2

“Mam!” riep een ongeduldige meisjesstem in Ambers oor.

“Mam, word eens wakker. Het is voor jou.”

Amber schrok wakker. “Hun, wat… Hè…” mompelde ze verward.

“Het is voor jou, mam,” verklaarde Noortje. “Die ouwe zak van de modeshows. Hier is-t-ie.” Noortje tikte op de mobiel en rekte zich uit. “En trouwens, papa is aan het regelen dat Reinier en ik straks bij hem kunnen wonen.” Ze duwde het toestelletje in Ambers hand en spurtte de slaapkamer uit.

Amber sliep nog half en hoorde amper wat Noortje zei. Ze kwam moeizaam overeind en drukte de telefoon tegen haar oor.

“Met Amber?”

“Met de ouwe zak van de modeshows,” zei een boze stem die haar vaag bekend voorkwam.

“Huh? Eh… Met wie, eh…?” mompelde ze.

“Met Evers, de ouwe zak van de modeshows.”

“Maar meneer Evers, hoe komt u er nou bij dat u…”

“Dat ik een ouwe zak ben?” klonk het kwaad. “Dat beweerde je dochter.”

“Mijn dochter beweerde… Echt waar? Maar dat moet u verkeerd verstaan hebben, mijn dochter zou nooit…”

“En óf ze het zei!” schetterde Evers. “Ik vind het een grof schandaal.”

Amber besefte dat Evers het meende.

Oh Noortje! Waar had ze al die ellende aan verdiend? Zo’n slechte moeder was ze toch niet?

“Als dat echt waar is dan…” begon Amber vaag.

“Wat?” brulde Evers in haar oor. “Je denkt toch niet dat ik hier een beetje sta te liegen?”

Amber werd eindelijk echt wakker. “Nee, natuurlijk niet, meneer Evers. Maar u moet begrijpen dat mijn dochter op dit moment zichzelf niet is. Ze heeft veel last van de pubertijd en ze probeert constant om een ruziesfeer te maken… Het spijt me echt heel erg.”

“Ja, ja,” bromde haar chef. “Ik zeg altijd maar zo: waar rook is, is vuur.”

“Ik heb haar dat heus niet voorgekauwd als u dat bedoelt. De jeugd van tegenwoordig, die…”

“Ja, ja, die jeugd van tegenwoordig,” mompelde Evers op een zuinig toontje. “Daar doet de mensheid het al eeuwen mee af.”

“Nou ja, ik… Het spijt me echt. Ik zal haar onder handen nemen.”

“Dat doet u dan maar vanmiddag na het werk,” bromde Evers.

Amber schrok ervan. Werk? Hoezo werk? Ze was twee weken geleden voor het laatst geweest. Omdat het haar in de laatste maand van haar zwangerschap veel te zwaar werd om op een catwalk rond te flaneren. Alleen dat woordje flaneren al. Waggelen kwam eerder met die buik! “Werk?” prevelde ze. “Ik ben toch…”

“U bent toch nog niet bevallen, mag ik hopen?”

“Nee, maar…” Ze had de afgelopen nacht best een poos wakker gelegen van de oefenweeën. Maar dat ging haar werkgever niet aan.

“Lida heeft vannacht veel te vroeg een zoon gekregen, dus ik heb je vandaag nodig om haar plek in te nemen. We showen in Amersfoort.”

“Dat ga ik echt niet meer doen, meneer Evers. Dat wordt me veel te druk. En mijn buik is ook veel te zwaar om nog lekker te kunnen lopen.”

Maar Evers luisterde niet naar Ambers protesten. “Ik heb een hoogzwanger model nodig voor onze Laatste loodjes-lijn, dus ik verwacht je om elf uur stipt,” snauwde hij bevelend.

“Nee, meneer Evers. Ik pieker er niet over. Ik pas niet meer achter het stuur van de auto en ik ga echt niet met de bus.”

“Daar is het fenomeen taxi voor uitgevonden, Amber. Elf uur stipt bij Weeberg Mode in de Langestraat.”

“Nee meneer Evers, ik ben te moe. Ik kom niet. U vraagt maar een ander.” Met een resoluut gebaar drukte Amber de verbinding weg.

Wat dacht die man wel niet? Ze had twee weken geleden officieel afscheid genomen en dat was niet voor niks geweest. Met die zware vracht kon ze amper meer uit de voeten en ze had geen zin om als een soort nijlpaard over de catwalk te waggelen. Op hoge hakken nota bene.

Hoge hakken!

Op de show bij Heimanns had ze aan het eind van de loper wat al te energiek een bochtje gedraaid – want er zaten heel wat vrouwen te kijken en ze wilde toch ook niet als een veredelde strobaal overkomen – en toen was ze met zware buik en al het publiek ingeduikeld, omdat de fragiele, veel te hoge stilettohak haar niet meer kon houden.

Nee hoor, de show bij Heimanns was voorlopig haar laatste show als zwanger model geweest, het risico werd te groot en Evers moest het maar lekker zelf uitzoeken.

Misschien moest ze hem nog even bellen met het advies om één van de andere modellen een kussen onder haar jurk te stoppen?

Dat was sowieso wel een goede tip. Waarom moesten de modellen eigenlijk echt hoogzwanger zijn? Een beetje vulling deed wonderen.

