2
Zelfvertrouwen en grenzen

Zoals we in het vorige hoofdstuk al aangaven, is een van de belangrijkste voordelen van het meer opkomen voor jezelf een toename van zelfvertrouwen. In dit hoofdstuk laten we zien, hoe je met behulp van praktische technieken beter je grenzen kunt bewaken. Als je je mening kunt uiten en je grenzen kunt aangeven, heeft dat een gunstige invloed op je zelfbeeld. Bovendien voorkom je, door aan anderen duidelijk te maken wat je wilt of voelt, misverstanden in de communicatie. Het wordt dan lastiger voor anderen jouw vragen, gevoelens of mening te negeren.

Als je te veel afhankelijk bent van de goedkeuring van anderen, is het moeilijk je persoonlijke grenzen aan te geven. Daarom is het van belang dat je leert jezelf het vertrouwen te geven dat je bij anderen haalt. Zoals bij veel dingen in het leven geldt: zorg voor een positief zelfbeeld. Waardeer jezelf niet alleen als anderen aardig voor je zijn, maar doe het ook los van de mening van anderen. Een positief zelfbeeld kan alleen uit jezelf komen. Of zoals Oprah Winfrey het verwoordde, na een jarenlange strijd met haar eigen negatieve en lage zelfbeeld:

‘Vroeg of laat moet je voor jezelf beslissen dat je, met al je beperkingen, als mens goed genoeg bent. Dat je jezelf mag verdedigen en beschermen én voor jezelf mag opkomen. Die beslissing kun je alleen zélf nemen. Vervolgens moet je er in kleine stapjes naar gaan leven. Als je geleerd hebt dat je vanbinnen goed bent, maakt het echt niet meer uit wat anderen denken. Tegen iemand die probeert te zeggen dat je, om wat voor reden dan ook, minder bent, zeg je dat hij zich vergist en de verkeerde indruk van je heeft. Je weet dat je niet volmaakt, maar wel goed bent, daar trek je de grens.’

Tijdelijke conflicten

Het is geen eenvoudige opgave je zelfbeeld en gedrag te veranderen en te kiezen voor je persoonlijke grenzen. Zeker niet als je iemand bent die altijd voor iedereen klaar heeft gestaan. Door jarenlang op dezelfde onderdanige manier te denken en te handelen, ontstaan er patronen die lastig te doorbreken zijn. Waarschijnlijk heb je ook je omgeving ‘geleerd’ dat ze ‘altijd’ op jou kunnen rekenen voor een ‘vriendendienst’. Niemand zal zomaar al zijn verworvenheden willen opgeven. Wellicht gaan familieleden en vrienden heftig protesteren als jij plotseling ook eens ‘nee’ gaat zeggen. Misschien worden ze zelfs boos of laten ze je een tijdje links liggen. Trap niet in deze manipulatietrucs. Bedenk dat het meestal gaat om een tijdelijk conflict. Denk eens na over het volgende:

Tijdelijke ongenoegens of conflicten zijn niet per definitie negatief. Constructieve tijdelijke conflicten leiden, op de langere termijn, vaak tot compromissen, meer verdraagzaamheid en tot het actief zoeken naar goede oplossingen. Het kan de relatie achteraf ten goede komen en op zijn minst duidelijkheid scheppen. Bovendien: wat heb je liever? De tijdelijke ‘vervelende’ gevolgen van het opkomen voor jezelf of de schadelijke en veel ingrijpender gevolgen voor je zelfbeeld van onderdanig gedrag?

Verborgen problemen

Voor jezelf opkomen heeft gevolgen voor anderen. Mensen worden sneller geconfronteerd met zichzelf. Waarschijnlijk konden ze jouw toegevende houding gebruiken om hun eigen persoonlijke problemen niet onder ogen te hoeven zien. Op het moment dat jij je iets meer terugtrekt en niet langer meer de verantwoordelijkheid neemt voor hun problemen, kunnen er al langer bestaande problemen aan de oppervlakte komen.

