, hoewel ze wel de gebruikelijke broek had verwisseld voor een rokje. Het zag er niet slecht uit, moest Kit toegeven, ze had een prima stel benen. En dat bloesje, met een behoorlijk diepe V-hals, was ook niet hetzelfde als de bloezen die ze op kantoor droeg. Haar haar was nu niet vastgemaakt in een losse knot, maar hing in losse krullen over haar schouders. Ze leek zachter, toegankelijker – hoewel ze nog steeds met die vreselijke lijst zwaaide.

Ze had de organisatie van dit evenement perfect aangepakt. Dat mocht hij haar eigenlijk best even gaan zeggen.

Tegen de tijd dat Kit zich een weg had gebaand naar de hoek waar Maddison stond, was ze in gesprek met een serieus kijkende man. Kit bleef staan om haar eens goed te bekijken. Mijn god, zag hij daar nu een glimlach? Haar hele houding was flirterig. Kit pakte twee cocktails van een passerend dienblad en keek toe hoe de man haar een visitekaartje gaf. Kende hij deze man? Kit zocht in zijn geheugen – ja, een recensent van een kwaliteitskrant. Geen slechte verovering, zeker als het een positieve recensie opleverde.

‘Aan het flirten tijdens je werk?’ zei hij zachtjes in haar oor toen de man wegliep.

Ze kreeg een kleur. ‘Nee, ik was gewoon…’

‘Rustig maar, ik plaagde je gewoon. Het is na achten, de werkdag zit erop.’ Hij gaf haar de roze cocktail, waarna hij van zijn eigen blauwe drankje proefde. Hij trok een gezicht bij het zoete, medicinale smaakje. ‘Bah, dit lijkt wel een hoestdrankje. Maar proost, je hebt fantastisch werk verricht.’

‘Dank je.’ Haar groene ogen lichtten op, alsof er een schakelaar omgezet was. ‘Hope heeft het voorwerk gedaan. Ik heb gewoon haar instructies gevolgd.’

‘De goody bags waren jouw idee, en de band ook, toch?’

Haar ogen begonnen nog meer te stralen. ‘Het leek me perfect, de jaren twintig en een moordmysterie.’ In de goody bags zaten moordwapens van chocolade, geïnspireerd op een misdaadroman, hoedenspelden en kandelaars, paarlemoeren revolvers en chocoladeflesjes met ‘Cyanide’ op het etiket. De chocolaatjes bleken erg in de smaak te vallen bij de gasten.

‘Pardon.’

Kit keek vragend om naar een jonge man die hem volkomen negeerde en een visitekaartje aan Maddison gaf. ‘Leuk om je te leren kennen. Bel me binnenkort, dan laat ik je Londen zien. O, en nog gefeliciteerd met je verjaardag.’

‘Dank je wel.’ Ze nam het kaartje aan en liet het in haar tas glijden.

Kit probeerde er een blik op te werpen voordat het kaartje verdween. Hoeveel kaartjes had ze al verzameld? En wat zei die man nou? ‘Ben je jarig?’

‘Maddison knikte. ‘Vandaag.’

‘Dat wist ik niet.’ Kit voelde zich op het verkeerde been gezet. Waarom wist hij dat niet? Hij had wel geweten wanneer Hope jarig was, omdat ze hem daar altijd subtiel aan had herinnerd. ‘Het spijt me dat je op je verjaardag moest werken. Hopelijk ga je dit weekend wel iets leuks doen?’

Maddison keek hem niet aan. ‘Ja hoor.’ Het klonk niet erg overtuigend.

‘Zoals?’ Hij zou niet zo moeten aandringen, ze zei toch dat ze plannen had? Hij hoefde niet precies te weten wat ze ging doen.

Maddison haalde eens diep adem voor ze hem aankeek, een glimlach op haar gezicht geplakt. ‘Filmpje kijken, wat te eten bestellen. Ik ga morgen op mijn gemak de stad verkennen. Ik ken hier nog niet veel mensen.’

‘Je bent op je verjaardag alleen thuis?’

‘Ik heb een cocktail.’ Ze hield haar glas naar hem op. ‘Het is prima.’

Dat was duidelijk, toch? Ze zei dat het prima was en gezien het aantal kaartjes dat ze had verzameld, waren er genoeg mannen die haar wilden helpen om haar verjaardag te vieren.

Maar ze was hier niet bekend… Kit dacht eigenlijk dat zijn geweten drie jaar geleden gestorven was, maar kennelijk kwam het laatste restje ervan weer tot leven.

‘En andere meiden op het werk? Hebben die geen tijd?’

‘Dat is een beetje lastig. We zijn officieel wel gelijkwaardig als collega’s, maar zij zitten allemaal bij elkaar en ik zit op de directieafdeling, dus we zien elkaar niet dagelijks.’ Ze aarzelde even. ‘Ik denk dat Hope niet echt met hen omging, en ze denken vast dat ik net zo ben.’ Ze haalde haar schouders op. ‘Geen probleem. Ik heb er gewoon nog geen tijd voor gehad om vrienden te maken sinds ik hier ben. Maar er is nog tijd genoeg.’ Ze deed nog een poging om te glimlachen; deze keer lukte het bijna. ‘Als ik mijn best doe, lukt het vast wel.’

Zijn geweten gaf hem weer een por. Hij had zich ervan moeten overtuigen dat ze zich hier thuis voelde, maar ze was meteen zo efficiënt aan de slag gegaan. En trouwens, fluisterde dat irritante stemmetje van zijn geweten, als je er wel op gelet had, wat had je er dan aan gedaan? Maar ze hád echt veel werk verzet voor deze avond en het wás haar verjaardag… Hij kon haar toch niet naar huis laten gaan voor een eenzame avond met pizza en een romcom? ‘Ik kan je niet alleen naar huis laten gaan, na al je harde werk. Het minste wat ik kan doen, is je een drankje aanbieden.’ Hij keek naar zijn blauwe cocktail en rilde even. ‘Een echt drankje. Wat vind je ervan?’