24

‘Lindsey?’

‘Hm?’

‘Weet je nog dat ik vroeger zo’n Mystic 8 Ball had?’ vroeg Alex.

Ik glimlachte. Alex had de bal voor haar twaalfde verjaardag gekregen en die kleine zwarte bal had als een soort klein uitgevallen, enigmatische, dictator haar leven geregeerd.

‘Moet ik vandaag mijn Gloria Vanderbilt-spijkerbroek aantrekken?’ had Alex in alle ernst gevraagd terwijl ze de bal schudde. ‘Alles wijst erop,’ beschikte de bal en Alex slaakte een enorme zucht van opluchting en trok hem aan.

‘Je weet toch dat het nergens op slaat,’ waarschuwde ik haar altijd. Tegen die tijd had ik al een lage dunk van dingen als ouijaborden en de waarzegster die bij een verjaardagsfeestje van een vriendin was geweest en bij iedereen een handlezing had gedaan. Onder de grijze pruik van de waarzegster zag ik haar bruine haar en haar adem rook naar McDonald’s. Ik wist meteen dat ze een oplichtster was, want een echte waarzegster dronk borrelende brouwsels en drankjes, geen McFlurries.

‘Er zitten maar een paar antwoorden in,’ zei ik op een dag tegen Alex toen ik hem uit haar handen trok nadat ze haar hoofd had zitten breken over of een of andere stomme gozer haar leuk vond.

‘Als ik twee keer dezelfde vraag stel, krijg ik twee verschillende antwoorden,’ zei ik en ik schudde de bal. ‘Haal ik vandaag een voldoende voor mijn spellingstoets?’

‘Nu niet te voorspellen,’ meldde de Mystic 8 Ball.

‘Haal ik vandaag een voldoende voor mijn spellingstoets?’ Ik schudde de bal en hield hem triomfantelijk omhoog. ‘Nu niet te voorspellen.’

‘Stomme bal,’ zei ik. ‘Als ik hem nog een keer schud komt er wel een ander antwoord te staan.’

‘Niet doen!’ riep Alex en ze rukte hem uit mijn hand. ‘Toen de zus van de neef van Sharon Derrigan dat deed, werd de bal kwaad en heeft haar behekst!’

‘Wat een onzin,’ zei ik terwijl ik vanuit mijn ooghoek naar de bal staarde. De donkere blauwzwarte vloeistof die erin zat zag er wel een beetje hekserig uit.

‘Maar goed, ik moet gaan,’ zei ik en ik haastte me naar de deur. ‘Ik heb een spellingstoets.’

Het was puur toeval dat mijn leraar die dag alle spellingstoetsen kwijtraakte. Ik had het Alex nooit verteld, maar vanaf dat moment kon ik pas slapen als de Mystic 8 Ball veilig in een la was opgeborgen, waarvandaan hij me niet kon aanstaren met zijn nooit knipperende blauwzwarte oogbal.

‘Waarom moet je daaraan denken?’ vroeg ik nu ik het licht uitdeed en naast Alex in bed stapte. Ze wilde vannacht niet alleen slapen. Ik snapte het wel.

‘Die bal had alle antwoorden,’ zei ze. ‘Alles wat ik wilde weten. Ik hoefde me nooit iets af te vragen. Ik wou dat ik hem nog had.’

We zwegen even.

‘Als je morgen bijkomt na de operatie, zal de dokter zeggen dat de operatie helemaal goed is gegaan,’ zei ik resoluut.

Ik klonk goed. Geloofwaardig. Godzijdank was het donker in de slaapkamer en kon Alex mijn gezicht niet zien. Dan zou ze weten wat ik wist: dat zelfs als de operatie helemaal goed ging, haar leven daarna niet meer hetzelfde zou zijn.

‘Ik wou dat het al morgenmiddag was,’ zei Alex. ‘Was het maar vast voorbij.’

‘Ik snap dat je bang bent,’ zei ik. ‘Ik wou dat ik iets kon doen.’