Soms lijkt het alsof jouw grenzen problemen bij anderen veroorzaken! Sterker, mensen kunnen je zelfs ronduit de schuld geven voor de problemen waarmee ze plotseling worden geconfronteerd. Dat maakt het aangeven van grenzen soms zo lastig. Hanteer daarom de volgende vuistregel: mensen die extreem reageren op redelijke grenzen, hebben vaak zelf een verborgen probleem. Jouw grens kan hooguit een al langer bestaand probleem aan de oppervlakte brengen. Maar het is beslist niet jouw schuld of het gevolg van jouw grenzen dat een ander overdreven reageert. Jouw grens kan iemand wel confronteren met een waarheid die waarschijnlijk al veel eerder boven tafel had moeten komen.

EEN VOORBEELD

Roy besluit om niet meer elk weekeinde bij zijn moeder te logeren. Hij begint in zijn nieuwe woonplaats vrienden te krijgen en te ‘aarden’. Hij kiest ervoor om meer weekeinden met z’n vrienden door te brengen. Om zelfstandiger te kunnen worden, moet hij meer in zijn eigen leven gaan investeren. In een emotioneel gesprek maakt hij zijn moeder duidelijk dat hij minder vaak langs kan komen. Ook al probeert ze hem nog tegen te houden, ze begrijpt zijn overwegingen. Ze weet ook dat het echte probleem bij haar ligt, dat zij zelf moeite heeft hem ‘los’ te laten. Roy is opgelucht, hij heeft het aangedurfd meer persoonlijke ruimte op te eisen. Zijn moeder blijft nog een paar maanden proberen om zijn medelijden op te wekken. Toch verandert zij ook. Heel geleidelijk begint ze te wennen aan de nieuwe situatie. Ze gaat meer tijd investeren in zichzelf, pakt oude hobby’s weer op en breidt haar contacten met de buren en sommige familieleden uit. Roy kan dankbaar vaststellen dat hij, ondanks de aanvankelijke problemen, zowel zichzelf als zijn moeder wakker geschud en geholpen heeft.

Wat is belangrijk?

Wat is voor jou belangrijk? Bij elke keuze die je maakt staan er belangen op het spel. Telkens als iemand je iets vraagt, moet je belangen tegen elkaar afwegen. Als je niet gewend bent voor jezelf op te komen, dan ben je waarschijnlijk ook niet gewend na te denken over je eigen belangen. Bij het ruimte maken voor jezelf hoort dat je de dingen en doelen gaat nastreven die je zelf belangrijk vindt. Anderen mogen het met je eens zijn, maar als ze er anders over denken blijf je je eigen doelen voor ogen houden. Alle doelen die voor jou van betekenis zijn, verdienen het om verdedigd te worden.

Wat zijn jouw assertieve doelen op dit moment? Welke doelen je ook hebt, je mag ervoor uitkomen. Meet ze niet langer meer af aan de doelen van een ander of aan de zogenaamde ‘regels en normen’ van de mensen uit je omgeving. Je doelen zijn belangrijk omdat het jouw doelen zijn.

Rond het nastreven van je doelen kunnen er grensproblemen ontstaan. Voorbeelden van grensproblemen zijn: mensen die eisen dat je ze ‘voor laat gaan’ of die vinden dat hun problemen of bezwaren zwaarder wegen, familie of vrienden die blijven verwachten dat je er altijd voor hen bent, collega’s die geen klachten, kritiek of tegenspraak accepteren, verenigingen die zeggen dat alles misloopt als jij niet meer allerlei onbetaalde taken op je wilt nemen, buren die het te lastig vinden om voortaan rekening met jou te houden et cetera.

