28
‘Ik kan gewoon niet geloven dat je The Godfather nog nooit hebt gezien,’ zei Tom terwijl ze door South Bank liepen. Hij nam een slokje bier uit een flesje en ademde de avondlucht in. Het was donker, een van de eerste kille augustusavonden, een klein teken dat de zomer ten einde liep. ‘Zullen we naar Gabriel’s Wharf gaan? Er zit daar een goede pizzatent, vlak bij de rivier.’
‘Super,’ zei Elle. ‘Ik vond hem fantastisch.’
‘Wat vond je het leukste stukje?’
‘Ikke wil niet datte mij broer uit die wc kommet met alleen zijn pik in zijn hand,’ zei Elle op haar beste gangstertoontje.
‘Wacht maar tot je The Godfather Part II ziet,’ zei Tom. ‘Die is nog beter. We moeten de video een keer huren, hij is best lang, misschien is het beter dat een keer op een middag te doen.’
‘Klinkt goed.’
‘Hoe is je gesprek met Celine eigenlijk gegaan?’ vroeg Tom. Hij legde zijn hand onder haar elleboog en leidde haar weg van een tegemoetkomende rolschaatser. ‘Wanneer heb ik jou ook alweer gezien, donderdag toch? Het gesprek was toch vrijdag?’
‘Ja, het ging wel. Ik weet het niet. Het is…’ Elle aarzelde. ‘Ik weet nooit zeker of ze weet waar ze het over heeft. Ze vraagt me naar boeken die ik heb gelezen en als ik haar er dan over vertel, is het duidelijk dat ze er nog nooit van heeft gehoord. Ik bedoel, ze kent Witte Tanden en Harry Potter, maar dat is het. Dus hoe kan ze weten of ik het goede antwoord heb gegeven?’
‘Ik weet zeker dat je het goed hebt gedaan,’ zei Tom. ‘Bovendien praat je graag over boeken. Het maakt niet uit of zij ze kent of niet, het gaat erom dat je overtuigend klinkt en ik weet zeker dat dat zo was.’
‘Bereid Bookprint UK te vertegenwoordigen en haar handen thuis te houden!’ zei Elle. Ze haalde haar schouders op. ‘O, ik weet niet eens of ik wel zin heb om te gaan. Ik… Nou ja, we zullen wel zien.’
‘Als je gaat, ga dan wel om de juiste reden. Celine… Nou, volgens mij spoort ze niet helemaal. Maar ga niet om ergens van weg te rennen.’
Elle bleef onder een paar bomen staan. ‘Hoe bedoel je?’
‘Niets,’ zei Tom.
‘Ik vind wegrennen een heel goede reden om te gaan,’ zei Elle. Ze keek omhoog en staarde naar de met sterren bezaaide hemel. ‘Alles achter me te laten… zou geweldig zijn.’
‘Maar het is er nog steeds als je terugkomt,’ zei Tom. ‘Als je het niet regelt.’
Elle zei: ‘Mijn familie zal nooit veranderen. Mijn baan zal nooit beter worden. Mijn liefdesleven zal niet verbeteren. Libby zal me altijd op de kast blijven jagen. Ik heb het gevoel dat ik… afstomp en in oktober word ik achtentwintig. Het gaat niet goed zo. Ik bedoel, ik ben oud, maar zo oud nu ook weer niet.’
‘Oud! Je bent nog maar een broekie, Elle.’ Tom gooide het flesje in een prullenbak. ‘Kom op, schiet op. Ik heb honger.’
Hij was in een rare bui die avond. Elle wist niet waarom. Hij glimlachte en lachte en hij was even goed gezelschap als altijd, maar ze had het gevoel dat hij afstandelijk deed. Ze zaten buiten in de zwoele augustusavond, een briesje vanaf de brede zwarte Theems ritselde door hun servetjes, Elles rok en haar haren.
‘Is alles goed met je?’ vroeg ze hem. ‘Je bent zo stil.’
Tom stopte een groot stuk pizza in zijn mond zodat hij niet hoefde te antwoorden. Hij knikte. ‘Mmmhmm,’ zei hij.
‘Goed. Nou, je weet wel. Als er iets is waarover je wilt praten, kameraad…’
‘Kameraad?’ Hij zei het woord alsof hij het nog nooit eerder had gehoord. ‘Goed, kameraad.’ Hij keek op en sloeg zijn ogen weer neer.