Ik had ook wat gedaan, maar daar wist Alex niets vanaf. In de afgelopen dagen was Alex urenlang met Bradley de hort op geweest. Hij moest, net als ik, vrij hebben genomen deze week. Soms haalde hij haar op voor het huis van mijn ouders en soms verdween ze nadat de telefoon was gegaan. Ik wist dat hij probeerde rekening te houden met mijn gevoelens door niet binnen te komen zodat ik hem niet met Alex zou zien, maar mij hielden ze niet voor de gek. Ik herkende zijn trucjes. Het waren dezelfde als die ik had gebruikt om Alex en Bradley in onze middelbareschooltijd bij elkaar vandaan te houden.

‘Bradley?’ zei mam een keer toen ze de telefoon opnam. ‘Hoe is het, schat? Goed, goed. Ja, ze is… sorry, zei je nou Alex?’

En mam had de telefoon aan Alex gegeven en met een vragende blik in haar ogen naar me gekeken. Ik weet dat mam altijd heimelijk had gehoopt dat Bradley en ik een stel zouden vormen. Of zo heimelijk nou ook weer niet, want een keer had ze in een bakkerij luid opgemerkt dat de plastic bruid en bruidegom op een bruidstaart sprekend op Bradley en mij leken.

‘Het is goed,’ zei ik. Ik had mam aangekeken en zo veel mogelijk overtuiging verzameld als ik kon. ‘Ik ben blij voor Alex en Bradley.’

Op elk ander moment had dat een spervuur aan vragen opgeroepen. Maar het duizelde mijn ouders nog van het nieuws dat Alex over hen had uitgestort – de tumor, de verbreking van de verloving – dus mam knikte alleen maar met een soort uitgeputte berusting. Ik denk niet dat ze nóg een intens gesprek aankon. Ik in elk geval niet.

Telkens wanneer Alex wegging stortte ik me op het opruimen van het huis. Ik deelde de keukenkastjes opnieuw in en zocht de stapels papieren in paps kantoor uit en stopte ze in nette mappen met gekleurde tabbladen. En als er toen ik de badkamer schrobde samen met het stromende water een paar tranen in de badkuip drupten, zag niemand dat. Tegen de tijd dat Alex thuiskwam van Bradley, zat mijn glimlach weer op zijn plaats en was de roodheid uit mijn ogen verdwenen dankzij Visine-oogdruppels. Ik kletste dan met Alex terwijl ik haar gezicht bestudeerde en me afvroeg of dit de dag was waarop Bradley had besloten haar alles te vertellen. Maar het moment waar ik bang voor was kwam nooit en langzaamaan besefte ik dat het nooit zou komen. Bradley hield het geheim om me die vernietigende vernedering te besparen. Omdat ik hem kende, verbaasde het me niet heel erg.

Ik wilde alleen maar dat ik daardoor niet nog meer van hem hield.

‘Gek,’ zei Alex nu. Ze draaide zich om in bed zodat ze met haar gezicht richting dat van mij lag. ‘Ik dacht de hele tijd dat ik andere contactlenzen moest,’ zei ze, ‘maar ik denk dat ik wist dat er meer aan de hand was. Ik kon het gewoon niet onder ogen zien.’

‘Je was waarschijnlijk bang,’ zei ik. ‘Dat zou iedereen zijn geweest.’

Ze zei even niets, en daarna hoorde ik dat ze stilletjes begon te huilen.

‘Ik ben bang,’ zei ze met gesmoorde stem. ‘Ik ben nog nooit zo bang geweest. Ze gaan in mijn hersens snijden. Stel dat er iets gebeurt? Stel dat ik niet wakker word?’

‘O, Alex,’ zei ik. Ik pakte haar hand vast. Ik hield hem zo stevig vast als ik kon.

‘Ik wil niet als een plant verder leven,’ zei Alex fel. ‘Laat ze me dat niet aandoen, oké? Jij moet de leiding nemen, Lindsey. Pap en mam zullen daar niet toe in staat zijn. Je moet het me beloven.’

‘Het zal niet nodig zijn,’ zei ik. ‘Je wordt gewoon wakker. Dat beloof ik je.’

‘En als dat niet zo is?’ vroeg ze.