Grensproblemen en -conflicten maken je wellicht zo bang dat je geneigd bent je eigen wensen te laten schieten. Dat is zonde omdat, zoals we hierboven al aangaven, het vaak om tijdelijke conflicten gaat. Mensen die meer gewend zijn op te komen voor wat ze willen, weten dat het zeer de moeite loont om je niet te snel af te laten schrikken. ‘Tegenstanders’ laten, na verloop van tijd, vanzelf hun bezwaren los als ze merken dat je niet langer meer bereid bent je plannen op te geven. Natuurlijk hoef je niet altijd en overal je zin te krijgen, maar het omgekeerde is ook niet goed. Gebrek aan persoonlijke vrijheid is zowel voor jou als je omgeving schadelijk. Hoe kleiner de ruimte voor jezelf en voor wie je echt bent, hoe groter de kans wordt dat je vastloopt in problemen als obsessies, dwangmatig gedrag, pijn en perfectionisme.

OEFENING

Om belangrijke en minder belangrijke grensproblemen uit elkaar te houden, kun je nagaan wat het je zou opleveren als een bepaald probleem er niet meer zou zijn. Maak een lijst van grensproblemen en stel je voor hoe het zou zijn als deze door een ‘wonder’ werden opgelost. Je hoeft je even niet druk te maken over hoe de problemen opgelost moeten worden. Het gaat erom dat je ontdekt hoe het voelt als een probleem er niet meer zou zijn.

De ‘opgeloste grensproblemen’ die je het grootste gevoel van opluchting geven, zijn waarschijnlijk zeer belangrijk voor je. Deze problemen verdienen extra aandacht. Voor de aanpak van grensproblemen kun je gebruik maken van het onderstaande actieschema.

Het actieschema

Bij het alleen maar ‘uitdenken’ van of piekeren over grensproblemen kan er informatie verloren gaan. Je loopt het risico dat je steeds in dezelfde gedachtecirkels rond blijft draaien. Daarom is het belangrijk dat je het actieschema schriftelijk invult. Het ordent je denken in positieve richting. Problemen opschrijven heeft altijd een meerwaarde: het stelt je in staat nauwkeurig te analyseren, meer inzicht te krijgen en logisch te redeneren. Schrijven werkt vaak net zo geruststellend en steunend als een gesprek met iemand. Vooral als je bang bent voor afwijzing of je oververantwoordelijk voor anderen voelt. Het is nuttig om van tevoren schriftelijk vast te leggen wat je wilt veranderen en hoe je dat gaat aanpakken (in kleine stappen!). Bovendien kun je alvast opschrijven wat je wilt gaan zeggen en de formuleringen kiezen die het beste bij je passen. In spanningsvolle situaties biedt het ACTIESCHEMA extra houvast.

Hieronder geven we het ACTIESCHEMA, direct erna volgt een voorbeeld van iemand die ermee gewerkt heeft.

Beschrijving van een grensprobleem

Wat zijn de gevolgen van het grensprobleem?
Hoe reageer ik meestal: wat denk, voel en doe ik?

Gewenste grens
Hoe zou ik willen reageren, welke grens wil ik stellen?
Is deze grens redelijk?

Wat zijn voor deze grens de:
Negatieve gevolgen + Positieve gevolgen?

Uitvoering
Wat ga ik zeggen en wanneer ga ik het zeggen?

EEN VOORBEELD

Eva besluit dat ze meer voor zichzelf wil gaan opkomen. Het almaar kiezen voor anderen, ten koste van zichzelf, levert haar te veel spanning op en maakt haar extra onzeker. Ze heeft een aantal grensproblemen die haar persoonlijke vrijheid inperken. Om te oefenen met een grens kiest ze één actueel probleem.

Eerst een korte inleiding:

Eva vertelt dat ze bij een vriendin op bezoek is geweest die pas is verhuisd. Haar vriendin heeft haar huis hypermodern ingericht. Eva zegt tegen haar vriendin dat ze de moderne inrichting mooi vindt. Haar vriendin wordt zo enthousiast dat ze voorstelt om samen met Eva naar een meubelzaak te gaan om soortgelijke meubels voor het nieuwe huis van Eva uit te zoeken. Eva weet zich geen raad, als ze nu ‘nee’ zou zeggen zou haar vriendin kunnen denken dat ze de inrichting helemaal niet zo mooi vindt. Ze zegt daarom maar ‘ja’ terwijl ze eigenlijk haar eigen nieuwe huis helemaal niet modern wil inrichten. Samen met haar vriend had ze juist gekozen voor een klassieke inrichting. Vanaf het moment dat Eva heeft ingestemd met het voorstel van haar vriendin is ze doodsbang dat haar vriendin belt om samen meubels te gaan uitzoeken.