Haar mobieltje rinkelde opnieuw en Amber keek wat loerend naar het display. Als dat Evers was, dan…

Nee, het was Jade.

Oké, dat kon ze wel wagen. Ze was ook best benieuwd hoe het nu met die geheimzinnige tante Frieda zat. Ze had Jade sinds het verwarrende telefoontje van gisteren nog steeds niet gesproken.

“Hé Jade, leuk dat je even belt.”

“Ja, dat denk ik eigenlijk niet,” verklaarde Jade. “Ik kom je zo halen om naar Amersfoort te gaan.”

“Woont die tante Frieda daar?” vroeg Amber.

“Tante… Tante wie?”

“Frieda. Daar belde je gisteren toch over? Of heb ik haar naam verkeerd verstaan? Het was best wel lawaaierig in dat vliegtuig.”

“Oh die. Nee, die, eh… Dat komt wel een andere keer.”

“Maar ze is toch bij je op bezoek geweest? Eergisteravond? Toch?”

“Nee, ze kwam aan de deur met een vaag verhaal over haar broer of zo. Maar ik moest naar bed, want ik had een vroege vlucht, dus ik heb haar weggestuurd.”

“Haar broer?” vroeg Amber.

“Had ze maar een afspraak moeten maken,” volgde Jade haar eigen gedachten.

Maar dat was Amber wel gewend. “Wat was er nou met die broer?” herhaalde ze.

“Weet ik veel. Dat horen we wel een keer. Volgens mij zit ze achter ons geld aan. Haar eerste zin ging over onze erfenis. Misschien denkt ze dat er voor haar nog wat te halen valt.”

“Dat lijkt me stug, onze erfenis komt van tante Wies. En die heeft met onze familie verder niks te maken.”

Jade reageerde niet en Amber staarde even nadenkend voor zich uit. “Was die tante Frieda misschien familie van tante Wies?” vroeg ze toen. “Want dan is het best mogelijk dat ze inderdaad recht heeft op…”

“Geen idee, Amber. Dat zeg ik toch net? Maar ik sta intussen voor je deur, dus ik zie je zo.”

“Je staat voor de deur? Maar ik lig nog in bed.”

“In bed? Dat meen je niet! Schiet even op, zeg. We moeten weg.”

Er klonk geschuifel en een klap van een autoportier, maar daar lette Amber niet op. “Maar waar gaan we dan heen?” vroeg ze.

“Naar Amersfoort, Amber. Dat zeg ik toch net. En hou nou eens op met dat eeuwige getreuzel. Hup, je bed uit!”

Amber schudde koppig haar hoofd. “Ik wil eerst weten wat we in Amersfoort gaan doen.”

“Ik persoonlijk weinig,” antwoordde Jade losjes. “Maar jij loopt een show bij Weeberg Mode in de Langestraat.”

“Wat? Ik loop een… Heeft Evers je zitten opjutten? Ik pieker er niet over om…”

“Natuurlijk pieker je daarover. Weeberg zoekt modellen voor de nieuwe dertigerslijn en als je nu al niet op komt draven, kun je die baan wel op je dikke buik schrijven.”

“Weeberg zoekt…”

“Ja, als je baby er straks is, zit het werk er bij Evers op. En omdat je vorig jaar door mijn schuld bij Modehuis Grutters ontslagen bent, probeer ik je nu ergens anders onder dak te helpen. En dat gaat me lukken ook.”

“Maar Jade, ik…”

Er klonk gestommel op de gang, de slaapkamerdeur ging met een klap open en Jade verscheen op de drempel. “Als je nu niet als de wiedeweerga uit dat luie nest van je komt, giet ik een emmer water over je kop,” zei ze onparlementair.

“Maar Jade, ik…”

“Wil je een baan als model bij Weeberg of blijf je de rest van je leven achter de geraniums zitten?”

“Dat valt toch wel mee.” Amber legde haar hand beschermend op haar dikke buik. “Als het kindje straks wat ouder is, kan ik altijd nog…”

“Nee, dat kun je niet,” zei Jade kordaat. “Je bent bij Grutters de laan uitgestuurd en dat is niet bepaald een aanbeveling, dat snap je zelf ook wel. Dus gaan wij er vandaag voor zorgen, dat je een job bij Weeberg krijgt.”

Al pratend liep Jade naar de wastafel, greep Ambers tandenborstel uit een glas en vulde het glas met water. “Nou wat gaat het worden? Een nat bed of een gewone douche?” Ze draaide zich om en hield het glas dreigend omhoog.

Amber kende haar tweelingzus langer dan vandaag. Die zag er geen been in om net zolang met water te gaan gooien tot de hele kamer nat zou zijn. En als dat niet hielp om Amber in beweging te krijgen, zou ze het plaatselijke fitnesscentrum bellen en wat stoere jongens opdracht geven om Amber uit bed te takelen.

Jade vond dat zij, Amber, die show moest gaan lopen en wat Jade in haar hoofd had, zat nooit in haar tenen, zeg maar.

“Maar ik heb eigenlijk best last van mijn buik,” probeerde Amber nog op een wat aarzelend toontje, maar Jade keek haar zus recht aan en trok toen een wenkbrauw op.

“De hele zaal zit straks vol met verloskundigen, je hebt ze voor het uitkiezen daar.”