Elle voelde zich roekeloos. ‘We zijn toch kameraden?’ Ze wist niet waarom ze het zei. Ze wilde even dwarsliggen.
‘Natuurlijk zijn we dat.’ Met zijn blik zocht hij haar gezicht af. Hij zag er moe uit, vond ze. De zomer sleepte zich voort en was lang, droog en veel te warm. Ze wilde dat het herfst werd. ‘Je bent… We zijn, eh… deze zomer, de afgelopen weken, ja, zijn we goede vrienden geworden.’ Hij schudde zijn hoofd, deed zijn ogen dicht en slikte.
‘Is dat alles wat je vindt dat we zijn?’ vroeg Elle.
‘En jij dan?’ vroeg hij meteen. ‘Wat vind jij?’ Ze hield haar adem in. Hij keek alsof hij op het punt stond iets te zeggen, maar stopte. ‘Ik ben echt heel moe, sorry. Ik heb een zwaar weekend achter de rug.’
‘Gaat alles goed tussen jou en Caitlin?’ vroeg Elle, en ze probeerde rustig te blijven.
‘Nee, niet echt. We zijn uit elkaar.’
‘O.’ Elle legde haar vork neer. ‘Mijn hemel, Tom. Het spijt me.’
‘Het is beter zo, echt.’
‘Sinds wanneer?’
‘Zaterdag. Het was wederzijds.’
‘Echt?’
Tom zuchtte. Hij had zijn bril sinds de bioscoop nog steeds op, zette hem af en wreef over zijn neus. Zijn kaak was gespannen. ‘Nou, we beseften dat we het uit moesten maken, we willen allebei andere dingen. En ik heb deze zomer eens goed nagedacht.’
Ze kon de spanning tussen hen voelen. Het leek haar in de koude avondlucht te verwarmen. Elle schraapte haar keel en zei luchtig: ‘Is dit gewoon een beleefde manier om te zeggen dat je haar hebt gedumpt?’
Tom proestte het uit van het lachen. ‘Ik doe niet aan zwartmakerij, Eleanor.’
‘Is het definitief?’
Tom keek haar recht aan. ‘Ja, dat is het. Ja.’
Ze waren allebei stil. Zijn telefoon begon op de tafel te trillen, en ze schrokken op.
‘Verdorie, dat is ze,’ zei hij. ‘Ze had gezegd dat ze me misschien wilde spreken. Mag ik…’
‘Natuurlijk,’ zei Elle. ‘Ga je gang.’
Hij raakte haar arm even aan. ‘Ik zal het kort houden, dat beloof ik. En ik moet je iets vertellen als ik terugkom.’
Hij stond op en liep naar buiten het hoefijzervormige plein op met daaromheen de lichtjes van de andere restaurants. Elle keek naar hem, benend over het beton. Haar hart kromp ineen voor hem en ze probeerde uit te vogelen waarom. Hij was een bijzondere mengeling van onafhankelijkheid en kwetsbaarheid en opeens was alles helder. Hij was niet zoals de andere jongens uit de uitgeefwereld. Jeremy die zo glad was als maar kon, Rory die jongensachtig en charmant was en Bill was agressief en ballerig; ze waren allemaal op hun eigen manier manipulatief. Tom was gewoon niet zo. Daarom, besefte ze, vond ze hem ook zo leuk.
Na een paar minuten was hij nog steeds niet terug. Elle zuchtte. Ze dacht dat het nog wel even kon duren. Twee weken daarvoor waren ze in Chelsea iets wezen drinken, in een kleine pub aan een rustig straatje naar de rivier. Caitlin was als uit het niets binnengekomen en had net gedaan of het toeval was, hoewel dat duidelijk niet zo was.
Elle pakte de Private Eye die uit Toms jaszak op de grond was gevallen. Ze grinnikte om de pas veroordeelde Jeffrey Archer op de voorkant, onderweg naar de gevangenis. Ze sloeg het tijdschrift open en bladerde naar haar favoriete column, Boeken en boekenmensen, maar haar blik werd onmiddellijk omlaag getrokken, in een flits, en ze wist dat ze op het punt stond ‘iets’ te zien nog voordat ze het had gelezen. Terwijl ze het las viel haar mond open van verbazing en pas toen ze haar glas met een klap hoorde stukvallen, besefte ze dat haar wijnglas uit haar hand op de grond was gerold. Tom kwam met grote passen op haar af en deed zijn telefoon in zijn zak, maar toen hij haar uitdrukking zag bleef hij staan. De serveerster naast haar veegde het glas op. Elle deed een paar scherfjes in een smerig servet.
