4
“Mijn buik, ik weet het niet, Kim, je ziet hem zo goed. En die riem. Die riem is 20 groot.” Vertwijfeld kijk ik in de spiegel. Op de grond liggen lege tasjes van de Zara. Een vrouw die ik niet ken, staart terug. Ze draagt een bruine wikkeljurk, daaronder een legging en hoge veterlaarsjes. Een brede, leren riem stuwt haar borstpartij omhoog.
“Het is allemaal volgens de regels. Wat je nu aanhebt, is perfect voor een peer. Trinny en Susannah zeggen ook dat je je taille moet benadrukken. Die vormloze hobbezakken waar jij normaal in rondloopt, zijn hopeloos.”
“Ik heb geen taille, ik ben een en al blubber.”
“Je hebt wel een taille. Dat is dat iets smallere deel tussen je buik en je borsten. Die riem benadrukt het. Het staat je supergoed, echt.”
“Dus ik hoef eigenlijk niet af te vallen? Papa vindt het ook onzin. Hij vindt me prima zoals ik ben.”
Kim plant haar handen in haar zij. Zo lijkt ze nog slanker, mijn kleine wesp.
“Je weet waarom hij dat zegt. Omdat hij dan zelf ongestoord kan blijven uitzakken. Ik heb hem laatst verouderd met zo’n fotobewerkingsprogramma. Het resultaat wil jij niet zien, mam, geloof me.”
“Iedereen zakt uit, vrouwtje, daar is niets tegen te doen.” Ik neem een hap ontbijtkoek, waarop ik een dikke laag roomboter heb gesmeerd, lekker smeuïg.
“Onzin. Hij kan minder eten, meer sporten. Oké, hij wordt kaal, daar kan hij niks aan doen. Behalve dan implantaten nemen, maar die vindt hij te duur.”
“Je vader werkt in de IT, niet bij de televisie en hij is ook geen fotomodel. Wat maakt het uit hoe hij eruitziet?”
Kims mond zakt open. “Maakt het jóu niet uit dan? Hij is je man. Je moet nog jaren tegen hem aankijken.”
Ik weet het nu zeker. Mijn dochter is verwisseld in het ziekenhuis en daarna heeft ze te veel televisie gekeken. Al die programma’s met extreme make-overs, mensen praten elkaar alleen maar onzin aan.
“Het gaat om het innerlijk, niet om het uiterlijk,” protesteer ik.
“Wacht maar tot je Mitchell ontmoet,” mompelt Kim. Ze heeft een flinterdun plakje ontbijtkoek in haar hand. Zonder boter, want Kim lust geen boter. Ze houdt sowieso niet van zuivelproducten. Sinds kort is daar een weerstand tegen koolhydraten bijgekomen.
Als ik de naam Mitchell hoor, word ik zenuwachtig. Kim heeft over hem opgeschept. Het is verreweg de leukste homo die ze ooit heeft gezien, zegt ze. Hij doet haar denken aan Ewout Genemans, net zo jongensachtig en good-looking. Ik had nog nooit van Ewout gehoord, maar Kim heeft me bijgepraat. Genemans is een biseksuele tv-presentator. Eerst wist hij niet wie hij was, nou ja, hij wist dat hij Ewout heette, in 1985 was geboren en dat hij kon zingen, acteren en televisieprogramma’s kon presenteren. Dat was allemaal zo klaar als een klontje, alleen zijn geaardheid stond nog niet vast. Op een gegeven moment liet hij in een interview weten dat hij biseksueel mocht worden genoemd. Hij kon op zowel meisjes als jongens verliefd worden. Die wetenschap bleek voor hem een enorme opluchting.
“Mitchell heeft nooit getwijfeld,” zei mijn dochter met een zucht. “Hij wist al vanaf zijn vijftiende dat hij van de mannen was. Het blijft zonde.”
Er zit nog wat boter aan mijn vingers. Nadat ik ze heb afgelikt, probeer ik de riem een gaatje strakker te krijgen. Het lukt niet. Wat moet zo’n Mitchell in hemelsnaam met mij, vraag ik me voor de zoveelste keer af. Ik ben een peer. Een vermomde peer op dit moment, maar daar kijkt hij natuurlijk dwars doorheen, daar heeft hij een oog voor. Een knappe homo gaat geen vrienden worden met een peer, die wil iets stijlvols aan zijn arm. Zijn hippe vrienden uit de gayscene zien hem al aankomen met een opgedirkte vogelopvangster.