“Maar Noortje en Reinier moeten naar school en…”

“Noortje en Reinier zijn net samen weggefietst, ze hebben brood mee en ik heb ze uitgebreid nagewuifd. Die redden zich prima. En nu is het wel klaar met de smoesjes.” Jade haalde uit, mikte Amber het glas water over haar hoofd en sloeg haar armen strijdlustig over elkaar. “En als je nu je bed niet uitkomt, laat ik een hijskraan komen,” verklaarde ze.

Amber wreef zuchtend het water uit haar ogen. Haar zus was een schat, maar soms kon ze haar wel schieten!

“Het is allemaal voor je eigen bestwil, Ambertje,” zei Jade met een grijns. “Kom op! Als jij nou gaat douchen, maak ik even een boterham en koffie voor je.” Ze draaide zich op haar hakken om en liep energiek de slaapkamer uit.

Amber had nog heel even de neiging om weer lekker onder de dekens te kruipen en verder te slapen, maar ze snapte zelf ook wel dat haar zus daar geen genoegen mee zou nemen. Als ze ooit nog eens ging verhuizen, kreeg Jade geen sleutel meer!

Amber grinnikte. Ze ging niet verhuizen, en ze was maar wat blij dat ze zo’n superzus had. Oké, Jade mocht dan wel eens wat al te erg doordrammen, ze wilde haar voor geen goud missen. Dus schoof Amber uit bed, viste een handdoek uit de kast en stapte met onzekere passen naar de badkamer.

Een half-uurtje later zat Amber naast Jade in de auto een broodje te eten. “Eigenlijk heb ik nog steeds best last van mijn buik,” zei ze tussen twee happen door.

“Je klaagt al weken over last van je buik, dus daar trap ik echt niet in, Amber.” Jade wreef over haar neus en pakte het stuur daarna weer met twee handen beet. “Ik snap jou niet, Amber Wilkens. Wat jij niet gedaan hebt om een baan als model te krijgen… Je bent zelfs met de meest foute man van de hele wereld getrouwd om maar bij Modehuis Grutters aan de slag te mogen. En nu kom je met smoesjes om maar niet aan het werk te hoeven.”

Amber nam de laatste hap van haar broodje en wachtte even tot ze die achter haar kiezen had. “Ik ben nu niet in vorm. Jade. Snap dat dan. Heel erg letterlijk niet in vorm. Een fotomodel flaneert over de catwalk… Ik ben meer een rondstampende mammoet op dit moment.”

“En daar is die Laatste loodjes-lijn nou precies voor bedoeld. Om de rondstampende olifanten en andere tientonners er toch nog goed uit te laten zien.”

“Ach, dat kan toch haast niet meer. Moet je kijken wat een buik ik heb. Ik kan niet eens meer autorijden, omdat ik niet meer achter het stuur pas.”

“Kom nou, zusje van me. Dat gelamenteer is toch niks voor jou? Over twee, drie weken ben je weer van die vracht af en dan krijg je nog spijt dat je niet wat meer van je zwangerschap hebt genoten.”

“Weet je, ik geniet er ook wel van, maar het wordt allemaal zo zwaar. En ik slaap niet meer lekker en mijn rug doet zeer en mijn benen…”

“Maar daar krijg je straks dan ook wat voor terug. Toch?”

Amber zuchtte diep. “Ja, over een jaartje of wat heb ik er nog zo’n oervervelende puberdochter bij.”

“Oh echt?” vroeg Jade gretig. “Wordt het een meisje? Heb je al een naam bedacht?”

Amber schudde haar hoofd. “Nee, het is meer bij wijze van spreken. Ik weet niet wat het wordt.”

Jade knikte begrijpend en toen kwam er een ondeugende grijns op haar gezicht. “Het is meer bij wijze van klaagzang, ik snap het.”

“Nou ja, ik…” mompelde Amber en ze voelde dat haar gezicht opeens knalrood werd van pure schaamte. Jade had natuurlijk gelijk, ze zat eigenlijk best wel een beetje al te erg door te zeuren.

“Maar je bent mijn zus en dan mag je best je hart even bij me luchten,” zei Jade vrolijk. “Maar dat doet me denken, kijk even in het handschoenenvakje. Ik heb wat voor je uitgeknipt.”

“Uitgeknipt?” vroeg Amber. Ze draaide zich een beetje op haar zij en probeerde het klipje van het handschoenenvak aan te raken, maar dat lukte niet best.

“Mijn armen zijn te kort of mijn buik is te dik,” bromde ze. “En ik durf ook niet zo heel ver naar voren te gaan, want dan word ik topzwaar en lig ik zo op de mat.”

“En dan kom je onder het handschoenenvak klem te zitten en moet ik een hijskraan huren om je weer los te peuren,” grijnsde Jade. “Maar daar hebben we de hoek naar het Dierenpark al en aangezien de stoplichten voor mij altijd net op rood springen… Kijk, daar gaat hij al.”

Jade remde af en zodra de wagen voor het rode licht stilstond, boog ze naar voren en viste een krantenknipsel uit het handschoenenvak.

Terwijl ze het verkreukelde stuk papier op Ambers schoot legde, begon de auto achter hen overdreven wild te toeteren.