Ik deed mijn mond open om iets te zeggen, om haar gerust te stellen, maar ineens spoelde er een golf van spijt en verdriet over me heen die me de adem benam. Alex had pogingen ondernomen sinds ik thuis was – de uitnodiging om te gaan lunchen, de telefoontjes die ik nooit had beantwoord, de manier waarop ze die avond in de kroeg de aandacht op mij vestigde – maar ík was degene die haar weg had geduwd. Ik had mezelf wijsgemaakt dat ze niet veranderd was, maar dat was ze wel. Ik was degene die niet was veranderd.

Mijn jaloezie had tussen ons in gestaan. Stel dat Alex níét bijkwam? Stel dat ik nooit de kans zou krijgen om mijn zus te kennen?

‘Alex, ik beloof je dat alles goed komt,’ zei ik. Ik wilde het zo graag geloven dat ik het gevoel had dat ik het door pure wilskracht waarheid kon laten worden.

‘Op een bepaalde manier heeft dat stomme ongeluk me gered,’ zei Alex met een stem die dik was van de tranen. ‘Stel dat ik gewacht had tot mijn zicht heel erg slecht was? Stel dat het dan te laat was geweest?’

‘Ik denk dat het normaal is dat je zoiets ontkent,’ zei ik. ‘Ik zou hetzelfde hebben gehad.’

‘Jij?’ vroeg Alex. ‘Echt niet. Jij gaat met alles de strijd aan. Dat heb je altijd gedaan.’

‘Nu we het daar toch over hebben,’ zei ik. Ineens wist ik dat ik Alex van haar angst kon afleiden, als ik de moed had.

‘Ga je me nu eindelijk over die jongen in New York vertellen?’ vroeg Alex. Haar stem bibberde nog een beetje, maar ze huilde niet meer. Ze pakte een tissue van het nachtkastje en snoot haar neus. ‘Je hebt het voor je gehouden omdat je wist dat ik de avond voor de operatie wel wat afleiding kon gebruiken. Erg Florence Nightingale-achtig van je.’

Ik slikte.

‘Ik ben ontslagen.’

De woorden hingen een tijdje in de lucht, zo schaamteloos als de brandende zon op een onbewolkte zomermiddag.

‘Niet waar,’ zei Alex na een tijdje.

‘Ik zweer het je,’ zei ik.

‘Hoe kan dat nou?’ vroeg ze.

‘Ik kreeg een promotie niet en ben toen een beetje geflipt,’ zei ik. ‘Ik heb wat dingen gedaan – er een beetje een zootje van gemaakt – en iedereen was het erover eens dat het beter was als ik vertrok.’

‘Ben jíj ontslagen?’ vroeg Alex.

‘Laten we daar niet te lang bij stilstaan,’ stelde ik voor.

‘Ontslagen,’ zei Alex. ‘Jij.’

‘Of wel.’

‘Wat is er gebeurd?’ vroeg Alex.

‘Dat heb ik je net verteld,’ zei ik.

‘Oké, oké,’ zei ze. ‘Maar… het is gewoon zo… niets voor jou.’

‘Ja,’ zei ik. ‘Dat heb ik eerder gehoord.’

‘Wacht eens even!’ riep Alex uit. Ze zat rechtop in bed. ‘Je ging steeds naar je werk. Je hebt gezegd dat je de mogelijkheid onderzocht om een nieuw filiaal in D.C. te openen.’

‘Gelogen,’ zei ik. ‘Ik ben een leugenaar. Echt waar.’

‘En een dichteres,’ zei Alex zacht. ‘Stoer.’

‘Heb je hier bewondering voor?’

‘Mijn god, je bent de… de David van het liegen,’ zei ze. ‘Je bent de leugenaar in de perfectie!’

‘Zou ik dan niet eerder de Michelangelo zijn?’ opperde ik. ‘Hij heeft David gemaakt.’

‘Dat zégt hij,’ zei Alex.

Ik lachte. Het verraste me hoe goed het voelde dat het eruit was. Ik had me niet gerealiseerd hoezeer die leugens me hinderden, als kleine scherpe vishaakjes die in mijn huid groeven.

‘Gilde er iemand?’ Papa zwaaide de slaapkamerdeur open.

‘Sorry,’ zei Alex liefjes. ‘Ik dacht dat ik op ongedierte stond. Maar het was Lindsey maar.’

Papa knikte. ‘Kan ik iets voor je halen?’ vroeg hij. ‘Chocolademelk?’