Eva vult het ACTIESCHEMA als volgt in:

Beschrijving grensprobleem
Maria nodigt me uit om moderne meubels voor mijn huis uit te gaan zoeken. Maar ik wil helemaal geen moderne meubels!

Gevolgen
Ik voel me gespannen, iedere keer als de telefoon gaat. Ik durf hem niet op te nemen.

Gewenste grens
Ik wil natuurlijk gewoon m’n eigen keuze volgen en tegen Maria zeggen dat ik heb besloten klassieke meubels te nemen. Het lijkt me redelijk dat ik zelf bepaal wat voor meubels ik in mijn huis zet.

 

Negatieve gevolgen

Misschien denkt Maria dat ik haar inrichting niet mooi vind en wordt ze boos.

Positieve gevolgen

Ik hoef niet meer zo gespannen te zijn; waarschijnlijk zal Maria het toch gewoon accepteren. Maar ik zal me in ieder geval beter voelen omdat ik voor mezelf kies.

Uitvoering
Ik bel Maria en zeg duidelijk tegen haar:
‘Over de meubels voor mijn huis, we hebben besloten om toch te kiezen voor een klassieke inrichting.’

Ook al kostte het Eva moeite haar ACTIESCHEMA in de praktijk uit te voeren, ze nam toch het risico. Opgelucht kon zij vaststellen dat haar vriendin heel goed begreep dat Eva haar eigen huis volgens haar eigen smaak wilde inrichten. Samen met hun partners zijn ze een paar weken later op een meubelboulevard ideeën gaan opdoen.

Iets weigeren en ‘nee’ zeggen

Soms hebben mensen grote moeite met ‘nee’ zeggen of kunnen een ander moeilijk iets weigeren. Dit komt doordat zij bang zijn dat ze de goodwill of loyaliteit van anderen verspelen. Bij het assertief voor jezelf kunnen opkomen is het ‘nee’ zeggen een belangrijk onderwerp. Het betekent dat je in staat bent grenzen te stellen aan wat anderen van je kunnen vragen. Tijd, energie en vooral gezondheid zijn belangrijk genoeg om te beschermen. Wensen en vragen van anderen die tegen je belangen ingaan moet je kunnen weigeren, zonder je daar schuldig over te voelen.

Zodra iemand je ‘overvalt’ met een lastige vraag, mag je als standaardantwoord geven dat je eerst even wilt nadenken en bespreken of je aan het verzoek kunt voldoen. Door even uitstel en bedenktijd te vragen, neem je zelf weer de controle over.

Vooral wanneer je geneigd bent te snel ‘ja’ te zeggen, ook bij vragen die een grote impact kunnen hebben, is het van belang jezelf aan te leren om automatisch om uitstel te vragen.

Uitstel vragen is overigens ook een goede manier om jezelf en anderen alvast voor te bereiden op een ‘nee’. Je zegt eigenlijk: het ligt open. Je bouwt alvast de mogelijkheid van een ‘nee’ in. Zeker bij mensen tegen wie je moeilijk ‘nee’ kunt zeggen. Uitstel vragen geeft je de ruimte om na te gaan of je op het verzoek wilt ingaan. Als je eigenlijk al weet dat je iets niet wilt, geeft het je de ruimte om na te denken over hoe je ‘nee’ kunt gaan zeggen.

Typische ‘uitstel-uitspraken’ zijn:

  • ‘Daar vraag je wat, daar moet ik even over nadenken.’

  • ‘Ik zal het meenemen in m’n afweging.’