Jade stak een hand omhoog en zwaaide daarmee wat heen en weer. “Ja, ja, aangebrande hupsakee, ik ben al weg.”

Amber streek het wat verfrommelde knipsel glad en tuurde naar een plaatje van een vrolijke pinguïn met een gele snavel. Het beest droeg een zwart stropdasje en wees met zijn vlerk naar de woorden: Psyquin maakt je sterker!

“Wat is dit, Jade?”

“Interactieve zelfhulp op internet. Net wat voor jou.”

“Omdat ik nu zo klaag, bedoel je?”

“Je bent nog steeds niet helemaal wakker, hè? Het is een internetsite waar je lessen kunnen volgen. Tegen slapeloosheid, faalangst en dat soort dingen.”

“Maar ik heb helemaal geen faalangst,” zei Amber fel en daarna vervolgde ze op een onzeker toontje. “Tenminste… dat geloof ik nou toch niet. Toch?”

Jade begon te lachen. “Lees nou maar.”

“Maar ik heb gewoon geen zin in die stomme show. Dat heeft niks met faalangst te maken. En dat ik nou wat beroerd slaap, komt van die dikke buik.”

“Uitstekend gededuceerd, mevrouw de afgestudeerde psychologe,” zei Jade op een overdreven hoog toontje en ze vervolgde met haar eigen stem: “Lees nou maar even.”

Amber keek wat aarzelend opzij naar haar zus en legde daarna haar hand op haar gezwollen buik. “Af en toe wordt het allemaal best wel hard. Ik zit heus geen smoesjes te verkopen.”

Jade trok een gezicht, tikte op het stukje krantenpapier en schakelde in dezelfde beweging.

Amber haalde haar schouders op. “Oké, oké, het heeft mijn volledige aandacht.” Langzaam liet Amber haar ogen over de regels gaan.

Last van slapeloosheid? Of piekert u veel? Psyquin helpt!

Psyquin is de naam van de eerste en enige interactieve zelfhulp website van Nederland. Bij Psyquin volgt u zelfstandig en in uw eigen tijd een volledige digitale zelfhulpcursus.

Psychologische hulp via uw eigen computer, zonder dat u er de deur voor uit hoeft. Dat kost minder tijd en een stuk minder geld.

Op dit moment kunt u bij Psyquin drie verschillende modules volgen:

– Greep op faalangst

– Minder piekeren

– Beter slapen!

“Heb je het uit?” vroeg Jade.

“Bijna, ja. Maar ik heb echt nergens last van, hoor. Ik kan die cursussen zelf wel geven.”

“Hè, hè,” zei Jade voldaan. “Ik dacht dat het kwartje nooit zou vallen.”

“Wat, eh… wat bedoel je nou?”

“Bij Psyquin zoeken ze gekwalificeerde psychologen om nog meer van die cursussen te helpen ontwikkelen. Kijk maar onderaan.” Jade kuchte en praatte door: “En dat lijkt me nou net wat voor jou, want dat kun je thuis doen als de baby slaapt.”

“Verhip, zeg.” Amber veerde op. “Je hebt helemaal gelijk.”

“Je kunt per e-mail solliciteren. Als we straks terug zijn, moet je ze maar even een mailtje sturen. En nou mag je uitstappen, want we zijn er.”

Amber worstelde zich moeizaam de auto uit. “Ik heb alweer een harde buik,” klaagde ze. “Dat doet best wel pijn.”

Maar de klacht was aan Jade niet besteed. “Niet zo doorzeuren, zusje van me. Nou weet ik het wel. Hup, aan het werk met jou.”

“Ons hoogzwangere model Amber showt hier een zwart jurkje uit de Laatste Loodjes-lijn” schalde het blikkerig uit de luidspreker langs de catwalk. “Let u vooral ook even op de rode band die de zware buik perfect en tegelijkertijd toch modieus ondersteunt.’”

Onder luid applaus stapte Amber voorzichtig de brede traptreden af en liep de rode loper op. Hoewel haar hakken dit keer niet hoger waren dan drie centimeter had ze toch het sterke gevoel dat ze door een berg eieren liep te waggelen en ze moest heel erg haar best doen om rechtop te blijven.

Vanuit haar ooghoeken zag ze dat het behoorlijk druk was in het zaaltje dat de firma Weeberg Mode altijd voor haar modeshows gebruikte. Op de stoelrijen vooraan zaten zwangere vrouwen met buiken in allerlei soorten en maten die onder het genot van een glaasje vers geperst sap met bewonderende blikken naar Ambers outfit keken.

Zoals u ziet, kleedt deze outfit werkelijk prachtig af,” zei de commentaarstem lovend en daar kon Amber het eigenlijk alleen maar mee eens zijn. Ze voelde zich weliswaar nog steeds een prehistorische dinosaurus, maar wel eentje die goed gekleed was.

Amber kwam aan het einde van de loper en zag Jade tussen het publiek zitten. En Jade trok gekke gezichten. Tenminste, Amber zag hoe haar zus haar tanden op elkaar zette en een brede tandpasta-glimlach produceerde. Daarna vormden haar lippen het woordje ‘smile’. Amber begreep opeens dat ze er waarschijnlijk erg benauwd bij liep. Omdat ze zo bang was om te vallen, was haar mond zo verkrampt dat er geen grijnsje meer af kon. Maar ze moest juist vrolijk lachen. Daar had dit enthousiaste publiek recht op.