‘Nee, dank je, pap,’ zei Alex.

‘Hou van jou,’ zei hij en hij deed de deur weer dicht.

‘Wat was dat?’ vroeg ik.

‘Ik kon niks beters verzinnen,’ zei ze. ‘Ik ben niet de leugenaar van de familie.’

‘Ik heb het pap en mam nog niet verteld,’ zei ik. ‘Dus vertel het alsjeblieft aan niemand, oké? Vertel het niet aan Bradley, dacht ik. Hij had waarschijnlijk al genoeg medelijden met me.

‘Ik zeg niets. We kunnen onze dr. Phil-momenten waarschijnlijk maar beter uitspreiden,’ stemde Alex in. ‘Daar hebben we er deze week genoeg van gehad, vind je ook niet? Maar de schok van mijn verbroken verloving waren ze in elk geval snel te boven toen ik ze over de tumor vertelde. Misschien kan jij ook zoiets verzinnen: Pap, mam, ik ben ontslagen. En ik heb herpes!’

‘Goeie,’ zei ik.

‘Wat ons weer terugbrengt bij je lover in New York,’ zei Alex.

‘Hoe precies?’ wilde ik weten.

‘Hoe ziet hij eruit?’ vroeg Alex.

‘Luister, er is niet echt iemand in New York,’ zei ik. Ik dacht aan de avond dat ik in Matts ogen was verdronken en iets dieps en onbekends aan me voelde trekken, en hoe snel ik bij hem was weggerend. Grappig hoe lang geleden dat leek, alsof het in een ander leven was gebeurd. ‘Het had misschien gekund,’ zei ik langzaam, ‘maar het werd… ingewikkeld.’

‘Ik dacht dat het die jongen van je werk was,’ zei Alex. ‘Die met die krullen die ik ontmoet heb toen ik bij je langskwam op kantoor?’

Matt. Hij wist dat ik een twee-eiige tweelingzus had, maar hij wist niet hoe Alex eruitzag totdat ze op mijn kantoor verscheen. Matt had zijn hand uitgestoken en zich voorgesteld, waarna hij zijn ogen van Alex had afgewend en me eraan herinnerde dat ik beloofd had koffie met hem te gaan drinken voordat ik de volgende dag naar Europa zou gaan. Hij had niet geprobeerd om het gesprek met Alex te rekken. Hij had niet stiekem naar haar achteromgekeken toen hij door de gang naar zijn kantoor liep. Hij had gewoon naar haar geglimlacht en zijn aandacht weer op mij gevestigd. Ik was vergeten wat een goed gevoel dat me gaf.

‘We zijn vrienden,’ zei ik. ‘Goeie vrienden.’

‘Ik kan nog steeds niet geloven dat je ontslagen bent,’ zei Alex.

‘Laten we daar nog wat langer bij stilstaan,’ zei ik. ‘Ik ben ontslagen. Ontslagen. Ontslagen. Ontslagen.’

‘Omgekeerde psychologie werkte ook niet toen mam tegen me zei dat ik geen groenten mocht eten,’ zei Alex. ‘En toen was ik twee.’

‘Heeft mama dat echt gedaan?’ vroeg ik. ‘Serieus?’

‘Ja,’ zei Alex. ‘Terwijl ze erwten en wortels zat te eten zei ze tegen mij dat ik ze niet mocht hebben. Dus kreeg ik taart als avondeten. Ik weet het nog omdat het overgebleven stukken taart van onze verjaardag waren. Geel met wit glazuur en roze roosjes.’

‘Je was nét twee en je herinnert het je nog?’ vroeg ik ongelovig.

‘Zullen we het nu weer over smeuïgere dingen hebben?’ vroeg Alex. ‘Dus je bent werkloos?’

‘Dat is een ander verhaal,’ antwoordde ik.

‘We hebben de hele nacht de tijd,’ zei Alex. ‘Heb jij even geluk.’

Ik was Alex de waarheid verschuldigd. Ze was genadeloos eerlijk tegen mij geweest en ik was het haar verschuldigd om dat ook te zijn.

‘Oké,’ zei ik, ‘laat me even bedenken waar ik moet beginnen.’