Ze keek hem aan, haar ogen vol tranen.
‘Je had het zeker al gezien.’
Tom keek omlaag en trok wit weg.
Iedereen die de voortslepende gebeurtenissen rond de laatste onafhankelijke uitgeverij, Bluebird Books, heeft gevolgd, was zeer verbaasd toen Rory Sassoon, de zoon van de voormalige eigenaresse Felicity Sassoon zichzelf overtrof, zelfs volgens zijn eigen gluiperige maatstaf. Viespeuk Sassoon nam haar afgelopen december te grazen, door zich voor ££££ te verkopen aan het zielloze Bookprint, dat wordt gerund door de Gazelle, oftewel Celine Bertrand, de werkbij van het Franse megabedrijf BarQue. Men zou zich kunnen afvragen, gezien het volledige gebrek aan talent van de viespeuk, waarom hij tot duizelingwekkende hoogte is gepromoveerd, tot vicepresident van de vage bbe-divisie. Volgens geruchten was hij gedurende de maanden voor de verkoop echter meer dan een collega van de Gazelle. Voeg daarbij zijn twee jaar durende affaire met een junior personeelslid en het wordt duidelijk waarom hij geen tijd heeft om te werken. De huidige directeur van bbe, Bill ‘grijpgrage handjes’ Lewis, is blijkbaar ook niet al te blij, vooral niet sinds hij om de oren is geslagen met zijn eigen ‘aanpak’ van een andere junior redacteur. Rory is daarover uit de school geklapt tegen zijn bazin en het lijkt erop dat de junior wraak heeft genomen door over zijn praktijken te vertellen aan wie het maar horen wil! Een heftig gebeuren!
‘Wist je het?’ vroeg Elle. Gebroken glas kraakte onder haar voeten. ‘Ja, zeker?’
Hij knikte. ‘Dat ze een affaire hadden? Ja, het spijt me.’
‘Dus Rory heeft Celine over Libby en Bill verteld,’ zei ze. ‘Maar wie heeft ze over Rory en mij verteld?’ Ze prikte in de krant. ‘Zeggen ze dat het Libby was?’
‘Het doet er niet echt toe, Elle,’ zei Tom. Hij pakte haar hand. ‘Zij heeft het waarschijnlijk aan iemand verteld en diegene heeft het weer aan iemand anders verteld… Je weet hoe het gaat in de uitgeefwereld, een en al stom geroddel. Ik denk dat iedereen het nu wel weet.’
Ze was nog steeds geschokt. Rory en Celine. Hoe kon ze dat niet eerder hebben gezien? Ze was zo dom. Maar dit hele gedoe: het idee dat je iets was waar mensen achter kwamen in een tijdschrift, een naamloos geil wijf. Het was… bizar. Het was afschuwelijk.
‘Maar hij heeft me nog ge-sms’t,’ zei ze. ‘Een paar weken geleden nog. Hij heeft me nog ge-sms’t. Ik dacht…’ Haar handen vielen slap langs haar zij. ‘Het doet er niet meer toe.’
Tom zat stilletjes naast haar. ‘Zullen we nog iets gaan drinken?’
De bioscoop, het eten, hun gesprek, het leek allemaal een andere avond, voordat Caitlin belde en dit gebeurde. Ze knipperde met haar ogen, probeerde zichzelf terug te voeren. ‘Nee, dank je,’ zei ze. ‘Het spijt me, Tom.’
Hij legde zijn hand op de hare. ‘Niemand zal het zich volgende week om deze tijd nog herinneren. Je naam staat er niet in.’
Ze trok haar hand weg en stond op. ‘Daar gaat het niet om,’ zei ze. ‘Ik zal het me herinneren. Het is allemaal zo… smerig. Alles. Het gaat helemaal niet over werk. Het gaat erover wie het met wie doet.’
‘Erom,’ zei Tom vriendelijk, en hij probeerde haar een glimlach te ontlokken. Ze liep weg, en hij volgde haar.
‘Het spijt me dat deze avond is verpest,’ zei ze. ‘Zullen we dit weekend iets gaan doen? Om even bij te praten?’
Hij stond met zijn gezicht naar haar toe terwijl de wind van de rivier om hen heen striemde. ‘Graag,’ zei hij.