Dus plakte Amber een glimlach op haar gezicht en draaide haar bochtje. Gelukkig, ze was overeind gebleven.

En het bijpassende bolerootje is dankzij de sluitflappen ook na de bevalling nog goed te gebruiken.”

Amber trok de knoop van de bolero los, liet het publiek de lange repen stof zien en knoopte het gevalletje daarna weer dicht.

Terwijl ze langzaam terugliep naar de trap, flitste er opeens een felle pijnsteek door haar heen en op hetzelfde moment voelde ze een straaltje vocht langs haar benen lopen. Verschrikt bleef ze staan en greep kreunend naar haar buik.

Het was even heel stil in de zaal.

“Gaat het, Amber?” vroeg de commentaarstem.

Er golfde een nieuwe pijnscheut door haar heen en Amber hapte naar adem. “De baby,” prevelde ze vooral tegen zichzelf. “Het is de baby.”

Nog geen tel later voelde ze Jades arm om haar heen. “Amber, gaat het wel?”

“Nee, ik verlies vocht en ik heb opeens weer zo’n kramp.”

“Oeps,” bromde Jade. “Hoe kon ik nou weten dat je echt last van je buik had? Dan was ik natuurlijk nooit zo streng voor je geweest…” Ze stopte met praten en ging rechtop staan. “Mijn zus moet bevallen,” brulde ze de zaal in. “Is er een verloskundige of dokter aanwezig?”

Maar Jades stem ging verloren in de drukte, want het publiek dat een minuut geleden nog ademloos naar de show had zitten kijken, was allang niet meer stil. Alle aanwezige vrouwen zaten zenuwachtig commentaar op de gebeurtenissen te geven, terwijl de mannen elkaar te midden van het gekwetter wat onwennig aan zaten te kijken.

“Dames en heren, mag ik even uw aandacht?” schalde de luidspreker door de herrie heen. “Is er misschien een arts of verloskundige aanwezig, die even naar Amber wil kijken?”

Er kwamen minimaal twintig vrouwen overeind die elkaar allemaal wat lacherig begonnen aan te kijken. “Zullen we er maar om tossen?” riep er een en dat leverde haar een compleet applaus op.

Amber vond er niet veel meer aan. “Ik wil naar huis,” kreunde ze.

“Dames en heren,” klonk het uit de luidspreker. “Voor dit soort situaties heeft de firma Evers vanzelfsprekend een noodplan klaar liggen. We maken een kleedkamer vrij voor de aanstaande moeder. En dan hebben we nu een paar sterke mannen nodig die Amber daarheen willen dragen.”

“Nee, dat hoeft helemaal niet,” begon Amber, maar Jade knikte heftig.

“Je bent vruchtwater kwijt, dus je gaat niet meer lopen. Ha, kijk eens aan, die journalisten op de eerste rij komen al hierheen. Heb je nog voorkeur voor een leuke vent? Die met dat bruine krulhaar lijkt me wel wat.”

Terwijl Amber nog zwakjes protesteerde, werd er een grote stoel de catwalk op gedragen.

“Ga maar zitten, Amber,” zei meneer Evers. “Moeten we nog iemand voor je bellen?”

“Tom,” prevelde Amber. “Tom moet komen, maar dat weet mijn zus wel.” Ze liet zich voorzichtig op de stoel helpen en verwachtte niet anders dan dat ze meteen weggedragen zou worden.

Maar journalisten blijven natuurlijk journalisten en terwijl Amber het vruchtwater naar buiten voelde druppelen, namen de persmuskieten uitgebreid de tijd om Amber op de foto te zetten. “Bent u al lang model?” vroeg er een en aan alle kanten kwamen er notitieblokken en microfoons tevoorschijn.

“Ik wil helemaal geen interview geven,” begon Amber, maar Jade zag haar kans schoon.

“Amber is een ervaren model. Zoals u wel ziet, kun je altijd op haar rekenen. Ziek melden doet ze niet aan, mijn zus gaat altijd tot het naadje. Vóór haar zwangerschap was ze bij Modehuis Grutters in dienst en voor straks als de baby er is, zoekt ze een nieuwe job.”

“Daar is met ingang van nu dan al meteen in voorzien. Amber gaat voor Weeberg Mode showen,” verklaarde een donkere mannenstem.

“En u bent?” vroeg een journalist.

“Jan Weeberg van Weeberg Mode,” antwoordde de man vrolijk.

Hij ging achter de stoel staan en kneep Amber vriendschappelijk in haar schouder. “Even lachen voor de foto, meisje,” fluisterde hij in haar oor. “Daar halen we alle kranten mee en dat is mooie reclame voor ons allebei.”

Amber had totaal geen zin om te gaan lachen. Hard gillen vanwege de buikkramp kwam eerder. Maar toen ook Jade aan haar begon te plukken, trok ze haar mond in een brede grijns.

Aan alle kanten begonnen fototoestellen te klikken en daarna werd ze onder luid gejuich over de catwalk gedragen, de trap op, naar een zijkamertje in de buurt van de centrale kleedkamer, waar drie gezellig kletsende vrouwen Amber opwachtten.

In het midden van de ruimte was een verrijdbare, hoge stretcher neergezet, die bedekt was met een dikke papieren kraammatras.