  • ‘Ik weet nog niet wat ik zal kiezen, ik kom er morgen op terug.’

  • ‘Ik vind het een compliment dat je aan mij denkt, maar ik moet kijken of het past in mijn werkschema.’

Voordat je ja of nee zegt tegen een bepaalde situatie of persoon is het de moeite waard om even rustig na te denken over de gevolgen van een eventuele weigering of toezegging.

De onderstaande vragen kunnen je helpen een antwoord te bedenken:

  • Wil ik dit echt zelf of doe ik het alleen maar om een ander een plezier te doen?

  • Zitten er meer voor- of nadelen aan het ja-zeggen?

  • Wat betekent het ja-zeggen voor mijn gezondheid? Hoe kan ik voorkomen dat mijn klachten en problemen later alsnog ‘nee’ voor mij zullen zeggen? Moet ik bijvoorbeeld eerst ziek worden voordat ik ‘nee’ durf te zeggen?

  • Als ik dit doe zal het me dan voldoening geven?

  • Wat is mijn gevoel bij dit verzoek, houd ik voldoende rekening met mijn eigen emoties?

  • Heb ik meer aanvullende informatie en nog meer tijd nodig voordat ik een beslissing neem?

  • Zijn er voor mij alternatieve keuzes mogelijk?

  • Zitten er voordelen aan het nee-zeggen? Zijn de langetermijneffecten van het nee-zeggen gunstiger?

  • Kan ik als ik nee zeg, daar ook om gerespecteerd worden en er waardering mee oogsten?

  • Moet ik ja tegen de ander zeggen of mag ik een nog groter ja tegen mijn eigen welzijn, geluk en gezondheid zeggen?

Hoe zeg je nee?

Iemand die moeite heeft met nee zeggen verplaatst zich te snel in de positie van een ander. Daardoor vergeet hij of zij dat niet alle wensen van anderen altijd vervuld hoeven te worden. Vragen staat vrij, maar nee zeggen ook! Ook al mag iedereen zijn/haar wensen uiten. Een verzoek weigeren zegt niets over hoe je over de ander denkt, het zegt alleen maar iets over het verzoek zelf. Je wijst het verzoek af, niet de ander. Elk verzoek kun je op zich afwegen en beoordelen. Vandaag een verzoek weigeren betekent niet dat je alle toekomstige verzoeken van de ander zult weigeren. Iets weigeren betekent ook niet dat je geen recht meer hebt om zelf iets van een ander te vragen. Jou zijn in het verleden waarschijnlijk ook heel wat dingen geweigerd, zonder dat je daar de conclusie uit trok dat je nóóit meer iets voor een ander wilde doen.

Nu het lastigste punt: Hoe zeg je nee tegen iemand? We maken een onderscheid tussen mensen die je wel en mensen die je niet persoonlijk kent.

Tegen mensen met wie je weinig persoonlijk contact hebt, zoals vreemden op straat, enquêteurs of winkelpersoneel, kun je gewoon, zonder je nader te verklaren zeggen:

  • ‘Nee, dank je’ of

  • ‘Nee, ik ben niet geïnteresseerd.’

Meestal is een duidelijke beleefde weigering voldoende. Wanneer de ander blijft aandringen kun je je weigering nog een keer herhalen. En eventueel toevoegen:

  • ‘Ik zei nee, dank u.’

‘Nee, dank u,’ is overtuigender dan ‘nee, sorry’. Als je je verontschuldigt, bied je de ander nog ruimte om door te gaan. Met ‘dank u’ maak je duidelijk: ‘Ik wil dit onderwerp nu afsluiten.’ Zeg bij voorkeur zo snel mogelijk nee. Naarmate de ander meer de gelegenheid krijgt om zijn verzoek toe te lichten, wordt het vaak lastiger om nee te zeggen. Bij mensen die je beter kent of met wie je vaker te maken hebt, kun je de weigering eventueel nog toelichten om misverstanden te voorkomen. Zonder je te verontschuldigen voor het nee zeggen geef je aan vrienden, bekenden, collega’s en familie een aanvullende korte toelichting. Gebruik hierbij (indien nodig) de volgende stappen:

 

1) Erken het verzoek van de ander door het kort te herhalen:

  • ‘Je vraagt of ik ook wil komen?’