Drie uur later haalde Alex diep en gelijkmatig adem. We hadden de hele nacht gepraat, echt gepraat, voor het eerst in lange tijd. Misschien zelfs wel voor het eerst ooit. Het verbaasde me hoe makkelijk de woorden tussen ons stroomden, zonder hiaten of ongemakkelijke stiltes. In de duisternis van onze slaapkamer terwijl er in de rest van het huis stilte heerste, was het bijna alsof we twee vreemden waren die samen in de trein zaten en onze harten uitstortten omdat we elkaar nooit meer zouden zien. Ik vertelde Alex over May en mijn nieuwe baan en ik kwam erachter dat Gary niet zo perfect was als hij leek. Hij schoot uit zijn slof over kleine domme dingen zoals sleutels die kwijt waren en hij was zo ijdel dat hij als twintiger een neuscorrectie had ondergaan. ‘En weet je, ik vind dat zijn neus ervóór er mooier uitzag,’ had Alex gezegd en we moesten allebei lachen. Was dit hoe het altijd al had kunnen zijn tussen ons, als we andere mensen waren geweest, vroeg ik me af. Was dit wat gewone zussen deden; laat opblijven en samen giechelen, praten en samenzweren?

Na een tijdje viel Alex in slaap, maar ik bleef klaarwakker. Was ze maar met iemand anders dan Bradley, dacht ik. Waarom moest het nou juist Bradley zijn? Een duistere, gemene gedachte begon zich in mijn hersens te nestelen – Maar is het dat ook niet juist? Misschien voelt Alex zich aangetrokken tot Bradley omdat ze weet hoeveel hij voor je betekent – maar ik duwde haar weg. Alex had Bradley niet opgezocht, ze waren door puur toeval samen vast komen te zitten in een lift. De pagina met bruiloftsaankondigingen in de krant stond vol met liefdesverhalen die door toeval ontstonden: mensen die naast elkaar in het vliegtuig zaten en erachter kwamen dat ze hetzelfde boek lazen, klanten van een supermarkt die tegen elkaar op botsten en samen achter weggerolde soepblikken aan renden, speelkameraadjes van vroeger die elkaar tientallen jaren later onverwachts in een vergaderruimte tegenkwamen. Het kwam veel voor.

Ik had alleen nooit gedacht dat dat bij Alex en Bradley zou gebeuren.

Bovendien had Alex niets geweten van mijn gevoelens voor Bradley, hield ik mezelf voor. Dit was geen wedstrijd voor haar. Mijn pijn ging niet weg als ik dat accepteerde, maar mijn boosheid afzwakken deed het wel.

Alex en Bradley. Bradley en Alex. Zelfs hun namen samen voor me zien deed zeer. Hoe zou het zijn om ze als stel te zien? Zou ik het ooit aankunnen om naar Bradleys huis te gaan en een foto van Alex te zien hangen waar ooit die van mij had gehangen? Zou ik tijdens een etentje bij Antonio’s een hap door mijn keel kunnen krijgen terwijl pap en mam kibbelden en Bradley en Alex over hun wijnglazen heen naar elkaar glimlachten, zo’n intieme glimlach die alleen voor elkaar bedoeld was? Zou ik op hun bruiloft een toost kunnen uitbrengen en iedereen laten geloven dat ik elk woord ervan meende?

Het zou toch wel makkelijker worden? Over een paar maanden, jaren of decennia? Het moest toch wel makkelijker worden?

Ik rolde me op tot een bal en duwde een kussen tegen mijn buik in de hoop dat het wat van mijn pijn zou absorberen. Het leek alsof iedereen ter wereld een partner had. Zelfs Matt had nu Pammy. Terwijl iedereen paren vormde, had ik me tien jaar uit de naad gewerkt voor een baan die ik niet meer had. Ik had zoveel fouten gemaakt. Ik zou die tijd en die gemiste kansen nooit terugkrijgen.

Ik was niet de enige die zich zo voelde.