Er lagen twee grote kussens, wat incontinentiematjes en twee stapeltjes piepkleine babykleertjes in roze en blauw op het voeteneinde. Sokjes, rompertjes en twee heuse joggingpakjes. Op het blauwe pakje stond een enorme voetbal en op het roze een gele teddybeer met een strikje onder zijn kin.

In een hoek van de kamer stond een grote houten commode met daarop een kleurig babykussen dat versierd was met bruine beertjes, een knalrood wasbakje, een washandje en een grote beige weegschaal. Op het plankje erboven zag Amber een grote doos tissues, handdoeken, een keukenrol, een flesje baby-olie, talkpoeder en een flinke stapel papieren luiers.

De commentaarstem uit de luidspreker had niet overdreven. De firma Evers had aan alles gedacht.

Amber legde haar hand op haar buik. Ze voelde zich raar. Hoewel ze het al eerder had meegemaakt, kon ze zich ineens niet meer voorstellen dat er een echt kindje in haar buik zat. Een baby die straks die piepkleine kleertjes zou dragen.

Roze of blauw.

Een meisje of een jongetje…

Toen de gynaecologe destijds bij de echo had gevraagd of Amber wilde weten wat het ging worden, had ze meteen haar hoofd geschud. “Ik wil graag dat het een verrassing blijft,” had ze gezegd.

Maar nu had ze spijt van die beslissing. Ze wilde ineens ontzettend graag weten of haar kindje straks roze of blauw ging dragen!

Terwijl Amber moeizaam op de stretcher zakte, klikten de fotografen gezellig door en toen ook de cameraploeg van RTV Utrecht zich bij het clubje voegde, kreeg Amber het Spaans benauwd. Met een beetje pech werd de komende bevalling live op de televisie uitgezonden! Dan werd de nachtmerrie die haar bijna elke nacht uit haar slaap hield toch nog werkelijkheid…

Ondertussen liep één van de vrouwen met een brede glimlach op Amber af en stak haar hand uit. “Ik ben Hertha van Amerongen, gynaecologe van het UMC, en de dames daar bij de commode zijn Jolien en Kim, allebei verloskundige. Het is je derde kindje al, heb ik van je zus begrepen?”

Amber knikte.

“En de vorige keren geen problemen gehad?”

“Nee, maar het is de vorige kéér, enkelvoud. Ik heb een tweeling.”

“En hoelang is dat geleden?”

“Een jaar of dertien.”

“Oké. En je bent destijds in het ziekenhuis bevallen?”

Amber zag het zwerk opeens dreigen. Straks stuurde dit mens haar nog naar het ziekenhuis. Dat wilde ze niet. “Ja, dat klopt wel,” zei ze snel. “Maar ik had me er nu erg op verheugd om thuis te kunnen blijven. Dat kon makkelijk volgens mijn verloskundige.”

Hertha van Amerongen glimlachte verontschuldigend. “Thuis gaat zeker niet meer lukken. Als we je in een ambulance hijsen, wordt het natuurlijk ziekenhuis.” In een automatisch gebaar schoof ze haar goudkleurige ziekenfondsbrilletje omhoog.

“Maar laten we eerst maar even kijken hoe het ervoor staat, oké? Het is misschien ook niet nodig om je nog te verplaatsen.”

“Wie is je verloskundige eigenlijk?” vroeg een van de verloskundigen belangstellend.

“Viola… Viola van Horsten. Ik woon in Soest.”

“Oh Viola, die ken ik wel. Ik bel haar wel even. Misschien heeft ze nog bijzonderheden te melden.”

Amber voelde een nieuwe pijnscheut en ze kreunde zachtjes.

“Eh…kunnen die fotografen weggaan? Ik voel me zo niet echt prettig met al die camera’s.”

“Tuurlijk stuur ik die weg.” Hertha knikte. “Daar beginnen we meteen maar even mee.” Ze draaide zich om en riep: “Heren, mag ik even uw aandacht?”

Maar uiteraard deden de heren net of ze Hertha niet hoorden.

Hertha trok een gezicht en liep naar de deur, die ze wagenwijd opengooide. “Joehoe, gentlemen, eruit met jullie!”

Terwijl Hertha haar uiterste best deed om de persmensen weg te sturen, pakte Jade haar mobieltje, scrolde naar het nummer van Tom en drukte op ‘verbinden’.

“Politie Eemland, goedemiddag,” zei een stem in Jades oor.

“Politie Eemland?” herhaalde Jade stomverbaasd. “Dan heb ik een fout nummer in mijn mobiel gezet. Sorry.” Ze drukte de verbinding weg en liep naar Amber.

“Mag ik jouw mobiel even? Die van mij doet raar.”

“Heb je Tom al gesproken?” vroeg Amber gretig. “Komt hij hierheen?”

“Nee, ik heb hem nog niet te pakken gekregen. Daarom wil ik je mobiel even lenen, bij mij staat zijn nummer er fout in. Of weet je het uit je hoofd?”

Amber tuitte haar lippen. “Eh ja, dat zou eigenlijk wel moeten. Het was iets met… nul, zes, acht… vijf, vier… en dan een twee, geloof ik. Maar het kan ook een drie zijn.” Ze slaakte een diepe zucht. “Ik weet het niet meer. Het zit in het geheugen en ik scrol er altijd naar toe.”