  • ‘Je wilt dat ik morgen jouw dienst overneem?’

 

2) Zeg duidelijk en krachtig nee!

 

3) Geef (eventueel) de reden van het nee zeggen:

  • ‘Ik kan nu echt niet.’

  • ‘Ik heb al iets anders afgesproken.’

  • ‘Ik heb er geen tijd meer voor.’

 

4) Zeg (eventueel) hoe je je voelt over het verzoek:

  • ‘Het voelt nu niet goed om...’

  • ‘Ik kan/wil/doe het liever niet...’

  • ‘Ik zu er achteraf last van hebben.’

 

5) Bedank (eventueel) voor het verzoek:

  • ‘Bedankt dat je aan me dacht...’

  • ‘Bedankt voor de uitnodiging...’

Een iets lastiger voorbeeld: stel dat je op je werk te veel dingen tegelijk moet doen, te lang door moet werken of simpelweg meer moet doen dan goed is voor je spanningsniveau en gezondheid. Je chef komt met een nieuwe opdracht, waarvan je weet dat je die niet meer erbij kunt doen zonder jezelf te veel te belasten.

 

1)

(Erken en herhaal het verzoek) ‘Je wilt dat ik deze opdracht er voor het weekend nog bijneem?’

2)

(Zeg duidelijk nee) ‘Hier moet ik nee op zeggen.’

3)

(Noem de reden) ‘Ik ben al druk bezig met een andere belangrijke taak. Deze nieuwe opdracht kan ik niet erbij nemen zonder dat het ten koste gaat van de kwaliteit van mijn werk.’

4)

(Benoem je gevoel) ‘Ik zou het graag voor je doen maar ik heb nu al het gevoel dat ik het nauwelijks red voor het weekend.’

5)

‘Bedankt dat je zoveel vertrouwen in me hebt, maar met dit erbij zou het te veel worden.’

Voor punt 3 (de reden) zijn ook de volgende alternatieven mogelijk:

  • ‘Als ik het zou doen, dan loopt het mis met mijn andere deadline. Eerder dan eind volgende week lukt het me niet.’

  • ‘Dit moeten we even laten liggen, dan kan ik er volgende week aandacht en tijd aan besteden.’

  • ‘Als het per se nu moet gebeuren, kun je het beter iemand anders vragen, mij lukt het niet meer.’

Eventuele alternatieven voor punt 4 (je gevoel):

  • ‘Voor mijn gevoel heb ik de laatste tijd eigenlijk al te veel gedaan, als ik dit erbij doe, gaat het ten koste van mijn gezondheid.’

  • ‘Ik heb nu eigenlijk zelf assistentie/hulp nodig, kan iemand anders het doen?’

In de bovenstaande voorbeelden erkent de persoon die nee zegt, het probleem en de vraag van de ander. Hij of zij maakt duidelijk dat hij/zij graag de taak had uitgevoerd als de omstandigheden anders waren. Deze aanpak helpt om het gevoel te voorkomen dat je zelf tekortschiet. Neem voor het nee zeggen de tijd. Bereid eventueel voor wat je gaat zeggen, door het van tevoren op te schrijven. Wees specifiek in je weigering, geef duidelijk aan wat je wel en niet kunt doen.

Pas op bij het nee-zeggen voor je eigen schuld- en verantwoordelijkheidsgevoel. Misschien dat je achteraf toch nog de neiging krijgt om iets extra’s voor de ander te doen om ‘het goed te maken’. Denk goed na: doe ik dit echt voor de ander of alleen maar omdat ik last heb van mijn eigen schuldgevoel? Een goed getrainde nee-zegger kan iets weigeren zonder zich daarover schuldig of bezwaard te voelen.