De woorden waren zo helder en krachtig alsof iemand mijn slaapkamer in was gekomen en ze hardop had uitgesproken. Slechts enkele kilometers verderop woonde een weduwnaar die smoesjes verzon om elke dag naar de supermarkt te kunnen zodat hij een praatje kon maken. Hoe eenzaam was zijn bed om 03.00 uur ’s nachts? En dan die man wiens verloofde niet op kwam dagen en die aan een kerk vol familie en vrienden moest uitleggen dat er helemaal geen huwelijk kwam? En dan was er nog Jane, die voor haar man een kwarktaart met witte chocola voor zijn verjaardag maakte en ernaar staarde terwijl ze wachtte tot hij thuiskwam van zijn avond met een andere vrouw.

Mensen kwetsten elkaar voortdurend, zowel bewust als onbewust. Sommigen maakten de keuze om verder te gaan, ondanks de pijn en onzekerheid, en anderen barricadeerden de muren van hun wereld en bleven veilig binnen. Sommige mensen probeerden de hoop terug te vinden en anderen… nou, anderen vlogen voor achtenveertig uur naar Hongkong en vervingen een sociaal leven door etentjes met klanten.

Was dit wat Matt me al die tijd duidelijk probeerde te maken?

Alex zwaaide een arm onder de dekens vandaan en mompelde iets. ‘Nee,’ jammerde ze. ‘Nee.’ Ze schopte het dekbed van zich af, alsof ze aan iets probeerde te ontsnappen.

‘Rustig maar,’ fluisterde ik. Ik wreef over haar rug totdat ze ophield met woelen. Haar schouderbladen voelden zo fijn als vleugels. Ik trok het dekbed weer over haar heen zodat ze het niet koud zou krijgen.

Vroeger had ze ook vaak nachtmerries, herinnerde ik me ineens.

Waarom had ik me dat nooit eerder herinnerd? Toen Alex vier of vijf was, kroop ze midden in de nacht vaak stiekem bij mij in bed. Ik werd er nooit wakker van, maar ’s morgens werd ik heerlijk warm wakker en lag ze als een babykoalabeer tegen mijn rug.

Ik keek naar Alex’ lange, slanke vingers. Eerder die dag was het me opgevallen dat op haar ringvinger nog de afdruk van haar verlovingsring stond die ze af had gedaan. Een paar dagen eerder was ik met Alex naar Gary’s huis gegaan en hadden we drie van haar koffers gevuld en naar het huis van mijn ouders gebracht. Terwijl Alex haar spijkerbroeken, onderbroeken en make-up uitzocht, had ik rondgekeken en me iets gerealiseerd. Alex verruilde op het Franse platteland geïnspireerde binnenhuisarchitecten, lidmaatschap van de country club en sieradendoosjes die zomaar uit borstzakken tevoorschijn kwamen voor een eenvoudige fotograaf met een enorm hart.

Ik dacht dat ik mijn zus kende, maar dat was niet zo. Ze was net zozeer een vreemde voor mij als ik voor haar. Ik kende Alex niet, de persoon met wie ik elke wakkere seconde van onze eerste paar levensjaren had doorgebracht. We hadden op precies dezelfde dag leren kruipen. Mam had nog steeds een foto op de schoorsteenmantel van mij met een bord spaghetti op mijn hoofd en Alex die in de kinderstoel ernaast zat te lachen.

In mijn oude babyboek met de witte kaft had mam mijn eerste woordje opgeschreven: de naam van mijn zusje.

Hier en nu kreeg ik een tweede kans om een band met mijn zus te krijgen. Ik kon ervoor kiezen om ervoor te gaan door de pijn en wonden heen. Ik kon hopen dat ik de overkant zou halen in plaats van te verdrinken. Misschien zouden Alex en ik nooit close worden – misschien zouden we daarvoor altijd te verschillend blijven – maar ik kon het tenminste een kans geven. Alex een kans geven.

Toen ik eindelijk in slaap viel, waren mijn wangen nat, maar mijn hand lag op die van mijn zus.

Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim
titlepage.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_000.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_001.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_002.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_003.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_004.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_005.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_006.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_007.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_008.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_009.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_010.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_011.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_012.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_013.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_014.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_015.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_016.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_017.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_018.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_019.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_020.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_021.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_022.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_023.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_024.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_025.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_026.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_027.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_028.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_029.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_030.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_031.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_032.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_033.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_034.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_035.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_036.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_037.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_038.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_039.xhtml
Was mijn zus maar niet zo mooi en ik wat minder slim_split_040.xhtml