“Ja, dan is het ook onzin om het uit je hoofd leren,” knikte Jade.

“Dus wil ik dan toch je mobieltje even lenen.”

“Het zit in mijn tas en die tas… die staat volgens mij ergens in de centrale kleedkamer. Die secretaresse die zo op een paard lijkt, past er op.”

“Oké, ik ben zo terug.”

Jade liep het kamertje uit en ging in de centrale kleedkamer op zoek naar Ambers tas, maar die was nergens te vinden. Speurend keek Jade de compleet verlaten kleedkamer rond.

Dat zou je altijd zien. Normaal viel je over de hoofden… Behalve als je iemand nodig had.

Dan moest ze maar bij de receptie gaan navragen… Wacht eens, stonden daar geen tassen boven op die kast?

Jade sleepte een stoel bij, klom er bovenop en graaide ongegeneerd door de tassen heen.

“Zoekt u iets, mevrouw Wilkens?” vroeg een deftige stem op een hele strenge toon. “U ligt toch te bevallen?”

Jade draaide haar hoofd opzij en keek naar de zwaar opgemaakte, geblondeerde, oudere dame schuin beneden haar.

Ze had een grote ronde mond met een dikke kin die een behoorlijk stuk vooruitstak. Met een beetje fantasie deed haar gezicht inderdaad aan een paardenhoofd denken en Jade moest moeite doen om niet breed te gaan grijnzen. “Ik ben Ambers tweelingzus en ik zoek haar tas,” verklaarde ze losjes. “Ik moet haar man bellen.”

“Oh, ik dacht ook al,” zei de oudere dame afgemeten. “Dat zijn allemaal rekwisieten. Daar kunt u lang zoeken.”

“En waar kan ik Ambers tas dan vinden?”

“Ik heb ze allemaal in mijn kantoor gezet. Hoe ziet hij eruit?”

Jade stapte omzichtig van de stoel. “Geen idee eigenlijk. Als ik hem zie, herken ik hem vast wel.”

“Dat is eigenlijk niet gebruikelijk, mevrouw. Ik kan niet zomaar tassen meegeven.”

“Amber kan nu even zelf niet en ik moet haar man bellen,” zei Jade.

“Volgens mijn informatie is mevrouw Wilkens net gescheiden.”

Jade snoof onhoorbaar. “Ik vind vriend een raar woord,” verklaarde ze. “Is huidige levenspartner een woord dat u beter bevalt?”

De vrouw keek Jade zuur aan. “U lijkt wel erg op haar,” bromde ze.

“Ja, dat heb je met eeneiige tweelingen,” antwoordde Jade.

“Weet u wat, mevrouw eh…” Ze stopte met praten en keek de vrouw vragend aan.

Die begreep wat er van haar werd verwacht. “Ik ben Riek van ‘t Woud en ik ben de privé-secretaresse van meneer Weeberg senior. En uw naam is?”

Jade stak met een professioneel stewardessenglimlachje haar hand naar Riek uit. “Ik ben Jade. Jade Veenstra.”

De secretaresse gaf haar een klam, benig handje. “Prettig kennismaken, mevrouw Veenstra,” zei ze op een toon die toch wel erg klonk alsof ze Jade wel kon schieten. “Loopt u maar even mee, dan gaan we kijken of we de tas kunnen vinden.”

In het privé-kantoor stond het vol met tassen, maar gelukkig herkende Jade de kleurige schoudertas van haar zus meteen. “Daar staat hij. Gelukkig maar.” Ze wilde de tas oppakken, maar de secretaresse hield haar tegen.

“Ik zei u net al dat ik geen tassen aan onbekenden meegeef,” zei het mens streng. “Dat zou een mooie boel worden. Dus u kunt hier bellen en daarna berg ik de boel weer op.”

Ze ging met de armen strijdlustig over elkaar gevouwen op de rand van het enorme kersenhouten bureau zitten en Jade begreep dat het mens de eigendommen van de modellen met haar leven zat te bewaken. En zij, Jade, altijd maar denken dat ze zo’n betrouwbare uitstraling had. Viel dat even tegen…

Jade besefte dat ze maar beter mee kon werken en plakte een dankbaar glimlachje op haar mond. “Dat begrijp ik volkomen, mevrouw Van ‘t Woud,” jokte ze en toen kreeg ze eindelijk de tas.

Snel viste ze Ambers mobiel tevoorschijn, scrolde door naar Toms nummer en drukte het knopje in. “Politie Eemland, goedemiddag,” zei dezelfde stem die ze zo’n zes minuten eerder ook aan de lijn had gekregen.

“Politie?” vroeg Jade verbaasd. “Bent u dat alweer? Daar begrijp ik niks van. Ik bel voor Tom van Reeswijk.”

“Dit is inderdaad de mobiel van Tom van Reeswijk,” verklaarde de stem.

“Oh, oké. Mag ik hem even?”

“Nee, dat zal helaas niet gaan.”

“Helaas niet gaan? Hoezo helaas niet gaan? Zijn, eb… vriendin ligt te bevallen. Hij moet onmiddellijk naar haar toe.”

“Bent u zijn vriendin?”