OEFENING

Train jezelf de komende tijd in het nee-zeggen. Begin met kleine simpele dingen en ga dan geleidelijk verder met lastiger situaties. Maak een overwinningslijst van alle dingen/taken/verzoeken die je geweigerd hebt.

Tweede kans en uitstel

Wat moet je doen als je ondanks alle bovenstaande argumenten en vragen toch nog te snel ja hebt gezegd? Bedenk dan dat je altijd het recht houdt om op een toezegging of een belofte terug te komen. Als de omstandigheden of je eigen gezondheid daarom vragen, blijft het mogelijk om alsnog nee te zeggen.

Meestal realiseren we ons pas te laat dat we nee hadden willen zeggen. Ja zeggen is zo’n automatisme geworden dat het als het ware in een reflex gezegd wordt. Pas achteraf denken we erover na en hebben we spijt. We vinden het dan ‘niet eerlijk’ of ‘onmogelijk’ om op een beslissing terug te komen. We schrijven expres ‘we’ omdat eigenlijk bijna iedereen deze situaties wel herkent. Bijna niemand is altijd overal ad rem en snel genoeg met het nemen van beslissingen. We zijn nu eenmaal niet in staat om in een ‘split second’ alle voors en tegens van een beslissing te overzien. Daarom is het noodzakelijk dat je jezelf de ruimte voor een tweede kans gunt. Je mag je ‘bedenken’ en je mening herzien.

Typische ‘tweede-kansuitspraken’ zijn:

  • ‘Het spijt me maar ik kan niet zaterdag, ik zag pas later in mijn agenda dat ik al een afspraak heb.’

  • ‘Ik vind het vervelend om erop terug te moeten komen maar ik zie het toch niet zitten. Ik weet niet precies waarom, maar het voelt niet goed.’

  • ‘Ik vond het zo’n leuk voorstel dat ik meteen ‘ja’ heb gezegd, maar eigenlijk heb ik al te veel hooi op m’n vork. Ik moet me helaas terugtrekken.’

  • ‘We komen dit jaar niet, ik was helemaal vergeten dat we kerst thuis zouden vieren.’

  • ‘Doe toch maar een kopje thee.’

  • ‘Toen ik eenmaal ja had gezegd drongen pas alle consequenties van mijn toezegging tot me door. Sorry, ik moet helaas alsnog weigeren.’

Jezelf een tweede kans gunnen is noodzakelijk omdat je anders, hoe alert je ook bent op grensoverschrijdingen, te weinig ruimte voor jezelf overhoudt.

Samenvatting

Door aan anderen duidelijk te maken wat je wilt of voelt, voorkom je misverstanden in de communicatie. Vroeg of laat moet je voor jezelf beslissen dat je, met al je beperkingen, als mens goed genoeg bent. Een positief zelfbeeld kan alleen uit jezelf komen.

Rond het nastreven van je doelen kunnen grensproblemen ontstaan. Constructieve, tijdelijke conflicten leiden, op de langere termijn, meestal tot compromissen, meer verdraagzaamheid en tot het actief zoeken naar goede oplossingen. Iemand die extreem reageert op redelijke grenzen, heeft vaak zelf een verborgen probleem.

Wensen en vragen van anderen die tegen je belangen ingaan, moet je kunnen weigeren zonder je daar schuldig over te voelen. Zodra iemand je ‘overvalt’ met een lastige vraag, mag je als standaardantwoord geven dat je eerst even wilt nadenken en bespreken of je aan het verzoek kunt voldoen. Moet je ja tegen de ander zeggen of mag je een nog groter ja tegen je eigen welzijn, geluk en gezondheid zeggen? We geven richtlijnen voor het nee-zeggen: een goedgetrainde nee-zegger kan iets weigeren zonder zich daarover schuldig of bezwaard te voelen.

Bedenk dan dat je altijd het recht houdt om op een toezegging of een belofte terug te komen. Je mag je ‘bedenken’ en je mening herzien.