“Niet zo piekeren, het komt goed,” zegt Kim, die me ziet fronsen. “Ik denk dat jullie wel zullen klikken.”
“Op welk vlak? Ik ben niet hip, niet hot, ik hou van muntthee. Zelfs Mona vindt me tegenwoordig saai. Ze is veranderd sinds ze met die dolfijn heeft gezwommen.”
“Dat heeft niets met die dolfijn, maar alles met Denise te maken.”
“Zou je denken?”
“Heb je haar Facebook-pagina nog weleens bekeken de laatste tijd?”
Ik schud nee. Op Facebook kom ik niet zo vaak meer, ik vind het er zo druk. Al die mensen die allemaal dingen doen. Dan zijn ze weer hier, dan zijn ze weer daar. Ze lachen de hele tijd, proosten voortdurend naar de camera en vinden alles leuk. Facebook is verantwoordelijk voor de totale inflatie van het begrip ‘leuk’. Als Denise om half tien ‘s ochtends op haar werk een berichtje post dat ze een shotje cafeïne gaat nemen, vinden twaalf van haar 688 vrienden dat leuk. Moon, die sinds kort geen Mona meer heet, is de eerste liker. “Hey girl, ik knal er ook een bakkie in!” zet ze eronder. Twee van de 216 vrienden van Moon vinden deze reactie op hun beurt leuk. Een van de twee is Denise. Denise vindt het dus leuk dat haar vriendin Moon het leuk vindt dat zij een kopje koffie drinkt en ze vindt het leuk dat Moon in navolging van haar onbesuisde actie nu ook een caféïnemoment inlast. Ik vind het eerder vermoeiend dan leuk. Leuk met de l van ledigheid.
Ik maak niet zo veel mee, ik zou niet weten wat ik op Facebook zou moeten posten. De dode grutto had ik erop kunnen zetten. Het was een prachtige vogel, jong nog. Ik had een foto van hem gemaakt om aan Maarten en de kinderen te kunnen laten zien. Zijn lijk op internet zetten ging me te ver, het voelde alsof ik zijn privacy zou schenden. Het beest had al een schot hagel door zijn lijfje gehad, hij had genoeg geleden. Toen Kadhafi werd afgeknald en Jesper me dagenlang bestookte met het ene misselijkmakende filmpje van het gezeul met zijn lijk na het andere, moest ik nog aan de grutto denken. Die had het op het laatst dan toch beter getroffen dan de Libische kolonel. Mijn grutto rustte in vrede. Ik had een stille, sobere begrafenis voor hem geregeld, achterin de tuin van de vogelopvang, naast de merelhoek.
“Moon, formally known as Mona, is helemaal into Denise,” weet Kim. “Alles wat Denise doet, doet Moon ook. Ze bezoeken dezelfde feesten, dragen dezelfde kleding, gaan naar dezelfde homokapper. Je beste vriendin is een copycat geworden.”
Ik bijt op mijn lip. Ze heeft gelijk. Ik weet niet eens zeker of Mona nog wel mijn beste vriendin is. Ze doet afstandelijk sinds ze Denise heeft ontmoet, alsof ik niet interessant meer ben. Op mijn verjaardag kreeg ik een SMS van haar die er nogal inhakte:
VROUW! 40! VIER HET GOED! BEN ER NIET BIJ VANAVOND, SORRY. DENISE HEEFT TWEE GRATIS KAARTEN GEWONNEN VOOR WICKED, DE MUSICAL. BEL JE SNEL, XOXOMOON
Veertig met de v van vrienden die verdwijnen. Na het bericht zei ik tegen Kim dat ik er geen nachtje meer over hoefde te slapen, dat ik graag wilde kennismaken met mijn toekomstige GBF.
“Mitchell is ook teleurgesteld in een aantal mensen. Hij snakt naar iemand die hij kan vertrouwen. En nou weg bij die spiegel, anders kom je te laat.”
Kim, immer kordaat. Was ik vroeger ook 20? Ik weet het niet meer. Ze lijkt zo wijs en ongenaakbaar voor haar leeftijd. De wereld bestaat uit mensen die dumpen en mensen die gedumpt worden. Kim en Moon behoren overduidelijk tot de eerste categorie, ik tot de laatste. Ik zou niet durven dumpen. Als ik even uitschiet met dumpen, houd ik niemand over.