Jade trok een gezicht. Echt weer iets voor een man om dat soort domme vragen te stellen. Alsof je zo’n bevalling er even bij deed, gewoon even losjes tussen het stofzuigen en de afwas door. “Nee, natuurlijk ben ik zijn vriendin niet, meneer. Die ligt een baby te krijgen. Dat zeg ik u toch?”

“Juist ja. En u bent Amber Wilkens?”

“Nee meneer, ik ben haar tweelingzus. Jade Veenstra. Ik bel met Ambers toestel, vandaar.”

Er klonk wat gekuch aan de andere kant van de lijn en Jade keek met een scheef oogje naar Riek van ‘t Woud die duidelijk haar uiterste best deed om het gesprek zo goed mogelijk te volgen.

Waarschijnlijk speet het ‘t mens vreselijk dat ze Jade niet heel groothartig de directie-telefoon had aangeboden, dan had ze een kamer verderop ongegeneerd kunnen staan meeluisteren. Zo’n type was het wel.

“Hier heb ik Tom van Reeswijk voor u,” zei de politieman en er volgde een hoop gekraak.

“Amber, ben jij dat? Is alles goed?” hoorde Jade uiteindelijk Toms stem zeggen.

“Ik ben het, Tom. Jade. Ik bel met Ambers toestel.”

“Dag Jade. Is alles goed met Amber?”

“Ja hoor, we zijn bij Weeberg Mode in Amersfoort. Amber liep een show en…”

“Ze liep een show?” vroeg Tom verbaasd. “Daar was ze toch voorlopig mee gestopt?”

“Er was een model uitgevallen, maar daar bel ik niet voor. Kun je zo snel mogelijk hierheen komen? De bevalling is begonnen. Weeberg Mode zit in de Langestraat, vlakbij V#D.”

Er klonk een diepe zucht aan de andere kant van de lijn. “Ik… Het spijt me Jade, ik ben gearresteerd en ik kan geen kant op.”

Jade vergat helemaal dat ze een luistervink had.

“Gearresteerd?” brulde ze verschrikt. “Waarvoor nou weer?”

“Een aanklacht van de Berinkjes. Ze beweren dat ik de burgemeester het water in heb gereden.”

“En? Is dat zo?” flapte Jade er uit. Terwijl ze het zei, besefte ze zelf al dat het een duffe vraag was. Ten eerste was het niks voor Tom om iemand te vermoorden en ten tweede zou hij – met een agent naast zich – heus niet gaan roepen dat hij schuldig was.

Toms antwoord was voor Jade dan ook geen verrassing. “Nee, natuurlijk niet,” verklaarde hij. “Wil je meester Antons voor me bellen? Ik zit voorlopig in Baarn, dan weet hij het wel.”

“Maar Tom, wat moet ik nou tegen Amber zeggen?”

“De waarheid natuurlijk. Ik moet helaas ophangen. Spreek je.”

Met een droge klik werd de verbinding verbroken.

“Nou, mooie boel, zeg,” bromde Jade tegen zichzelf. “Tom zit in de lik. Hoe leg ik dat ooit aan mijn zusje uit?” Ze staarde wat suffig naar Ambers mobiel.

Opeens kwam er – als uit het niets – een benige hand tevoorschijn en gretige, veel te rood gelakte vingers graaiden het toestel uit Jades hand.

“Ik zal het telefoontje dan maar weer even opbergen, hè?” blaatte Riek van ‘t Woud genietend naast haar. “Of moet u nog naar andere gevangenisboeven bellen?”

“Het is uiteraard een misverstand.” Jade merkte dat haar stem best wel geïrriteerd klonk en ze probeerde zo ontspannen mogelijk verder te praten. “Iets met een onbetaalde boete of zo. Het is altijd maar gezeur met die politie.”

“Daar heb ik gelukkig totaal geen ervaring mee, mevrouw,” antwoordde Riek op een venijnig toontje. “Ik verkeer niet in dat soort criminele kringen.”

“Ik ook niet, hoor,” zei Jade scherp, maar Riek keek haar aan alsof ze er geen bal van geloofde. Nou ja, dat was dan haar probleem, dacht Jade boos. “Ik ga weer eens even naar mijn zus,” zei ze hardop.

“Goed plan.” Riek knikte meelevend, liep naar de deur en gooide die ongastvrij helemaal open. “Wat ontzettend vervelend dat u zulk slecht nieuws voor uw zusje hebt.” Riek slikte en liet het puntje van haar tong bijna verlekkerd over haar lippen glijden.

“Het is me nogal niet wat als je huidige levenspartner in de cel zit, terwijl jij ligt te bevallen.”

Daarna wees ze met een priemend vingertje naar de gang. “Dag mevrouw Veenstra. Ik wens u veel sterkte.”

Jade snoof en trok haar schouders in een bruusk gebaar naar achteren. Maar op de drempel kon ze zich niet meer inhouden. Ze draaide zich half om en stak uitdagend haar tong uit naar de irritante secretaresse. “Ouwe knol,” lispelde ze.

Maar Riek van ‘t Wout stond tevreden handenwrijvend uit het raam te kijken en miste Jades kleine protestactie volkomen.

Dus gooide Jade de deur met een klap achter zich dicht en ging haastig op weg naar de kleedkamer waar Amber lag. Maar na drie meter liep ze al vast in een haag van op sensatie beluste verslaggevers.